Een postzegel met daarop verschillende skeletten in beweging.

Over botten en gewrichten

Na een eerste blog over bewegen – Leven is bewegen – volgt een tweede, over botten en gewrichten, deze keer. Want ja, beide heb je nodig om te kunnen bewegen. Samen staan ze voor stevigheid en beweeglijkheid. Met botten alleen kom je er niet, want dan wordt stevigheid alleen maar star. Met gewrichten alleen kom je er niet, want dan wordt beweeglijkheid alleen maar flodderig. De combinatie van botten en gewrichten vormt een soepel maar stevig geheel, een beweeglijke stevigheid en een stevige beweeglijkheid.

Over botten …

Om te kunnen bewegen hebben we een skelet nodig, een structuur van botten die ons lichaam vorm en stevigheid geeft. Het menselijk skelet is zo gebouwd dat wij rechtop kunnen lopen, dat wij ons hoofd kunnen draaien en zo alle kanten uitkijken, dat wij onze handen kunnen gebruiken om aan handenarbeid te doen en nog zoveel meer.

Ons beenderstelsel heeft vijf belangrijke functies:

  • Structuur van het lichaam: Het skelet van mens of dier bepaalt de vorm van die mens of dat dier. Het is een geraamte waaraan spieren en organen zijn vastgemaakt, zodat elk deel in het lichaam op zijn juiste plaats blijft.
  • Opslag van mineralen en vetten: Onze botten bevatten een schat een mineralen. Omdat er in ons lichaam een voortdurend evenwicht moet zijn, worden die mineralen soms ingezet om tekorten elders in het lichaam aan te vullen. En het beenmerg bestaat uit vetten, en die vormen dan weer een energiereserve voor moeilijke tijden.
  • Vorming van bloedcellen: Een heel bijzondere taak van het beenmerg is de vorming van rode en witte bloedcellen en van allerlei andere onderdelen van ons bloed.
  • Bescherming van zachte weefsels en organen: Twee belangrijke voorbeelden daarvan zijn onze schedel, die de hersenen beschermt, en onze borstkas, een structuur van allerlei botten die het hart en de longen beschermen.
  • En tot slot, bewegen.

Osteoporose

Eén van de belangrijkste ‘ziekten’ van het skelet is osteoporose of botontkalking. Net zoals in het hele lichaam worden in de botten oude cellen afgebroken en nieuwe cellen opgebouwd. Als er evenwicht is tussen beide, dan blijft het skelet stevig, robuust, betrouwbaar. Als er meer cellen worden afgebroken dan er worden opgebouwd, wordt het skelet broos en breekbaar. Dat laatste gebeurt vanzelf bij het ouder worden. Op oudere leeftijd kan het skelet zo broos worden, dat het bijna vanzelf breekt.

Heb je last van osteoporose, dan krijg je wellicht van je huisarts calciumtabletten. Jammer genoeg doen die klassieke calciumtabletten niet zo heel erg veel. Dat is in de eerste plaats zo omdat meestal de goedkoopste vorm van calcium wordt voorgeschreven, nl. calciumcarbonaat. Die vorm van calcium wordt maar heel moeizaam in het lichaam opgenomen. Je kunt bij wijze van spreken net zo goed op een krijtje gaan kauwen. Wil je dus goed resultaat halen, dan is het van belang om een goed opneembare vorm van calcium in te nemen.

Vervolgens is er het rare gegeven dat mensen soms tegelijk osteoporose (botontkalking) en artherosclerose (aderverkalking) hebben. Er is dus wel degelijk kalk in het lichaam aanwezig, maar het zit op de verkeerde plek. Daar komen enkele vitamines bij kijken. Om mineralen in het lichaam op te nemen, hebben we voldoende vitamine D nodig. Vitamine D brengt de calcium uit het spijsverteringskanaal in de bloedbaan. Echter, als de calcium in de bloedbaan blijft, ontstaat het gevaar voor artherosclerose. Er is een tweede vitamine nodig om de calcium uit de bloed in de botten te krijgen en dat is vitamine K.

En tot slot is er niet alleen calcium nodig om gezonde botten op te bouwen, maar ook voldoende magnesium en liefst niet al te veel fosfor (volop aanwezig in onze frisdranken en in onze bewerkte vleeswaren). Enkel en alleen inzetten op een slecht opneembare vorm van calcium zal dus weinig zoden aan de dijk zetten. Een goed preparaat bij osteoporose is Osteoton Forte van Mannavital. Het mag dan al wat duurder zijn dan de klassieke kalktabletten, het zal een wezenlijk verschil maken in het tegengaan van steeds verdergaande osteoporose.

En vervolgens zijn ook voedings- en leefstijladviezen van belang:

  • Het belang van blijvende lichaamsbeweging: Wat je niet gebruikt, gaat verloren. Dat is ook zo als het gaat om je skelet. Dagelijkse matige tot intensieve lichaamsbeweging verhoogt de botdichtheid met gemiddeld 30%. Dat is heel wat, en als je daar vroeg genoeg mee begint, kun je osteoporose op latere leeftijd sterk verminderen.
  • Het belang van de blootstelling aan zonlicht: Vitamine D is de zonnevitamine. Je maakt ze zelf in je lichaam aan als je je blootstelt aan zonlicht. Een kwartiertje zonlicht op het midden van de dag op je blote (onbeschermde) huid maakt al een heel verschil. Je hoeft er echt niet uren voor te liggen bakken.
  • Te vermijden:
    • Geraffineerde suikers in snoep, gebak, chocolade.
    • Te veel dierlijke voeding en te weinig plantaardige voeding.
    • Te veel fosfor in de voeding: charcuterie, frisdranken.
    • Tabak, te veel alcohol, te veel cafeïne.
  • Toe te voegen:
    • Voeding met magnesium uit verse groenten en fruit, peulvruchten, noten, vis en zeevoedsel.
    • Vitamine D: olijfolie, vette vissoorten.
    • Vitamine K: gefermenteerde melkproducten zoals yoghurt, kefir of kwark, en ook kaas, boter, eieren.
    • Bio groenten en ongeschild fruit: bevatten vele soorten mineralen en sporenelementen die mee de botmatrix opbouwen.

… en gewrichten

Zorgen de botten voor structuur, dan zorgen de gewrichten voor plooibaarheid. Wij kunnen ons niet zoals een slang elke richting uit bewegen. We zijn gebonden aan wat onze gewrichten toelaten. Als je even je lichaam gaat ‘uitproberen’, dan zul je merken dat er verschillende soorten gewrichten zijn. Je vingerkootjes, bijvoorbeeld, kunnen maar in één richting buigen, maar het gewricht waarmee de vinger aan de hand vastzit, kan veel meer kanten uit. Je kunt met dat gewricht een draaibeweging maken. Wat dat gewricht niet kan, is  naar achter overplooien. Dat laatste kun je met je pols wel doen. Met je pols kun je een volledige draaibeweging maken. Al naar gelang het gewricht is er dus meer of minder beweging mogelijk.

De gewrichten kennen twee heel belangrijke ziektes: artritis en artrose.

Artritis

Artritis is de ontsteking van een gewricht. Er ontstaat pijn, roodheid, zwelling, warmte en stijfheid. Bewegen wordt moeilijker, en vooral het in beweging komen is bij artritis heel erg pijnlijk. Eens je in beweging bent, beter het wel weer wat. De ontsteking kan het gevolg zijn van een bacteriële of virale infectie, maar ook van een te sterke vervuiling in je lichaam. Als er meer toxische en verzurende stoffen je lichaam binnenkomen dan er weer uitgescheiden worden, stapelen die stoffen zich vaak in je de gewrichten op. Daar zorgen ze dan voor ontsteking. En tenslotte kan het ook gaan om een auto-immuunziekte. Dan vallen je eigen immuun-cellen je kraakbeen aan alsof het vijandelijke indringers zou bevatten.

Bij artritis is het dus vaak kwestie van je lichaam eens grondig te zuiveren. Dan zorg je er eerst en vooral voor dat er zo weinig mogelijk belastende stoffen binnenkomen.

Vermijd volgende zaken:

  • Geraffineerde suikers in snoep, koek, chocolade, frisdranken, …
  • Witmeelproducten.
  • Koffie, alcohol, zwarte thee.
  • Slechte vetten, in het bijzonder transvetten (ontstaan door sterke verhitting van oliën) en te veel omega 6-vetzuren.
  • Te veel vlees, en zeker de bewerkte vleeswaren.
  • Geconserveerde voeding, voeding met daarin bewaarmiddelen, kleurstoffen, geur- en smaakstoffen.
  • Koemelkproducten, behalve zure zuivel, zoals yoghurt, kwark, kefir.
  • Vruchtensappen.
  • Elke voeding waarvoor jij een allergie of intolerantie hebt.

En vervolgens stimuleer je de zuiverings- en uitscheidingsorganen om zoveel mogelijk afvalstoffen te verwijderen. Daartoe zijn aan te raden:

  • Een vastenkuur, sapvastenkuur of Mayr-kuur onder begeleiding van een gezondheidsbegeleider met kennis van zaken.
  • Evenwicht in de voeding door te letten op het zuur-basen evenwicht. Met andere woorden: eet meer groenten en fruit, en minder vlees, vis, kaas, granen.
  • Kies voor kwaliteitsvoedsel: vers, biologisch, recht uit de natuur.
  • Eet enkel op de daartoe voorziene tijdstippen: ontbijt, middagmaal, een niet al te laat avondmaal.
  • Voldoende slaap, want het ontgiften en de ontzuring van het lichaam gebeurt vooral tijdens de nachtrust.
  • Een lichaamsmassage helpt de vastzittende kristallen weer de bloedbaan in, zodat ze uitgescheiden kunnen worden.

Heb je regelmatig last van artritis, zoek dan een goede gezondheidsprofessional die je hierin kan begeleiding. Het is immers niet zo makkelijk om te weten wat je in dit geval beter wel of niet kan eten.

Artrose

Bij artrose gaat het om slijtage van het gewricht. Het kraakbeen is geheel of gedeeltelijk weggesleten en de beweging doet pijn. Hoe langer en hoe meer je beweegt, hoe meer pijn er ontstaan. Daar ligt ook het typische verschil tussen artritis en artrose: bij artritis heb je vooral pijn bij het in beweging komen, bij artrose wordt de pijn erger naarmate je meer of langer beweegt. De klachten van artrose nemen toe met de leeftijd.

De voedingsadviezen die hierboven gegeven zijn, kunnen ook dienst bewijzen bij artrose. Verder zijn ook belangrijk:

  • Vermijd zoveel mogelijk de klassieke pijnmedicatie. Die verlicht wel de pijn, maar breekt tegelijk het nog aanwezige kraakbeen verder af.
  • Blijf bewegen, echter zonder te overdrijven. Als je blijft bewegen, komt er regelmatig nieuw gewrichtssmeersel in het gewricht, en dat voedt het kraakbeen.
  • Een lichaamsmassage kan de overdreven druk van de spieren op het aangetaste gewricht verminderen. Daardoor vermindert vanzelf ook de pijn.
  • Bij overgewicht is vermageren sterk aan te raden. Immers, elke kilo van je lichaamsgewicht moet door je voeten en je knieën elk moment van de dag meegedragen worden.

Een goed preparaat, zowel bij artritis als bij artrose is Cartilaton van Mannavital. Het bevat zowel stoffen die de ontsteking tegengaan als stoffen die het gewrichtskraakbeen opnieuw opbouwen. Dat laatste is vanzelfsprekend een werk van langere duur. Zelf heb ik dit preparaat altijd in huis. Als er gewrichtspijn begint, dan neem ik de maximaal toegelaten dosis. Verdwijnt de pijn, dan verminder ik het aantal tabletten, tot ik weer helemaal zonder kan. Op die manier hou ik mijn gewrichten pijnvrij en gezond.

In een volgende blog lees je meer over spieren en pezen, allebei ook noodzakelijk om te kunnen bewegen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Een mistig landschap in het najaar

Het ‘vitamine D-seizoen’ komt eraan!

Vitamine D, een zonnevitamine

De meeste vitamines krijgen wij via onze voeding binnen. Met vitamine D ligt dat een beetje anders. Je kunt veel vette vis eten, zoals zalm en sardines en makreel en haring, en dat helpt al een beetje. Vitamine D zit in de vetten van deze vissen. Denk maar aan die vieze levertraan van vroeger. Je kunt ook grijpen naar eieren, boter, melk en kaas, want ook daar zit een klein beetje vitamine D in. En toch kan dat alles niet tippen aan de hoeveelheid vitamine D die we onder invloed van direct zonlicht aanmaken in onze huid. Willen we voldoende vitamine D aanmaken om gezond te blijven, dan moeten we met z’n allen aan de evenaar gaan wonen. In de zomer hebben we misschien net voldoende vitamine D ter beschikking, op voorwaarde dat we op het middaguur minstens een half uur in de zon komen met nogal wat ontblote huid en zonder zonnebrandcrème. Een andere optie is het om – misschien wel het hele jaar door, maar zeker tijdens de wintermaanden – een goed vitamine D3 supplement te nemen.

Vitamine D3 en sterke botten

Vitamine D3 speelt een heel belangrijke rol in de calciumopname, en is dus van levensbelang voor sterke botten, sterke tanden en goed werkende spieren. Voor goede botten en tanden en voor goed functionerende spieren zijn in gelijke mate voldoende calcium en voldoende magnesium nodig. Om de calcium uit onze voeding op de juiste plaatsen te krijgen, hebben we twee vitamines nodig. Vitamine D3 haalt calcium uit de voeding en brengt die in het bloed, en dat is alvast het halve werk.

Maar misschien hoorde je al van mensen die tegelijk osteoporose of botontkalking hebben én atherosclerose of aderverkalking (in wezen gaat het om slagaderverkalking). Dat zijn de mensen die wellicht wel vitamine D3 nemen, maar niet die andere o zo belangrijke vitamine. Wat deze mensen nodig hebben, bovenop vitamine D3, dat is vitamine K2. Deze laatste doet het vervolgtransport: ze haalt de calcium uit het bloed en brengt die naar de botten, de tanden, de spieren en overal waar calcium nog nodig mocht zijn. Vitamine K2 wordt enerzijds aangemaakt in onze darmen door goede darmbacteriën en anderzijds vinden we ze vooral in gefermenteerde voedingsmiddelen, zoals zuurkool of yoghurt en kwark. Bij neiging tot atherosclerose is wellicht ook een supplement nodig.

Vitamine D3 als regulator

Vitamine D3 reguleert in ons lichaam heel wat processen. Deze vitamine heeft invloed op het hartritme, de bloeddruk, de bloedviscositeit (ofte het al dan niet stroperig worden van ons bloed), de bloedsuikerspiegel, het zenuwstelsel en zelfs de celgroei. Dat betekent dat vitamine D3 een rol speelt in het vermijden van hart- en vaatziekten, diabetes, ziekten van de hersenen en de zenuwen – van zenuwachtigheid, prikkelbaarheid en depressiviteit tot dementie, multiple sclerose en de ziekte van Parkinson – en zelfs kanker. Tel daarbij nog de rol van vitamine D3 in het vermijden van osteoporose, cariës en tanduitval én spierzwakte en je begrijpt hoe belangrijk een goede Vitamine D status in je lichaam is.

Vitamine D3 en het immuunsysteem

De vitamine die we vandaag onder de loep nemen is ook nog eens van onmisbaar belang voor een goed werkend immuunsysteem en wel op twee fronten tegelijk:

  • Vitamine D3 hebben we absoluut nodig in de preventie en de aanpak van winterse infecties, zoals verkoudheid en griep, maar ook COVID in al zijn varianten. Indien nodig stimuleert vitamine D3 ons immuunsysteem, zodat het vreemde indringers te lijf kan gaan. Bij voldoende voorraad gaat dat vaak zelfs zonder dat wij symptomen vertonen bij een eventuele besmetting. En worden we toch ziek, dan ondersteunt vitamine D3 ons immuunsysteem om de ziekmaker efficiënt te bestrijden.
  • Maar vitamine D3 doet meer. Ze is immers ook op dit front een regulator. We zagen het bij COVID en we zien ook bij het ontstaan van allergieën en auto-immuunziektes: ons immuunsysteem kan ook te alert zijn en blijven doorgaan met aanvallen, ook waar dat niet langer nodig is. Bij COVID kregen we de cytokinestorm, en mensen stierven aan een overactiviteit van het immuunsysteem. Hetzelfde gebeurt eigenlijk bij allergie en auto-immuunziektes: ons immuunsysteem ziet overal vijanden, ook waar die er eigenlijk niet zijn. En het valt maar aan, zonder ophouden. Gevolg: we hebben voortdurend last van steeds zwaardere symptomen en we worden ziek door uitputting (want ons immuunsysteem is een duur systeem, het vraag heel veel energie). Vitamine D3 is bij wijze van spreken niet alleen de ‘aan’-knop van ons immuunsysteem, maar ook de ‘off’-knop, en die is minstens even belangrijk.

… en dus, een supplement!

Een goed vitamine D3 supplement kun je veilig het hele jaar door nemen in een hoeveelheid van 2000 IU (International Units, of in het Nederlands: Internationale Eenheden en dus IE) per dag. Dat is een goede basismaatregel en kan zonder medisch toezicht genomen worden.

Heb je echter klachten zoals hierboven beschreven, vraag dan misschien eens aan je huisarts om de vitamine D-status van je bloed na te gaan. Orthomoleculair wordt aangenomen dat je minimaal 75 nmol vitamine D per liter bloed zou moeten hebben om gezond te kunnen functioneren. Optimaal is een bloedspiegel tussen 75 nmol/L en 150 nmol/L. Je huisarts zal wellicht al tevreden zijn vanaf 30 nmol/L, en misschien heb jij nog minder dan dat. Met zo’n lage bloedspiegel van vitamine D kun je echter onmogelijk optimaal functioneren. Vraag dan aan je huisarts beslist naar extra vitamine D3, of laat je bijstaan door iemand die orthomoleculair geschoold is. Je kunt er veel leed mee voorkomen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Geniet van de zon!

Daar is de lente, daar is de zon … bijna, maar ik denk dat ze weldra zal komen, zingt Jan De Wilde in zijn liedje. En inderdaad, als de eerste lentezon zich op het eind van de winter al vertoont, dan begint het bij mij te kriebelen. Dan zou ik zelf ook wel willen zingen … of in de tuin gaan werken … of een lange wandeling maken in de vrije natuur …

Want de zon geeft léven, de zon geeft nieuwe energie!

Het zonnevitamientje

Als wij in de zon komen met ontblote huid – en dan liefst niet preventief ingesmeerd met zonnebrandcrème – wordt in onze huid onder invloed van de zon vitamine D aangemaakt.

Vitamine D zorgt er niet alleen voor dat we ons beter gaan voelen en dat de winterblues plaats maakt voor lentekriebels, ze zorgt ook voor een goede werking van ons immuunsysteem, zodat we minder vlug ziek worden. Ze helpt de calciumspiegel in ons lichaam op peil te houden, zodat we sterke botten en sterke tanden behouden. Vitamine D draagt zorg voor een gezond hart, gezonde bloedvaten, gezonde hersenen en zenuwen, en helpt zelfs om een normale bloedsuikerspiegel en een normaal gewicht te behouden.

Als een beetje zonlicht op onze huid dat allemaal voor ons kan doen, dan zouden we ons naar buiten moeten haasten van zodra de zon ook maar een beetje om het hoekje komt piepen. Helaas, wij zitten te vaak en te veel binnen, en dat bevordert onze gezondheid niet.

Zonnebrand

Is de zon dan niet ook gevaarlijk voor ons? Moeten we ons niet dik, dik, dik insmeren tegen zonnebrand?

Wel, ja en nee … De zon kan gevaarlijk zijn, maar alleen als wij ‘onverstandig’ gaan zonnen. Veel meer dan gevaarlijk is de zon gezond voor ons. Zonder zonlicht kunnen wij niet leven. Maar daarover verder meer, eerst iets over ‘gezond zonnen’.

De zon is gevaarlijk … als wij onvoorbereid ineens in felle zon uren gaan liggen bakken. Je begrijpt dat jezelf laten verbranden geen goed idee kan zijn. Maar jezelf beschermen – of tenminste, denken dat je beschermd bent – met een zonnebrandcrème factor ik-weet-niet-hoeveel is ook niet gezond. De crème voorkomt dat je huid het te warm krijgt en verbrandt, maar de meest schadelijk stralen van de zon worden er niet door tegengehouden.

Beter is het de huid geleidelijk aan te laten wennen aan de zon. Dan krijg je beetje bij beetje een bruin kleurtje, en juist dat bruine kleurtje is je eigen natuurlijke bescherming tegen de zon. Stel je huid iedere keer het mooi weer is een beetje meer aan de zon bloot, en je lichaam zorgt zelf voor de beste bescherming die je kunt krijgen. Als je in de lente begint met regelmatig een uurtje ‘zonnen met blote armen en benen’, dan mag je in de zomer best wat langer in de zon.

De zon en het dag-en-nacht-ritme

Eén van de dingen die de zon – en het zonlicht, het daglicht – ook met je doet, is je ’s morgens wakker maken. Wie op een natuurlijke manier wakker wordt, gewekt door het licht, zal vanzelf makkelijker de dag beginnen. Evenzo zouden we vanzelf moe moeten worden als het daglicht vermindert. En daar gaat het in onze moderne tijden fout. Lang nadat de zon is ondergegaan, blijven wij wakker en alert … door het gebruikt van kunstlicht en blauw licht uit TV, computer, tablet, smartphone, …

Wie last heeft van vermoeidheid overdag zou het eens moeten proberen: laat je ’s morgens wekken door het daglicht en zorg ervoor dat ’s avonds het licht minder fel wordt. Vermijd vooral blauw licht, vanaf zo’n tweetal uur voor je gaat slapen. Laat geel licht – kaarslicht of gedempt licht – je helpen om de overgang van activiteit naar slaap te maken.

En er is meer: zonlicht moet je eten …

Dr. Henk Fransen, een Nederlandse arts die zwaar zieke mensen helpt gezonder te worden, beschrijft het als volgt: elke cel van ons lichaam heeft zonlicht nodig om zijn functies te kunnen uitvoeren. Een gezonde cel is een cel vol licht, een donkere cel is een zieke cel. Wil je gezond worden, voed dan je lichaamscellen met licht!

Klinkt gek, is het niet ?!?

Maar als je de man verder beluistert, dan besef je dat het in wezen heel eenvoudig is. Via de huid en ook via de ogen kunnen we het zonlicht rechtstreeks absorberen, dat is waar. Maar dat is onvoldoende om al onze cellen vol licht te krijgen. Om dat te laten gebeuren, moeten we zonlicht eten.

Jawel, zonlicht eten …

… en dat kan heel makkelijk, want planten zetten zonlicht om in voedsel dat wij kunnen eten. Denk maar aan de fotosynthese, waardoor groene bladgroenten ontstaan. Verse groeten en vers fruit bevatten ‘eetbaar zonlicht’ in alle kleuren van de regenboog. Zieke mensen hebben dus – naast de zon op hun huid – een overdosis aan verse groenten en fruit nodig, minstens een deel daarvan in de vorm van rauwkost.

En gezonde mensen … blijven gezond als ook zij hun cellen voeden met vers, door de natuur geproduceerd zonlicht!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Melk … is toch niet zo goed voor elk!

Wij leerden het in onze jeugd: Melk is goed voor elk!

Elke dag een paar glazen melk waren goed voor de calcium. Het zou je op latere leeftijd behoeden tegen osteoporose, en dus moest je elke dag melk drinken. Op school werd voor zij die dat wilden in de pauze zelfs melk of chocomelk voorzien. Een kwestie van kinderen gezonde keuzes te leren maken …

De wetenschap over melk en calcium

Vandaag wijzen wetenschappelijke studies uit dat het verhaal van de melk en de calcium niet helemaal klopt. In melk zit inderdaad heel wat calcium, maar de verhouding tussen calcium en fosfor is in melk niet optimaal. Dat geeft als resultaat dat de calcium uit melk amper in het lichaam opgenomen wordt. De calcium uit melk wordt ingezet om het teveel aan fosfor te neutraliseren.

Diezelfde wetenschappelijke studies wijzen uit dat in landen waar de meeste melk gedronken wordt, ook het meest osteoporose voorkomt. In landen waar melk nooit op het menu staat, worden mensen oud zonder het risico op heupfracturen en andere spontane breuken die zo eigen zijn aan osteoporose. Nu geef ik toe dat wellicht niet alleen de consumptie van melk een rol zal spelen. Wellicht eten mensen in de landen waar geen melk gedronken wordt, ook minder suiker of witmeelproducten. En die laatste spelen in dit verhaal zeker ook een rol.

Om osteoporose te voorkomen kun je veel beter grijpen naar noten en zaden, en in het bijzonder naar amandelen of sesamzaad. Die bevatten goed opneembare calcium en ze zorgen tegelijk voor een verzadigd gevoel, waardoor je minder vlug gaat grijpen naar een zoete snack, die calcium uit je lichaam rooft.

Over lactose-intolerantie en koemelkallergie

Meer en meer horen we over mensen die melk en melkproducten helemaal niet goed verdragen. Bij lactose-intolerantie gaat het over een niet goed verteren van lactose, de suikers uit de melk. Bij koemelkallergie gaat het om een allergie tegen caseïne, de eiwitten uit de melk.

Beide kunnen verschillende vormen van last geven, van winderigheid en buikkrampen tot pijnen her en der in het lichaam, onverklaarbare vermoeidheid, schildklier- en andere hormonale problemen. Als je last krijgt van klachten waar je arts geen verklaring voor heeft, kan ik je alleen maar aanraden om eens een maand lang helemaal niks met melk of melkproducten te gebruiken en tegelijk ook gluten bevattende granen te laten. Als de klachten niet verbeteren, dan ligt het niet aan de melk, noch aan de granen. Als ze dat wel doen, dan weet je gelijk waar de boosdoener zit!

Melk en eczeem

Bij wie melk niet helemaal goed verteert, zoals bij mensen met koemelkallergie, kunnen de klachten zich makkelijk uiten op de huid. De huid gaat ontsteken, en zo ontstaat eczeem. Dat zie je vooral gebeuren bij zuigelingen, maar het gebeurt ook bij oudere kinderen en zelfs bij volwassenen. Zie je eczeem of soortgelijke huidklachten ontstaan, denk dan zeker ook aan melk.

Vaak kunnen mensen met huidklachten wel zure melk zoals karnemelk of yoghurt of kwark of kefir verdragen. Bij gewone melk en bij kazen gaat het makkelijker fout. Ook de hoeveelheid melkproducten die je gebruikt, speelt een rol. Hier is het de kunst om individueel uit te proberen wat wel nog kan en wat niet meer.

Melk en astma

Een ander probleem met melk is dat het heel veel slijmen geeft. Dat merk je al als je een glas melk drinkt. De kans is groot dat je daarna een wat slijmerig gevoel in de mond of in de keel krijgt.

Melk vermijden kan dus verlichting geven bij alle kwalen van de luchtwegen. Bij astma is dat zelfs nog sterker. Astma is eigenlijk een overgevoeligheid van de luchtwegen. Iets lokt een astma-aanval uit en dat zorgt voor een vernauwing van de kleinere luchtwegen. Het spreekt vanzelf dat dit het ademen bemoeilijkt. Slijmen die ontstaan bij het drinken van melk kunnen enerzijds zo’n aanval uitlokken, en anderzijds zijn ze een extra belemmering voor de ademhaling tijdens een astma-aanval.

Ben je gevoelig voor astma (of voor andere kwalen van de luchtwegen), dan is het schrappen van melk en melkproducten absoluut een betekenisvolle stap in de goede richting.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil je ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨