Een tekening van een hart met daarbij de hartslag.

Het hart, de motor van het leven

We hadden het eerder over het bloed, dat leven brengt tot in elke cel van ons lichaam. We hadden het ook over de bloedvaten, het buizenstelsel dat ervoor zorgt dat het bloed overal heen kan. Vandaag hebben we het over het hart, de motor van het leven. Want, je mag bloed in je lijf hebben, zoveel als je wil en je mag een netwerk aan buizen en buisjes hebben om dat bloed te transporteren, als de motor het niet doet, ben je zo dood als een pier.

Het hart is van wezenlijk belang, we kunnen niet zonder. Tegelijk staat het hart ook voor liefde, passie, gevoel, emotie. Dat ontdek je in de vele spreekwoorden waar het hart in voorkomt. Aan de negatieve kant: een hart van steen hebben / het hart bloedt bij het zien van zoveel leed / een harteloze indruk maken. Aan de positieve kant: iets van ganser harte doen / een hartelijk welkom / je hart voor iemand openstellen. Als er dus zoveel spreekwoorden zijn waar het hart in voorkomt, dan moet dat hart en waar het voor staat wel echt belangrijk zijn.

Het hart, een spier

Allereerst is het hart gewoon een spier. Alleen, het hart is een spier die autonoom werkt. We kunnen er met onze wil geen invloed over uitoefenen. We kunnen niet beslissen om ons hart even een tijdje niet te laten slaan. We kunnen ook niet beslissen om ons hart wat vlugger of juist wat trager te laten slaan. Het hart reageert wat dat betreft op de omstandigheden in ons lichaam. Als wij in rust zijn en echt ontspannen, dan gaat het hart vanzelf trager kloppen. Als wij in actie zijn en misschien ook wat gestresseerd, dan gaat het hart in versnelling. Het doet dat omdat er dan meer zuurstof en meer voedingsstoffen naar de cellen moeten, en dus moet het bloed wat vlugger al die cellen bereiken. We hoeven daar niet bij na te denken, dat gebeurt gewoon vanzelf.

Nu begrijp je natuurlijk wel dat als het hart voortdurend veel te vlug moet slaan, het dan ook vlugger slijtage gaat vertonen. Het beste is het eigenlijk als het hart zich heel vlotjes kan aanpassen aan de verschillende omstandigheden in ons lichaam. En het is ook goed voor hart als wij regelmatig echt tot ontspanning kunnen komen. Dan geven wij het hart wat rust, we zorgen ervoor dat ons hart op adem kan komen.

Chronische stress is dus een ziekmaker voor het hart. Het hart moet dan voortdurend te hard werken, enerzijds omdat het vlugger moet slaan en anderzijds omdat het bloed daardoor ook dikker wordt. Het hart moet dus extra zijn best doen om dat dikkere bloed het lichaam rond te pompen.

En omdat het hart een spier is, is ook alles wat spieren kan aantasten een ziekmaker voor het hart. Gezonde, spieropbouwende voeding is dus van belang. Denk daarbij aan gezonde eiwitten, maar ook aan beschermende fytonutriënten uit plantaardige voeding. Bij dat laatste denk ik in de eerste plaats aan gefermenteerde knoflook, die op alle elementen van de bloedsomloop een helende werking uitoefent. Gevaarlijke medicijnen zijn in dit geval de cholesterol verlagende statines. Statines blokkeren de aanmaak van co-enzym Q10 in het lichaam, een enzym dat mee van belang is in het opbouwen en onderhouden van spierweefsel. Nu nemen we die statines om het cholesterolgehalte naar beneden te halen, maar ondertussen blokkeren we dus het gezond houden van spierweefsel. En we zeiden het net: het hart is ook een spier. Statines zijn dus niet zomaar positief voor hart en bloedvaten.

Het hart, elektrisch aangedreven

Bij een gezonde mens trekt de hartspier zich zestig tot zeventig maal per minuut samen. De prikkel om zo’n hartslag te starten, vertrekt in de sinusknoop. Je zou die sinusknoop kunnen vergelijken met de starter van de motor van een wagen. Als die starter het niet doet, dan slaat de motor niet aan. Vanuit die sinusknoop wordt een elektrisch systeem in gang gezet, dat voor een normaal hartritme zorgt. Als er storingen zijn in de geleiding van de prikkelgolf, dan ontstaan er hartritmestoornissen.

Zo’n hartritmestoornis zegt wellicht dat er iets mankeert met het fysieke aspect in je lichaam, nl. dat de elektrische aandrijving van je hart in gebreke blijft. Het kan echter ook iets vertellen over een meer emotioneel of spiritueel aspect van je leven. Het is dan alsof je eigen middelpunt uit de pas is geraakt. Jij wil iets anders dan je centrum, je diepere wezen van jou verlangt. Je wordt als het ware op het matje geroepen, dat je te vlak geworden bent. Je mag wat meer je eigenheid, je originaliteit, je passie tonen. Je mag wat meer uit de band springen, en je gekke ideeën of je creatieve invallen in de wereld zetten.

Het hart, centrum van het gevoel

Het hart mag dan, technische gezien, gewoon een pomp zijn die je bloed je hele lichaam rondpompt, het hart staat voor zoveel meer dan alleen maar dat. Ik wil je uitnodigen een kleine test te doen. Wijs eens met je vinger of met je hele hand naar jezelf, alsof je wil zeggen: ‘Dit ben ik!’ Wedden dat je vinger of je hand exact op die plek belandt waar je hart zich bevindt? Het hart ligt centraal in je lichaam, achter je borstbeen, een beetje meer naar links. Links staat traditioneel voor het gevoel, waar rechts meer staat voor de ratio.

Het hart nodigt ons uit om met het leven iets te doen dat de moeite waard is. En bijna altijd gaat het dan om verbinding met anderen, om je eigen kleur in de wereld te zetten ten voordele van allen, om creatief aan de slag te gaan om van de wereld een betere plek te maken. Dat is waar het hart ons met iedere hartslag toe oproept.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Bloedvaten zijn als rivieren die het land van water voorzien

Je bloedvaten, een stelsel van buizen

Vorige keer vertelde ik je over je bloed, die bron van leven die door je lijf stroomt. Dat bloed moet letterlijk overal in je lichaam passeren. Wat geen bloed krijgt, gaat dood. Om dat mogelijk te maken heeft ons lichaam een ingenieus buizensysteem met daaraan gekoppeld een motor. Over de motor hebben we het volgende keer. Vandaag bekijken we het buizensysteem.

Je kunt dat buizensysteem een beetje vergelijken met om het even welk ander ‘watersysteem’. Denk vb. aan de waterlopen die het land vochtig houden of misschien nog meer aan het buizensysteem van de vloerverwarming. Het beeld van de waterlopen geeft ons een idee van grote rivieren, over steeds kleinere waterlopen, tot de beekjes rondom iedere wei of akker. Er is aanvoer en afvoer van vocht. Het beeld van de vloerverwarming toont ons een gesloten buizenparkoers, waar het water doorheen stroomt omdat er een motor is die het voortdurend in beweging houdt. Zo komt de warmte overal. De combinatie van beide geeft ons een goed idee van het buizenstelsel in ons lichaam.

Het buizenstelsel van onze bloedsomloop bestaat uit een kleine bloedsomloop en een grote bloedsomloop. De kleine bloedsomloop brengt zuurstofarm bloed van het hart naar de longen en weer terug. In de longen wordt het bloed verzadigd met zuurstof. De grote bloedsomloop brengt het van zuurstof verzadigde bloed naar elke plek in je lichaam. Elke cel krijgt van het bloed de nodige zuurstof om voedsel tot energie te kunnen verbranden.

En dan is er een tweede belangrijke functie van die bloedsomloop. Rondom onze darmen zitten heel veel kleine bloedvaatjes. In die bloedvaten wordt het verteerde voedsel opgevangen en via een grotere ader, de poortader, naar de lever getransporteerd. In de lever worden al die voedingsstoffen gezuiverd, opgeslagen en weer vrijgemaakt al naar gelang de noden. Ook dat gezuiverde voedsel gaat uiteindelijk via het bloed mee naar elke plek in je lichaam. Naast zuurstof krijgt elke cel ook de nodige bouwstoffen en voedingsstoffen. Zo houdt je lichaam zichzelf in stand.

Ik hoef je dus niet te vertellen dat het buizensysteem van slagaders, haarvaatjes en aders van groot belang is. We moeten er dus zeker zorg voor dragen.

Kwalen van de bloedvaten

In wezen zijn er twee grote categorieën van kwalen:

  • De bloedvaten gaan stuk. Ze scheuren en het bloed vloeit weg.
  • De bloedvaten vernauwen, waardoor het bloed niet meer stromen kan.

In beide gevallen krijgen delen van je lichaam onvoldoende bloed toegevoerd, en dat heeft kwalijke gevolgen.

De bloedvaten gaan stuk

… en dat kan in het mini of in het maxi. In het eerste geval heb je je misschien ergens gestoten, en kneusden daardoor een paar haarvaatjes. Wellicht kreeg jij op die plek een bloeduitstorting, een blauwe plek. Of je sneed jezelf met een mes in de vingertoppen. Het bloedt even, maar bloed raakt ook makkelijk weer gestelpt. Eigenlijk is er dan niet zoveel gevaar. Je lichaam is beslist capabel om dit soort kleine verwondingen uit zichzelf te helen.

Ernstiger is het natuurlijk als de kwetsuur groter is en het bloed zomaar blijft wegstromen. Denk vb. aan een ongeluk met zware fysieke letsels. Het bloedverlies bij zo’n accident kan dodelijk zijn. Of denk aan een harde stomp in de buik, waarbij je ingewanden gekwetst werden. Het bloed stroomt dan niet letterlijk naar buiten, maar het stroomt wel uit de gekwetste ingewanden je buikholte in. Ook dat is, als er niet tijdelijk gepaste hulp wordt ingeroepen, dodelijk.

En dan is er ook nog de kwestie van de staat waarin je bloedvaten zich bevinden. Zoals overal in het lichaam kennen ook de bloedvaten slijtage. Als er te veel druk op de buizen wordt uitgeoefend, worden ze kwetsbaar voor kleine scheurtjes. Ook een teveel aan suiker in het bloed, maakt dat de vaatwanden aangetast worden. En dan hebben we ook nog allerlei toxische stoffen die we met ons voedsel mee naar binnen krijgen, die een nefaste invloed op onze bloedvaten uitoefenen. Naarmate we ouder worden, is er dus meer herstelwerk nodig.

De bloedvaten vernauwen

Een eerste manier waarop de bloedvaten vernauwen is net door het herstelwerk dat nodig is als onze bloedvaten stuk gaan. Kleine scheurtjes worden quasi continu hersteld. Dat gebeurt door cholesterol. En nu hoor ik je natuurlijk denken: ‘Cholesterol? Die grote boosdoener als het gaat om hart en bloedvaten?’ Wel, cholesterol is helemaal niet die grote boosdoener die men ervan gemaakt heeft. Cholesterol is van levensbelang, en dat niet alleen bij het dichtmaken van al die kleine scheurtjes in onze bloedvaten ontstaan. Daar schreef ik eerder al over in de blog ‘De cholesterolmythe’.

Bloedvaten vernauwen ook als ze verkrampen, en dat gebeurt bij stress. Wie voortdurend in stress leeft, krijgt makkelijk een hoge bloeddruk, net omdat de bloedvaten vernauwen.

Adviezen om de bloedvaten gezond te houden

Aanpassen van je levensstijl

  • Ga meer bewegen. Beweging helpt het bloed in je lijf mee in beweging houden. Je hart pompt immers het bloed naar de verste uiteinden, maar beweging zorgt ervoor – door het gebruiken van je spieren als pomp – om het bloed terug naar het hart te krijgen.
  • Kies voor gezonde voeding, recht uit de natuur. Vermijd voeding die ontsteking bevordert – suiker in al z’n vormen, witmeelproducten, omega 6 vetzuren in de meeste oliën en in margarine, transvetzuren, toxische stoffen.
  • Heb je overgewicht, probeer dan af te vallen. Vooral buikvet is enorm schadelijk, het scheidt uit zichzelf al ontsteking bevorderende stoffen uit.
  • Verminder de stress in je leven. Zoek naar dingen die jou echt ontspanning geven.
  • Stop met roken.

Aanpassen van je voeding

Af te raden

  • Transvetzuren, te veel aan omega 6 vetzuren.
  • Geraffineerde suiker, witmeelproducten.
  • Overvoeding. Stop met eten als je voor 80% vol bent.
  • Te veel alcohol.
  • Te veel koffie.
  • Te veel frisdranken, te veel vruchtensappen.
  • Te veel natuurlijke, ongeraffineerde suikers. Wees dus ook matig met honing, ahornsiroop, ongeraffineerde ruwe rietsuiker, agavesiroop, …

Aan te raden

  • Vetten: Boter, kokosolie, ongeraffineerde oliën van eerste, koude persing (extra vierge), met olijfolie als betere keuze, vette vis met z’n omega 3.
  • Volop verse groenten en fruit, omwille van de beschermende antioxidanten.
  • Noten en zaden.
  • Volle granen.

Nuttige voedingssupplementen

  • Gefermenteerde knoflook heeft een goede invloed op hart en bloedvaten. Verse knoflook helpt ook, maar kan niet in zo’n hoeveelheid ingenomen worden als nodig, zonder ook schade te veroorzaken. Gefermenteerde knoflook werkt bloed verdunnend, verlaagt mild de cholesterol, zorgt ervoor dat de bloedvaten soepel blijven, gaat atherosclerose tegen. Kortom, gefermenteerde knoflook werkt op zowat alle aspecten die het onze bloedvaten moeilijk maken.
  • OPC’s uit de schors van de zeeden werkt vooral in op de kleine bloedvaatjes. Het is ook meer aan te raden voor vrouwen, vb. bij spataders.
  • Stikstofmonoxide, vb. uit rode bietensap, want dat ontspant de wand van de bloedvaten, waardoor ook de bloeddruk vermindert.
  • Kurkuma, omdat die de ontstekingen in je lichaam remt. Kies wel voor een goed preparaat, want kurkuma wordt uit zichzelf moeilijk in het lichaam opgenomen.
  • De omega 3 vetzuren EPA en DHA.

Symbolische betekenis van de bloedvaten

Staat het bloed voor leven, vitaliteit, energie, dan zijn de bloedvaten de verkeerswegen van de levenskracht. Het zijn energiewegen, ze zorgen voor transport van vitaliteit en energie. Het zijn ook communicatiewegen. Ze zorgen voor de aan- en afvoer van wat nodig is.

In je bloedvaten is altijd een zekere druk aanwezig, de bloeddruk. Bij een te hoge bloeddruk moet het hart te hard werken en kunnen de bloedvaten scheuren. Bij een lage bloeddruk ga jij je flauw en duizelig voelen. Als in je bloed jouw levensopdracht vervat zit, dan staat een hoge bloeddruk voor het harder vragen aan jou dat je toch met je levensopdracht zou bezig zijn. Je ziel wil dat jij met enthousiasme bezig bent met dat wat bij jou past. Doe je dat niet, dan ontstaat er stress, want je ziel wil dat jij wordt wie je in wezen bent. Doe je dat, dan ervaar je een wegvallen van heel wat stress, en dan kan het enthousiasme weer stromen.

Een te lage bloeddruk, met de daarbij gepaard gaande duizeligheid, zegt ons hetzelfde, maar op een iets andere manier. Het is alsof je ziel tegen je zegt: ‘Als jij dan toch niet bezig bent met je levensopdracht, dan trek ik de stekker er even uit. Ik zorg ervoor dat jij niet verder kunt op dat verkeerde pad.’ Je wordt als het ware gedwongen om even stil te staan bij waar je (niet) mee bezig bent.

Acute en chronische problemen

Het moge duidelijk zijn dat bij acute problemen met je bloedvaten het absoluut het allerbeste is je te laten helpen door onze Westerse klassieke geneeswijzen. Daar kunnen medische beeldvorming, operaties, medicijnen je het leven redden. Aarzel dus bij acute problemen niet over wat je hoort te doen.

Maar als je na zo’n acuut probleem gewoon verder doet zoals je bezig was, dan loopt het binnen de kortste keren weer fout. Vaak ligt bij een acuut probleem een chronisch probleem aan de basis. En juist daar is het wijs om op een complementaire manier aan de slag te gaan. Verminder stress, ga meer bewegen, ga gezonder eten, … en laat je daarbij misschien helpen door iemand die niet focust op ziekte, maar juist op gezondheid. En dat is nu net wat wij, gezondheidsbegeleiders, voor je doen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Bloed dat door een ader stroomt

Leven dat door je lijf stroomt

Kedoem! Kedoem! Kedoem!
Woesssssh! Woesssssh! Woesssssh!

Het hart klopt.
Het bloed stroomt door je lijf.
Leven bereikt elk orgaan, elke spier, elk stukje van jou.

Het cardiovasculair stelsel

Ik beloofde je dit jaar af en toe iets meer te vertellen over één of ander aspect van ons lichaam. Daarom begin vandaag een ‘minireeks’ over het stelsel van hart en bloedvaten. En ja, je leest het al: ik noem hart en bloedvaten. Wat ik niet noem is misschien wel het allerbelangrijkste, nl. het bloed, en daar heeft niemand het ooit over. Ik doe wat eigenwijs en ik begin mijn verhaal bij dat bloed. Het bloed noem ik ‘leven dat door je lijf stroomt’. Stel dat het hele cardiovasculair stelsel – dat is het stelsel van hart en bloedvaten – in perfecte staat was, maar dat er water door je lijf stroomde in plaats van bloed, het zou niet lang duren of je leven hield op te bestaan.

Het cardiovasculair stelsel is dus eigenlijk alleen maar de machine – de motor en het buizenstelsel – die dient om het bloed overal in het lichaam te krijgen. En ja, we moeten ervoor zorgen, voor dat cardiovasculair stelsel, want zonder de machine stroomt het leven niet meer, en stilstand betekent dood. Daar schrijf ik dus zeker volgende keren over. Vandaag nog niet, vandaag schrijf over ‘bloed’, omdat het bloed de levenskracht symboliseert, de stroom van leven doorheen ons hele lijf.

Bloed

Bloed is een heel bijzonder sap. Het is de stoffelijke drager van het leven. Bloed voorziet elke cel in ons lichaam van voedingsstoffen enerzijds en van zuurstof anderzijds. Met die twee kunnen onze cellen alle energie produceren die wij nodig hebben om ons lichaam gezond te houden én om alles te doen wat wij willen doen. Als dat systeem mankeert, dan valt plots alle energie weg. Denk maar aan bloedarmoede, wat betekent dat het bloed te weinig rode bloedcellen bevat. Die rode bloedcellen staan in voor het transport van zuurstof. Bij een gebrek aan zuurstof kunnen de cellen geen energie produceren, want zuurstof is nodig om voedingsstoffen te verbranden en zo energie te doen ontstaan. Wie ooit al bloedarmoede heeft gehad, die weet het wel. Je hebt dan nergens energie voor. Je voelt je zo slap als vod.

Bloed doet ook het omgekeerde. Het vervoert de afvalstoffen naar de longen, de nieren en de lever. Daar worden die afvalstoffen uit het bloed gezuiverd en naar buiten toe gestuurd. We ademen koolzuurgas uit, we plassen in water oplosbare afvalstoffen uit en via de stoelgang worden de vaste en de in vet oplosbare afvalstoffen uitgescheiden. Het bloed doet dus zijn uiterste best om ons innerlijk milieu schoon te houden. Als de balans echter doorslaat en er zich te veel afvalstoffen in ons lichaam bevinden, dan lukt dat niet helemaal. Dan krijgen we last van moeheid en lusteloosheid, van stramme spieren en pijnlijke gewrichten, van chronische ziekten van diverse aard. Als je dat soort dingen voelt, dan is het wellicht tijd voor een grote schoonmaak. Dan zorg je ervoor dat je lichaam minder blootgesteld wordt aan alles wat toxisch is – je gaat minder en schoner eten, vb. – zodat je bloed zich kan concentreren op het elimineren van alles wat niet in je lichaam thuishoort.

Bloed zorgt ook voor een stabiel innerlijk milieu. Het reguleert de warmtehuishouding, de hormonale huishouding, de zuurtegraad in je lichaam. Het bloed detecteert het minste onevenwicht, signaleert dat aan de nodige systemen of organen en zorgt er op die manier voor dat je lichaam zo goed mogelijk blijft functioneren. Hier is je eigen zelfgenezend vermogen optimaal aan het werk.

Daarnaast bevat je bloed ook diverse soorten soorten witte bloedcellen. Die maken samen je immuunsysteem uit, je afweersysteem tegen ziektekiemen. En tenslotte bevat je bloed ook bloedplaatjes, die ervoor zorgen dat kwetsuren worden hersteld en dat bij een wonde bloedverlies tot een minimum wordt beperkt.

Het moge duidelijk zijn: zonder bloed kan geen enkel systeem in ons lichaam functioneren. Bloed is letterlijk van levensbelang.

Symboliek van bloed

Juist omwille van het grote belang van bloed in ons lichaam, krijgt dat bloed de symboliek van ‘leven’. Dat zie je bijvoorbeeld in oude culturen, waar in een religieus ritueel een mens of een dier geslacht wordt en waarvan het bloed over mensen en akkers wordt geplengd. Men geloofde dat een bloedig offer in het prille voorjaar voor voorspoedig leven zou zorgen in het hele komende jaar. Vrouwen zouden vruchtbaar blijken, akkers zouden veelvoudig vruchten voortbrengen, de mensengemeenschap zou een voorspoedig jaar gegund worden.

Diezelfde symboliek vind je terug in het aangaan van een bloedbroederschap. Twee krijgers vermengden, via een snee in beider hand, hun bloed met dat van de ander. Hiermee gaven ze aan elkaar de eed: ik sta met mijn leven in voor dat van jou, en jij doet hetzelfde voor mij. We zijn niet langer twee, we zijn één in hart en ziel.

Als we die symboliek doortrekken, dan kunnen we zeggen dat iedere druppel bloed een blauwdruk van jouw hele leven bevat. Je bloed staat voor jou, voor je leven, voor wie jij ten diepste bent. Er is een spreuk, die zegt: ‘Het bloed kruipt waar het niet gaan kan.’ Die spreuk betekent zoveel als: Je ware aard kun je niet verbergen. Je passie zal aan de oppervlakte komen, en je zult er iets mee moeten doen. Bloed staat dus niet alleen voor ‘leven’, maar ook voor ‘levensopdracht’. Zo uniek als jouw bloed is, zo uniek is ook je levensopdracht. Ga je onzorgvuldig om met je levensopdracht, dan doe je dat in feite ook met je bloed. Immers, je bloed informeert op elk moment elke cel in je lichaam waar jij toe geroepen wordt. Je hele lichaam wil met die levensopdracht aan de slag. Doe jij daar niets mee, dan ga jij je steeds minder goed voelen en uiteindelijk word je ziek. Ziekte is in die zin altijd een beetje een wake-up-call. Ziekte zegt: ‘Hé, word wakker, jij, en doe nu eindelijk eens wat je zou moeten doen. Ga aan de slag met die passie die leeft in jou.’

Hou je bloed gezond

Je bloed gezond houden, dat doe je dus tweeërlei:

  • Je zorgt voor een balans tussen aanvoer van leven brengende stoffen en afvoer van afvalstoffen. Je gunt je lichaam voldoende kansen om afval op een efficiënte manier af te voeren.
  • Je gaat aan de slag met je levensopdracht. Je valt regelmatig even stil om te voelen, te ontdekken waar het in jouw leven om draait, en daar ga je dan mee aan de slag. Je zult zien dat het je voldoening geeft en vreugde en diep geluk, als je dat doet.

Heb je hulp nodig bij het één of het ander, dan kun je bij mij of bij één van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders terecht. Wij helpen je graag vooruit, zowel op dat fysieke als op dat spirituele vlak.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

 

Foto van een vermoeide vrouw met allemaal krabbels en pijlen rond haar hoofd.

Zoveel langdurig zieken …

Er zijn zoveel langdurig zieken …
Dat hoor je de laatste tijd wel vaker. Als gezondheidsbegeleider is dat natuurlijk iets wat mij wel raakt. En dan vraag ik me af hoe we daar terecht gekomen zijn en wat kunnen doen om het weer beter te maken. Vandaag mijmer ik daar wat over. En nee, ik zeg het je al bij voorbaat, een quick fix voor dit probleem heb ik niet. Wellicht gaat het erom dat onze hele maatschappij vraagt om een ommekeer …

Twee soorten langdurig zieken

Jawel, als ik de gezondheid van mensen vandaag bekijk, dan zie ik twee soorten langdurig zieken.

  • Je hebt die mensen die vanaf een bepaalde leeftijd medicijnen moeten slikken, en daar voor de rest van hun leven niet meer van af geraken. Het begint met een medicijn tegen een te hoge bloedsuiker of een te hoge bloeddruk of een te hoog cholesterol of nog wel wat anders. En inderdaad, het begint met dat ene medicijn, … dat nooit meer weggaat. Integendeel, op dat ene medicijn volgen andere, tot een mens op een bepaald moment een batterij aan medicijnen moet slikken, vaak om de nevenwerkingen van eerder voorgeschreven medicijnen onderdrukken. Deze mensen lijken wel gezond, maar ze zijn het niet. Ze zijn chronisch ziek, en zolang dat nog gaat, wordt de ziekte onderdrukt. De medicijnen mogen niet gestopt worden, want dan duiken al die onderdrukte symptomen weer op. Vroeg of laat komt er een moment dat de ziektesymptomen zich niet meer laten onderdrukken, en dan gaat het grondig mis. Dan krijg zo iemand een hart- of een herseninfarct of kanker. Of dan slaat het immuunsysteem tilt en valt het lichaam zichzelf aan.
  • Je hebt ook mensen die crashen. Zij kunnen de ratrace van onze maatschappij niet aan. Ze proberen te voldoen aan alles waar anderen aan lijken te voldoen, maar gaan daaraan kapot. Ik zie het gebeuren in mijn dichte omgeving, dat mensen overkop gaan. Wat onze dolgedraaide maatschappij van ze vraagt, kunnen zij niet aan. Deze mensen zijn indicatoren voor wat fout loopt in onze maatschappij. Die eerste soort langdurig zieken blijven nog rechtop, zij het met chemische hulpmiddelen. Bij deze tweede soort langdurig zieken helpen dat soort maatregelen niet. Zij zijn kwetsbaarder op emotioneel en mentaal niveau. Ze krijgen klappen op psychisch vlak en kunnen daardoor niet langer mee in wat wij ‘normaal’ vinden.

Te veel op ons bordje

We leven te vlug, te intens, te actief. We hebben een job die veel van ons vraagt. We hebben schulden die we afbetaald moeten krijgen, en dus moeten partners liefst allebei fulltime uit werken gaan. Het gezin vraagt veel, want ook onze kinderen hebben een vol bordje: school, muziekschool, sportclub, jeugdbeweging, … Het is vaak een hele puzzel om elk gezinslid op het juiste moment op de juiste plaats te krijgen. En wij, we lopen ons te pletter om al die ballen hoog in de lucht te houden. We houden dat een tijdje vol, vanuit het idee wellicht dat het zo hoort. Anderen doen het immers ook, dan moeten wij dat toch ook wel kunnen.

Maar niet ieder heeft eenzelfde hoeveelheid weerbaarheid meegekregen. Vroeg of laat krijgt die weerbaarheid een knauw, en dan crash je. Al naar gelang waar je zwakste plek zich bevindt, zul je daar fysieke, emotionele, mentale of spirituele klachten van krijgen.

  • Lichamelijk:
    • Een zwakke rug die je belet om over je grenzen te gaan.
    • Hartklachten, waardoor je het rustiger aan moet gaan doen.
    • Kanker, die je verplicht om al die drukke bezigheden stop te zetten.
  • Emotioneel:
    • Je krijgt angstaanvallen die je beletten om nog het onbekende tegemoet te gaan.
    • Je wordt zo gemakkelijk kwaad, je hebt geen zin meer om dingen te doen die je niet wil doen.
    • Je komt terecht in een spiraal van moedeloosheid, melancholie, depressiviteit.
  • Mentaal:
    • Je wordt hard naar anderen toe, meedogenloos, je gaat over lijken.
    • Je wordt onverschillig, niets kan je nog raken.
    • Je geest laat het afweten, je vergeet de wereld rondom, je dementeert.
  • Spiritueel:
    • Je hebt geen zin meer in het leven, alles lijkt je zo leeg.
    • Je ervaart geen liefde, je voelt je zo intens alleen op de wereld.
    • Je denk aan zelfdoding, en misschien zet je ook die laatste stap nog.

Een zieke maatschappij

Dit alles vertelt mij van een zieke maatschappij. We hebben een economie die alleen denkt aan groei, aan steeds meer winst maken. We hebben een voedingsindustrie die niet de gezondheid van mensen op het oog heeft. We hebben een farmaceutische industrie die niks van voeding afweet en die met chemische middelen mensen in deze tredmolen houdt. We hebben een recreatieve industrie die grenzen opzoekt en weer nieuwe prikkels geeft. We leven in een maatschappij van nog, nog, nog, nog, nog, … We maken onszelf én onze aarde kapot.

En dan komt maar één woord in mij op: STOP!!!

Hoe een uitweg te vinden?

Zoals ik al schreef: ook ik heb geen pasklaar antwoord op deze vraag. Ik heb alleen het begin van een manier van denken. En die gaat als volgt:

  • Gezondheid vinden we maar als we weer gaan luisteren naar wat leeft in ons binnenste. Ieder van ons heeft unieke talenten, unieke mogelijkheden en dus ook een uniek levenspad. Alleen als we ons op ons eigen levenspad begeven, zullen we voldoening, vervulling en dus ook gezondheid vinden.
  • Dat vraagt dat we weer tijd maken om bij onszelf te verblijven, om te voelen en te ervaren wat ons boeit, wat ons aantrekt. Aan die tijd ontbreekt het ons heel vaak. Willen we die tijd vinden, dan moeten we andere dingen uit ons leven bannen. Misschien moeten we minder tijd doorbrengen met onze smartphone of computer, misschien moeten we minder uithuizig gaan leven, misschien moeten we een aantal van die dingen die we van onszelf moeten op een lager pitje zetten. Als daar maar tijd uit vrijkomt, die we besteden aan onszelf, aan onze binnenkant.
  • We moeten weer leren onderscheiden. In het naar binnen keren, ontdekken we wellicht wat vreugde geeft en wat niet, wat bij ons past en wat niet, waar we zin in vinden en waarin niet. We moeten weer horen naar de eigen stem in ons binnenste. En dan komt het moeilijkste …
  • Het leven vraagt van ons dat we gehoorzaam worden aan die innerlijke stem. Let wel, het gaat hier niet om oppervlakkige gehoorzaamheid, vb. aan een ander die zegt wat we moeten doen of aan de wetten van de maatschappij. Het gaat om horen naar ons eigen wezen en dan doen wat die innerlijke stem van ons vraagt. En dat kan wel eens radicaal ingaan tegen wat ‘normaal’ is, tegen wat ‘men’ van ons verwacht.

Met dit schrijven hoop ik bij jou een vuurtje te hebben aangewakkerd om mee die innerlijke weg te gaan. Wijzelf én onze maatschappij hebben nood aan deze ommekeer, die er op maatschappelijk vlak echter maar kan komen als meer en meer individuen deze weg gaan.

En waaraan weet je of je goed zit: als jouw leven je meer en meer echte vreugde geeft en diep geluk. Je zult het misschien niet gemakkelijk hebben, je zult mensen om je heen verliezen, je zult het financieel wat minder hebben, … maar je zult ervaren dat je leven je voldoening geeft. En dat Léven, dat wens ik jou en mezelf en allen in onze maatschappij van harte toe.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Daslook, bloempje en blad

De daslook schiet!

Joepie, de lente komt!

En dat zie ik in mijn tuin. De winterjasmijn is uitgebloeid. Krokussen en madeliefjes steken in het gras hun kopjes boven. Ze lachen me toe als ik naar buiten kijk. De bomen beginnen te botten … en in de kruidentuin schiet als eerste de daslook. Dus ja, al spreekt de kalender dat nog even tegen, de lente is in ’t land.

Daslook

Bevordert de spijsvertering

Daslook kan helpen bij maag- en darmklachten, gaande van darminfecties tot een opgeblazen gevoel en winderigheid. Ze werkt ontsmettend, en kan dus ingezet worden bij een verstoorde darmflora, een overgroei met candida en zelfs bij wormpjes. Daslook helpt ook een zwakke en trage spijsvertering op gang.

Goed voor hart en bloedvaten

Net zoals haar grote broer, de look, draagt daslook haar steentje bij om het hart en de bloedvaten gezond te houden. Daslook doet dat door verkalking van aders en slagaders tegen te gaan, door een te hoge bloeddruk te reguleren en door een te hoog cholesterolgehalte naar beneden te halen.

Bloedzuiverend

Daslook is een meerwaarde in een lentekuur. Ze werkt bloedzuiverend, vooral door het stimuleren van de galaanmaak en het ontgiften van de lever. Ze gaat leverzwakte tegen en daardoor ook algemene zwakte en voorjaarsmoeheid. Daarom is de daslook, vers gebruikt of als tinctuur, een absolute meerwaarde als het erom gaat de ‘slakken van de winter’ je lichaam uit te krijgen.

Stimuleert de immuniteit

Daslook werkt ook algemeen ontsteking werend: ze werkt ontsmettend en gaat bacteriën en virussen te lijf. En als je met een hardnekkige hoest zit, dan maakt ze ook de slijmen los. Daslook is in de lente dus een kruidenhulpje bij griep, hoest, bronchitis, verkoudheid en keelpijn.

Regelt mee de bloedsuikerspiegel

Daslook verlaagt ook de bloedsuikerspiegel. Ze ondersteunt de aanmaak van insuline en helpt dus bij metabool syndroom (prediabetes) en diabetes type 2 de bloedsuiker te regelen.

Daslook gebruiken als keukenkruid

Als eerste moet ik je een waarschuwing geven: als je daslook gaat plukken, zorg er dan voor dat je zeker weet dat het om daslook gaat. Immers, het jonge blad van het lelietje-van-dalen (meiklokje) lijkt helemaal op dat van daslook. En is daslook gezondheid bevorderend, lelietje-van-dalen daarentegen is giftig. Er is één kernmerk waaraan je daslook zeker kunt herkennen: als je het blad kneust, ruik je look!

En dan zijn er ook nog een tweetal tegenindicaties voor het gebruik van daslook:

  • Als je een maagontsteking of een maagzweer hebt, blijf je beter van daslook en ook gewone look af. Beide kunnen immers je maagvlies nog verder irriteren.
  • Daslook, en ook look, werken ook lichtjes bloed verdunnend. Je kunt ze dus beter niet gebruiken voor een chirurgische of tandheelkundige ingreep.

Recepten

Je kunt van daslook eigenlijk de hele plant gebruiken, maar als je natuurlijk alle knolletjes verwijdert, dan maak je weinig kans volgend jaar weer daslook te kunnen eten. Daarom raak ik je aan vooral het bovengronds groeiende kruid te gebruiken: bladeren, bloemknoppen, bloemen. Je kunt ze verwerken in soepen, salades, kruidenboters, pesto’s.

Daslookolie

  • Neem 400 ml olijfolie.
  • Voeg een handvol daslookbladeren toe.
  • Blend de olie en de bladeren zo fijn mogelijk.
  • Zeef daarna de olie door een kaasdoek om een pure, groene extractie te krijgen.
  • Je kunt de olie goed bewaren in de koelkast en gebruiken als dressing voor je salades.

Kwark met daslook

  • Neem de hoeveelheid kwark die je wil nuttigen.
  • Kruid met peper en zout.
  • Snij een paar blaadjes daslook fijn en meng ze onder de kwark.

Omelet met daslook

  • Kluts 1 of 2 eieren per persoon.
  • Snijd een handvol daslook (of meer) fijn en voeg toe aan het eiermengsel.
  • Kruid met peper en zout.
  • Doe een klontje boter in de pan en bak de omelet gaar.

Kruidenboter met daslook

  • Neem 100 gr boter en laat die op kamertemperatuur komen.
  • Snij een handvol daslook zeer fijn en doe dat bij de roomboter.
  • Voeg daarbij een teentje geperste knoflook.
  • Voeg een snuifje peper en een snuifje zout toe, en een een tl citroensap.
  • Prak de boter met de rest van de ingrediënten goed dooreen.
  • Proef of nog wat peper, zout of citroensap toegevoegd moet worden.

En als het daslookseizoen voorbij is …

… dan wachten ons de bieslook en de gewone look, om onze gerechten te kruiden!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Woordwolk rondom het woord diabetes

Overgewicht, een eerste symptoom van onze welvaartsziekten

In een vorige blog vertelde ik je over verschillende manieren om te bepalen of jij een gezond gewicht hebt. Ik heb dat niet, en daar wil ik iets aan doen omdat ik weet dat overgewicht een eerste stap is op weg naar onze huidige welvaartsziekten. Als ik dat overgewicht negeer is de kans zeer groot dat ik over niet al te lange tijd diabetes krijg, of problemen met mijn hart en mijn bloedvaten, en ja, zelfs kanker ligt op de loer. Overgewicht en meer nog obesitas zijn immers één van de symptomen van ‘Metabool Syndroom’, en ‘Metabool Syndroom’ is de rechtstreekse voorloper van elk van onze welvaartsziekten.

Metabool Syndroom

Een syndroom is nog geen ziekte. Het is een samengaan van een aantal symptomen die wijzen op iets wat mankeert in je lichaam. Ze heb je het ‘Chronisch Vermoeidheidssyndroom’ dat vertelt dat er iets mankeert aan je energiehuishouding. Of je hebt het ‘Prikkelbare Darmsyndroom’ dat vertelt dat je darmen maar niet tot rust kunnen komen. En zo heb je ook het ‘Metabool Syndroom’ dat vertelt dat er iets schort aan je metabolisme, dat wil zeggen aan je stofwisseling of hoe je uit voeding je lichaam opbouwt en energie geeft.

Er zijn een aantal parameters die ons kunnen wijzen op Metabool Syndroom. De meeste daarvan kun je makkelijk ontdekken via een gewoon bloedonderzoek bij de huisarts. Dit zijn de alarmsignalen:

  1. Je nuchtere bloedglucose is hoger dan 110 mg/dl (België) of 6,1 mmol/l (Nederland).
  2. Je buikomtrek is voor mannen groter dan 102 cm en voor vrouwen groter dan 88 cm.
  3. Je triglyceriden of bloedvetten zijn hoger dan 150 mg/dl (België) of 1,7 mmol/l (Nederland)
  4. Je HDL-cholesterol is lager dan 40 mg/dl (België) of 1 mmol/l (Nederland) voor mannen en 50 mg/dl (België) of 1,3 mmol/l (Nederland) voor vrouwen.
  5. Je bloeddruk is hoger dan 130 over 85 mmHG.

Als drie of meer van deze symptomen op jou van toepassing zijn, dan heb je Metabool Syndroom. Je bent dan nog niet ziek, maar je bent wel goed op weg om één van onze welvaartsziekten op te lopen. Nu is het goede nieuws dat je er zo’n 20 jaar over doet om ziek te worden … en dat je op zo’n 4 maanden tijd je lichaam kunt resetten, zodat je niet ziek wordt.

Eén probleem is er wel: een dokter zal je er niet op wijzen dat je metabolisme aan het crashen is. Een dokter wacht tot je ziek bent, en schrijft dan medicijnen voor. Ook dan kun je vaak met voedingsaanpassingen die ziektes nog omdraaien, maar een gewone huisarts kent die wegen niet. Heb je het geluk een ‘leefstijlarts’ als huisarts te hebben, dan zal die je wellicht wel voedingsadviezen geven.

Is een diëtist dan een oplossing? De ervaring leert dat de meeste diëtisten nog niet mee zijn met de nieuwste inzichten op voedingsvlak om metabool syndroom, diabetes, hart- en vaatziekten en kanker een halt toe te roepen. Vaak blijven zij inzetten op calorieën tellen, minder eten en meer bewegen en vooral minder vetten eten. De nieuwste inzichten tonen ons dat deze adviezen op langere termijn niet helpen. Je kunt op korte termijn wel wat gewicht verliezen, maar meestal is dat gewicht er na een tweetal jaar gewoon weer bij … of zelfs nog wat verhoogd.

Metabool Syndroom en diabetes

Eén van de symptomen van Metabool Syndroom is een verhoogde bloedsuikerspiegel. Vanaf 120 ml/dl of 6,9 mmol/l spreken we van diabetes. Dit betekent dat je lichaam niet langer in staat is om de suikers (of koolhydraten) uit je voeding om te zetten in energie voor je cellen. Om het even te zeggen in een maat die meer tot de verbeelding spreekt: als je gezond bent zit er in je bloed maximaal 1 theelepel suiker. Als dat meer wordt, neig je naar diabetes of heb je dat al.

Maar er is meer: Als je buikomtrek te groot is, heb je te veel abdominaal vet, oftewel buikvet. Dat betekent dat je organen, o.a. je lever en je pancreas ofwel in het vet zwemmen, ofwel zelf te vet geworden zijn. En het moge duidelijk zijn dat een vervette lever en een vervette pancreas niet optimaal hun werk kunnen doen. Ook dat leidt uiteindelijk tot diabetes type 2.

Metabool Syndroom en hart- en vaatziekten

Als je kijkt in het lijstje van symptomen die leiden tot Metabool Syndroom, dan zie je wellicht zelf ook wel dat hart- en vaatziekten een gevolg kunnen zijn van Metabool Syndroom. Een te hoge bloeddruk zet te veel spanning op je bloedvaten. Door die hoge druk komen er scheurtjes in aders en slagaders. Het herstel daarvan gebeurt met cholesterolplaques, die er op hun beurt voor zorgen dat de bloedvaten vernauwen en dat er nog meer druk en nog meer scheurtjes ontstaan. Herstel kan leiden tot bloedproppen die hart, hersenen en longen tijdelijk zonder zuurstof kunnen zetten. Een hartinfarct, een longembolie of een herseninfarct zijn dan een feit.

Ook een teveel aan vetten (triglyceriden) in het bloed is een sterke aanwijzing dat hart- en vaatziekten op de loer liggen. En van de cholesterol is de HDL-cholesterol diegene die we de ‘goede’ cholesterol noemen. Die heb je nodig, als je er daar te weinig van hebt, komt dat je gezondheid absoluut niet ten goede.

Metabool Syndroom en kanker

Weinig dokters zullen je dit vertellen, maar de wetenschap komt er meer en meer op uit dat kanker in wezen een metabole ziekte is. Omdat de mitochondriën – dat zijn de energiecentrales in je cellen – niet meer optimaal glucose kunnen omzetten in energie, worden je cellen uiteindelijk kankercellen. Een normale cel verbrandt ofwel suiker ofwel vet tot energie. Daarbij maakt ze gebruik van zuurstof. Een kankercel verliest de mogelijkheid om energie te produceren door middel van zuurstof. Ze kan alleen nog suiker fermenteren om zichzelf van energie te voorzien. Het rendement van fermentatie van glucose ligt vele keren lager dan die van verbranding van glucose of vetten. Kankercellen hebben dus heel veel suiker nodig om zichzelf in leven te kunnen houden.

Dat is dan ook hoe men via medische beeldvorming kanker kan ontdekken. Met laat je glucose innemen met een licht radioactieve marker. Als men dan na korte tijd een scan neemt, dan ziet men bepaalde plekken veel meer oplichten dan andere. Dat zijn mogelijke kankerplekken. Ze lichten op omdat kanker heel veel suiker naar zich toetrekt.

Hoe wordt een gezonde cel dan een kankercel? Wel, alle cellen hebben een celmembraan, een huid als het ware. Een gezonde cel heeft een gezond celmembraan, en om dat membraan gezond te houden zijn de juiste vetten nodig. De meest foute vetten zijn transvetten, en die zitten volop in bewerkte voeding. Is je voeding doorheen een fabriek gegaan, dan is de kans groot dat wat je eet te veel ongezonde vetten bevat. En vervolgens is er één simpele regel die je moet onthouden: gebruik om te bakken en te braden geen olie. Enkel olijfolie mag je kort verwarmen (vb. om vlees te bakken). Frituren zou je nooit mogen doen in olie, dat moet je doen in verzadigde vetten. Immers, onverzadigde vetten worden transvetten als je ze verhit, en dus worden ze kankerverwekkend.

Je hebt metabool syndroom, wat nu?

Ik beloofde je in de vorige blog dat ik je zou meenemen op weg naar hernieuwde gezondheid. Volg je mij op die weg, dan zal je gewicht normaliseren, en ook je metabolisme zal zich herstellen. Beide zijn met elkaar verwant, waar de een opduikt verschijnt al gauw ook de ander. Als we op de juiste manier gaan eten, keren alle parameters van Metabool Syndroom zich ten goede. En over die gezonde voeding heb ik het in volgende blogs. Ik hoop dus dat je blijft volgen, stap voor stap, richting gezondheid!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Personenweegschaal en lintmeter

Ik ben te dik!

Niet zomaar een idée fixe

Jawel, ik ben te dik. En nee, dat is niet zomaar het idee dat elke vrouw wel eens van zichzelf heeft. Volgens zowat alle gekende parameters – gewicht, BMI of Body Mass Index en tailleomtrek – ben ik te dik. Vanuit gezondheidsperspectief bekeken is dat eigenlijk niet oké.

Als ik op de weegschaal ga staan, gaat er als vanzelf een belletje rinkelen. Alarm, alarm, alarm, dat cijfer op de weegschaal is gewoon te hoog. En met het ouder worden, wordt dat er niet beter op. Als ik niet oplet, gaat dat cijfer gestaag verder omhoog. Dringend tijd, dus, om daar iets aan te doen.

Een juister beeld over dat te hoge gewicht, en wel in verhouding tot mijn lengte, is de Body Mass Index, afgekort: BMI. De formule is deze:

Gewicht in kg / (lengte in meter X lengte in meter)

Stel dat je 70 kg weegt en 1,70 meter groot bent. Dan deel je 70 door 1,70 X 1,70, oftewel door 2,89. Uitkomst is dus: 24,22. Wat is nu een gezond BMI?

  • Tussen 18,5 en 24,9 heb je een gezond BMI.
  • Vanaf 18,4 en lager heb je een ongezond te laag BMI. Je riskeert gezondheidsklachten door ondergewicht.
  • Tussen 25 en 29,9 heb je overgewicht.
  • Vanaf 30 behoor je tot de categorie mensen die lijdt aan obesitas.
  • Vanaf 40 ben je morbide obees, wat wil zeggen dat je zomaar kunt sterven van te dik te zijn.

Let wel, deze cijfers gelden voor volwassenen tussen 19 en 69 jaar. Voor kinderen en voor ouderen gelden andere cijfers. En wat mezelf betreft, ik kan je verklappen dat mijn BMI dichter bij de 35 dan bij de 30 aanleunt. Ik ben dus te dik, echt waar.

Een laatste manier om te bepalen hoe het gesteld is met mijn gewicht tegenover mijn gezondheid is het meten van mijn tailleomtrek. Dat doe je zo: Je gaat rechtop staan. Je meet op de blote huid in het midden tussen de onderste rib (A) en je bekken (B). Je houdt het meetlint niet te strak, je ademt uit en je leest af.

Voor vrouwen is een ideale middelomtrek minder dan 80 cm. Tussen 80 en 88 cm is er sprake van een verhoogde tailleomtrek. Vanaf 88 cm is je tailleomtrek te hoog. Voor mannen is een ideale tailleomtrek minder van 94 cm. Tussen 94 en 102 cm is de tailleomtrek verhoogd, vanaf 102 cm is die te hoog. Bier- en andere buikjes zijn dus zeker niet gezond. Het toont immers aan dat de organen in je buikholte in te veel vet liggen, waardoor hun functioneren gehinderd wordt. En ja, ook mijn tailleomtrek is te hoog. Weerom wordt bevestigd: ik ben te dik!

Metabool Syndroom

Veel Westerse mensen zullen zich herkennen in het beeld dat ik van mezelf heb geschetst. Vaak komen daar nog bij een te hoog cholesterolgehalte, een te hoge bloedsuiker en een te hoge bloeddruk. Je bent in wezen nog niet ziek, je voelt je eigenlijk wel goed in je vel. Alleen, al die parameters wijzen erop dat je gezondheid toch niet helemaal je dat is. En de combinatie van twee of meer van die ‘mankementen’ kreeg een naam: Syndroom X of Metabool Syndroom.

Metabool Syndroom is op zichzelf nog geen ziekte. Het is een syndroom, en dus een combinatie van symptomen die wijzen op een verminderde gezondheid. Metabool Syndroom is als het ware een voorloper van diabetes type 2, van hart- en vaatziekten, en ja, ook van kanker. Om dit nu allemaal uit de doeken te doen, zou ons te ver leiden. Ik beloof je, in een volgend schrijven vertel ik je meer over dit Metabool Syndroom.

Wat te doen?

Te weten dat je te dik bent, is natuurlijk maar een eerste stap. Daar verandert niks aan, tenzij je er iets aan doet. Maar, wat moet je doen, dat het ook succes zal kennen? Want, geef toe, wie van ons heeft nog nooit geprobeerd gewicht te verliezen? En wie van ons kwam toen niet tot de ontdekking dat het nog zo simpel niet is? Ja, je kunt tijdelijk heel wat kilo’s verliezen, maar na verloop van tijd komen ze er zo gemakkelijk weer bij. Meer nog, je riskeert zelfs dat je gewicht op het eind van de rit hoger ligt dan voor je dieetpoging. Vandaag alvast iets over wat niet helpt. In volgende blogs in dit najaar vertel ik je stap voor stap wat wel werkt.

Zomaar calorieën beperken helpt niet

Het eerste waar je wellicht zelf aan denkt, en beslist ook het eerste wat een arts of een diëtist je zal aanraden is je calorieën te beperken. Dat lijkt een goed idee, maar is het jammer genoeg niet. Je moet immers weten dat ons lichaam slim is. Als er minder calorieën binnenkomen, zal ons lichaam gewoon minder calorieën verbruiken. Alles wat niet strikt noodzakelijk is om te overleven wordt op een minimumrantsoen gezet. Zo zal je het makkelijker koud hebben, want warmte produceren verbruikt veel energie. Je zult minder fut hebben om van alles te doen, want bewegen kost meer energie dan stil zitten. Je lichaam past zich aan om de hongersnood te overleven en wacht op betere tijden om de voorraden weer aan te vullen.

Ondertussen ga jij steeds meer verlangen naar calorierijk voedsel. Je lichaam hunkert naar vet en naar zoet. Als jij dan uiteindelijk toegeeft, vult je lichaam de vetvoorraden in één twee drie weer aan. En omdat je energieverbruik lager ligt dan vroeger, zal je oorspronkelijke gewicht binnen de kortste keren overschreden worden. Met andere woorden, je wordt dikker dan voorheen. Dit is het berucht jojo-effect.

Minder eten en meer bewegen helpt niet

Een variant op het vorige klinkt ook heel erg bekend: je moet minder eten en meer bewegen. Uit wat ik hierboven schreef, komt het al even naar voor, dit lukt gewoon niet. Als je minder gaat eten (caloriebeperking), dan ga je vanzelf minder bewegen. Je lichaam spaart energie omdat overleven belangrijker is dan bewegen. Als je meer gaat bewegen, dan heb je na die inspanning meer honger. Je eet meer om de tekorten aan te vullen.

Let wel, ik zeg niet dat bewegen slecht is. Integendeel, bewegen is absoluut goed, ook wat je gewicht betreft. Alleen, bewegen zal de kilo’s er niet doen afsmelten. Als je hoopt door meer te bewegen ook te vermageren, dan kom je van een koude kermis thuis.

Wat helpt dan wel?

Het opgebouwde gewicht is een zaak van voeding. De oplossing zal dus ook gezocht moeten worden in een gezond voedingspatroon. En in dat verhaal wil ik je in de komende tijd meenemen, stap voor stap, zodat je mee met mij gaat snappen hoe je lichaam werkt en vervolgens de richtlijnen kunt toepassen … en met eigen ogen zien dat werkt!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Iemand met een dikke buik meet de buikomtrek.

Vet vermijden?!? Suiker is de echte dikmaker!

Ik wil vermageren, en dus …

Het hele verhaal dat ik je vandaag wil vertellen, begint in de jaren ’50 van de vorige eeuw. De tweede wereldoorlog, die een echte hongeroorlog was, was voorbij. Je zag de eerste tekenen van de groeiende welvaart, … en tegelijk ook het begin van een obesitasepidemie en een stijging van het aantal hart- en vaatziekten. Ancel Keys, voedings- en gezondheidswetenschapper, deed onderzoek naar de correlatie tussen voeding enerzijds en het voorkomen van hart- en vaatziekten anderzijds. In 1958 publiceerde hij zijn ‘Zeven Landen Studie’, waarin hij concludeerde dat verzadigd vet de grote boosdoener was.

En dus, sinds die tijd wordt in de hele gezondheidszorg en dieetleer verzadigd vet in het verdomhoekje gezet. Oliën met onverzadigde vetten deden hun intrede, boter werd vervangen door margarine. (Wist je dat er in die begintijd meer mensen stierven door het eten van die margarine dan door het eten van boter? Die eerste margarines bestonden uit geharde onverzadigde oliën, en de onverzadigde vetzuren hadden zich tijdens het hardingsproces omgevormd tot transvetzuren. Welnu, als er één soort vet echt schadelijk is voor ons, dan zijn het wel die transvetten!)

Door de jaren heen zijn wij nog vele stappen verder gegaan. Vetten – ja zelfs onverzadigde vetten – werden hoe langer, hoe meer geweerd. Vette voedingsmiddelen werden verketterd. Light dressings en light mayo’s bevatten nu voor een deel ‘gemodificeerd zetmeel’ in plaats van vet. Vervolgens werd in heel veel producten waarin het vetgehalte verminderd was, suiker toegevoegd. Vet is immers een smaakmaker. Waar je vet weghaalt, heb je een nieuwe smaakmaker nodig, en meeste gevallen werd dat suiker.

Wat zien we gebeuren? Het aantal hart- en vaatziekten is niet verminderd, eerder in tegendeel. Zwaarlijvigheid en obesitas werden veeleer de norm dan de uitzondering. Hoeveel vet we ook weghalen uit de voeding, het helpt allemaal niks. En tegelijk zien we dat diabetes type 2, ook ouderdomsdiabetes genoemd, op steeds jongere leeftijd voorkomt. Gaat er dan geen belletje rinkelen?

Inderdaad, Ancel Keys maakte een verkeerde conclusie. Want jawel, na de tweede wereldoorlog steeg de consumptie van verzadigd vet, … maar de consumptie van suiker steeg minstens even vlug. Vet was nooit het echte probleem, het was altijd al suiker. Willen we dus met z’n allen gezonder en magerder worden, dan moet niet de vetconsumptie verminderen, maar het overvloedige gebruik van suiker.

Gezonde vetten zijn broodnodig!

Misschien geloof je me niet, en toch is het waar: Om gezond te kunnen functioneren, hebben we gezonde vetten nodig!

Zijn er dan gezonde en ongezonde vetten? Jawel, en het is belangrijk dit een beetje te snappen om gezonde gerechten op tafel te kunnen zetten:

  • Verzadigd vet is vet dat bij kamertemperatuur hard is. We hebben het over het vetrandje van vlees, maar ook bijvoorbeeld over boter of kokosolie. Hoe harder het vet bij kamertemperatuur, hoe meer verzadigd. Het voordeel van verzadigd vet, is dat het een stabiel vet is. Bij bewerking, bijvoorbeeld bij verhitten, ondergaat het niet zo gauw verandering. Alleen als je het vet verbrandt (en het dus gaat roken!) wordt verzadigd vet toxisch en dus kankerverwekkend. Wil je dus bakken en braden en zelfs frituren, dan is verzadigd vet een heel goede optie!
  • Onverzadigd vet is bij kamertemperatuur vloeibaar. Alle oliën bevatten dus onverzadigde vetzuren. Als je de moleculaire structuur van deze vetten gaat bekijken, dan zie je dat er een ‘zwakke’ plek in zit. Die ‘knik’ in het vetzuur heeft gezondheidsvoordelen, maar het is ook de plek waar het vet kan omslaan van gezond in superongezond. Als zo’n knik – bij verhitten of bij harden – omslaat, dan ontstaat een transvetzuur. En transvetten zijn de meest ongezonde vetten die je maar kunt eten. Frituren in olie is dus geen goed idee, echt niet! Er zijn soorten onverzadigde vetzuren:
    • omega 9-vetzuren: Olijfolie is hier de meest gekende. Olijfolie bestaat uit enkelvoudig onverzadigd vetzuur, en dat betekent dat er maar één knik in z’n structuur zit. Dat maakt olijfolie meer stabiel dan alle andere oliën. Vandaar dus ook dat je olijfolie wel nog mag gebruiken om groenten aan te stoven of om een stuk vlees of vis te bakken. Daar wordt deze olie niet toxisch van. Frituren zou ik er niet mee doen, dan wordt het vet te warm en dus wel weer toxisch.
    • omega 6-vetzuren: De meeste andere oliën bevatten vooral omega 6-vetzuren, en dat zijn meervoudig onverzadigde vetzuren. Ze zijn dus meer onstabiel dan olijfolie en niet meer geschikt om te verwarmen. Gebruik deze oliën dus enkel koud, als dressing bij groenten, bijvoorbeeld. Bijzonder aan omega 6-vetzuren is dat ze ontsteking bevorderen. Nu lijkt dat negatief, maar dat is niet helemaal waar. Als we ‘ziekmakers’ binnenkrijgen, dan is het van belang dat het ontstekingsmechanisme in gang gezet wordt. Er moet alleen evenwicht zijn met de omega 3 vetzuren, die dat ontstekingsmechanisme weer af kunnen zetten.
    • omega 3-vetzuren: Ook deze vetzuren zijn meervoudig onverzadigde vetzuren, en dus niet geschikt om te verwarmen. Hier kijken we naar lijnzaadolie, walnootolie en vooral vette vis. Van die omega 3-vetzuren hebben we er door de band tekort. Ideaal is een verhouding van 1:1 tot 1:5 tussen omega 3 en omega 6. In onze voeding ligt de verhouding ongeveer 1:20 en meer. Vandaar dus ook de vele ontstekingsziekten die we vandaag kennen.

Ongezonde vetten zijn dus

  • transvetten, veel gevaarlijker dan verzadigd vet
  • verbrande vetten, want die zijn kankerverwekkend
  • meervoudig onverzadigde vetzuren die verwarmd werden, want in dat proces ontstonden transvetten
  • een teveel aan omega 6-vetzuren en een tekort aan omega 3-vetzuren, want dat zorgt voor blijvende ontsteking

En hebben we ‘gezonde vet’ dan echt nodig? Absoluut, zeker weten!

Ik hoef je alleen maar op een paar dingen te wijzen:

  • Elke cel in ons lichaam heeft een membraam, een celwand, en die bestaat uit vet. Zonder gezonde vetten gaan onze celwanden kapot, en op termijn dus ook onze cellen. Ze functioneren minder goed, wij verouderen in een evenredig tempo. Klachten waar we niet meer van af komen, duiken op.
  • De basisbouwstof voor onze hersenen en onze zenuwen is vet. Zonder de nodige gezonde vetten om opbouw- en herstelprocessen uit te voeren, gaat het met ons zenuwstelsel bergafwaarts. Gevolgen zijn enerzijds hersen- en zenuwziektes als dementie, Alzheimer, Parkinson, Multiple Sclerose en anderzijds gemoedsstoornissen als depressie, stress, zenuwachtigheid.
  • Ons hormoonstelsel draait op steroïden, waarvan cholesterol er eentje van is. Zonder de nodige gezonde vetten kan dus ook ons hormoonstelsel verstoringen vertonen. De algemeen verminderde fertiliteit is daar een duidelijk voorbeeld van.

Suiker is de echte boosdoener

Niet vet, dus, maar suiker is de boosdoener, en dat heeft alles te maken met het hormoon insuline, dat onze bloedsuikerspiegel moet regelen. Insuline is een adipogeen hormoon, en dat betekent dat insuline vet aanmaakt uit suiker. Dat gaat zo:

  • Als je eet, komt er na de spijsvertering suiker of glucose in je bloed. Die glucose komt uit suiker in al zijn varianten, maar ook uit brood, pasta, aardappelen, groenten en fruit. Als die suikers goed verpakt zitten, in de vele vezels in groenten en fruit bijvoorbeeld, dan komt de glucose maar langzaam in het bloed terecht. Op dat moment is er geen probleem. Wij hebben immers suiker nodig, het is rechtstreeks toegankelijke energie.
  • Komt er, na het eten van een suikerrijke snack of na het drinken van frisdrank bijvoorbeeld, te veel suiker ineens in het bloed, dan komt insuline daarop af. Suiker kan immers je bloedvaten en je organen aanvallen en kapot maken. Daarom heeft ons lichaam een fantastisch regelsysteem waar insuline een rol in speelt. Insuline klikt zich aan de overtollige suiker vast en klopt bij een vetcel aan om die suiker daar af te leveren.
  • In de vetcel wordt de overtollige suiker omgezet in vet. Dat vet kan enkel dienen als reserve-energie. Het is niet van dezelfde waarde als vet in onze voeding, die ook als bouwstof gebruikt kan worden. Door het hormoon glucagon, tegenhanger van insuline, kan het vet in onze vetcellen weer omgezet worden in suiker, en dus in energie in tijden van nood. Alleen, … die tijden van nood breken op onze dagen nooit meer aan. Wij hebben voedsel in overvloed, de hele dag door.

Over suiker en zijn kwalijke werking in ons lichaam schreef ik eerder al: Suiker, de zoete boosdoener (deel 1) en Suiker de zoete boosdoener (deel 2).

… en dus anders gaan eten …

Wil je dus vermageren, dan zit er niks anders op dan blijvend anders te gaan eten. Je kunt volgende raadgevingen alvast in acht nemen:

  • Eet zoveel mogelijk onbewerkt voedsel. Bereid je voedsel zelf, ook vb. je vinaigrettes, dan gebruik je sowieso minder suiker.
  • Vermijd zoveel mogelijk suikerrijke dranken en fruitsappen. Ze hebben geen vertering nodig, ze bevatten suikers die zo je bloedbaan in komen.
  • Eet slechts drie keer per dag. Onthoud je van voortdurende tussendoortjes.
  • Beperk de hoeveelheid koolhydraten in je voeding. Kies eerder voor ‘Low Carb’ dan voor Low Fat’.

Blijvend van je overgewicht afraken is belangrijk voor je gezondheid. Tegelijk is het ook geen makkelijke klus. Wil je graag ondersteuning bij dit proces, dan kun je terecht bij mij of bij een van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Een mistig landschap in het najaar

Het ‘vitamine D-seizoen’ komt eraan!

Vitamine D, een zonnevitamine

De meeste vitamines krijgen wij via onze voeding binnen. Met vitamine D ligt dat een beetje anders. Je kunt veel vette vis eten, zoals zalm en sardines en makreel en haring, en dat helpt al een beetje. Vitamine D zit in de vetten van deze vissen. Denk maar aan die vieze levertraan van vroeger. Je kunt ook grijpen naar eieren, boter, melk en kaas, want ook daar zit een klein beetje vitamine D in. En toch kan dat alles niet tippen aan de hoeveelheid vitamine D die we onder invloed van direct zonlicht aanmaken in onze huid. Willen we voldoende vitamine D aanmaken om gezond te blijven, dan moeten we met z’n allen aan de evenaar gaan wonen. In de zomer hebben we misschien net voldoende vitamine D ter beschikking, op voorwaarde dat we op het middaguur minstens een half uur in de zon komen met nogal wat ontblote huid en zonder zonnebrandcrème. Een andere optie is het om – misschien wel het hele jaar door, maar zeker tijdens de wintermaanden – een goed vitamine D3 supplement te nemen.

Vitamine D3 en sterke botten

Vitamine D3 speelt een heel belangrijke rol in de calciumopname, en is dus van levensbelang voor sterke botten, sterke tanden en goed werkende spieren. Voor goede botten en tanden en voor goed functionerende spieren zijn in gelijke mate voldoende calcium en voldoende magnesium nodig. Om de calcium uit onze voeding op de juiste plaatsen te krijgen, hebben we twee vitamines nodig. Vitamine D3 haalt calcium uit de voeding en brengt die in het bloed, en dat is alvast het halve werk.

Maar misschien hoorde je al van mensen die tegelijk osteoporose of botontkalking hebben én atherosclerose of aderverkalking (in wezen gaat het om slagaderverkalking). Dat zijn de mensen die wellicht wel vitamine D3 nemen, maar niet die andere o zo belangrijke vitamine. Wat deze mensen nodig hebben, bovenop vitamine D3, dat is vitamine K2. Deze laatste doet het vervolgtransport: ze haalt de calcium uit het bloed en brengt die naar de botten, de tanden, de spieren en overal waar calcium nog nodig mocht zijn. Vitamine K2 wordt enerzijds aangemaakt in onze darmen door goede darmbacteriën en anderzijds vinden we ze vooral in gefermenteerde voedingsmiddelen, zoals zuurkool of yoghurt en kwark. Bij neiging tot atherosclerose is wellicht ook een supplement nodig.

Vitamine D3 als regulator

Vitamine D3 reguleert in ons lichaam heel wat processen. Deze vitamine heeft invloed op het hartritme, de bloeddruk, de bloedviscositeit (ofte het al dan niet stroperig worden van ons bloed), de bloedsuikerspiegel, het zenuwstelsel en zelfs de celgroei. Dat betekent dat vitamine D3 een rol speelt in het vermijden van hart- en vaatziekten, diabetes, ziekten van de hersenen en de zenuwen – van zenuwachtigheid, prikkelbaarheid en depressiviteit tot dementie, multiple sclerose en de ziekte van Parkinson – en zelfs kanker. Tel daarbij nog de rol van vitamine D3 in het vermijden van osteoporose, cariës en tanduitval én spierzwakte en je begrijpt hoe belangrijk een goede Vitamine D status in je lichaam is.

Vitamine D3 en het immuunsysteem

De vitamine die we vandaag onder de loep nemen is ook nog eens van onmisbaar belang voor een goed werkend immuunsysteem en wel op twee fronten tegelijk:

  • Vitamine D3 hebben we absoluut nodig in de preventie en de aanpak van winterse infecties, zoals verkoudheid en griep, maar ook COVID in al zijn varianten. Indien nodig stimuleert vitamine D3 ons immuunsysteem, zodat het vreemde indringers te lijf kan gaan. Bij voldoende voorraad gaat dat vaak zelfs zonder dat wij symptomen vertonen bij een eventuele besmetting. En worden we toch ziek, dan ondersteunt vitamine D3 ons immuunsysteem om de ziekmaker efficiënt te bestrijden.
  • Maar vitamine D3 doet meer. Ze is immers ook op dit front een regulator. We zagen het bij COVID en we zien ook bij het ontstaan van allergieën en auto-immuunziektes: ons immuunsysteem kan ook te alert zijn en blijven doorgaan met aanvallen, ook waar dat niet langer nodig is. Bij COVID kregen we de cytokinestorm, en mensen stierven aan een overactiviteit van het immuunsysteem. Hetzelfde gebeurt eigenlijk bij allergie en auto-immuunziektes: ons immuunsysteem ziet overal vijanden, ook waar die er eigenlijk niet zijn. En het valt maar aan, zonder ophouden. Gevolg: we hebben voortdurend last van steeds zwaardere symptomen en we worden ziek door uitputting (want ons immuunsysteem is een duur systeem, het vraag heel veel energie). Vitamine D3 is bij wijze van spreken niet alleen de ‘aan’-knop van ons immuunsysteem, maar ook de ‘off’-knop, en die is minstens even belangrijk.

… en dus, een supplement!

Een goed vitamine D3 supplement kun je veilig het hele jaar door nemen in een hoeveelheid van 2000 IU (International Units, of in het Nederlands: Internationale Eenheden en dus IE) per dag. Dat is een goede basismaatregel en kan zonder medisch toezicht genomen worden.

Heb je echter klachten zoals hierboven beschreven, vraag dan misschien eens aan je huisarts om de vitamine D-status van je bloed na te gaan. Orthomoleculair wordt aangenomen dat je minimaal 75 nmol vitamine D per liter bloed zou moeten hebben om gezond te kunnen functioneren. Optimaal is een bloedspiegel tussen 75 nmol/L en 150 nmol/L. Je huisarts zal wellicht al tevreden zijn vanaf 30 nmol/L, en misschien heb jij nog minder dan dat. Met zo’n lage bloedspiegel van vitamine D kun je echter onmogelijk optimaal functioneren. Vraag dan aan je huisarts beslist naar extra vitamine D3, of laat je bijstaan door iemand die orthomoleculair geschoold is. Je kunt er veel leed mee voorkomen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

De cholesterolmythe

Ik vertel je een verhaaltje …

Je komt bij de dokter voor een of andere klacht of gewoon voor een controle onderzoek. De dokter neemt wat bloed en laat standaard ook je cholesterol bepalen. Na een paar dagen kom jij bij de dokter terug, en die kan je aan de hand van je bloedwaarden vertellen wat er je scheelt, of misschien zegt hij of zij wel dat alles oké is. Alleen … je cholesterol is wat aan de hoge kant. Misschien goochelt hij of zij nog wat met de termen goede cholesterol (HDL) en slechte cholesterol (LDL), maar het resultaat van de consultatie blijft dezelfde. Jij gaat naar buiten met een voorschrift voor een cholesterol verlagend medicijn.

Herkenbaar?

In onze huidige Westerse wereld slikken ongelooflijk veel mensen cholesterol verlagende medicijnen. Artsen schrijven die heel makkelijk voor. Ze moeten wel, het behoort tot hun protocol. Jammer genoeg is dat voor de gezondheid geen goede zaak. Wij worden onnodig bang gemaakt voor een te hoge cholesterol, terwijl er ondertussen andere kwalen ontstaan door een gebrek aan cholesterol.

Cholesterol is levensnoodzakelijk

Cholesterol is een vetstof die van levensbelang is. Bij een gebrek aan cholesterol lopen allerlei mechanismen in het lichaam fout, en daar komen dan weer allerlei ziekten uit voort. Ieder van ons, van jong tot oud, heeft cholesterol nodig;

  • Als onderdeel van goed functionerende celmembranen. Ons lichaam bestaat uit heel veel cellen, en elk van die cellen heeft een membraan. Het membraan zorgt ervoor dat voedende stoffen de cel binnen kunnen en toxische stoffen de cel kunnen verlaten. Functioneert een celmembraan niet goed, dan raakt de cel enerzijds ondervoed en anderzijds vergiftigd.
  • Voor de aanmaak van verschillende hormonen, onder andere geslachtshormonen. Bij een gebrek aan cholesterol gaat de vruchtbaarheid van zowel man als vrouw sterk achteruit.
  • Voor de aanmaak van vitamine D. Vitamine D wordt onder invloed van de zon uit cholesterol aangemaakt en is belangrijk voor sterke botten, voor een goed werkende immuniteit en voor nog zoveel dingen meer in ons lichaam.
  • Voor de aanmaak van galvloeistof, en dus voor een betere vertering van de vetten die je eet.
  • Als bestanddeel van hersenen en zenuwen. Gezonde hersenen bevatten zo’n 10 tot 20% cholesterol. Bij een gebrek aan cholesterol in de hersenen en de zenuwen komt het tot degeneratieve ziektes zoals dementie.

Cholesterol is zo belangrijk voor het menselijk lichaam dat, in de mate dat we cholesterol in de voeding vermijden, onze lever zelf meer cholesterol aanmaakt. Het is in normale omstandigheden al zo dat slechts 20% van de cholesterol in ons lichaam via de voeding binnenkomt. De rest wordt sowieso in de lever aangemaakt.

Wist je trouwens dat moedermelk een zeer hoog gehalte aan cholesterol bevat omdat een baby zonder die cholesterol helemaal niet gezond kan opgroeien? Kinderen die van bij de geboorte zelf geen cholesterol kunnen aanmaken, zijn zwaar gehandicapt. Ze ontwikkelen zich niet zoals het hoort en sterven vaak vroegtijdig.

Hoe werd cholesterol de boosdoener?

Bij hart- en vaatziekten stelt men vast dat de slagaders vaak in grote mate dichtgeslibd zijn met plaques. Deze plaques bestaan uit een mengeling van cholesterol en calcium. Daarom spreken we in de volksmond van ‘aderverkalking’, wat in feite een foute naam is, want in wezen gaat het om ‘slagaderverkalking’.

Hoe ontstaan deze plaques?

  • De binnenwand van gezonde bloedvaten bestaat uit een laagje cellen en uit bindweefsel, die het bloed in de bloedbaan houden.
  • Door chronische ontstekingen ontstaan in die binnenwand kleine scheurtjes.
  • Het lichaam is erop voorzien om die scheurtjes heel vlug te herstellen. Mocht dat niet het geval zijn, dan zouden wij al vlug sterven aan inwendige bloedingen. Het lichaam gebruikt hiervoor LDL-cholesterol. Jawel, ook hier is cholesterol dus van levensbelang.
  • Na verloop van tijd proberen onze witte bloedcellen de cholesterol op te ruimen. Dat lukt echter vaak niet helemaal. De witte bloedcellen vormen, samen met de cholesterol, schuimcellen.
  • Vervolgens zet de overtollige calcium in ons bloed zich vast in deze schuimcellen. Hier ontstaan de typische cholesterol-calcium plaques die de slagaders doen dichtslibben.

Uit heel dit proces heeft men cholesterol aangewezen als de schuldige. Dat is een beetje alsof je de brandweermannen van de brand beschuldigt. Brandweermannen zijn immers ook bij elke brand aanwezig. Dan moeten zij toch wel de schuldigen zijn, is het niet?

Op zoek naar de echte schuldigen

Als we de echte schuldigen van hart- en vaatziekten willen vinden, dan moeten we ontdekken hoe het komt dat er scheurtjes ontstaan in de binnenwand van onze slagaders. Immers, als er geen scheurtjes zouden zijn, dan zou de cholesterol niks moeten herstellen en dan zouden er ook geen plaques ontstaan. Onze werkelijke zoektocht is dus die naar factoren die de bloedvaten beschadigen. Ik noem er enkele op:

  • Een hoge bloeddruk. Hoe meer druk er gezet wordt, hoe makkelijker de slagaders van binnenuit beschadigd kunnen raken.
  • Chronische ontsteking van de bloedvaten door een gebrek aan antioxidanten. We eten te weinig groenten en fruit, waarin deze antioxidanten volop aanwezig zijn. Tegelijk eten we verarmde voeding vol nutriëntenrovers, zoals suiker, witmeelproducten, transvetten, alcohol, medicijnen, … Hierdoor krijgen vrije radicalen veel meer kans om de vaatwanden aan te tasten.
  • Overgewicht en ouderdomsdiabetes. Een verhoogde bloedsuikerspiegel zorgt voor ontsteking en beschadiging van de bloedvaten.
  • Stress verhoogt de bloeddruk en de bloedsuikerspiegel, ons lichaam maakt zich immers paraat om te vechten of te vluchten. Wij echter kennen meestal een vorm van stress waarbij deze fysieke reactie onnodig of soms zelfs ongepast is. De verhoogde bloeddruk en de verhoogde bloedsuikerspiegel zorgen in dat geval voor ontstekingsprocessen in het lichaam.
  • Roken doet meer vrije radicalen ontstaan. In combinatie met de pil is roken nog schadelijker.
  • Vreemde stoffen in ons milieu, zoals PCB’s, dioxines en dieselpartikeltjes, additieven in de voeding, het gebruik van herbiciden en pesticiden in de landbouw, blootstelling aan straling, …
  • Een gebrek aan vitamine B6, B9 (foliumzuur, soms ook B11 genoemd) en B12, waardoor een overmaat aan homocysteïne ontstaat, en dat is een werkelijk schadelijke stof.
  • Een teveel aan omega 6 vetzuren die ontsteking bevorderen en een tekort aan omega 3 vetzuren die ontsteking remmen.
  • LDL-cholesterol die onder invloed van vrije radicalen omgezet wordt in oxycholesterol. Deze geoxideerde vorm van cholesterol is voor het lichaam, in tegenstelling tot andere vormen van cholesterol, wel schadelijk. Oxycholesterol vind je in de voeding o.a. in kant en klare maaltijden, in voorverpakte geraspte kaas, in melk- en eipoeder. Je vindt ze niet in verse en volwaardige voeding.

Al deze dingen worden in de klassieke Westerse geneeskunde niet of te weinig aangepakt. Er wordt te weinig naar de oorzaak van hart- en vaatziekten gezocht. Gemakshalve (… en wellicht ook uit winstbejag …) wordt alleen de cholesterol aangepakt. Was een 30-tal jaar geleden een cholesterol van 250 nog normaal, dan ligt de norm nu op 190, en men zou dit getal het liefst nog lager willen krijgen. Dit maakt een groot deel van de Westerse bevolking tot chronische medicijngebruikers.

Statines, cholesterolverlagende medicijnen met zware bijwerkingen

Statines zijn chemische stoffen die de aanmaak van cholesterol door de lever afremmen. Ze doen dat door het enzym HMG-CoA reductase te blokkeren, waardoor er minder makkelijk cholesterol gevormd kan worden.

Ik gaf hierboven al aan hoe belangrijk cholesterol wel is voor een gezond functioneren van je lichaam. Door het kunstmatig verminderen van de cholesterol, komen een aantal processen in het lichaam in gevaar:

  • Er wordt minder gal aangemaakt, waardoor de vetten uit je voeding moeilijker verteren. Daardoor worden ook minder essentiële vetzuren zoals omega 3 vetzuren opgenomen. Daardoor ontstaan klachten zoals zenuwstoornissen, depressiviteit, geheugenstoornissen, concentratie- en slaapstoornissen en dementie.
  • Er ontstaat een tekort aan vitamine D, wat tot osteoporose kan leiden.
  • Er worden minder geslachtshormonen aangemaakt, en dat leidt tot onvruchtbaarheid, erectiestoornissen en afname van de zin in seks.

Maar er is meer. Statines verminderen niet alleen de aanmaak van cholesterol, ze verminderen ook de aanmaak van co-enzym Q10. Hierdoor raken vooral de spieren verzwakt. Vaak is er sprake van spierpijnen of spierkrampen en kunnen spiercellen zelfs massaal afsterven. Als je nu weet dat ook het hart een spier is, dan besef je hoe gevaarlijk dit is. Nee, je zult dan wellicht niet sterven aan het dichtslibben van je slagaders, maar misschien wel aan het afsterven van je hartspier. Moet je van de dokter statines nemen (en durf je het niet aan met de tips die ik je hieronder ook nog meegeef), vraag dan tenminste ook een goed co-enzym Q10 supplement.

Statines belasten door hun werking ook de lever in sterke mate. Vaak zijn ze mee verantwoordelijk voor leveraantasting of zelfs hepatitis. Let dus zeker op met statines als je al last hebt van je lever.

Goede alternatieven om je bloedvaten gezond te houden

Eerst en vooral raad ik je een natuurlijke voeding aan die bestaat uit volwaardige producten: groenten en fruit, volle granen, gezonde vetten zoals koudgeperst en ongeraffineerde olijfolie, voldoende omega 3 vetzuren (uit koudgeperste lijnzaalolie die je onverwarmd gebruikt), uit walnoten, pompoenpitten en groene groenten, uit vette vis), voldoende vitamine B6, B9 (foliumzuur) en B12.

Vervolgens kan ik je twee voedingssupplementen aanraden:

Het eerste is gefermenteerde rode rijst, liefst in een vorm waar co-enzym Q10 aan toegevoegd is. Gefermenteerde rode rijst doet op een natuurlijke manier (en dus zonder heel wat van de schadelijke nevenwerkingen) wat cholesterol verlagende medicijnen ook doen. Het verlaagt je cholesterol. Zelf vind ik dit echter niet de beste keuze naar hart- en vaatziekten toe. Je pakt er immers weer alleen maar de cholesterol mee aan. Ik hoop dat je ondertussen ook voldoende beseft hoe nodig cholesterol in je lichaam wel is.

Vandaar dat ik je liever een ander supplement aanraad: gefermenteerde knoflook. Dat knoflook goed is voor de gezondheid, is al lang geweten. Maar knoflook heeft ook een paar minder goede bijwerkingen, zeker als je het in grote hoeveelheden zou gaan eten. Gefermenteerde knoflook daarentegen behoudt en versterkt de goede werkingen van knoflook en vermijdt de negatieve kanten ervan. Als het gaat om hart- en vaatziekten heeft gefermenteerde knoflook de volgende goede eigenschappen:

  • Als je cholesterol te hoog is, doet gefermenteerde knoflook die dalen en ze verbetert zelfs de verhouding tussen de goede cholesterol (HDL-cholesterol) en de slechte cholesterol (LDL-cholesterol). Ze vermijdt vooral de omzetting van LDL-cholesterol in oxycholesterol en dat is een heel goede zaak.
  • Gefermenteerde knoflook zorgt bij verhoogde bloeddruk voor een duidelijke daling.
  • Gefermenteerde knoflook werkt als een natuurlijke bloedverdunner. Het doet dat niet zoals bloed verdunnende medicijnen, door de stolbaarheid te verminderen, maar wel door het verkleven van de bloedplaatjes te vermijden. Je bloed stolt dus nog zoals voorheen, maar er ontstaan minder bloedklonters in je bloedvaten doordat de bloedplaatjes niet meer aan elkaar of aan de bloedvatwand gaan kleven.
  • Het gehalte aan homocysteïne, een werkelijke bedreiging voor het ontwikkelen van hart- en vaatziekten, daalt onder invloed van gefermenteerde knoflook.

Als ik je dus, bij een verhoogde kans op hart- en vaatziekten, één natuurlijk supplement mag aanraden, dan is het wel gefermenteerde knoflook. Als ik je er daarbij een tweede mag aanraden, dan zijn het omega 3 vetzuren. De combinatie van deze beide is een ware weldaad voor hart en bloedvaten.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨