Een winterwandeling … als remedie tegen voorjaarsmoeheid

Heb jij dat ook, dat je er na de feestdagen niet meer echt helemaal bovenop geraakt? Er blijft wat vermoeidheid hangen, je geraakt niet op dreef, de fut is eruit … en dat blijft dan zo duren tot de lente eraan komt. Dan breekt de zon er wat meer door, het wordt ook al wat warmer en dat alleen al geeft nieuwe energie.

Winterblues! Voorjaarsmoeheid!!!

Misschien vraag jij je af waar die depressieve neigingen vandaan komen, elk jaar opnieuw in de late winter en het vroege voorjaar. Wel, daar is wel degelijk een verklaring voor:

  • In de winter eten we anders: Er komt minder rauwkost op tafel. We eten minder vers voedsel, en meer uit diepvries of blik of brik. Vaak eten we ook makkelijk wat moeilijker verteerbaar voedsel, zoals vlees of kaas of peulvruchten. Dat maakt dat er meer afvalstoffen geproduceerd worden bij het verteren en de stofwisseling. Een deel van dit teveel aan afvalstoffen, ook wel slakken genoemd, kan niet tijdig uitgescheiden worden en stapelt zich op in ons lichaam. En dat geeft op langere duur last.
  • We zien minder zon, en het is algemeen geweten dat zonlicht een positieve invloed heeft op ons humeur. Als de zon schijnt, kunnen we overal een beetje beter tegen … en als de zon alle dagen schijnt, wel, dan lijkt ons leven een heel pak rooskleuriger.
  • We komen minder buiten, en dat maakt dat we ook minder zuurstof binnen krijgen. Nu is zuurstof in zoveel processen in ons lichaam noodzakelijk. Het is dan ook niet moeilijk is dat we ons door een gebrek aan zuurstof minder fit gaan voelen.
  • En bovenop dit alles komt ook nog eens dat we wellicht minder in beweging zijn. Het werk in de tuin ligt stil, het ‘buitenpoetswerk’ is opgeschort tot in de lente, we gaan minder vaak wandelen of fietsen, … Nu is beweging van het allergrootste belang om de opruimcapaciteit van ons lichaam te verhogen. Bij beweging gaat ons bloed immers sneller stromen, en dus worden meer afvalstoffen uit het lichaam meegenomen, richting lever en nieren, die voor de uitscheiding van die stoffen zorgen.

Mijn remedie tegen winterblues en voorjaarsmoeheid?
MAAK GEREGELD EEN WINTERWANDELING!

Zo’n winterwandeling brengt je hele lichaam in beweging. Kleed je goed aan, aangepast aan de weersomstandigheden en trek erop uit, het liefst ergens de vrije natuur in. Het feit alleen al dat je je vier muren verlaat en de wijde wereld intrekt, maakt dat je humeur er stukken op vooruitgaat.

Maar er gebeurt meer op zo’n winterwandeling: Je bloed gaat feller stromen, door de beweging én door de kou. Je ademt dieper in en krijgt meer zuurstof binnen. Als er zon is, dan doet die op zich al zijn helende werk, en zelfs als er geen zon is, krijg je meer licht over je heen. En dat wordt dan letterlijk ‘licht in donkere dagen’.

Na een winterwandeling krijg je het lekker warm en word je ‘gezond moe’. Wist je dat je na zo’n wandeling ook beter en dieper slaapt? En dat juist die slaap ook weer een hele resem aan helende activiteiten in gang zet?

Het moge duidelijk zijn, een winterwandeling geeft, als je er goed op voorbereid bent, niets dan voordelen. Gewoon doen, dus, zou ik zeggen …

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Die goede voornemens …

’t Is weer eens de tijd van het jaar waarin talloze goede voornemens het licht zien. De een heeft er een heel lijstje van vol, de ander begint er gewoon niet meer aan, want … hoeveel goede voornemens zijn niet al van voor je eraan begint een verloren zaak?!?

En toch begint elke tocht op weg naar een gezonder en gelukkiger leven wellicht met goede voornemens. Vandaar mijn schrijven, deze keer – jawel, precies in deze tijd van het jaar! – om je toch een beetje op weg te helpen om er deze keer écht iets van te maken …

Enkele tips op een rijtje:

  • Veranderingen maak je best in kleine stapjes. Je hersenen én je body kunnen het niet aan om al te grote stappen ineens te zetten. Ze gaan dan als het ware protesteren. Ze boycotten jouw goede voornemen om het nu eens helemaal anders te gaan doen. Vandaar dus tip nummer één: kies uit jouw lijstje met goede voornemens er ééntje uit. Zoek exact dat ene ding dat je nu wil aanpakken en ga daarmee aan de slag.
  • Heb jij jouw éne goede voornemen gevonden? Neem het dan, voor je eraan begint, eens onder de loep. Is het een groot voornemen of eerder een kleintje? Hoe groot schat je jouw kans in om dit goede voornemen tot een succes te maken? Als dat minder dan 95% is, dan moet ik je tot mijn spijt meedelen dat het wellicht weer een mislukking zal worden. Maar misschien kun je dan dit ‘te grote voornemen’ opdelen in kleinere stapjes. Ga dan op 1 januari met het eerste van die stapjes aan de slag. En pas als dat eerste stapje echt een gewoonte is geworden, ga je voor een tweede luikje van dat ene goede voornemen. Wedden dat het je dan veel beter lukt?
  • Tip nummer twee: wees heel concreet bij het opstellen van je goede voornemen. Zeg niet: ‘Ik ga wat meer bewegen’ of ‘Ik ga wat minder snoepen’. Met dit soort uitspraken kun je jezelf immers blijven bedriegen. Want wat is ‘meer bewegen’ of ‘minder snoepen’? Meetbaar wordt het als je zegt: ‘Ik ga drie keer in de week een half uurtje wandelen’ of ‘Ik snoep alleen nog in het weekend’ of ‘Ik doe elke morgen voor ik ga douchen een vooraf bepaalde reeks stretchoefeningen’ of ‘Ik eet niks meer na het avondmaal’. Hoe concreter je voornemen, hoe makkelijker het wordt om het vol te houden. Juist omdat er geen grijze zone is, gaat het alarmbelletje makkelijker rinkelen.
  • Mijn volgende tip is er eentje om je zwakke kantjes een beetje te helpen omzeilen. Voel eens het verschil tussen de uitspraken: ‘Ik ga nooit meer alcohol drinken!’ en ‘Ik weet niet of ik ooit nog weer ga drinken, maar vandaag beslist niet!’
    Die eerste uitspraak klinkt wellicht ook voor jou ‘massaal’ en dus ga je van te voren al een beetje steigeren. Die tweede uitspraak lijkt veel makkelijker. De truc bestaat erin dat je elke dag opnieuw dat tweede voornemen maakt, tot het vanzelf een goede gewoonte is geworden.
  • En nu de ‘anti-perfectionistische-tip’. De grootste valkuil op weg naar een gezonder en gelukkiger leven is perfectionisme: ‘Als ik mij niet helemaal en altijd en voor de volle 100% aan mijn voornemen houd, dan is het een verloren zaak!’ Beter is het om mild te zijn met jezelf als je even struikelt. Goede gewoontes creëer je door, nadat je even van het pad bent afgeweken, zo vlug mogelijk weer op de kar te springen. Wacht niet tot maandag of tot de eerste van de volgende maand of tot het weer eens nieuwjaar wordt. Gestruikeld? Wees mild, vergeef het jezelf … en begin vandaag nog opnieuw!
  • En tot slot een allerlaatste tip: je hoeft niet te wachten tot nieuwjaar of je verjaardag of een andere bijzondere dag om met een goed voornemen van start te gaan. Bedenk wat je wil, maak het haalbaar en concreet … en begin er dan maar aan!

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Over 'Meneer doktoor' en soortgenoten …

Een beetje een vreemde foto hierboven, om je mee te nemen in een woordenspielerei rondom het woord ‘dokter’. Het is een foto van een Indiaanse Dream Catcher, een dromenvanger. En daarmee wil ik al direct de toon zetten van deze blog. Er is meer in het ‘land van genezen’ dan alleen wat wij in het Westen onder geneeskunde verstaan. Lees je even mee?

Meestal spreken wij over een dokter. Vroeger werd hij – ja, toen inderdaad meestal een man, nu vervrouwelijkt ook dat zorgende beroep steeds meer – met veel eerbied ‘meneer doktoor’ genoemd. Het woord ‘dokter’ en het woord ‘doctor’ zijn verwant met elkaar. Een ‘doctor’ is iemand die in een bepaald wetenschappelijk werkveld gedoctoreerd heeft. Dat wil zeggen dat hij of zij na een basisopleiding verder gestudeerd heeft en vaak ook onderzoekswerk verricht heeft om op die manier die hogere titel van ‘doctor’ te behalen. Zo heb je een doctor in de fysica, een doctor in wijsbegeerte en letteren, een doctor in de politieke wetenschappen … en een doctor in de geneeskunde. Die laatst noemen wij ‘dokter’, en eigenlijk zeggen we daarmee dat hij of zij iemand is die het menselijk lichaam heeft leren kennen in zijn gezonde en vooral ook in zijn zieke toestand. Zo iemand heeft langer gestudeerd dan normaal, zo’n zeven jaar of meer, om mensen te kunnen helpen als ze ziek zijn, en dat geeft hem of haar die titel van ‘dokter’.

Een ander woord voor dokter is ‘arts’. Het is een woord dat via het Duits en het Latijn uit het Grieks afkomstig is. Het betekent zoveel als ‘oppergeneesheer’, de hoogste geneesheer aan het hof. De ‘archiatros’ was diegene die leiding gaf over allen die in een bepaalde regio met geneeskunde bezig waren. Je zou het een beetje kunnen vergelijken met hoe bij ons zorgkundigen en verplegend personeel, de apotheker en de kinesist in een ziekenhuis, onder leiding van de arts, samen instaan voor de zieke mensen die hun zijn toevertrouwd.

Een volgende ronde rondom die ‘meneer doktoor’.

Een dokter is iemand die ‘geneeskunde’ of ‘medicijnen’ heeft gestudeerd. Dat laatste is overduidelijk waar. Onze huidige dokters worden opgeleid om met medicijnen, met medicamenten aan de slag te gaan. Zij leren de mens kennen, meer bepaald in alles wat hem kan mankeren. Zij leren ook de wereld van de medicijnen kennen, en da’s een gevaarlijke wereld, want de meeste van die medicamenten zijn in meerdere of mindere mate giftig. Zij die medicijnen studeren leren dus in gedoseerde mate vergif toe te dienen opdat de ziekmakende elementen – bacteriën, virussen, schimmels, … – eraan zouden sterven, zodat de patiënt weer gezond zou kunnen worden. Zij leren symptomen van ziekte bestrijden met medicamenten. En zo gebeurt het op vandaag meer en meer dat mensen vanaf een bepaalde leeftijd medicijnen beginnen te slikken, waar ze voor de rest van hun leven niet meer van af geraken. Deze mensen lijken dan gezond, … maar zijn ze dat wel?!?

Het woord ‘geneeskunde’ spreekt voor mij over veel meer dan alleen maar het toedienen van medicijnen. Het is de kunde, de kunst om mensen te genezen, om ze weer écht gezond te maken, dus … Daar hoort, naar mijn bescheiden mening, een gezonde levenswijze bij: gezonde voeding, een goede nachtrust, voldoende beweging (en nog het liefst in de vrije natuur), gezonde manieren om met stress om te gaan, … Daar horen ook ‘niet toxische’ behandelingen van klachten bij: dieptemassage of osteopathie bij pijnklachten, Bachbloesems bij emotionele overlast, homeopathie, zuiveringskuren, goed gekozen voedingssupplementen, …

Een laatste woord wil aan ik deze spielerei toevoegen: ‘heling’. Heling komt van ‘helen’, van ‘weer heel maken’. Het gaat om wat gebroken was en uiteengevallen weer samen te voegen en tot één geheel te maken. Mensen lopen doorheen hun leven nogal wat barsten en breuken op, en dat niet alleen op het fysieke vlak. Denk maar de aan breuken met mensen die je dierbaar waren. Denk ook aan breuken in je ziel toen je keuzes maakte, eerder uit winstbejag of maatschappelijk aanzien dan vanuit je eigen wezen en wat bij je paste. Ook dat soort barsten en breuken maken dat een mens onvoldaan in het leven staat … en meer dan eens is dat de dieperliggende oorzaak van zijn ziektes. Heling kan zorgen voor hernieuwde gezondheid als er verzoening komt met wat is geweest en als vanop dit punt van verzoening dan wel juiste keuzes worden gemaakt.

Het kan echter ook dat het met de fysieke gezondheid al zo ver ontspoord is, dat genezing niet meer mogelijk is. Ook daar kan heling echter nog heel veel in beweging zetten. Wat dacht je vb. van verzoening op het sterfbed, van uitspreken waar je meent te hebben gefaald in het leven, van het accepteren van een zegen over wie jij bent en wie je bent geweest. Vaak zetten mensen op het allerlaatst nog een bijzonder grote stap, een stap in zelfacceptatie. Zoals het is geweest, met alle butsen en builen, zo is het goed geweest. Ik kan in vrede sterven.

In een laatste alinea maak ik de kring rond. In het Westen hebben wij ‘geneeskunde’ al te zeer verengd tot alleen maar ‘medicijnen’. Als ik kijk naar de medicijnman van de Indianen en naar andere helers uit natuurvolkeren, dan zie ik dat ‘genezen’ uit zoveel meer bestaat dan ‘medicamenten’ alleen. Van de medicijnman wil ik leren dat ook de dromenvanger zijn plaats heeft in het hele plaatje …

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Kome wat komt …

Hij komt, hij komt,
die lieve goede Sint.
Mijn beste vrind, jouw beste vrind,
de vrind van ieder kind …

Weet je nog, toen je kind was, die weken en dagen net voor Sinterklaas. Bij mij begon de pret én het spanningsvol uitkijken al met de eerste reclameboekjes met Sinterklaasspeelgoed die lang van tevoren met de post mee thuis geleverd werden. Dagenlang konden mijn zussen, mijn broer en ik in die boekjes bladeren en dromen over wat we van de Sint allemaal graag hadden gekregen. Ik denk dat mijn lijstje bij momenten stond voor ettelijke duizenden franken.

En dan kwam die bewuste Sinterklaasavond … en was het uitkijken naar wat er uiteindelijk in je schoen terecht zou komen. Dat was lang niet alles wat op het verlanglijstje stond – ondertussen concreet gemaakt in een brief met uitgeknipte en opgeplakte prentjes uit de bewuste boekjes. Soms werd het zelfs iets helemaal anders dan waar ik van gedroomd had. En toch, altijd bleek dat wat ik kreeg iets was dat bij mij paste, iets waar ik blij mee was, iets waar ik iets aan had.

Weet je, zo is het met het leven ook …

Als ik terugkijk naar alle verlangens die ik ooit heb gehad, dan zie ik dat sommige daarvan gewoon werkelijkheid geworden zijn. Andere zijn dat juist niet, integendeel zelfs, er is niks van waar geworden. Nog andere verlangens kregen een heel andere invulling dan hoe ik het me voor ogen had gezien, maar achteraf moet ik toegeven dat de manier waarop die verlangens zich in mijn leven hebben gemanifesteerd, beter zijn uitgedraaid dan ik het zelf had kunnen verwezenlijken. Alsof het leven zelf het beter voor me wist dan ik dat deed …

Mag ik een vergelijking maken met die Sinterklaasboekjes van weleer om je te vertellen over de verlangens in het leven? Wel, het begint allemaal met durven dromen. Soms gaat dat vanzelf, soms heb je daar een beetje hulp bij nodig. Dat kan de reclame zijn die op je afkomt, dan kan een voorbeeld zijn van een belangrijk iemand in je leven, dat kan iets zijn wat je leest of leert op school of dat op welke manier dan ook op je pad komt. Hoe dan ook, op die manier kom je tot een ‘verlanglijstje voor jouw leven’.

En daar ga je dan voor. Sommige dingen worden je zomaar aangereikt. Voor andere doe je heel veel moeite, al dan niet met positief resultaat. Meer dan eens komt zelfs iets op je af dat je als ‘negatief’ ervaart: je vindt niet de job van je dromen, die partner van jouw blijkt niet de gedroomde prins op het witte paard, het kind waar je naar verlangde laat veel te lang op zich wachten, … Zo loutert het leven dat verlanglijstje van jou, tot uiteindelijk dat overblijft waarvan het leven zelf – of nee, het Léven, met grote L en met accent! – weet dat het jou zal geven waar je ten diepste naar verlangt.

Die loutering, die doet pijn! Het is niet leuk verlangens te moeten opgeven, het vraagt vaak worsteling los te laten wat blijkbaar niet voor jou is weggelegd. Als je echter dat schaafwerk laat gebeuren – en als je je wat meer laat leiden door wat het leven je aanreikt – dan kom je uiteindelijk tot die dingen die écht belangrijk zijn. Vaak zie je dan ook dat je eerste verlangens ofwel op een andere manier ingevuld zijn geraakt dan jij het voor je had gezien, ofwel helemaal niet hoefden waargemaakt om jou gelukkig te maken.

Eens je dat begint te zien, kun je de stap zetten van ‘Hij komt, hij komt’ naar ‘Kome wat komt …’ Het gaat erom te leren vertrouwen dat al wat jij op je levenspad voor de voeten krijgt, uiteindelijk goed voor je zal blijken te zijn. Het gaat er ook om te durven loslaten, niet langer grijpend in het leven te staan als wel ontvangend.

Een laatste mijmering hieromtrent …

Ik zie oude mensen die tevreden zijn. Het zijn die oude mensen bij wie je graag op bezoek gaat. Ze hebben niet alles gekregen wat ze wilden, ze hebben wel geleerd voluit te leven met wat ze kregen. Ik zie ook oude mensen die verbitterd zijn. Ze zijn blijven hangen aan wat ze hadden gewild, ze hebben niet geleerd te zien wat ze uiteindelijk wél hebben gekregen. Ze blijven vechten en wachten en hunkeren, ze zijn niet tot rust – tot berusting – gekomen. Als ik één verlangen voor mezelf voor mijn verdere toekomst mag verwoorden, dan is het dit: dat ik die weg mag gaan die mij toelaat om zo’n tevreden oude mens te worden.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Een nieuwe kijk op gezondheid

Onder deze titel wil ik vanaf januari 2020 vorming aan groepen aanbieden. Maar goed, misschien wil jij eerst wel eens weten wat ik bedoel met ‘Een nieuwe kijk op gezondheid’.

Wel … vandaag neem ik je mee op een trip doorheen een veranderend landschap van ziekte en gezondheid. De tijden veranderen, de ziektes veranderen, … en dus moeten ook de remedies mee veranderen, willen we gezondheid behouden of creëren.

Welvaart creëert nieuwe ziektes

Sinds het einde van de tweede wereldoorlog is de welvaart in de westerse landen fors de hoogte ingeschoten. En het dagelijks leven is in diezelfde mate veranderd. Wij kennen geen honger meer, we hebben comfortabele huizen, er bestaat een goed uitgebouwde ziektezorg … en ziektes die vroeger dodelijk waren, zijn ofwel uitgeroeid, ofwel heel sterk onder controle.

De beschikbaarheid van voldoende voedsel én een verbeterde hygiëne hebben gezorgd voor het stilletjes aan verdwijnen van heel wat infectieziektes. Moeders sterven minder in het kraambed omdat dokters hun handen wassen, goede voeding zorgt voor minder kindersterfte, en dus leven we globaal gezien langer.

De laatste 50 jaar zien we echter nieuwe ziektes ontstaan, ziektes die ik ‘leefstijlziektes’ zou willen noemen: obesitas (en dat zelfs al bij peuters!), diabetes type 2, hart- en vaatziekten, kanker, dementie in al zijn vormen, enz. Medicijnen lossen bij deze ziektes de problemen niet op. Ze onderdrukken alleen levenslang de symptomen … tot het lichaam echt niet meer kan, en het dan maar opgeeft, vaak na een lange lijdensweg.

Deze nieuwe ziektes dagen ons uit om een nieuwe kijk op gezondheid te ontwikkelen. Het wordt des te belangrijker om ons te gaan focussen op de oorzaken van deze ziektes. Als we kunnen achterhalen hoe deze ziektes ontstaan, dan kunnen we er pas écht iets aan gaan doen. En meer en meer artsen kijken inderdaad die kant uit. Allemaal komen ze op het spoor van de ‘leefstijlgeneeskunde’. Dan het gaat in wezen om ‘tevelen’ en ‘tekorten’: een te veel aan toxische stoffen en een tekort aan voedende stoffen, een te veel aan stress en een tekort aan echte ontspanning, een te veel aan zitten en een tekort aan beweging, …

Een nieuwe kijk op gezondheid … zal dus op je leefstijl moeten gaan focussen: Hoe kun je je lichaam (en dat van je naasten) geven wat het écht nodig heeft? En hoe kun je ‘detoxen’ van al die overload van ons moderne leven?

Niet alleen het lichaam, maar ook de geest

Tegelijk gaan we een stap verder, want in klassieke geneeskunde wordt nog altijd vooral het lichaam benaderd als ‘ziek en moet weer gezond worden’. Dat er ook een psyche bestaat, ja, dat hebben we al door … maar daarvoor moet je wel bij een heel bijzonder soort dokter langs: de psychiater! Dat lichaam en geest één zijn, dat heeft onze huidige klassieke medische wereld nog niet door.

Dat die ‘tekorten’ of ‘tevelen’ ook kunnen zorgen voor depressie en angststoornissen, voor ADHD of autisme, voor diep ongelukkig zijn en zelfs voor zelfmoordneigingen, … dat is nog geen gemeengoed.

Daarom moeten we ons bij de ‘nieuwe kijk op gezondheid’ niet alleen op het lichaam focussen, maar ook op de emoties, de gedachten en zelfs op het meest wezenlijke, nl. de zin van het leven.

Meer over deze vorming

Wil jij meer weten over deze vorming? Klik dan op deze link, en je komt op de juiste pagina op mijn website terecht. Daar lees je meer én je vindt er ook de praktische informatie om deze vorming voor jouw groep aan te vragen.

Ben jij een individu en je wilt er graag meer over weten, stuur dan een mailtje naar hilde@gezondheid-wijzer.com. Ik hou je op de hoogte van de data waarop ik zelf deze vorming aanbied.

Ziek, zieker, ziekst!

Ik stel je een vraag: ‘Wie is het meest ziek? Hij of zij die aan diabetes lijdt en trouw zijn medicijnen neemt, of veeleer hij of zij die ziek als een hond met de griep in bed ligt? Of nog, iemand die depressief is of iemand die aan astma lijdt? Of als je moest kiezen tussen hij of zij die aan een hartkwaal lijdt en hij of zij die opgesloten zit in het verdriet om het verlies van een kind?’

Misschien denk jij nu wel: ‘Wat een knettergekke vragen! Je kunt de ene ziekte toch niet zomaar tegen de andere afwegen. Trouwens, is dat niet eerder subjectief. Je bent zo ziek als jij je voelt!’

Wel, nee, dat is niet helemaal waar. De ene ziekte weegt wel degelijk zwaarder dan de andere. En het is niet altijd de ziekte die het meest ziek aanvoelt, die ook de ergste is. En juist daar wil ik met deze blog een beetje meer klaarheid in brengen.

Gezond is de mens die …

Ooit al eens bij die vraag stilgestaan?
Wie is gezond?
Of beter nog: Wat is het doel van gezondheid?

Je zou kunnen zeggen: ‘Gezond is de mens die vrij van pijn en zonder klachten is.’

Je zou echter nog een hele stap verder kunnen gaan, en zeggen: ‘Gezond is de mens die zonder pijn en zonder klachten is, en daarvoor geen medicijnen hoeft te nemen.’ Of nog: ‘Gezond is de mens die zijn dromen waar kan maken, en dat zonder daar belemmeringen door eigen beperkingen bij te ondervinden.’ Of weer een beetje anders: ‘Gezond is de mens die met al zijn capaciteiten kan bijdragen tot het geluk van zichzelf, van de mensen rondom en van de hele wereld.’

Dat laatste klinkt toch wel een beetje anders dan alleen maar vrij zijn van pijn en ongemakken, is het niet?

Acuut versus chronisch

Een acute ziekte kan je vellen, onverwacht en totaal. Denk maar aan een griep die op je valt en je à la minute het bed doet houden. Koorts en rillingen, zo slap als een vod, geen honger en geen zin om ook maar iets te doen.

Als iets ziek aanvoelt, dan is dát het wel. En toch is je lichaam op dat moment maar één stap verwijderd van gezondheid. Een acute ziekte is immers een ‘opruimactie’ van je lichaam. Misschien ging je een beetje te ver door en maakte vermoeidheid dat je minder weerbaar was tegen de ziekte. Misschien at je wat minder gezond, waardoor je lichaam een beetje te veel vervuild raakte. Of misschien was je gewoon eventjes iets minder vitaal, waardoor de ziekte je in zijn greep kon krijgen.

Het gevolg is dan een acute ziekte. Dan kan griep zijn, maar ook een verkoudheid, eventjes een felle diarree, al dan niet gepaard met misselijkheid en braken, of een eenmalige ontsteking van een gewricht die pijn geeft en je belemmert in je bewegingen.

Het beste wat je met zo’n ziekte kan doen is: rusten, vasten, je lichaam de tijd en de ruimte geven de ziekte zelf te bekampen. Laat je dat gebeuren, dan voel je je achteraf beter dan voordien: fitter, energieker, bevrijd van iets wat niet goed voelde.

Bij kinderen zie je dat het meest duidelijk: na elke kinderziekte – en wat is zo’n kinderziekte anders dan een acute ‘opruimactie’ – maken ze een groeispurt door. Plots kunnen ze iets wat ze voordien nog niet konden. Er is na de kinderziekte immers energie op overschot, energie die gebruikt kan worden om een verdere ontwikkeling aan te gaan.

Een chronische ziekte is heel anders van aard. Denk maar aan diabetes of aan een te hoge bloeddruk, al dan niet gepaard gaand met het dichtslibben van je slagaders, aan hoofdpijn die heel regelmatig terugkeert of aan een chronische ontsteking van één of meerdere gewrichten.

Een chronische ziekte is een ziekte die lang blijft duren of zelfs niet meer overgaat. Vaak krijg je dan voor de rest van je leven medicijnen te slikken, waardoor het wel weer lijkt te lukken. Je lijkt minder ziek dan bij een acute ziekte, maar in wezen ben je zwaarder ziek. De ziekte tekent immers je hele verdere leven.

Een rangorde vertelt je over de ernst van je ziekte

Jij bestaat uit één geheel, maar dat éne geheel kan wel in verschillende lagen opgesplitst worden. Jij bestaat voor een deel uit je fysieke lichaam, maar ook uit je emoties en je gedachten. En door dat alles heen spreekt wie jij in wezen bent.

Je zou jezelf dus kunnen opdelen in fysieke, emotionele, mentale en spirituele aspecten van jezelf. En in al die aspecten kun je gezond zijn of in mindere of meerdere mate ziek.

Wie spiritueel ziek is – geen zin meer in het leven ziet, geen liefde meer kan geven, noch ontvangen, niet meer gelooft in zijn waarde als mens – is het meest fundamenteel ziek. Wie alleen fysiek ziek is, heeft dan misschien wel last van zijn ziekte, maar kan nog zoveel betekenen, voor zichzelf, voor anderen en voor de wereld. Denk maar aan Beethoven die, doof geworden, nog zijn mooiste symfonieën schreef. Of aan Stephen Hawking die, gekluisterd aan zijn rolstoel en met behulp van spraaktechnologie, studenten rondom zich verzamelde en hen de wonderen van de kosmos openbaarde.

Je zou dus kunnen zeggen: Wie alleen fysiek ziek is, is het minste ziek. Wie emotioneel ziek is – van ontevredenheid over angst en verdriet naar depressie, al dan niet met zelfmoordneigingen – is meer ziek. Wie mentaal ziek is – van vergeetachtigheid over waanvoorstellingen en achtervolgingswaan tot volledige mentale verwarring (vb. dementie) -, gaat nog een stapje verder. En wie spiritueel ziek is, is het meeste ziek.

Binnen elk van die aspecten kunnen we weer een rangorde opstellen. Nemen we het fysieke aspect, dan is het duidelijk dat een ziekte aan de hersenen of het hart veel ernstiger is dan een ziekte aan een van beide longen of aan een van beide nieren. En dat is op zijn beurt weer ernstiger dan een kwaal aan één bot of één spier. Het minst ziek ben je als alleen je huid last heeft.

Ja, dat kan allemaal wel, maar wat is nu het nut van dit inzicht?

Dat is inderdaad de volgende en meest belangrijke vraag!
En om op die vraag een antwoord te geven, geef ik je een paar tips:

  • Ben je acuut ziek, prijs je dan gelukkig. Je bent op een haar na gezond! Het beste wat je nu kunt doen, is gewoon uitzieken. Wedden dat je je achteraf beter voelt dan voordien?
  • Word je chronisch ziek, ga dan niet zomaar akkoord met medicijnen die je voor de rest van je leven moet slikken. Ga na of een veranderingen van levensstijl – anders eten, meer ontspannen, meer bewegen, voldoende nachtrust, … – een verschil kunnen maken.
  • Moet je toch aan de medicijnen, ga dan na of je geen ‘ergere’ klachten ontwikkelt, vb. door de nevenwerkingen van bepaalde medicijnen. Is dat wel het geval, dan is het beste advies dat ik je kan geven: Ga op zoek naar een andere manier om met je klachten om te gaan. Want doe je dat niet, dan evolueert het vast van kwaad naar erger.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Geniet van de zon!

Daar is de lente, daar is de zon … bijna, maar ik denk dat ze weldra zal komen, zingt Jan De Wilde in zijn liedje. En inderdaad, als de eerste lentezon zich op het eind van de winter al vertoont, dan begint het bij mij te kriebelen. Dan zou ik zelf ook wel willen zingen … of in de tuin gaan werken … of een lange wandeling maken in de vrije natuur …

Want de zon geeft léven, de zon geeft nieuwe energie!

Het zonnevitamientje

Als wij in de zon komen met ontblote huid – en dan liefst niet preventief ingesmeerd met zonnebrandcrème – wordt in onze huid onder invloed van de zon vitamine D aangemaakt.

Vitamine D zorgt er niet alleen voor dat we ons beter gaan voelen en dat de winterblues plaats maakt voor lentekriebels, ze zorgt ook voor een goede werking van ons immuunsysteem, zodat we minder vlug ziek worden. Ze helpt de calciumspiegel in ons lichaam op peil te houden, zodat we sterke botten en sterke tanden behouden. Vitamine D draagt zorg voor een gezond hart, gezonde bloedvaten, gezonde hersenen en zenuwen, en helpt zelfs om een normale bloedsuikerspiegel en een normaal gewicht te behouden.

Als een beetje zonlicht op onze huid dat allemaal voor ons kan doen, dan zouden we ons naar buiten moeten haasten van zodra de zon ook maar een beetje om het hoekje komt piepen. Helaas, wij zitten te vaak en te veel binnen, en dat bevordert onze gezondheid niet.

Zonnebrand

Is de zon dan niet ook gevaarlijk voor ons? Moeten we ons niet dik, dik, dik insmeren tegen zonnebrand?

Wel, ja en nee … De zon kan gevaarlijk zijn, maar alleen als wij ‘onverstandig’ gaan zonnen. Veel meer dan gevaarlijk is de zon gezond voor ons. Zonder zonlicht kunnen wij niet leven. Maar daarover verder meer, eerst iets over ‘gezond zonnen’.

De zon is gevaarlijk … als wij onvoorbereid ineens in felle zon uren gaan liggen bakken. Je begrijpt dat jezelf laten verbranden geen goed idee kan zijn. Maar jezelf beschermen – of tenminste, denken dat je beschermd bent – met een zonnebrandcrème factor ik-weet-niet-hoeveel is ook niet gezond. De crème voorkomt dat je huid het te warm krijgt en verbrandt, maar de meest schadelijk stralen van de zon worden er niet door tegengehouden.

Beter is het de huid geleidelijk aan te laten wennen aan de zon. Dan krijg je beetje bij beetje een bruin kleurtje, en juist dat bruine kleurtje is je eigen natuurlijke bescherming tegen de zon. Stel je huid iedere keer het mooi weer is een beetje meer aan de zon bloot, en je lichaam zorgt zelf voor de beste bescherming die je kunt krijgen. Als je in de lente begint met regelmatig een uurtje ‘zonnen met blote armen en benen’, dan mag je in de zomer best wat langer in de zon.

De zon en het dag-en-nacht-ritme

Eén van de dingen die de zon – en het zonlicht, het daglicht – ook met je doet, is je ’s morgens wakker maken. Wie op een natuurlijke manier wakker wordt, gewekt door het licht, zal vanzelf makkelijker de dag beginnen. Evenzo zouden we vanzelf moe moeten worden als het daglicht vermindert. En daar gaat het in onze moderne tijden fout. Lang nadat de zon is ondergegaan, blijven wij wakker en alert … door het gebruikt van kunstlicht en blauw licht uit TV, computer, tablet, smartphone, …

Wie last heeft van vermoeidheid overdag zou het eens moeten proberen: laat je ’s morgens wekken door het daglicht en zorg ervoor dat ’s avonds het licht minder fel wordt. Vermijd vooral blauw licht, vanaf zo’n tweetal uur voor je gaat slapen. Laat geel licht – kaarslicht of gedempt licht – je helpen om de overgang van activiteit naar slaap te maken.

En er is meer: zonlicht moet je eten …

Dr. Henk Fransen, een Nederlandse arts die zwaar zieke mensen helpt gezonder te worden, beschrijft het als volgt: elke cel van ons lichaam heeft zonlicht nodig om zijn functies te kunnen uitvoeren. Een gezonde cel is een cel vol licht, een donkere cel is een zieke cel. Wil je gezond worden, voed dan je lichaamscellen met licht!

Klinkt gek, is het niet ?!?

Maar als je de man verder beluistert, dan besef je dat het in wezen heel eenvoudig is. Via de huid en ook via de ogen kunnen we het zonlicht rechtstreeks absorberen, dat is waar. Maar dat is onvoldoende om al onze cellen vol licht te krijgen. Om dat te laten gebeuren, moeten we zonlicht eten.

Jawel, zonlicht eten …

… en dat kan heel makkelijk, want planten zetten zonlicht om in voedsel dat wij kunnen eten. Denk maar aan de fotosynthese, waardoor groene bladgroenten ontstaan. Verse groeten en vers fruit bevatten ‘eetbaar zonlicht’ in alle kleuren van de regenboog. Zieke mensen hebben dus – naast de zon op hun huid – een overdosis aan verse groenten en fruit nodig, minstens een deel daarvan in de vorm van rauwkost.

En gezonde mensen … blijven gezond als ook zij hun cellen voeden met vers, door de natuur geproduceerd zonlicht!

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Wij zijn anders ziek dan de generaties voor ons

Er was een tijd …

Er was een tijd dat mensen nog stierven aan een gewone griep of aan een of andere kinderziekte. Er was een tijd dat moeders veelvuldig in het kraambed overleden. Er was een tijd waarin ondervoeding en een vervuilde leefomgeving mensen zo zwak maakte dat ze bezweken aan de geringste infectie.

In die tijd waren er twee grote oorzaken van het ziek worden en overlijden van mensen:

  • Er was het probleem van onvoldoende voedsel en vooral ook een te geringe variatie in voedingsmiddelen. Van de grote diversiteit aan vitamines, mineralen en andere gezondheid bevorderende stoffen in voeding wist men toen nog niks. Zo kon het gebeuren dat zeelieden stierven aan scheurbuik door een tekort aan vitamine C. Zo kon het ook gebeuren dat in Londen in de 18de en de 19de eeuw veel kinderen leden aan rachitis, een ziekte waarbij de beenderen in het lichaam te zwak waren en makkelijk bogen of braken. Rachitis ontstond door een tekort aan zonlicht en daardoor een gebrek aan vitamine D.
  • Er was ook het probleem van een gebrek aan hygiëne. In de middeleeuwen kon de pest uitbreken omdat mensen zich onvoldoende wasten en omdat ze het vuil gewoon open op straat lieten liggen. In vroegere tijden stierven ook veel vrouwen aan kraamvrouwenkoorts. In 1847 ontdekte dr. Semmelweis dat hygiënische maatregelen het aantal vrouwen dat stierf in het kraambed sterk naar beneden kon halen. Hij raadde dokters en vroedvrouwen aan de handen te desinfecteren voor elke hulp bij een geboorte. Hij werd erom uitgelachen en gek verklaard … en pas na zijn overlijden ging men inzien dat hij toch gelijk had.

… en daar ontstond onze huidige geneeskunde uit!

Er was dus een tijd dat onvoldoende gezonde voeding en een gebrek aan hygiëne voor de meeste overlijdens zorgden. Het was dan ook een zegen toen medicijnen als penicilline en antibiotica ontdekt werden. Het was tegelijk een zegen dat mensen van zuiver water en een meer gevarieerde voeding konden genieten. Dat heeft gemaakt dat de levensduur van mensen in stijgende lijn ging. Mensen leefden langer én bleven langer gezond.

Daar is onze huidige klassieke geneeskunde groot in geworden. Ze heeft het sterven aan eenvoudige infectieziektes zo goed als uit de wereld geholpen. En inderdaad, ook in landen uit de derde wereld gaat het de goede kant uit, zeker daar waar goede voeding en voldoende hygiëne ingang vinden.

Maar het tij keert …

Sinds de tweede helft van de vorige eeuw is echter een manier van leven ingezet, die leidt tot nieuwe ziektes. Voor het eerst in de geschiedenis kan de jongste generatie er niet van uitgaan langer en gezonder te zullen leven dan hun ouders en grootouders. En dat heeft alles te maken met onze manier van leven.

We eten (veel te) veel, we eten onnatuurlijk voedsel, we eten kant-en-klaar en dus onvoldoende vers. We wonen in goed geïsoleerde en sterk verwarmde ruimtes. Van onvoldoende hygiëne zijn we doorgeslagen in overdreven hygiëne, waardoor we te weinig weerstand opbouwen. Jan Modaal leeft vandaag luxueuzer dan koningen uit vroegere tijden. Obesitas, diabetes, intoleranties en allergieën, dementie, kanker en vele andere welvaartsziektes zijn het gevolg daarvan.

Tegelijk leven we in een wereld waarin alles altijd vlugger en heftiger en meer moet. We kennen geen rust meer, geen echte recuperatie, geen ‘terug-naar-de-bron’. In ons leven is hoe langer hoe minder stilte, hoe langer hoe minder lege tijd en niets doen. We gaan overkop aan de rush waarin we leven. Stress, depressie, burn-out, … zijn het resultaat hiervan.

Nieuwe ziektes vragen een andere aanpak

In de reguliere geneeskunde pakt men de symptomen van deze nieuwe ziektes aan met ‘oude’ medicijnen: antibiotica, ontstekingsremmers, pijn verdovende middelen, cholesterol verlagende middelen, diabetesmedicijnen, chemo- en radiotherapie, … Vaak zie je dat mensen deze medicijnen (te) regelmatig of zelfs blijvend moeten nemen. Dit  laatste toont dat alleen het ziektebeeld onderdrukt wordt, en de kwaal niet werkelijk genezen raakt.

Is het niet logisch dat ziektes die ontstaan door een ontspoorde levensstijl, ook door een verandering van die levensstijl genezen moeten worden? Is het niet logisch dat ziektes die ontstaan door te veel en ongezond eten, aangepakt moeten worden door de voeding in de juiste richting aan te passen? Is het niet logisch dat mensen met stress en depressie en burn-out beter gediend zouden zijn met een ‘terug-naar-de-natuur’ dan met verdovende en onderdrukkende medicijnen?

Deze ‘nieuwe ziektes’ vragen inderdaad om een andere aanpak. Ziektes die ontstaan door een leefstijl te ver van de natuur af, kun je het beste genezen door een terugkeer naar de natuur: gezonde voeding, voldoende beweging – liefst in de vrije natuur -, voldoende échte rust en ontspanning, plezier in de dingen die je doet, het volgen van jouw unieke levensweg.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

 

Op zoek naar psychisch welbevinden

Psychisch lijden, een complex gegeven

Wie zelf last heeft van psychisch lijden of wie wel vaker in contact komt met mensen die daar last van hebben, weten het wel. Psychisch lijden is een complex gegeven. De juiste remedie lijkt niet zomaar voor het grijpen te liggen. Een pilletje of een strategie die vandaag werkt, doet het morgen misschien niet meer.

In de natuurlijke gezondheidszorg is de werkwijze voor elke ziekte dezelfde: zoek de oorzaak van de kwaal en pak die aan en probeer tegelijk het zelfgenezend vermogen van de cliënt een boost te geven.

Het zelfgenezend vermogen van de cliënt een boost geven, dat kunnen we natuurlijk altijd doen. Maar het werkt vanzelfsprekend veel krachtiger als je hem kunt ondersteunen op net die plekken waar hij zwakker staat. En daar komt de zoektocht naar de oorzaak van ook de psychische klachten om het hoekje kijken.

Ik mag antidepressiva slikken zoveel als ik wil, als de klachten hun oorzaak vinden in voedingstekorten waardoor hersenen en zenuwen hun taak niet kunnen vervullen, dan helpt dat niet. Ik mag proberen wat ik wil, als wat dagelijks van mij gevraagd wordt mijn draagkracht overschrijdt, dan word ik ziek. Ik mag zo gezond leven als ik kan, als ik mijn diepste wezen negeer, dan blijft mijn psyche lijden.

Je begrijpt dat vanuit deze optiek psychisch lijden wat meer vraagt dan gewoon maar een pilletje. Je hebt iemand nodig die met je mee kan zoeken naar de oorzaken van je klachten. Want alleen als je de juiste oorzaken aanpakt, kan ook echte genezing volgen.

Het lichaam kan mankeren …

… en psychisch lijden kan een oorzaak vinden in dat niet optimaal functioneren van het lichaam. Wie voortdurend een tekort aan slaap heeft, raakt oververmoeid en kan depressief worden. Wie ongezond eet, belast niet alleen zijn lichaam maar – via hersenen en zenuwen – ook zijn psyche. En het is algemeen geweten dat beweging zoals wandelen of fietsen niet alleen het lichaam een betere conditie geeft, maar ook de mindset verbetert.

Een paar mogelijke oorzaken van dat lichamelijk mankeren wil ik nog even in de verf zetten:

  • We eten al tijdenlang vetarm en we mijden cholesterol als de pest. We zijn er niet magerder op geworden en ook het aantal hart- en vaatziekten is niet gedaald. We zijn er eigenlijk alleen maar zieker op geworden, ook wat betreft de psyche. Dementie, Alzheimer, multiple sclerose, … maar ook depressie, angststoornissen en andere vormen van psychisch lijden zijn toegenomen. Als je weet dat hersenen en zenuwen voor het grootste deel uit (gezonde) vetten bestaan en dat ze cholesterol nodig hebben om te kunnen functioneren, dan begrijp je ook dat vetarme voeding deze ziekten in de hand werkt. Om te overleven en gezond te blijven, hebben we absoluut gezonde vetten nodig!
  • Onze huidige westerse voeding met haar overvloed aan suiker en andere geraffineerde producten, de stress waarin wij dagelijks leven, de toxische stoffen waarmee we veelvuldig in contact komen, … zorgen voor een quasi voortdurende laaggradige ontsteking in onze weefsels. Die voortdurende lichte ontsteking van hersen- en zenuwweefsel kan absoluut mee oorzaak zijn van psychische klachten. Aanpassing van voeding en leefwijze kan dan ook sterke verbetering van psychisch lijden met zich meebrengen.
  • In hetzelfde rijtje verder kan ik noemen alle dingen waar jij allergisch of intolerant voor bent. Dat zijn immers dingen waar jouw immuunsysteem (terecht of onterecht) op reageert. Als jij intolerant bent voor, zeg maar: appel, dan aanziet jouw immuunsysteem bepaalde stoffen uit de appel als ‘gevaarlijk én dus nodig om te bestrijden’. Het hele apparaat van aanvallers en opruimers wordt in actie gezet … in ergens in dat proces wordt lichte ontsteking opgewekt. En die voortdurende lichte ontsteking, zo schreef ik al, kan psychische klachten veroorzaken.

Ondersteuning op emotioneel-mentaal vlak

Klachten van psychisch lijden kunnen ook simpelweg hun oorzaak vinden op het emotioneel-mentale niveau. Als ik denk dat de wereld rondom gevaarlijk is, dan wordt mijn basisemotie vanzelf angst. Als ik ervan uitga dat ik niet voldoe, zal ik me altijd zwak en aarzelend voelen, en ik zal me wellicht vastklampen aan die ander bij wie ik bevestiging zoek.

Voor al deze emotionele en mentale triggers van psychisch lijden kennen wij, consulenten natuurlijke gezondheidszorg, naast gesprek en een luisterend oor ook de Bachbloesems. Dr. Edward Bach ontdekte 38 bloesemremedies die elk bij een welbepaalde gemoedstoestand gebruikt kunnen worden. Het voordeel van de Bachbloesems is dat ze mogen ingenomen worden samen met medicijnen.

Daarnaast zijn er ook kruiden die ingezet kunnen worden. En eigenlijk zijn er twee grote categorieën van kruiden:

  • Je hebt kruiden die de psychische klachten zelf aanpakken. Kruiden dus, die ervoor zorgen dat je minder zenuwachtig bent of dat je beter slaapt of dat depressieve gevoelens minder worden.
  • Daarnaast zijn er ook kruiden die je draagkracht vergroten. We noemen ze ‘adaptogene kruiden’, waarmee we bedoelen dat ze je meer weerbaar maken tegen alles wat op je afkomt.

Ik noem deze kruiden hier niet bij naam, want je experimenteert er beter niet zomaar op eigen houtje mee. Kruiden kunnen bijvoorbeeld de medicatie die je neemt minder werkzaam maken of juist meer. Ze kunnen ook onderling wel of juist niet goed samengaan. Wil je met kruiden aan de slag om je psychische klachten te verzachten, zorg er dan voor dat je je laat begeleiden door iemand die weet wat hij doet.

And last but not least, je levensdoel onder de loep

Ik ben er heilig van overtuigd dat ieder van ons hier op aarde is met een doel. Een levensdoel, een roeping. Diep binnenin leeft een roep, een trekkracht naar wat jij in dit leven dient te verwezenlijken. Of dat levensdoel nu groot of klein is, doet er niet toe. Weet wel dat het past bij jou, en als je dingen doet die in de juiste richting gaan, dan voel jij je gelukkig. Dan leef je op, dan word je enthousiast!

Als je nu, om wat voor reden ook – angst, vlug rijk willen worden, eisen die anderen aan je stellen, … – te ver van je diepste wezen afwijkt, dan word je ongelukkig, dépri, ziek.

Vandaar mijn oproep, aan mezelf, aan jou, aan elke mens op deze wereldbol: ‘Zoek je eigen geluk- dat wat jou drijft in dit leven-, iedereen wordt daar beter van!’

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Blijf gezond: verhoog je weerstand!

De winter komt in zicht … en dus worden we weer van alle kanten uitgenodigd, aangemaand en soms zelfs bijna verplicht om ons te laten vaccineren tegen griep. Zelf doe ik dat niet, ik maak andere keuzes om ook tijdens het griepseizoen gezond te blijven. Eigenlijk gaat het erom dat ik probeer mijn natuurlijke weerstand te verhogen, waardoor ik ook in tijden van verkoudheid en griep mijn gezondheid behoud.

Hoe ik dat doe?
Wel, dat vertel ik je in wat volgt …

Maatregelen die gezondheid algemeen bevorderen

Gezonde voeding

Het allereerste wat je kunt doen om je gezondheid te verbeteren, is het kiezen voor volwaardige, verse voeding met vooral voldoende groenten en fruit. Op die manier krijg je dagelijks je portie vitamientjes, mineralen en fytonutriënten binnen. Dat laatste zijn kruidige stofjes uit planten die de gezondheid bevorderen. En geloof me maar, dat is al een ongelooflijk grote stap in het verbeteren van je immuniteit, in de volksmond ook ‘de weerstand’ genoemd.

Inzetten op ontspanning en voldoende slaap

Als je vervolgens beseft dat stress en overspanning je immuniteit een flinke knauw kunnen geven, dan begrijp je wel dat ontspanning en voldoende slaap een tweede factor zijn die de gezondheid een enorme boost kunnen geven.

Bouw in je leven dus voldoende mogelijkheden tot échte ontspanning in: regelmatig een wandeling in de natuur, het genieten van een hobby, het beoefenen van yoga of andere ontspanningsoefeningen, gebed en meditatie, … Je weerstand zal er wel bij varen.

Zorg ook voor voldoende slaap in een donkere, niet al te warme kamer. Doof alle beeldschermen (TV, computer en computerspelletjes, smartphone of GSM) één à twee uur voor het slapengaan. Dim dan tegelijk ook het licht, zodat je geleidelijk aan overgaat in slaapmodus. Dit laatste maakt dat je veel makkelijker inslaapt.

Voedingssupplementen en kruiden die de immuniteit verhogen

En dan zijn er nog een aantal voedingssupplementen en kruiden die de weerstand op een natuurlijke manier verhogen. Hieronder een paar tips:

  • Vitamine D is het ‘zonnevitamientje’. Je maakt onder invloed van het zonlicht zelf vitamine D aan in de huid. Als je dus in zonnige oorden woont en dan ook nog dagelijks buitenkomt en je huid aan de zon blootstelt, dan heb je aan deze vitamine wellicht geen gebrek. Maar ik woon – net als vele Nederlandstaligen – in minder zonnige oorden. Het is daarom ook van belang in de wintermaanden (dat zijn de maanden met een ‘r’ erin) extra vitamine D te nemen.
  • Vitamine C is vooral aan te raden bij chronische verzwakking van de weerstand. Ben je vaak (op het randje van) ziek, dan is dagelijks wat extra vitamine C een goeie zaak.
  • Vitamine A is dan weer de vitamine die van toepassing is bij acute kwesties. Neem  bij een acute infectie tijdelijk wat extra vitamine A om er vlug weer bovenop te geraken.
  • Verder zijn de mineralen zink en selenium van belang bij een verlaagde immuniteit.

Met bovenstaande tips heb je een basisformule om je algemene gezondheid ook in tijden van verminderde weerstand op peil te houden. Door jezelf op die manier sterk te maken, geef je bacteriën en virussen gewoon veel minder kans!

Tot slot zijn er ook nog wat geneeskrachtige planten en kruiden die je ter verhoging van de weerstand kunt nemen. Ik noem er een paar:

  • De medicinale paddenstoelen shiitake, maitake en reishi – liefst in gefermenteerde vorm – zijn waarschijnlijk de planten met de sterkste mogelijkheden om de immuniteit te verhogen. Zelfs bij kanker kun je er goede resultaten mee bekomen, en dat zegt al wel wat.
  • Ook katsklauw (Cats Claw) is een goeie, als je die tenminste in de juiste vorm te pakken krijgt. Katsklauw moet een hoog gehalte hebben aan werkzame stoffen (POA’s) en een laag gehalte aan onwerkzame stoffen (TOA’s).
  • Van knoflook weten we dat die de gezondheid bevordert. Nog sterker echter werkt gefermenteerde knoflook. Fermentatie zorgt ervoor dat de goede werking van knoflook sterker wordt en tegelijk worden een aantal minder goede kantjes van verse knoflook vermeden.
  • Spirulina en chlorella zijn twee algjes met een zeer brede werking op het vlak van zuivering van het lichaam en verhogen van de natuurlijke weerstand.
  • Vlierbessensiroop is er ééntje uit grootmoeders apotheek, en vooral bij griep en griepachtige klachten echt aan te raden.
  • Ook propolis en andere bijenproducten horen in wintertijden thuis in je huisapotheek. Bij klachten van keel en luchtwegen vallen ze zeker te overwegen.

Voilà, hiermee heb ik je een ‘eerste hulp bij verminderde weerstand’ aangeboden. Nog een allerlaatste tip: wacht niet tot de klachten beginnen, zorg dat je een en ander in huis hebt voordat het zover komt. Dan kun je bij de allereerste symptomen direct aan de slag!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

 

 

%d bloggers liken dit: