Twee meisjes huppelen door een veld vol bloemen.

Leven is bewegen

Een tijdje geleden beloofde ik regelmatig te schrijven over een bepaald deelgebied van het menselijk lichaam. Ik had het al over de huid en over hart en bloedvaten. Wil je die schrijfsels teruglezen, klik dan gewoon op de linkjes en je wordt doorverwezen. Vanaf vandaag start ik een kleine reeks over ‘bewegen’ en hoe ons lichaam dat mogelijk maakt.

Leven is bewegen – Bewegen is leven

Heb je er al eens op gelet hoe belangrijk bewegen is? Dag in dag uit verplaatsen mensen zich van hier naar daar en weer terug. Voortdurend zijn mensen in beweging. Volwassenen kunnen dan wel grote delen van de dag op een stoel of in een zetel zitten, maar als je naar kinderen kijkt, dan zie je dat bewegen het meest natuurlijke is wat mensen kunnen doen.

Bewegen doen we in het groot, en dan denk ik aan stappen, lopen, dansen, zwemmen, fietsen, …, kortom, alles wat we verstaan onder de ‘grove motoriek’. Bewegen doen we ook in het klein, zoals knipogen of glimlachen, schrijven en kleuren of een knoop aan je jas dichtknopen, met je tenen wriemelen of je beenspieren even opspannen en weer loslaten. Dat alles hoort onder de ‘fijne motoriek’. En tenslotte bewegen we ook als we helemaal niet bewegen. Als we slapen, bijvoorbeeld, klopt ons hart en stroomt ons bloed, onze longen bewegen in het natuurlijke ritme van de ademhaling, maag en darmen bewegen en verteren zo het voedsel, hersenen en zenuwen blijven in actie als we dromen, enz. Het gaat dan om allerlei vormen van beweging die buiten onze wil om gebeuren. Het gaat gewoon vanzelf.

Aan dat laatste kun je het verschil zien tussen leven en dood. Het is het verschil tussen bewegen en ophouden te bewegen. Als het hart niet meer klopt, als de ademhaling stokt, als de hersenen geen impulsen meer geven, dan houdt het leven op. Zo belangrijk is bewegen dus. Met het al dan niet bewegen, staat of valt het leven zelf.

De hele mens komt in beweging

Als ik naar een mens kijk, dan zie ik in die éne mens verschillende aspecten, een beetje zoals hieronder weergegeven. Een mens heeft een fysiek lichaam. In dat lichaam spelen emoties en gedachten en er is ook een streven naar ‘ruimer dat het kleine ik’. Welnu, die hele mens komt, in als zijn aspecten, in beweging.

Spiritueel bewegen

Spiritueel bewegen is groeien, als in meer en meer jezelf worden. Elke mens wordt geboren met een taak, een opdracht, een roeping. Als kleine baby weet een mens daar nog niks van. Doorheen het leven ontdekt de mens gaandeweg wat hem raakt, wat hem enthousiast maakt, maar ook wat moeilijk is en wat hem tegengaat. Bij elke stap die hij zet, krijgt de mens een signaal: ‘dit gaat de goeie richting uit’ of ‘indien mogelijk, keer om’. Wie luistert naar die spirituele stem binnenin, zal misschien geen gemakkelijk leven kennen, maar wel een vervullend leven. Wie dat niet doet, stevent af op een afstompend en dus eerder ‘doods’ leven.

Mentaal bewegen

Mentaal bewegen is denken, oplossingen zoeken, creatief zijn, met duizend en één dingen rekening houden, leren, ontdekken hoe de wereld in elkaar zit, … We bevinden ons hier op het domein van de nieuwsgierigheid. In onze huidige wereld krijgt het mentale een heel belangrijke plaats toegemeten. Van kinds af aan worden we vol kennis gepropt. In toetsen en examens moeten we ons bewijzen op het mentale vlak. Alleen, vaak gaat het te weinig om mentaal bewegen, maar eerder om mentaal reproduceren. Iemand die mentaal in beweging is, zal niet zomaar de dingen aannemen die voorgezegd worden, maar zelf op onderzoek uitgaan. Hij of zij zal kritisch kijken naar wat beweerd wordt, en van daaruit een eigen weg gaan. En nee, dat is niet gemakkelijkste weg, maar je vindt er wel een vorm van eerlijkheid die leven geeft.

Emotioneel bewegen

Het woord zegt het zelf: emotie, van e-movere, is beweging. Het is het bewegen van wat binnenin gebeurt naar buiten toe. Het is vreugde, verdriet, blijheid, boosheid, vertrouwen, angst, … tonen aan de buitenwereld. Wie emoties toont, is dus in beweging, meer nog, hij zet ook anderen in beweging. Want het doet iets met jou als je een ander in tranen of in woede ziet. En als een ander vreugde uitstraalt, dan neemt hij jou wellicht mee in die beweging. Heel vaak zijn emoties brengers van beweging. Je wordt door iets geraakt, en dat maakt dat jij in actie komt. Je zou emoties met recht en reden de motor van elke vorm van beweging kunnen noemen.

Fysiek bewegen

En dan hebben we natuurlijk ook het gewoon fysieke bewegen. Daartoe hebben we nodig: een skelet met gewrichten en daaraan vastzittend spieren en pezen, geprikkeld door zenuwen. In een paar volgende blogs neem ik je mee in de functie, de betekenis, de klachten van het bewegingsapparaat en in de natuurlijke wegen om iets aan die klachten te doen. Wordt dus vervolgd …

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Een tekening van een hart met daarbij de hartslag.

Het hart, de motor van het leven

We hadden het eerder over het bloed, dat leven brengt tot in elke cel van ons lichaam. We hadden het ook over de bloedvaten, het buizenstelsel dat ervoor zorgt dat het bloed overal heen kan. Vandaag hebben we het over het hart, de motor van het leven. Want, je mag bloed in je lijf hebben, zoveel als je wil en je mag een netwerk aan buizen en buisjes hebben om dat bloed te transporteren, als de motor het niet doet, ben je zo dood als een pier.

Het hart is van wezenlijk belang, we kunnen niet zonder. Tegelijk staat het hart ook voor liefde, passie, gevoel, emotie. Dat ontdek je in de vele spreekwoorden waar het hart in voorkomt. Aan de negatieve kant: een hart van steen hebben / het hart bloedt bij het zien van zoveel leed / een harteloze indruk maken. Aan de positieve kant: iets van ganser harte doen / een hartelijk welkom / je hart voor iemand openstellen. Als er dus zoveel spreekwoorden zijn waar het hart in voorkomt, dan moet dat hart en waar het voor staat wel echt belangrijk zijn.

Het hart, een spier

Allereerst is het hart gewoon een spier. Alleen, het hart is een spier die autonoom werkt. We kunnen er met onze wil geen invloed over uitoefenen. We kunnen niet beslissen om ons hart even een tijdje niet te laten slaan. We kunnen ook niet beslissen om ons hart wat vlugger of juist wat trager te laten slaan. Het hart reageert wat dat betreft op de omstandigheden in ons lichaam. Als wij in rust zijn en echt ontspannen, dan gaat het hart vanzelf trager kloppen. Als wij in actie zijn en misschien ook wat gestresseerd, dan gaat het hart in versnelling. Het doet dat omdat er dan meer zuurstof en meer voedingsstoffen naar de cellen moeten, en dus moet het bloed wat vlugger al die cellen bereiken. We hoeven daar niet bij na te denken, dat gebeurt gewoon vanzelf.

Nu begrijp je natuurlijk wel dat als het hart voortdurend veel te vlug moet slaan, het dan ook vlugger slijtage gaat vertonen. Het beste is het eigenlijk als het hart zich heel vlotjes kan aanpassen aan de verschillende omstandigheden in ons lichaam. En het is ook goed voor hart als wij regelmatig echt tot ontspanning kunnen komen. Dan geven wij het hart wat rust, we zorgen ervoor dat ons hart op adem kan komen.

Chronische stress is dus een ziekmaker voor het hart. Het hart moet dan voortdurend te hard werken, enerzijds omdat het vlugger moet slaan en anderzijds omdat het bloed daardoor ook dikker wordt. Het hart moet dus extra zijn best doen om dat dikkere bloed het lichaam rond te pompen.

En omdat het hart een spier is, is ook alles wat spieren kan aantasten een ziekmaker voor het hart. Gezonde, spieropbouwende voeding is dus van belang. Denk daarbij aan gezonde eiwitten, maar ook aan beschermende fytonutriënten uit plantaardige voeding. Bij dat laatste denk ik in de eerste plaats aan gefermenteerde knoflook, die op alle elementen van de bloedsomloop een helende werking uitoefent. Gevaarlijke medicijnen zijn in dit geval de cholesterol verlagende statines. Statines blokkeren de aanmaak van co-enzym Q10 in het lichaam, een enzym dat mee van belang is in het opbouwen en onderhouden van spierweefsel. Nu nemen we die statines om het cholesterolgehalte naar beneden te halen, maar ondertussen blokkeren we dus het gezond houden van spierweefsel. En we zeiden het net: het hart is ook een spier. Statines zijn dus niet zomaar positief voor hart en bloedvaten.

Het hart, elektrisch aangedreven

Bij een gezonde mens trekt de hartspier zich zestig tot zeventig maal per minuut samen. De prikkel om zo’n hartslag te starten, vertrekt in de sinusknoop. Je zou die sinusknoop kunnen vergelijken met de starter van de motor van een wagen. Als die starter het niet doet, dan slaat de motor niet aan. Vanuit die sinusknoop wordt een elektrisch systeem in gang gezet, dat voor een normaal hartritme zorgt. Als er storingen zijn in de geleiding van de prikkelgolf, dan ontstaan er hartritmestoornissen.

Zo’n hartritmestoornis zegt wellicht dat er iets mankeert met het fysieke aspect in je lichaam, nl. dat de elektrische aandrijving van je hart in gebreke blijft. Het kan echter ook iets vertellen over een meer emotioneel of spiritueel aspect van je leven. Het is dan alsof je eigen middelpunt uit de pas is geraakt. Jij wil iets anders dan je centrum, je diepere wezen van jou verlangt. Je wordt als het ware op het matje geroepen, dat je te vlak geworden bent. Je mag wat meer je eigenheid, je originaliteit, je passie tonen. Je mag wat meer uit de band springen, en je gekke ideeën of je creatieve invallen in de wereld zetten.

Het hart, centrum van het gevoel

Het hart mag dan, technische gezien, gewoon een pomp zijn die je bloed je hele lichaam rondpompt, het hart staat voor zoveel meer dan alleen maar dat. Ik wil je uitnodigen een kleine test te doen. Wijs eens met je vinger of met je hele hand naar jezelf, alsof je wil zeggen: ‘Dit ben ik!’ Wedden dat je vinger of je hand exact op die plek belandt waar je hart zich bevindt? Het hart ligt centraal in je lichaam, achter je borstbeen, een beetje meer naar links. Links staat traditioneel voor het gevoel, waar rechts meer staat voor de ratio.

Het hart nodigt ons uit om met het leven iets te doen dat de moeite waard is. En bijna altijd gaat het dan om verbinding met anderen, om je eigen kleur in de wereld te zetten ten voordele van allen, om creatief aan de slag te gaan om van de wereld een betere plek te maken. Dat is waar het hart ons met iedere hartslag toe oproept.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Bloedvaten zijn als rivieren die het land van water voorzien

Je bloedvaten, een stelsel van buizen

Vorige keer vertelde ik je over je bloed, die bron van leven die door je lijf stroomt. Dat bloed moet letterlijk overal in je lichaam passeren. Wat geen bloed krijgt, gaat dood. Om dat mogelijk te maken heeft ons lichaam een ingenieus buizensysteem met daaraan gekoppeld een motor. Over de motor hebben we het volgende keer. Vandaag bekijken we het buizensysteem.

Je kunt dat buizensysteem een beetje vergelijken met om het even welk ander ‘watersysteem’. Denk vb. aan de waterlopen die het land vochtig houden of misschien nog meer aan het buizensysteem van de vloerverwarming. Het beeld van de waterlopen geeft ons een idee van grote rivieren, over steeds kleinere waterlopen, tot de beekjes rondom iedere wei of akker. Er is aanvoer en afvoer van vocht. Het beeld van de vloerverwarming toont ons een gesloten buizenparkoers, waar het water doorheen stroomt omdat er een motor is die het voortdurend in beweging houdt. Zo komt de warmte overal. De combinatie van beide geeft ons een goed idee van het buizenstelsel in ons lichaam.

Het buizenstelsel van onze bloedsomloop bestaat uit een kleine bloedsomloop en een grote bloedsomloop. De kleine bloedsomloop brengt zuurstofarm bloed van het hart naar de longen en weer terug. In de longen wordt het bloed verzadigd met zuurstof. De grote bloedsomloop brengt het van zuurstof verzadigde bloed naar elke plek in je lichaam. Elke cel krijgt van het bloed de nodige zuurstof om voedsel tot energie te kunnen verbranden.

En dan is er een tweede belangrijke functie van die bloedsomloop. Rondom onze darmen zitten heel veel kleine bloedvaatjes. In die bloedvaten wordt het verteerde voedsel opgevangen en via een grotere ader, de poortader, naar de lever getransporteerd. In de lever worden al die voedingsstoffen gezuiverd, opgeslagen en weer vrijgemaakt al naar gelang de noden. Ook dat gezuiverde voedsel gaat uiteindelijk via het bloed mee naar elke plek in je lichaam. Naast zuurstof krijgt elke cel ook de nodige bouwstoffen en voedingsstoffen. Zo houdt je lichaam zichzelf in stand.

Ik hoef je dus niet te vertellen dat het buizensysteem van slagaders, haarvaatjes en aders van groot belang is. We moeten er dus zeker zorg voor dragen.

Kwalen van de bloedvaten

In wezen zijn er twee grote categorieën van kwalen:

  • De bloedvaten gaan stuk. Ze scheuren en het bloed vloeit weg.
  • De bloedvaten vernauwen, waardoor het bloed niet meer stromen kan.

In beide gevallen krijgen delen van je lichaam onvoldoende bloed toegevoerd, en dat heeft kwalijke gevolgen.

De bloedvaten gaan stuk

… en dat kan in het mini of in het maxi. In het eerste geval heb je je misschien ergens gestoten, en kneusden daardoor een paar haarvaatjes. Wellicht kreeg jij op die plek een bloeduitstorting, een blauwe plek. Of je sneed jezelf met een mes in de vingertoppen. Het bloedt even, maar bloed raakt ook makkelijk weer gestelpt. Eigenlijk is er dan niet zoveel gevaar. Je lichaam is beslist capabel om dit soort kleine verwondingen uit zichzelf te helen.

Ernstiger is het natuurlijk als de kwetsuur groter is en het bloed zomaar blijft wegstromen. Denk vb. aan een ongeluk met zware fysieke letsels. Het bloedverlies bij zo’n accident kan dodelijk zijn. Of denk aan een harde stomp in de buik, waarbij je ingewanden gekwetst werden. Het bloed stroomt dan niet letterlijk naar buiten, maar het stroomt wel uit de gekwetste ingewanden je buikholte in. Ook dat is, als er niet tijdelijk gepaste hulp wordt ingeroepen, dodelijk.

En dan is er ook nog de kwestie van de staat waarin je bloedvaten zich bevinden. Zoals overal in het lichaam kennen ook de bloedvaten slijtage. Als er te veel druk op de buizen wordt uitgeoefend, worden ze kwetsbaar voor kleine scheurtjes. Ook een teveel aan suiker in het bloed, maakt dat de vaatwanden aangetast worden. En dan hebben we ook nog allerlei toxische stoffen die we met ons voedsel mee naar binnen krijgen, die een nefaste invloed op onze bloedvaten uitoefenen. Naarmate we ouder worden, is er dus meer herstelwerk nodig.

De bloedvaten vernauwen

Een eerste manier waarop de bloedvaten vernauwen is net door het herstelwerk dat nodig is als onze bloedvaten stuk gaan. Kleine scheurtjes worden quasi continu hersteld. Dat gebeurt door cholesterol. En nu hoor ik je natuurlijk denken: ‘Cholesterol? Die grote boosdoener als het gaat om hart en bloedvaten?’ Wel, cholesterol is helemaal niet die grote boosdoener die men ervan gemaakt heeft. Cholesterol is van levensbelang, en dat niet alleen bij het dichtmaken van al die kleine scheurtjes in onze bloedvaten ontstaan. Daar schreef ik eerder al over in de blog ‘De cholesterolmythe’.

Bloedvaten vernauwen ook als ze verkrampen, en dat gebeurt bij stress. Wie voortdurend in stress leeft, krijgt makkelijk een hoge bloeddruk, net omdat de bloedvaten vernauwen.

Adviezen om de bloedvaten gezond te houden

Aanpassen van je levensstijl

  • Ga meer bewegen. Beweging helpt het bloed in je lijf mee in beweging houden. Je hart pompt immers het bloed naar de verste uiteinden, maar beweging zorgt ervoor – door het gebruiken van je spieren als pomp – om het bloed terug naar het hart te krijgen.
  • Kies voor gezonde voeding, recht uit de natuur. Vermijd voeding die ontsteking bevordert – suiker in al z’n vormen, witmeelproducten, omega 6 vetzuren in de meeste oliën en in margarine, transvetzuren, toxische stoffen.
  • Heb je overgewicht, probeer dan af te vallen. Vooral buikvet is enorm schadelijk, het scheidt uit zichzelf al ontsteking bevorderende stoffen uit.
  • Verminder de stress in je leven. Zoek naar dingen die jou echt ontspanning geven.
  • Stop met roken.

Aanpassen van je voeding

Af te raden

  • Transvetzuren, te veel aan omega 6 vetzuren.
  • Geraffineerde suiker, witmeelproducten.
  • Overvoeding. Stop met eten als je voor 80% vol bent.
  • Te veel alcohol.
  • Te veel koffie.
  • Te veel frisdranken, te veel vruchtensappen.
  • Te veel natuurlijke, ongeraffineerde suikers. Wees dus ook matig met honing, ahornsiroop, ongeraffineerde ruwe rietsuiker, agavesiroop, …

Aan te raden

  • Vetten: Boter, kokosolie, ongeraffineerde oliën van eerste, koude persing (extra vierge), met olijfolie als betere keuze, vette vis met z’n omega 3.
  • Volop verse groenten en fruit, omwille van de beschermende antioxidanten.
  • Noten en zaden.
  • Volle granen.

Nuttige voedingssupplementen

  • Gefermenteerde knoflook heeft een goede invloed op hart en bloedvaten. Verse knoflook helpt ook, maar kan niet in zo’n hoeveelheid ingenomen worden als nodig, zonder ook schade te veroorzaken. Gefermenteerde knoflook werkt bloed verdunnend, verlaagt mild de cholesterol, zorgt ervoor dat de bloedvaten soepel blijven, gaat atherosclerose tegen. Kortom, gefermenteerde knoflook werkt op zowat alle aspecten die het onze bloedvaten moeilijk maken.
  • OPC’s uit de schors van de zeeden werkt vooral in op de kleine bloedvaatjes. Het is ook meer aan te raden voor vrouwen, vb. bij spataders.
  • Stikstofmonoxide, vb. uit rode bietensap, want dat ontspant de wand van de bloedvaten, waardoor ook de bloeddruk vermindert.
  • Kurkuma, omdat die de ontstekingen in je lichaam remt. Kies wel voor een goed preparaat, want kurkuma wordt uit zichzelf moeilijk in het lichaam opgenomen.
  • De omega 3 vetzuren EPA en DHA.

Symbolische betekenis van de bloedvaten

Staat het bloed voor leven, vitaliteit, energie, dan zijn de bloedvaten de verkeerswegen van de levenskracht. Het zijn energiewegen, ze zorgen voor transport van vitaliteit en energie. Het zijn ook communicatiewegen. Ze zorgen voor de aan- en afvoer van wat nodig is.

In je bloedvaten is altijd een zekere druk aanwezig, de bloeddruk. Bij een te hoge bloeddruk moet het hart te hard werken en kunnen de bloedvaten scheuren. Bij een lage bloeddruk ga jij je flauw en duizelig voelen. Als in je bloed jouw levensopdracht vervat zit, dan staat een hoge bloeddruk voor het harder vragen aan jou dat je toch met je levensopdracht zou bezig zijn. Je ziel wil dat jij met enthousiasme bezig bent met dat wat bij jou past. Doe je dat niet, dan ontstaat er stress, want je ziel wil dat jij wordt wie je in wezen bent. Doe je dat, dan ervaar je een wegvallen van heel wat stress, en dan kan het enthousiasme weer stromen.

Een te lage bloeddruk, met de daarbij gepaard gaande duizeligheid, zegt ons hetzelfde, maar op een iets andere manier. Het is alsof je ziel tegen je zegt: ‘Als jij dan toch niet bezig bent met je levensopdracht, dan trek ik de stekker er even uit. Ik zorg ervoor dat jij niet verder kunt op dat verkeerde pad.’ Je wordt als het ware gedwongen om even stil te staan bij waar je (niet) mee bezig bent.

Acute en chronische problemen

Het moge duidelijk zijn dat bij acute problemen met je bloedvaten het absoluut het allerbeste is je te laten helpen door onze Westerse klassieke geneeswijzen. Daar kunnen medische beeldvorming, operaties, medicijnen je het leven redden. Aarzel dus bij acute problemen niet over wat je hoort te doen.

Maar als je na zo’n acuut probleem gewoon verder doet zoals je bezig was, dan loopt het binnen de kortste keren weer fout. Vaak ligt bij een acuut probleem een chronisch probleem aan de basis. En juist daar is het wijs om op een complementaire manier aan de slag te gaan. Verminder stress, ga meer bewegen, ga gezonder eten, … en laat je daarbij misschien helpen door iemand die niet focust op ziekte, maar juist op gezondheid. En dat is nu net wat wij, gezondheidsbegeleiders, voor je doen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Bloed dat door een ader stroomt

Leven dat door je lijf stroomt

Kedoem! Kedoem! Kedoem!
Woesssssh! Woesssssh! Woesssssh!

Het hart klopt.
Het bloed stroomt door je lijf.
Leven bereikt elk orgaan, elke spier, elk stukje van jou.

Het cardiovasculair stelsel

Ik beloofde je dit jaar af en toe iets meer te vertellen over één of ander aspect van ons lichaam. Daarom begin vandaag een ‘minireeks’ over het stelsel van hart en bloedvaten. En ja, je leest het al: ik noem hart en bloedvaten. Wat ik niet noem is misschien wel het allerbelangrijkste, nl. het bloed, en daar heeft niemand het ooit over. Ik doe wat eigenwijs en ik begin mijn verhaal bij dat bloed. Het bloed noem ik ‘leven dat door je lijf stroomt’. Stel dat het hele cardiovasculair stelsel – dat is het stelsel van hart en bloedvaten – in perfecte staat was, maar dat er water door je lijf stroomde in plaats van bloed, het zou niet lang duren of je leven hield op te bestaan.

Het cardiovasculair stelsel is dus eigenlijk alleen maar de machine – de motor en het buizenstelsel – die dient om het bloed overal in het lichaam te krijgen. En ja, we moeten ervoor zorgen, voor dat cardiovasculair stelsel, want zonder de machine stroomt het leven niet meer, en stilstand betekent dood. Daar schrijf ik dus zeker volgende keren over. Vandaag nog niet, vandaag schrijf over ‘bloed’, omdat het bloed de levenskracht symboliseert, de stroom van leven doorheen ons hele lijf.

Bloed

Bloed is een heel bijzonder sap. Het is de stoffelijke drager van het leven. Bloed voorziet elke cel in ons lichaam van voedingsstoffen enerzijds en van zuurstof anderzijds. Met die twee kunnen onze cellen alle energie produceren die wij nodig hebben om ons lichaam gezond te houden én om alles te doen wat wij willen doen. Als dat systeem mankeert, dan valt plots alle energie weg. Denk maar aan bloedarmoede, wat betekent dat het bloed te weinig rode bloedcellen bevat. Die rode bloedcellen staan in voor het transport van zuurstof. Bij een gebrek aan zuurstof kunnen de cellen geen energie produceren, want zuurstof is nodig om voedingsstoffen te verbranden en zo energie te doen ontstaan. Wie ooit al bloedarmoede heeft gehad, die weet het wel. Je hebt dan nergens energie voor. Je voelt je zo slap als vod.

Bloed doet ook het omgekeerde. Het vervoert de afvalstoffen naar de longen, de nieren en de lever. Daar worden die afvalstoffen uit het bloed gezuiverd en naar buiten toe gestuurd. We ademen koolzuurgas uit, we plassen in water oplosbare afvalstoffen uit en via de stoelgang worden de vaste en de in vet oplosbare afvalstoffen uitgescheiden. Het bloed doet dus zijn uiterste best om ons innerlijk milieu schoon te houden. Als de balans echter doorslaat en er zich te veel afvalstoffen in ons lichaam bevinden, dan lukt dat niet helemaal. Dan krijgen we last van moeheid en lusteloosheid, van stramme spieren en pijnlijke gewrichten, van chronische ziekten van diverse aard. Als je dat soort dingen voelt, dan is het wellicht tijd voor een grote schoonmaak. Dan zorg je ervoor dat je lichaam minder blootgesteld wordt aan alles wat toxisch is – je gaat minder en schoner eten, vb. – zodat je bloed zich kan concentreren op het elimineren van alles wat niet in je lichaam thuishoort.

Bloed zorgt ook voor een stabiel innerlijk milieu. Het reguleert de warmtehuishouding, de hormonale huishouding, de zuurtegraad in je lichaam. Het bloed detecteert het minste onevenwicht, signaleert dat aan de nodige systemen of organen en zorgt er op die manier voor dat je lichaam zo goed mogelijk blijft functioneren. Hier is je eigen zelfgenezend vermogen optimaal aan het werk.

Daarnaast bevat je bloed ook diverse soorten soorten witte bloedcellen. Die maken samen je immuunsysteem uit, je afweersysteem tegen ziektekiemen. En tenslotte bevat je bloed ook bloedplaatjes, die ervoor zorgen dat kwetsuren worden hersteld en dat bij een wonde bloedverlies tot een minimum wordt beperkt.

Het moge duidelijk zijn: zonder bloed kan geen enkel systeem in ons lichaam functioneren. Bloed is letterlijk van levensbelang.

Symboliek van bloed

Juist omwille van het grote belang van bloed in ons lichaam, krijgt dat bloed de symboliek van ‘leven’. Dat zie je bijvoorbeeld in oude culturen, waar in een religieus ritueel een mens of een dier geslacht wordt en waarvan het bloed over mensen en akkers wordt geplengd. Men geloofde dat een bloedig offer in het prille voorjaar voor voorspoedig leven zou zorgen in het hele komende jaar. Vrouwen zouden vruchtbaar blijken, akkers zouden veelvoudig vruchten voortbrengen, de mensengemeenschap zou een voorspoedig jaar gegund worden.

Diezelfde symboliek vind je terug in het aangaan van een bloedbroederschap. Twee krijgers vermengden, via een snee in beider hand, hun bloed met dat van de ander. Hiermee gaven ze aan elkaar de eed: ik sta met mijn leven in voor dat van jou, en jij doet hetzelfde voor mij. We zijn niet langer twee, we zijn één in hart en ziel.

Als we die symboliek doortrekken, dan kunnen we zeggen dat iedere druppel bloed een blauwdruk van jouw hele leven bevat. Je bloed staat voor jou, voor je leven, voor wie jij ten diepste bent. Er is een spreuk, die zegt: ‘Het bloed kruipt waar het niet gaan kan.’ Die spreuk betekent zoveel als: Je ware aard kun je niet verbergen. Je passie zal aan de oppervlakte komen, en je zult er iets mee moeten doen. Bloed staat dus niet alleen voor ‘leven’, maar ook voor ‘levensopdracht’. Zo uniek als jouw bloed is, zo uniek is ook je levensopdracht. Ga je onzorgvuldig om met je levensopdracht, dan doe je dat in feite ook met je bloed. Immers, je bloed informeert op elk moment elke cel in je lichaam waar jij toe geroepen wordt. Je hele lichaam wil met die levensopdracht aan de slag. Doe jij daar niets mee, dan ga jij je steeds minder goed voelen en uiteindelijk word je ziek. Ziekte is in die zin altijd een beetje een wake-up-call. Ziekte zegt: ‘Hé, word wakker, jij, en doe nu eindelijk eens wat je zou moeten doen. Ga aan de slag met die passie die leeft in jou.’

Hou je bloed gezond

Je bloed gezond houden, dat doe je dus tweeërlei:

  • Je zorgt voor een balans tussen aanvoer van leven brengende stoffen en afvoer van afvalstoffen. Je gunt je lichaam voldoende kansen om afval op een efficiënte manier af te voeren.
  • Je gaat aan de slag met je levensopdracht. Je valt regelmatig even stil om te voelen, te ontdekken waar het in jouw leven om draait, en daar ga je dan mee aan de slag. Je zult zien dat het je voldoening geeft en vreugde en diep geluk, als je dat doet.

Heb je hulp nodig bij het één of het ander, dan kun je bij mij of bij één van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders terecht. Wij helpen je graag vooruit, zowel op dat fysieke als op dat spirituele vlak.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

 

Allerlei kopjes, net afgewassen. Ze moeten nog afgedroogd en weggeborgen worden.

Ik moet nog dit, ik moet nog dat!

Ik moet zoveel

Heb jij dat ook, dat gevoel dat je zoveel moet doen? Thuis klinkt het als: Ik moet nog boodschappen doen. Ik moet poetsen. Ik moet dringend wat tuinwerk doen. Ik moet de vuilnisbak nog buiten zetten. Ik moet eten klaarmaken. Ik moet de afwas doen. Ik moet opruimen. Ik moet wat papierwerk in orde brengen. Ik moet opstaan en ik moet slapen gaan en ik moet alles daar tussenin. Op het werk gaat het al niet veel beter. Daar moet ik ervoor zorgen dat ik alles doe wat tot mijn takenpakket behoort. En ik weet niet hoe dat er bij jou aan toegaat, maar bij mij zijn de dagen behoorlijk gevuld. Soms weet ik niet wat ik eerst moet doen.

En dan kan het gevoel ontstaan dat het leven alleen nog bestaat uit dingen die moeten. En het lijkt alsof al die ‘moetens’ je energievat leeg zuigen. Als je tegen de dag aankijkt vanuit alles waar jij van overtuigd bent dat moet, dat is het alsof je tegen een berg aankijkt. Het lijkt een haast ondoenbare hindernis op je levensweg, niet in het minst als je nu al ziet dat ook de volgende dag én de daaropvolgende én de daaropvolgende … uit vele van die ‘moetens’ zal bestaan.

Mij helpt het dan om structuur aan te brengen. Ik maak lijstjes met alles wat ik op een dag meen te moeten doen. Op die lijstjes schrijf ik ook wat ik graag zou willen doen en waar ik graag voldoende tijd voor overhoud. Ken je dat verhaal van de vele steenbrokken die je in een vat moet krijgen. Als je zomaar alles dooreen in dat vat wil scheppen, dan blijkt het vat te klein. De kunst bestaat erin eerst de grootste brokken in het vat te leggen. Daarna vul je aan met de iets kleinere brokken, die vallen als vanzelf tussen die grote brokken in. Vervolgens ga je verder met de echt kleine brokken en tot slot giet je ook het gruis in de ton. Op die manier blijkt alle steenafval een plekje te vinden. Als ik dus in mijn dag eerst de grote en belangrijke taken – vaak die dingen die ik graag wil doen – een plekje geef en daarna de iets minder grote en tot slot alle gaatjes opvul met de kleine dingen, dan blijkt er voldoende tijd en energie om meer te doen dan ik dacht te kunnen doen.

Ja, soms laat ik die kleine dingen net even wat langer wachten dan ‘men’ denkt dat het moet. Om je één voorbeeld te geven: ik doe niet na elke maaltijd de afwas. Sterker nog, ik doe niet elke dag de afwas. Vaak doe ik de afwas tijdens het wachten in een kookproces. Als alles op het vuur staat, heb ik vaak iets van tijd over. In mijn huishouden is dat de tijd voor die kleine dingen. En ja, dan doe ik wel eens een ‘halve afwas’. Wat weg is, is weg, en de rest kan wachten tot een volgende keer. Je raadt het al: bij mij moet het huis er niet piekfijn bij liggen. En dat is alvast één ‘moeten’ minder.

Er moet zoveel minder dan ik dacht

Veel van de dingen waarvan we denken dat we ze moeten doen, zijn ons opgedrongen door wat anderen als ‘normaal’ beschouwen. We leerden het op die manier in ons gezin van herkomst. Familie, vrienden of collega’s vinden dat het zo hoort. De maatschappij legt ons een aantal van die ‘moetens’ op. Vanuit de reclame wordt ons een onrealistisch ideaalbeeld opgedrongen. En op die manier vult ons leven zich met dingen die onze energie wegvreten.

Eigenlijk zouden we ons bij alles wat we doen de vraag kunnen stellen of we dat wel willen doen. Ik herinner me een verhaal van Marshall Rosenberg – dat is de man van de verbindende communicatie – over een vrouw die het vreselijk vond dat ze elke dag voor haar gezin moest koken. Daar lag voor haar zo’n druk op, dat er meermaals ruzie in het gezin uit ontstond. In een meeting met Marshall Rosenberg begreep die vrouw ineens dat ze zo’n hekel had aan koken, dat het haar hele leven vergalde. Zij werd er verbitterd van en daardoor zocht ze ruzie om de kleinste dingen. Die dag nam de vrouw een besluit: ik zal niet meer koken. Dat vertelde ze aan haar huisgenoten van zodra ze thuis kwam. Een maand of zo later kwam één van zonen van die vrouw naar een meeting met Marshall Rosenberg. Hij vertelde vanuit zijn perspectief: Goddank, ons moeder kookt niet meer. De maaltijden zijn nu veel lekkerder en bovendien is er veel minder spanning en ruzie in huis.

Dat is wat wij ook kunnen doen: stilstaan bij alles waarvan we denken dat het moet. En dan oordelen: is dit iets wat ik wil doen of is dit is waarvan beslis om het niet meer te doen. In het eerste geval verandert je kijk erop. ‘Ik wil dit doen’ voelt heel anders aan dan ‘ik moet dit doen’. Van iets wat je opgedrongen wordt, evolueert het naar iets waar je uit jezelf voor kiest. Omdat het belangrijk is, voor jou – voor je gezin – voor de mensen je toevertrouwd. In het tweede geval zoek je naar betere oplossingen, naar een manier van doen die beter bij jou past. Je kiest er dan voor om het oordeel van wat hoort van je af te zetten, ten voordele van je eigen welbevinden.

Er is zoiets als een ‘heilig moeten’

En dan is er iets wat ik een ‘heilig moeten’ noem. Er zijn van die dingen waarvan jij van binnenuit voelt: ik kan niet anders. Vaak gaat dat over iets waarvan je ziet dat jij daarmee de wereld een beetje beter kunt maken. Je oefent er een positieve invloed mee uit in jouw wereld, maar ook in de wereld van anderen.

Ikzelf, bijvoorbeeld, kan niet anders dan jullie dit schrijven. Het verlangen om iets te doen met natuurlijke gezondheidszorg borrelde bij mij op in de geschiedenislessen van het eerste jaar van het secundair onderwijs. We leerden er over de kruidenvrouw, die met natuurlijke middeltjes de dorpsgenoten hielp als ze ziek werden. Ja, het was die vrouw die ook wel eens als heks op de brandstapel kwam. Maar ze deed wat ze moest doen, ze kon niet anders, het lag als een levensdoel in haar ingebakken. Ze kon de mensen niet zien lijden, ze had er een talent voor, ze had ook vaak van haar moeder geleerd hoe het moest. En dus ‘moest’ ze helpen, ook als ze daarmee haar eigen leven in gevaar bracht. Sinds mijn dertiende ‘weet’ ik dat ik dit ‘moet’ doen.

Een ‘heilig moeten’ ontstaat uit jouw wezen, uit wie jij ten diepste bent. Het ontstaat uit een zielsverlangen om iets in de wereld te zetten. Voor de één is dat een gezin te stichten en het allerbeste te doen voor de eigen kinderen. Voor een ander is het de keuze voor een bepaald beroep om, vaak vanuit een talent, juist op dat vlak een verschil te maken. Voor elk van ons is het een verlangen om iets te betekenen voor een ander. En ja, daaruit vloeit veel voort dat ‘moet’. Als ik mensen wil bereiken met mijn ideeën, dan ‘moet’ ik schrijven. Maar weet je, ook dat doe ik toevallig heel erg graag. Als ik er de nodige tijd voor vrijmaak, dan kost het mij verder weinig moeite. Ik ben ook altijd blij als ik iets heb geschreven. En als ik herlees wat ik heb geschreven, dan denk ik wel eens dat niet ik, maar iets goddelijks in mij heeft geschreven. Je voelt het al: dit ‘moeten’ is van een heel andere aard dan het vele ‘moeten’ uit het eerste deel van deze blog.

Dit is dus wat ik je toewens: dat je in het vele ‘moeten’ jouw eigen weg mag vinden in wat je wel en wat je niet meer wil doen. Maak je geest vrij van wat je denkt te moeten doen en bedenk eigen oplossingen om je leven op een vrijere manier vorm te geven. En ontdek vervolgens dat ‘heilige moeten’ binnen in jezelf. Zoek manieren om daarmee aan de slag te gaan, en je zult voelen hoe het leven meer betekenis krijgt. En ja, dat laatste wens ik jou én allen in je omgeving toe. Want mensen zullen het voelen, als jij die weg op gaat …

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Oude boom waarvan je zowel de takken als de wortels ziet.

Bronnen van vitaliteit

Vorige keer had ik het over vitaliteit, levenskracht, energie. Vandaag wil ik daarop voortborduren. Waar halen wij, mensen, die vitaliteit vandaan? Wat moeten we doen of laten om die levenskracht in ons te voeden? Wat geeft energie, wat rooft energie? Als we op die vragen een antwoord hebben, kunnen we bewuster kiezen voor wat we wel en wat we niet toelaten in ons leven. We kunnen dan de balans laten doorslaan in de richting van ‘leven honderduit’.

De zon

Het allereerste wat nodig is om energie te winnen, dat is de zon. De zon geeft licht en warmte, en beide zijn nodig. Kijk maar naar de planten. In de koude wintermaanden trekken planten zich terug. Het groen lijkt van de aarde te verdwijnen. Van zodra de zon meer warmte geeft, barst al dat verborgen groen weer uit. Bomen botten weer, planten gaan groeien en bloeien, de aarde komt tot leven. Ook de mens leeft op als de zon schijnt en warmte geeft.

En niet alleen de zonnewarmte is van belang, ook zonlicht wakkert onze levenskracht aan. Velen voelen dat in deze donker wordende dagen aan zichzelf. Dat het langer donker blijft en vroeger donker wordt, brengt een zekere vorm van depressiviteit met zich mee. Mensen voelen het aan hun humeur, velen hebben het moeilijk als de dagen donkerder worden.

Dat tekort aan zonlicht en zonnewarmte leidt tot winterblues en op langere termijn tot voorjaarsmoeheid. Daarom, als het ook maar even kan, maak elke dag op het middaguur een kleine. Zorg dat je de zon hebt gezien, en van haar warmte en licht hebt genoten. Het beste wat je in de winter en het vroege voorjaar kan doen om je levenskracht een boost te geven is immers … naar buiten gaan, de zon tegemoet.

Frisse lucht

Als je naar buiten gaat, heb je niet alleen de zon, met haar licht en warmte, maar ook de frisse lucht. Adem een paar keer goed in en en uit, en je voelt je herleven. Je krijgt zuurstof, en die is nodig om, via een verbrandingsproces in je mitochondriën – dat zijn de energiecentrales in je cellen – energie op te wekken. Zonder zuurstof geen verbranding en zonder verbranding geen energie. Zo simpel is het.

Maar frisse lucht brengt je meer dan alleen zuurstof. De wind in je haren verwaait ook storende gedachten. Je krijgt een frisse kop, en dus ook een nieuwe kijk op de dingen. Je laat los wat niet helpend is, er komt ruimte vrij voor nieuwe ideeën. Mijn tip voor meer van dat soort frisheid? Trek er eens op uit als het flink waait. Ga het gevecht aan met de wind die je tegenhoudt of juist vooruit stuwt. Wedden dat je tintelend van energie weer naar binnen komt?

Levend voedsel

Energie ontstaat uit een verbrandingsproces, noemden we net. Zuurstof is daar een deel van, maar ook brandstof, en die brandstof halen we uit ons voedsel. Nu is de kwaliteit van die brandstof natuurlijk afhankelijk van de kwaliteit van ons voedsel. Bij een goede verbranding, blijft weinig restafval over. Bij een minder goede verbranding, stapelt afval zich in ons lichaam op. Die afvalslakken, zoals ze ook genoemd worden, maken dat we ons minder fit gaan voelen of dat onze gewrichten en spieren stijver worden. Er vormen zich kristallen die pijn veroorzaken.

Voedsel zorgt ook voor de nodige bouwstoffen voor ons lichaam. Kwaliteitsvol voedsel bouwt ons op, kwaliteitsarm voedsel maakt dat we stilaan aftakelen. Daarom hou ik een pleidooi voor natuurlijk voedsel, het liefst zo vers mogelijk. Vers voedsel bevat vitale bouwstoffen, voedsel dat in een fabriek is verwerkt tot kant-en-klare maaltijden is dood. Het kan onze levenskracht niet langer voeden.

Afval afvoeren

We mogen alles in huis hebben om energie te produceren, als we niet ook heel regelmatig afval afvoeren, kunnen we ons niet energiek voelen. In een mensenlichaam gebeurt die grote schoonmaak vooral ’s nachts. Terwijl we slapen doet ons lichaam alle nodige herstel- en opruimwerken. En als alles goed zit, is tegen de morgen alle afval dat de vorige dag werd opgestapeld klaar om uitgescheiden te worden. Als het goed zit, ruikt je slaapkamer ’s morgens niet zo fris, is je ochtendurine donkerder en maak je net voor of net na het ontbijt stoelgang.

Als het niet zo goed zit, dan blijft er afval achter. Dat kan als je te veel toxische stoffen binnenkrijgt, die allemaal door de lever verwerkt moeten worden. Dat kan ook als je uitscheidingsorganen niet zo goed meer werken. Afval dat achterblijft zet zich vast in gewrichten, in spieren, in vetcellen. Is dat laatste het geval, dan kan een gezondheidsbegeleider je op weg helpen om ook dat overtollige afval kwijt te raken.

Resultaat: energie!

Inderdaad, als alles goed zit – zon, zuurstof, voedsel en het afvoeren van afval – dan zou jij elke morgen voldoende energie moeten hebben om de dag zinvol door te kunnen brengen. Vitaliteit voel je als je met die energie doet wat bij jou past. Gebruik jij je energie te veel voor dingen die moeten, voor dingen waar jij een hekel aan hebt, dan stroomt je energie niet. Ze lekt geleidelijk aan weg. Gebruik jij je energie daarentegen voor dingen waar je enthousiast van wordt, dan vermeerdert die energie zich. Je raakt niet leeg en uitgeput. En juist daarom is de manier waarop jij leeft van uiterst groot belang. En daarover schrijf ik volgende keer meer.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Foto van een natuurlijk waterbekken tussen de rotsen

‘Ikigai’, oftewel: ‘Waarom ik ’s morgens mijn bed uit kom.’

‘Ikigai’ is een Japans woord, ons bekend uit de Blue Zone op Okinawa. Okinawa is een eiland in de Japanse archipel. Daar leefden rond de millenniumwisseling procentueel gezien meer honderd-en-meer-jarigen dan elders in de wereld. Een van de redenen die deze mensen daarvoor opgaven was ‘Ikigai’, wat zoveel betekent als: Ik heb een reden waarom ik nog steeds elke morgen mijn bed uitkom. Ik heb een taak, mijn leven is zinvol.

Had ik het in een vorige blog over ‘downshift’ – stilvallen, geregeld even niksen -, dan is de tegenhanger daarvan ‘purpose’ – een doel hebben in je leven. Mensen die een doel hebben in hun leven en die hun leven als zinvol ervaren, zijn gelukkiger, blijven langer gezond en leven uiteindelijk ook langer. Wie geen doel heeft in het leven, valt makkelijker ten prooi aan depressiviteit en levensmoeheid.

Een doel hebben in je leven

Een reden om ’s morgens op te staan heb je natuurlijk al gauw. Als kind moet je naar school, als volwassene moet je eruit om voor je gezin te zorgen, om naar het werk te gaan, om al die dingen te doen die elke dag weer op je afkomen. Maar nu ik herlees wat ik  zojuist schreef, voel ik hoe weinig positieve kracht daarvan uitgaat. Als je leven alleen bestaat uit dat wat moet, dan gaat er geen vreugde van uit. En als er geen vreugde van uitgaat, dan volgt ook geen geluk, gezondheid of langer leven. Willen we die vinden, dan is er een zekere ‘drive’ nodig: goesting om te doen wat je te doen hebt.

Nu zijn er natuurlijk een aantal dingen die een invloed hebben op het vinden van ‘goesting’ in wat je te doen hebt. Een eerste zal zeker gaan over hoe zinvol jij die dagtaak ervaart. Uit werken gaan – zelfs als dat werk je niet helemaal ligt – zal je met meer voldoening doen als dat je andere mogelijkheden geeft: voor je gezin zorgen, een huis verwerven, op reis kunnen gaan, … Als die dagtaak voor jou dan ook nog zinvol is op zichzelf, en als jij je erin kunt ontplooien, dan vermeerdert dat de energie die je ervan krijgt.

Een tweede wat invloed heeft op jouw ‘goesting’ om je dagtaak aan te vatten is dat die dagtaak bij je past. Je begrijpt dat als die dagtaak fysiek te zwaar is voor jou, of als je bij die dagtaak voortdurend moet zitten terwijl jij veel liever in beweging bent (of omgekeerd), of als die dagtaak te veel van je intellectuele vermogens vraagt of juist te weinig, dat het dan met die ‘goesting’ niet zo best zal blijven gaan. Je kunt even op de tippen van je tenen lopen, maar je houdt dat onmogelijk langere tijd vol.

Nog belangrijker wellicht is of je al dan niet voldoening haalt uit wat je doet. Het gaat erom dat wat je doet, op het moment dat je het doet, je meer energie geeft dan het energie vraagt. Dat kan gaan om wat je doet op zich, maar ook om het resultaat van die taak of om de mensen die je daarbij ontmoet. De balans tussen energiegevers en energievreters moet in evenwicht zijn, of nee, liever toch een beetje doorslaan in de richting van die energiegevers. Als je aan een job niet alleen centen overhoudt, maar ook fijne contacten met collega’s en het gevoel te hebben bijgedragen aan iets goeds, dan is die job voor jou leven-gevend, letterlijk!

Je unieke levensopdracht

Wil je in dit alles nog een stapje verder gaan, probeer dan zicht te krijgen op jouw unieke levensopdracht. Dat kan een opdracht zijn voor een heel leven lang, maar dat kan evenzeer een tijdelijke opdracht zijn, of nog opeenvolgende tijdelijke opdrachten die aaneengeschakeld worden tot één grote levensopdracht.

Voor velen bestaat die opdracht er minstens voor een deel uit een relatie aan te gaan, kinderen op de wereld te zetten en daarna misschien ook nog de zorg op te nemen voor kleinkinderen en zelfs achterkleinkinderen. Ook in de originele Blue Zones zie je dat oudere mensen die mee instaan voor de zorg van kinderen, kleinkinderen en achterkleinkinderen daar levensvreugde, een betere gezondheid en een langer leven uit halen.

Voor wie nog even dieper wil graven naar die unieke levensopdracht, geef ik het volgende mee:

  1. Lijst even al jouw talenten op. Pak een blad papier en noteer daarop alles wat jij goed kunt. Wees daarbij eerlijk en kijk vooral ook even verder dan naar wat je gewoonlijk doet.
  2. Pak daarna een ander blad papier en noteer daarop alles waar jij enthousiast van wordt, alles wat jou blij maakt. Kijk ook naar waar jij als kind van droomde, waar je toen gelukkig van werd.
  3. Leg uiteindelijk die twee blaadjes naast elkaar. Jouw unieke levensopdracht ligt ergens op het snijvlak van die twee. Heb je ergens wel de talenten voor, maar je mist het nodige enthousiasme, dat is het toch dat niet. Ben je ergens heel erg enthousiast over, maar je beseft dat je niet kunt wat daarvoor nodig is, dat is het ook dat niet. Jouw unieke levensopdracht kent ze allebei tegelijk: het enthousiasme én de talenten.
  4. Eén ding is nu nog nodig: als jij jouw unieke levensopdracht vervult, dan vind je daar niet alleen vreugde in voor jezelf. Wil het plaatje helemaal kloppen, dan heb jij er deugd aan, maar ook de wereld rondom – de mensen, de dieren, de natuur, moeder aarde zelf. Je wordt als het ware een waterbekken dat zich vult en waarvan het water overloopt. Jouw unieke levensopdracht? Jij wordt er beter van en de hele wereld met jou!

Dat laatste wens ik de wereld toe. Ik zou willen dat heel veel mensen op zoek gaan naar die eigen unieke levensopdracht. Ik zou willen dat meer en meer mensen de vreugde uitstralen van een zinvol leven en daar geluk, gezondheid en een lang leven in vinden. En ik zou willen dat de wereld delen mag in al die overvloed.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Regelmatig even niksen

Zoals je misschien al weet, verdiep ik me momenteel in The Blue Zones, een aantal gebieden in de wereld waar mensen uitzonderlijk lang, uitzonderlijk gezond en uitzonderlijk gelukkig leven. Uit het bestuderen van deze originele Blue Zones heeft Dan Buettner negen lessen getrokken, negen richtlijnen die elk op hun beurt leiden tot gezonder leven.

The Blue Zones: Power Nine

We hadden het eerder al over beweging en over voeding, twee bijzonder belangrijke pijlers als het gaat om gezondheid. Minstens even belangrijk echter is jouw kijk op het leven, je manier van omgaan met de dingen die op je pad komen. In de Power Nine, de negen lessen klinkt dat als: Right Outlook. En onder het tabblad ‘Right Outlook’ vind je twee richtlijnen:

    1. Purpose: een doel in je leven, een reden om ’s morgens je bed uit te komen.
    2. Downshift: regelmatig stilvallen, even alle activiteit stilzetten om naar binnen te keren.

Beide staan met elkaar in relatie, ze kunnen niet zonder elkaar. Wil je op het spoor komen van het doel van jouw leven, val dan stil. Luister naar je binnenste en ga daarop in. Doe dat regelmatig opnieuw, want in de drukte van het dagelijks leven hoor je die roepstem pas als het te laat is: als je ziek valt, als het leven je dwingt het rustiger aan te doen.

Stilvallen, dagdromen, uit het raam zitten staren, lanterfanten, …

Onder ‘downshift’ verstaan we spontaan iets als ‘mediteren’. Dat klinkt verheven, en daarvan willen we nog wel geloven dat het goed is voor onze gezondheid en ons welbevinden. Ik wil in dit verhaal echter een hele stap vroeger beginnen. Lukt het ons nog wel om eens gewoon helemaal niks te doen? Even geen TV, geen radio, geen computer of smartphone. Even geen dingen te doen, geen boek of krant, gewoon niks.

Wij, Westerse mensen uit de 21ste eeuw, krijgen dagelijks meer prikkels dan een Middeleeuwer in zijn hele leven. Al die prikkels komen de hele dag door bij ons binnen en moeten dan verwerkt worden. Ons hoofd staat quasi nooit meer stil. Dat doet wat met een mens. Voor mezelf weet ik bijvoorbeeld dat, als de dag te druk is geweest en er onvoldoende ‘lege’ tijd was, ik dan ’s nachts, nadat de eerste vermoeidheid is verdwenen, wakker lig om dan die overvloed aan prikkels te verwerken. Oplossing voor mijn slapeloosheid is dus ‘meer lege tijd overdag’.

Wat is dan voor mij ‘lege tijd’?

  • Een wandeling in de natuur, en dus leven op het tempo van te voet. Prikkels komen dan op je af op een manier die jou niet overweldigt. Er is zelfs ruimte om iets van de overvloed aan prikkels van de voorbije tijd los te laten.
  • Uit het raam zitten staren. Kijken naar de bloemen en de struiken in de tuin. Kijken naar een vogel of naar een kat die hun spel spelen.
  • Dagdromen en fantaseren, ontdekken welke richting het verlangen in mij uit wil. Het is in dagdromen en fantaseren dat creativiteit in mij ontstaat. De mooiste dingen worden geboren uit ‘niets doen’.
  • En tot slot: me vervelen! Ja, soms heb ik zo’n dag waarop ik nergens zin in heb. Geen goesting om ook maar iets aan te pakken. En als ik dat dan wel probeer, geef ik er na nog geen tien minuten de brui aan. Het is dan alsof diep van binnen iemand me toeroept: ‘Stop! Vandaag even niet!’ Op het eind van zo’n verveeldag weet ik het wel: dit was precies wat ik vandaag nodig had.

In al deze gevallen is mijn zelfgenezend vermogen op volle toeren aan het werk. Omdat er geen nieuwe info, geen nieuwe prikkels binnenkomen, krijgt mijn geest de kans om op te ruimen, om los te laten, om ruimte te creëren. In die ruimte ontstaat eerst rust en ontspanning, en vervolgens krijgt mijn wezen de kans om van zich te laten horen. In die ruimte ontdek ik, als ik luister, welke volgende stap ik dien te zetten om mijn leven de moeite waard te maken.

Ziek worden

Vaak is ziekte een middel om ons te doen stilvallen. Wie ooit een burn-out had, weet hoe je dan gedwongen wordt om niks te doen, en dat een hele lange tijd. Ergens in dat ziekteproces ontstaat iets als een vermoeden dat het ‘rennen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan’ van de tijd voor de burn-out je ziek heeft gemaakt. In de leegte ontstaat een verlangen om het voortaan anders te doen. Vaak ontdekken mensen op dat moment een andere drive, een ander doel. Een gedwongen ‘downshift’ (=stilvallen) brengt je op het spoor van een nieuwe ‘purpose’ (= levensdoel).

Ziekte is in die zin altijd een beetje een tijdstip van heroriëntering. Je was te druk bezig, je verloor te veel energie, en nu moet je gedwongen rusten. Je lichaam en je geest krijgen de tijd om te helen. En luister je goed naar je eigen binnenste, dan hoor je die stem die jou vertelt welke stappen je van hieruit zetten moet. Je komt op het spoor van dat diepere verlangen in jou. Volg je dat spoor, dan is heling het gevolg. Gezondheid volgt vaak vanzelf.

Pleidooi om dagelijks even te niksen

Jawel, ik hou een pleidooi om dagelijks even alle prikkels uit te schakelen. Doe even niks, zorg voor alleen maar natuurgeluiden, voor quasi stilstaande beelden. Lukt dat je niet ineens, waag je dan aan routineklussen: de afwas of de strijk doen, in de tuin werken, opruimen of poetsen. Het zijn dingen waarbij je niet hoeft na te denken en waarbij je geest alle ruimte krijgt om de indrukken van de voorbije dagen te verwerken.

Gun het jezelf om te luieren, te lanterfanten, te dagdromen. Dit is geen verloren tijd, integendeel. De tijd die je ogenschijnlijk verliest, krijg je dubbel en dik terug in efficiënter werk en in minder ziekteverzuim. Zoek je eigen manier om helemaal tot rust te komen en ervaar de deugddoende werking daarvan. Ik wens het je van harte toe.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Een vuurzee

De wereld staat in brand

Twee jaar lang teisterde een pandemie onze wereld. En net is die zo’n beetje achter de rug, of Russisch president Poetin valt Oekraïne binnen. Tussen dat alles door dreigt een wereldwijde klimaatcrisis. Het lijkt alsof een Apocalyps over ons wordt uitgestort. De wereld staat in brand …

En ik, vanuit mijn GEZONDHEID-WIJZER praktijk, ik schrijf over gezondheid. Ja, ook nu gaat het voor mij over gezondheid, in de meest brede zin van dat woord. Als ik vanuit de natuurlijke gezondheidszorg naar de huidige tijden kijk, dan dringen twee vragen zich aan mij op. In deze blog probeer ik een eerste antwoord op deze vragen te formuleren. En ik besef dat daarmee het laatste woord hierover nog lang niet geklonken heeft.

Hoe lang kunnen wij dit nog dragen?

Een eerste vraag die spontaan bij mij naar boven komt is deze: Hoe lang kunnen wij dit alles nog dragen? We hebben twee moeilijke jaren achter de rug, met heel wat beperkingen. Zoveel dingen mochten niet of konden niet, en ondertussen zijn we zowat het echte contact met elkaar verleerd. Gedurende de hele pandemie is amper een woord gesproken over het bevorderen van onze gezondheid. Er werd vooral een sfeer van angst gecreëerd, die nog lang slachtoffers zal vragen.

En amper gaat de pandemie wat liggen, of er breekt oorlog uit in onze achtertuin. Want, geeft toe, Oekraïne ligt helemaal niet zover van ons vandaan. Als Poetin een nieuwe Hitler blijkt te worden, die de hele wereld wil veroveren, dan zouden ook wij wel eens tot zijn slachtoffers kunnen behoren. Nu hebben we vluchtelingen over de vloer, straks misschien wel soldaten. Gevolg van deze hele crisis is dat ons leven duurder wordt. Van brandstoffen tot brood, en in de verdere omwenteling wellicht nog vele dingen meer, we zullen het voelen in onze portemonnee.

Op de achtergrond van dit alles dreigt een klimaatcatastrofe. Het is vijf voor twaalf, als we nu niet anders gaan leven, brengen we onze moeder aarde definitief schade toe. En dus moeten wij op korte tijd ook echt in actie schieten om onze eigen leefwereld leefbaar te houden. Ook dat zal veel van ons vragen. We zullen aan luxe en comfort moeten inboeten, er is geen andere weg.

En dan wordt de vraag natuurlijk levensgroot. Kunnen wij dit alles wel dragen? Gaan we niet ten onder aan angst, aan moedeloosheid, aan ‘het allemaal niet meer zien zitten’? Waar vinden wij de kracht, de vitaliteit, om die ommekeer die van ons gevraagd wordt, ook echt te maken? Want vergis je niet, we hebben moeilijke jaren voor de boeg. We weten niet wat er nog allemaal op ons afkomt, al hebben we wel een vermoeden …

Waar hebben we dat aan verdiend?

Een tweede vraag laat niet lang op zich wachten: Waar hebben wij dit in Godsnaam aan verdiend? O, er zijn natuurlijk wellicht heel wat mensen die wat nu gebeurt alleen maar zien als ‘iets dat ons overkomt’, iets waar wij toch niet verantwoordelijk voor zijn. Ikzelf zie het toch een beetje anders, ik zie een rode draad doorheen dit alles, een draad die verweven zit in het verhaal rondom gezondheid, waar ik al langere tijd van probeer te vertellen.

Die rode draad zit voor mij in het feit dat wij boven onze stand leven. Onze economische en ecologische voetafdruk is te groot. We leven te luxueus: we eten te veel, onze huizen zijn te warm, we consumeren ons te pletter … en dat maakt ons ziek en zwak. Zonder het comfort dat we gewoon zijn, lijken we niet te kunnen overleven. Onze overdreven welvaart maakte ons de laatste jaren alleen maar zieker. We noemen onze ziektes tegenwoordig zelf ‘welvaartsziektes’.

Wij, Westerse mensen, leven zodanig boven onze stand, dat moeder aarde ons binnenkort niet langer kan dragen. We putten alle natuurlijke rijkdommen uit, en in plaats daarvan maken we van onze leefbare wereld een stort. Het is nog maar de vraag of de aarde ons over tien of twintig of vijftig nog in leven zal kunnen houden. Ik ben ervan overtuigd dat de aarde zichzelf wel zal herstellen, alleen weet ik niet of wij er dan nog bij zullen zijn. Wij hebben de aarde nodig, zij kan echter wel zonder ons.

Wat die oorlog tussen Rusland en Oekraïne hier dan mee te maken heeft, vraag jij je af? Wel, ik denk dat wij met onze manier van leven wel eens meer mensen de ogen uitsteken. Zal die Poetin in Rusland maar zien hoe het er in Europa en Amerika aan toegaat. Je zou voor minder grote veroveringsdromen gaan koesteren.

Of er dan nog een uitweg is?

Ik hoop het …

Ik hoop op mensen die weer naar hun ware aard gaan leven: in alle eenvoud, zorg dragend voor moeder aarde, omziend naar minder fortuinlijke medemensen. Ik hoop op systemen die een toekomst in zich dragen: natuurlijke gezondheidszorg, ecologische land- en tuinbouw, economie op mensenmaat, onderwijs dat weer het wonder wijst, contacten van mens tot mens. En ja, ik geloof dat het kan, als we maar met velen allerlei stapjes zetten in de goeie richting.

Daar hoop ik op, daar droom ik van. Mag ik hopen dat velen leven van datzelfde visioen?

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Een kleine jongen verschuilt zich in de zetel, tussen de kussens.

Niet corona, maar angst verhindert ons te léven!

Hopla, daar gaan we weer … want ja, de coronacijfers, ook die stijgen weer! (Dat was te verwachten, het najaar en de winter zijn immers traditioneel het seizoen waarin klachten aan de luchtwegen, zoals verkoudheden en griep … en dus ook corona, sterker op de voorgrond treden.) En dus worden nieuwe coronamaatregelen aangekondigd, de coronapas, deze keer. De druk op niet-gevaccineerde medeburgers wordt nog maar eens opgevoerd, en dat ondanks het feit dat er geen vaccinatieplicht is voor dit experimentele medicijn. Alsof die paar procenten niet-gevaccineerde mensen schuldig zijn aan die stijgende cijfers …

De cijfers?!? Ach, ze bedragen niet eens een kwart van de cijfers van exact een jaar geleden, en toch blijven wij bang: bang voor besmetting, bang om ziek te worden, bang om te sterven … Ja, daar wringt voor mij het schoentje: we zijn en we blijven bang! En het is die angst – en niet corona! – die ons verhindert om te leven. Wat wij nu nodig hebben, is niet de schijnveiligheid van een ‘corona-safe-ticket’ en een ‘coronapas’. Wie immers gevaccineerd is, kan wel nog besmet raken en zelfs – zo blijkt – ook nog ziek worden, en dus als vanzelf ook anderen besmetten en ziek maken. Wie gevaccineerd is, beschermt wel zichzelf tegen al te ernstig ziek worden. Je loopt als het ware minder kans om in het ziekenhuis te belanden, en dat zou voldoende moeten zijn.

Al sinds het begin van deze pandemie zie ik het echter gebeuren hoe de angst mensen in zijn greep houdt. De voortdurend herhaalde cijfers, het beeld van mensen met mondmaskers, overal waarschuwingsborden om toch maar afstand te houden en je handen te ontsmetten, al die dingen voegen telkens een nieuwe portie angst toe aan onze toch al overvolle bordjes. Elkaar een hand geven, durven we niet meer, laat staan een knuffel of een zoen. Nog steeds leeft bij velen het idee dat we onze mensen in instellingen het beste beschermen door ze zo goed als mogelijk van de buitenwereld af te sluiten, alsof ‘niet ziek worden’ zoveel beter is dan die gedwongen eenzaamheid.

Ikzelf zou een andere koers willen varen …

Ik zou willen dat we met z’n allen weer leerden dat oud worden en ziek zijn en sterven bij het leven horen. Willen we voluit léven, dan moeten we risico’s durven lopen. In de bijbel staat het zo geschreven:

Wie van jullie kan met al zijn zorgen één el toevoegen aan zijn leven? (Mt. 6,27)

Als onze tijd gekomen is om dit leven te verlaten, dan zal dat gebeuren, of wij dat nu willen of niet. Het enige wat wij kunnen doen, is ervoor zorgen dat ons leven voor die tijd de moeite waard is geweest. En dus, ja, ik kies ervoor om me te engageren voor mijn medemens, ook al moet ik hem daarvoor nabij komen. Ja, ik kies ervoor om het risico te lopen ziek te worden, als het tegendeel mij zou belemmeren in mijn enthousiasme. En ja, ik vertrouw erop dat het Léven zelf mij de juiste weg wijst, van mijn geboorte af – door deze moeilijke tijden heen – tot ik uiteindelijk sterven moet. Ik besef dat, als ik wil léven, ik de dood in de ogen moet durven zien. Ik ben klein, ik ben zwak, ik ben eindig … en toch maak ik met mijn leven – als ik het aandurf, tenminste – een verschil. Als ik het aandurf, dan is het zoals Bram Vermeulen het zingt:

Ik heb een steen verlegd in een rivier op aarde.
Het water gaat er anders dan voorheen

omdat door het verleggen van die ene steen
de stroom nooit meer dezelfde weg kan gaan.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨