Blog

Een foto van mezelf langs de boorden van de IJzer, op 5 minuutjes stappen van bij mij thuis.

GEZONDHEID-WIJZER

Dit  ben ik: Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. In dit allereerste blogartikel op mijn nieuwe website wil ik jullie graag wat meer vertellen over wat mijn passie voor gezondheid inhoudt en over waar ze vandaan komt.

Natuurlijke gezondheidszorg, een passie

Waarom zoiets als natuurlijke gezondheidszorg, vraag jij je misschien af … Wel, ik kan je daar niet in één enkel woord op antwoorden. Ik moet als het ware een paar kringen maken, en samen maken die kringen het je wellicht wat duidelijker.

Een passie voor mensen

Als eerste loopt er een rode draad van passie voor mensen doorheen mijn leven. Het is alsof ik in mensen zie wat is en tegelijk ook dieper zie, naar wat zou kunnen zijn. Van daaruit besef ik dat elke mens, wat hij ook kan of denkt of doet, in wezen altijd de moeite waard is. Sinds een pelgrimstocht doorheen Taizé, dat religieuze ontmoetingsoord in Frankrijk, is mijn ‘lijfspreuk’ dan ook:

Menslief,
wie je ook bent,
wat je doet of juist niet doet,
wat je kunt of niet kunt,
 gelooft of niet gelooft
en ook als je helemaal niks gelooft, 
jij bent voor mij de moeite waard!

Een van de talenten die ik meekreeg om die ‘liefde voor mensen’ concreet te maken, is luisteren, echt en diep luisteren. Mensen voelen dat, en juist dat maakt dat ze durven vertellen van wie ze zijn en waar ze van leven, maar ook van wat scheef gelopen is en pijn doet.

De onnatuurlijke wereld waarin wij leven

Tegelijk zie ik de wereld waarin wij leven en de manier waarop wij leven. En ik zie ook dat mensen daaraan ten onder gaan. Onze welvaartsziektes worden veroorzaakt door stress, door een verkeerde voeding, door het slikken van al te veel medicijnen, …

Hippocrates, de grondlegger van onze geneeskunde, sprak heel wijze woorden. ‘Maak van je voeding je medicijn, en van je medicijn je voeding!’, was zijn lijfspreuk. Onze huidige voedingsindustrie is echter niet uit op de gezondheid van mensen. Ze denkt alleen in termen van verkopen en van winst maken. Wij eten ons ziek aan wat in de supermarkten ligt. En onze huidige geneeskunde kent niks van voeding. Artsen krijgen in hun opleiding amper iets te horen over hoe voeding de gezondheid beïnvloedt. Hoe kunnen ze dan voeding inzetten om mensen beter te maken?

En daar bovenop komen mensen van vandaag vaak veel te weinig in beweging. Vaak zitten we om ons te verplaatsen naar het werk of naar school, zitten dan zowat de hele dagtaak lang aan een bureau of op een schoolbank, om dan terug thuis de hele avond voor de TV te hangen. En dat terwijl mensen gecreëerd zijn om te bewegen, het liefst buiten in de vrije natuur.

Een leven zonder kwalen, een leven zonder medicijnen

Ik heb een droom!

Ik droom ervan dat mensen tot op hoge leeftijd gezond blijven, dat ze oud kunnen worden zonder kwalen én zonder medicijnen die ze voor de rest van hun leven moeten slikken.

Dat het kan, is zelfs bewezen. Op wereld bestaan een vijftal ‘blauwe zones’ of ‘blue zones’. Dat zijn gebieden waar mensen langer en gezonder leven dan elders op de wereld. In de ‘blauwe zones’ worden mensen makkelijk 90 jaar en meer. Het aantal plus-100-jarigen is er opvallend hoog. Welvaartsziekten kennen deze volkeren niet. Echter, van zodra deze mensen om de een of andere reden overschakelen naar een Westers voedings- en leefpatroon worden ze net zo ziek als wij.

Ik heb een droom!

En aan die droom wil via deze GEZONDHEID-WIJZER een beetje werkelijkheid geven.

De middeleeuwse kruidenvrouw

Ik beloofde je bij het begin van dit artikel ook iets te vertellen over waar mijn droom vandaan komt. Wel, dan moet ik je vertellen van toen ik een meisje was in het eerste jaar van het secundair onderwijs. We leerden in de geschiedenislessen in dat eerste jaar over de middeleeuwen. En ik weet niet hoe het komt, maar van alle periodes in de geschiedenis zijn het de middeleeuwen die mij het meeste aanspreken.

Twee figuren in het bijzonder spraken mij tot de verbeelding. Er was de ‘eeuwige student’, die van universiteit naar universiteit trok om alles te leren wat er te leren viel. En ergens in de loop van die zoektocht werd hij van ‘alleen maar student’ meer en meer ook ‘professor’.

En er was de ‘kruidenvrouw’. Dat was een vrouw die met kruiden en andere volkse remedies mensen en dieren in haar dorp genas. Ze had wat vreemde gaven, ze doorzag wat er scheelde en deed daar wat aan, ze was de wijze vrouw van het dorp. Mensen waren soms ook bang van haar vreemde krachten, en daarom kwam zo’n kruidenvrouw wel eens als ‘heks’ op de brandstapel.

En ik, ik denk dat ik een beetje een combinatie ben van die twee …

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Kome wat komt …

Hij komt, hij komt,
die lieve goede Sint.
Mijn beste vrind, jouw beste vrind,
de vrind van ieder kind …

Weet je nog, toen je kind was, die weken en dagen net voor Sinterklaas. Bij mij begon de pret én het spanningsvol uitkijken al met de eerste reclameboekjes met Sinterklaasspeelgoed die lang van tevoren met de post mee thuis geleverd werden. Dagenlang konden mijn zussen, mijn broer en ik in die boekjes bladeren en dromen over wat we van de Sint allemaal graag hadden gekregen. Ik denk dat mijn lijstje bij momenten stond voor ettelijke duizenden franken.

En dan kwam die bewuste Sinterklaasavond … en was het uitkijken naar wat er uiteindelijk in je schoen terecht zou komen. Dat was lang niet alles wat op het verlanglijstje stond – ondertussen concreet gemaakt in een brief met uitgeknipte en opgeplakte prentjes uit de bewuste boekjes. Soms werd het zelfs iets helemaal anders dan waar ik van gedroomd had. En toch, altijd bleek dat wat ik kreeg iets was dat bij mij paste, iets waar ik blij mee was, iets waar ik iets aan had.

Weet je, zo is het met het leven ook …

Als ik terugkijk naar alle verlangens die ik ooit heb gehad, dan zie ik dat sommige daarvan gewoon werkelijkheid geworden zijn. Andere zijn dat juist niet, integendeel zelfs, er is niks van waar geworden. Nog andere verlangens kregen een heel andere invulling dan hoe ik het me voor ogen had gezien, maar achteraf moet ik toegeven dat de manier waarop die verlangens zich in mijn leven hebben gemanifesteerd, beter zijn uitgedraaid dan ik het zelf had kunnen verwezenlijken. Alsof het leven zelf het beter voor me wist dan ik dat deed …

Mag ik een vergelijking maken met die Sinterklaasboekjes van weleer om je te vertellen over de verlangens in het leven? Wel, het begint allemaal met durven dromen. Soms gaat dat vanzelf, soms heb je daar een beetje hulp bij nodig. Dat kan de reclame zijn die op je afkomt, dan kan een voorbeeld zijn van een belangrijk iemand in je leven, dat kan iets zijn wat je leest of leert op school of dat op welke manier dan ook op je pad komt. Hoe dan ook, op die manier kom je tot een ‘verlanglijstje voor jouw leven’.

En daar ga je dan voor. Sommige dingen worden je zomaar aangereikt. Voor andere doe je heel veel moeite, al dan niet met positief resultaat. Meer dan eens komt zelfs iets op je af dat je als ‘negatief’ ervaart: je vindt niet de job van je dromen, die partner van jouw blijkt niet de gedroomde prins op het witte paard, het kind waar je naar verlangde laat veel te lang op zich wachten, … Zo loutert het leven dat verlanglijstje van jou, tot uiteindelijk dat overblijft waarvan het leven zelf – of nee, het Léven, met grote L en met accent! – weet dat het jou zal geven waar je ten diepste naar verlangt.

Die loutering, die doet pijn! Het is niet leuk verlangens te moeten opgeven, het vraagt vaak worsteling los te laten wat blijkbaar niet voor jou is weggelegd. Als je echter dat schaafwerk laat gebeuren – en als je je wat meer laat leiden door wat het leven je aanreikt – dan kom je uiteindelijk tot die dingen die écht belangrijk zijn. Vaak zie je dan ook dat je eerste verlangens ofwel op een andere manier ingevuld zijn geraakt dan jij het voor je had gezien, ofwel helemaal niet hoefden waargemaakt om jou gelukkig te maken.

Eens je dat begint te zien, kun je de stap zetten van ‘Hij komt, hij komt’ naar ‘Kome wat komt …’ Het gaat erom te leren vertrouwen dat al wat jij op je levenspad voor de voeten krijgt, uiteindelijk goed voor je zal blijken te zijn. Het gaat er ook om te durven loslaten, niet langer grijpend in het leven te staan als wel ontvangend.

Een laatste mijmering hieromtrent …

Ik zie oude mensen die tevreden zijn. Het zijn die oude mensen bij wie je graag op bezoek gaat. Ze hebben niet alles gekregen wat ze wilden, ze hebben wel geleerd voluit te leven met wat ze kregen. Ik zie ook oude mensen die verbitterd zijn. Ze zijn blijven hangen aan wat ze hadden gewild, ze hebben niet geleerd te zien wat ze uiteindelijk wél hebben gekregen. Ze blijven vechten en wachten en hunkeren, ze zijn niet tot rust – tot berusting – gekomen. Als ik één verlangen voor mezelf voor mijn verdere toekomst mag verwoorden, dan is het dit: dat ik die weg mag gaan die mij toelaat om zo’n tevreden oude mens te worden.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Effe een duikje in de kou …

Ik hoef het je niet te vertellen, je zag en je voelde het vast zelf al wel: de winter met z’n kou en met z’n nattigheid komt eraan. Als vanzelf gaan de gedachten uit naar dikke jassen en mutsen en handschoenen, of zelfs naar alleen maar binnen blijven, waar het tenminste warm is …

Wel, daar ga ik vandaag eens lekker tegen in. Ik daag je uit om dat wisselvallige weer te trotseren. Jawel, ik nodig je uit: neem eens effe een duikje in de kou!

Over verschillende soorten stress

Stress en stress is twee.

Er is wat we noemen de negatieve stress, de ondermijnende stress, de stress waarvan je me niet zult horen vertellen dat die iets goeds in zich heeft. Echt niet! Het gaat om wat we gewoonlijk als stress aanduiden: te hoge werkdruk, urenlang in de file moeten staan, geldgebrek en alle spanning die dat met zich meebrengt, pesterijen en aanslepende ruzies, … Kortom, alles wat je het gevoel geeft je te overweldigen, je onderuit te halen, je onder voortdurende spanning te zetten.

Maar er bestaat ook zoiets als ‘positieve stress’. Het gaat hier om een kortdurende blootstelling aan een zekere spanning, die ervoor zorgt dat je lichaam eventjes uit de comfortzone wordt gehaald. Je moet maar eens denken aan die stress waar onze voorouder, de oermens, mee geconfronteerd werd. Plots oog in oog met een gevaarlijk beest moest hij vechten of vluchten voor zijn leven. De adrenaline stroomde door zijn lijf. Hij ging het gevecht aan of liep voor zijn leven … en als hij ’t overleefde, kwam daarna een periode van rust en ontspanning. Even stress en daarna recup.

Maar er was meer in het leven van die oermens: hij trotseerde extreme warmte en extreme kou, kende periodes van honger en dorst, moest pijn verdragen, … en dat alles maakte zijn immuunsysteem meer flexibel. En juist die flexibiliteit van je immuunsysteem is een groot voordeel als het gaat om je gezondheid. Je maakt er als het ware je zelfgenezend vermogen sterker door.

Tips om gezonde stress in je leven toe te laten …

… en dus ook jouw zelfgenezend vermogen een handje toe te steken!

  • Trek eens niet je jas aan als je even kortdurend de kou in moet. Je zult voelen hoe je huid als het ware samentrekt om de warmte binnen te houden. Je begint misschien zelfs wel te rillen. En als je daarna weer binnen komt, krijg je het heerlijk warm. Let wel, een heel belangrijk begrip is hier ‘kortdurend’. Ga je een uur wandelen in deze kou, trek dan liefst wel een jas aan, tenzij je al aan die al te kleine dingen gewoon bent geraakt.
  • Hetzelfde kun je bereiken met het je blootstellen aan extreme warmte. Dat kan in de zomer, in de zon, maar dat kan ook door regelmatig eens naar de sauna te gaan. In dat geval gaat je huid helemaal open om die overtollige warmte af te voeren. Trouwens, als je op een goeie manier gebruik maakt van de sauna, wordt het een wisselend blootgesteld zijn aan extreme warmte en aan koud water om weer af te koelen. En je lichaam leert flexibel met beide om te gaan.
  • In dezelfde lijn door kan ik je ‘wisseldouches’ aanraden. Je begint met een paar minuten warm water en gaat dan plots over naar een tien tot twintig seconden koud water. Die periodes wissel je een paar keer met elkaar af. Je eindigt met koud water. Deze manier van jezelf blootstellen aan wisselend warm en koud water brengt je enorme gezondheidsvoordelen: je krijgt meer energie, het helpt je weerstand verhogen, je krijgt een betere doorbloeding, spieren en huid worden gestimuleerd, enz.
  • Een andere manier van gezonde stress bestaat er uit eens een maaltijd over te slaan. Hier wordt je lichaam uitgedaagd de reserves aan te spreken. Het moet overgaan van verbranden wat direct voorhanden is naar het putten uit reserves in spieren en vetlagen. Dit principe heet ‘intermittent fasting’, vrij vertaald: vasten met tussenpozen. Je kunt beginnen met de tussendoortjes eruit te halen. Je eet dan enkel ’s morgens, ’s middags en ’s avonds. Tussendoor geen voedsel, maar ook geen energierijke dranken. Water, zwarte koffie of pure thee mogen wel. Kan je dit al aan, sla dan af en toe eens één van die hoofdmaaltijden over. Het meest positieve effect krijg je als je de duur van het niet eten langer maakt, dus als je ontbijt of avondmaal overslaat. Dan hoef je niet alleen reserves aan te spreken, maar je spijsverteringsstelsel krijgt ook eens wat langer congé.
  • Een andere vorm van ‘wisselstress’ is de intervaltraining binnen de sportwereld. Dan ga je vb. wandelen of joggen en binnen dit gewone stramien ga je af en toe even de snelheid opvoeren tot je aan je grens komt. Je hartslag gaat de hoogte in, je ademhaling gaat vlugger, je bloed stroomt krachtig door je lichaam heen. Ook hier is het juist de afwisseling tussen gewoon en even je eigen grenzen uitdagen die het grootste gezondheidsvoordeel oplevert.
  • Ik geef je nog een laatste voorbeeld, en ik hoop dat jij dan in je eigen leven je eigen uitdagingen vindt en creëert. Je kunt ook eens een nachtje bewust veel minder slapen. Af en toe eens opstaan voor dag en dauw kan beslist geen kwaad, eerder integendeel. Eens wat later je bed in kan in principe ook geen kwaad, alleen, je wordt er niet gezonder op als die tijd ingevuld raakt met TV, gaming of smartphonegebruik. Gebruik die extra tijd liever voor een wandeling in de natuur, voor wat meditatie of om iets anders te doen waar je gewoonlijk geen tijd voor hebt.

Voordelen van een flexibel lichaam

Inderdaad, dat is wat we doen met al deze vormen van positieve stress: we creëren een flexibel lichaam. We maken ons lichaam als het ware gewoon om regelmatig de comfortzone te verlaten. We dwingen ons lichaam om de noodscenario’s alert te houden. Je zou het kunnen vergelijken met een onverwachte brandveiligheidsoefening. Plots gaat het alarm af en je wordt uitgedaagd om jezelf in veiligheid te brengen. Door dat af en toe te trainen, weet je als het eens echt nodig zou zijn als vanzelf wat je te doen staat.

Zo gaat het ook met je lichaam. Door het af en toe eens ‘onnodig’ uit te dagen, leert je lichaam alert te reageren. En als het dan eens echt nodig is, is je lichaam in staat van paraatheid. Het weet precies wat het moet doen om de gegeven moeilijkheden het beste te overwinnen. Kortdurende stress is een zegen voor je immuunsysteem, het is een training van je zelfgenezend vermogen. Het bevordert absoluut je gezondheid!

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Suiker, de zoete boosdoener (deel 2)

Herinner je je nog dat ik je vorige keer – in het eerste deel over suiker als boosdoener – vertelde dat we tegenwoordig zo’n 60 kg suiker eten per persoon per jaar? Niet te geloven, hé, dat ieder van onze zo’n 60 pakken van 1 kg suiker per jaar naar binnen werkt? Wel, deze keer vertel ik je meer over hoe we dat wel degelijk doen …

Zichtbare suikerconsumptie

Wij, mensen, zijn van nature zoetekauwen. Echt waar, dat hebben we mee sinds we in oeroude tijden ons bestaan vonden. We zijn er, van in onze genen, op gericht om zoet en vet en zout tot ons te nemen, zoveel als we kunnen, om te overleven.

In de natuurlijke omgeving waar we als oermens in leefden was dat een belangrijke tool om als soort te kunnen blijven bestaan. We aten fruit, zoveel als we konden, als het er het seizoen voor was. We snoepten honing als we die konden vinden. Ook knolgewassen gaven wel eens een extra energieke boost. Daarnaast probeerden we vette vis te vangen, aten we vlees mét het randje vet, roofden we eieren uit de nesten van de vogels, enz.

Je hoort het me vertellen: Als dat voorhanden was … én na de nodige moeite om het te verkrijgen. Want zeg nu zelf: die oermens moest heel wat meer moeite doen dan wij, die wekelijks onze boodschappen doen, en daarna niet verder dan naar de voorraadkast, de frigo of de diepvries moeten lopen. Geen dagenlange jacht, geen verzamelen van plantaardig voedsel, geen moeite om een vuurtje aan te krijgen én aan te houden. Hoe eenvoudig kan het leven zijn …

En de combinatie van zoet, vet en zout ligt gewoon voor het grijpen: zoete en zoute koekjes, allerlei lekkers van bij de bakker, confituur en choco en speculoospasta voor bij de boterham, frisdranken en fruitsappen. Het kan gewoon niet op! Je moet al heel taai zijn om, tegen je genen in, niet naar al deze verleiders te grijpen als je gaat winkelen.

… en onzichtbare suikerconsumptie

Het staat er met onze suikerconsumptie echter nog slechter voor, nog veel slechter dan alleen maar het bewust eten van zoete dingen. De voedingsindustrie heeft weet van onze menselijke hang naar zoet. En dus gaat ze aan zowat elke vorm van ‘fabrieksvoedsel’ suiker toevoegen.

Aan soep uit blik of brik wordt net die hoeveelheid suiker toegevoegd die mensen dat tikkeltje meer doet eten. Mayonaises en dressings zijn ‘vetarm’ gemaakt, maar om smaak toe te voegen, wordt suiker ingezet. Zowat alle charcuterie bevat toegevoegde suikers. Brood zonder suiker vind je amper nog in de rekken. Kant en klare groenten hebben hun portie suiker in de bereiding meegekregen.

Suiker, suiker, suiker!

En toch blijkt dat niet zomaar uit de etiketten van wat we kopen. Vaak staat suiker niet eens op het etiket, of toch minstens niet op een belangrijke plaats. Dat komt omdat er wel 50 verschillende namen voor suiker bestaan. Wist jij dat dextrose, glucose, fructose, sucrose, sacharose, maltose, HFCS, agavesiroop en ahornsiroop, druivensuiker, maltodextrine, vruchtensapconcentraat, rijststroop, speltstroop en tarwestroop een paar van de namen zijn die je op etiketten kunt vinden en die allemaal gewoon ‘suiker’ betekenen? Bij sommige voedingsproducten staan wel 3 of 4 verschillende namen voor suiker op het etiket. Wedden dat, als je die hoeveelheden bij elkaar zou optellen, suiker een veel groter percentage van je voedsel zou uitmaken?

Suiker ondermijnt de gezondheid!

Al die toegevoegde suikers – vaak in combinatie met ongezonde vetten en een teveel aan zout – doen onze gezondheid absoluut geen goed. De kwalen obesitas en diabetes swingen de pan uit. Het aantal hart- en vaatziekten vermindert niet ook al is zowat ieder van ons van een bepaalde leeftijd af aan de cholesterolverlagers. Kanker en dementie, beide op een specifieke manier aan suiker gerelateerd, nemen alsmaar toe.

Willen we dus van onze welvaartskwalen af, dan is de terugkeer naar ‘natuurlijk voedsel’ een belangrijke tool. Eet weer vers fruit en verse groenten. Grijp naar écht vlees en échte vis, en niet naar dingen die daar amper nog op lijken. Kies voor volkoren brood met een zekere stevigheid (met nog veel vezels in, en dus niet alleen maar donker gekleurd met o.a. koffie).Sta weer in de keuken, bereid meer en meer zelf je eten en grijp niet te vlug naar kant-en-klaar. Kortom: Eet zoals de natuur het heeft bedoeld. Dat komt je gezondheid absoluut ten goede!

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Suiker, de zoete boosdoener (deel 1)

In de loop van mijn opleiding tot Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg hoorde ik al over dr. Lustig en zijn ideeën over hoe ongezond suiker wel is. Laatst liep ik die dr. Lustig tegen het lijf … op youtube. En ik heb veel van hem geleerd, moet ik bekennen. Sta me toe dat ik daar iets van met je deel …

Glucose en fructose

Suiker, het zoete goed dat we allemaal lekker vinden, is helaas niet zo onschuldig als het eruit ziet. Chemisch gezien bestaat suiker uit één molecule glucose en één molecule fructose. Glucose is het deel van de suiker dat je bloedsuikerspiegel de hoogte in jaagt. Een deel van die glucose gaat rechtstreeks de spieren in als bron van energie. Glucose eten en dan energie verbruiken, is een goede zaak. Zo zou het eigenlijk altijd moeten gaan. Glucose die niet direct gebruikt wordt, wordt in het lichaam opgeslagen als glycogeen oftewel reserve-energie, om als eerste te verbruiken als er niet direct glucose voorhanden is.

Fructose, ook wel ‘fruitsuiker’ genoemd, daarentegen doet helemaal niks met de bloedsuikerspiegel en vraagt dus ook geen insuline als het de bloedbaan in komt. Daarom ook wordt fructose makkelijk gebruikt om koekjes e.d. mee te zoeten voor mensen met diabetes. Fructose is echter veel minder onschuldig dan het lijkt. Als deze suiker in de bloedbaan terecht komt, gaat ze integraal naar de lever. Daar wordt ze gemetaboliseerd op een gelijkaardige manier als … alcohol. Jawel, net zoals alcohol toxisch is voor de lever, is fructose dat ook. Steeds meer horen we in de medische wereld over ‘non alcoholic fatty liver disease’, vrij vertaald: ‘niet door alcohol ontstane vervette lever’.

Dik, dikker, dikst

Fructose wordt in het lichaam in eerste instantie helemaal omgezet in vet. Vet in de lever en visceraal vet, ’t is te zeggen, vet rondom de organen. Net zoals we bij mannen de bierbuik kennen, kennen we nu al bij heel wat kinderen de frisdrankbuik. Erger nog, het begint tegenwoordig al bij baby’s, want mama’s die te veel fructose gebruiken (uit o.a. frisdranken) geven dat voor een deel al door aan hun ongeboren kind.

Sinds de jaren ’50 van de vorige eeuw zijn we met z’n allen steeds minder vet gaan eten. De bedoeling was om daarmee het aantal hart- en vaatziekten te doen dalen. Wel, we eten minder vet … maar we blijven sterven aan hart- en vaatziekten, dat is nog steeds doodsoorzaak nummer één in westerse landen.

We zijn echter véél meer suiker gaan eten. Voor 1900 gebruikten we gemiddeld ca. 2 kg suiker per jaar. Je begrijpt dat suiker toen enkel gebruikt werd voor die uitzonderlijke zoete lekkernij. Op vandaag gebruiken wij gemiddeld zo’n 60 kg suiker per persoon per jaar. En de helft daarvan is fructose, en dus na vertering en metabolisering uiteindelijk gewoon … vet! Als je het zo bekijkt, is ons huidige dieet helemaal niet vetarm, maar juist vetrijk te noemen. Daar halen wij dus onze obesitas en onze hart- en vaatziekten vandaan.

Eén van de grootste boosdoeners hierbij zijn de ‘gedronken suikers’ van frisdranken en fruitsappen. Die vullen immers je maag niet, en dus geven ze geen signaal dat je al voedsel binnenkreeg. Je kunt na een halve liter cola gewoon evenveel eten dan zonder die halve liter cola. (En hier nu toch even tussen haakjes dat light en zero soorten beslist niet gezonder zijn. Je kunt je lever vergiftigen met fructose, je kunt dat evenzeer met aspartaam en aanverwanten). Je drinkt als het ware gewoon vet. Wie elke dag één frisdrank of fruitsap drinkt, wint er elk jaar een paar kilo’s bij.

En de fructose uit fruit dan?

Inderdaad, fructose is de natuurlijke suiker uit fruit. Dr. Lustig vertelt hierover het volgende: ‘Als God de mensen een gif te eten geeft, geeft Hij er vanzelf het tegengif bij.’ De fructose in fruit, als hele vrucht, wel te verstaan, zit verpakt in massaal veel vezels. Die vezels zorgen er enerzijds voor dat we er veel minder van kunnen eten dan zonder die vezels. Je kunt wellicht hooguit twee appels na elkaar eten, maar je kunt er makkelijk tien drinken, in de vorm van appelsap. Anderzijds zorgen die vezels er ook voor dat er veel minder van de fructose opgenomen wordt. In de darm moet die fructose immers uit de vezels losgeweekt worden. Dat gebeurt niet helemaal efficiënt (en zeker al niet als wij niet grondig kauwen). De vezels met daarin nog heel wat fructose gaan door naar de dikke darm … waar ze als voedsel dienen voor … onze darmbacteriën. Iets wat voor ons ongezond zou kunnen zijn, houdt onze darmbacteriën (en dus ook onszelf) wel degelijk wél gezond.

De beste tip die ik in verband met fruit zou kunnen geven, luidt als volgt: ‘Eet het fruit, drink niet het sap ervan!’ Fruit eten houdt je gezond, fruit drinken helpt je in het graf.

Mocht je na het lezen van dit artikel meer willen weten, dan raad ik je aan de lezing van dr. Lustig zelf eens te bekijken op youtube: Sugar: The Bitter Truth.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Een nieuwe kijk op gezondheid

Onder deze titel wil ik vanaf januari 2020 vorming aan groepen aanbieden. Maar goed, misschien wil jij eerst wel eens weten wat ik bedoel met ‘Een nieuwe kijk op gezondheid’.

Wel … vandaag neem ik je mee op een trip doorheen een veranderend landschap van ziekte en gezondheid. De tijden veranderen, de ziektes veranderen, … en dus moeten ook de remedies mee veranderen, willen we gezondheid behouden of creëren.

Welvaart creëert nieuwe ziektes

Sinds het einde van de tweede wereldoorlog is de welvaart in de westerse landen fors de hoogte ingeschoten. En het dagelijks leven is in diezelfde mate veranderd. Wij kennen geen honger meer, we hebben comfortabele huizen, er bestaat een goed uitgebouwde ziektezorg … en ziektes die vroeger dodelijk waren, zijn ofwel uitgeroeid, ofwel heel sterk onder controle.

De beschikbaarheid van voldoende voedsel én een verbeterde hygiëne hebben gezorgd voor het stilletjes aan verdwijnen van heel wat infectieziektes. Moeders sterven minder in het kraambed omdat dokters hun handen wassen, goede voeding zorgt voor minder kindersterfte, en dus leven we globaal gezien langer.

De laatste 50 jaar zien we echter nieuwe ziektes ontstaan, ziektes die ik ‘leefstijlziektes’ zou willen noemen: obesitas (en dat zelfs al bij peuters!), diabetes type 2, hart- en vaatziekten, kanker, dementie in al zijn vormen, enz. Medicijnen lossen bij deze ziektes de problemen niet op. Ze onderdrukken alleen levenslang de symptomen … tot het lichaam echt niet meer kan, en het dan maar opgeeft, vaak na een lange lijdensweg.

Deze nieuwe ziektes dagen ons uit om een nieuwe kijk op gezondheid te ontwikkelen. Het wordt des te belangrijker om ons te gaan focussen op de oorzaken van deze ziektes. Als we kunnen achterhalen hoe deze ziektes ontstaan, dan kunnen we er pas écht iets aan gaan doen. En meer en meer artsen kijken inderdaad die kant uit. Allemaal komen ze op het spoor van de ‘leefstijlgeneeskunde’. Dan het gaat in wezen om ‘tevelen’ en ‘tekorten’: een te veel aan toxische stoffen en een tekort aan voedende stoffen, een te veel aan stress en een tekort aan echte ontspanning, een te veel aan zitten en een tekort aan beweging, …

Een nieuwe kijk op gezondheid … zal dus op je leefstijl moeten gaan focussen: Hoe kun je je lichaam (en dat van je naasten) geven wat het écht nodig heeft? En hoe kun je ‘detoxen’ van al die overload van ons moderne leven?

Niet alleen het lichaam, maar ook de geest

Tegelijk gaan we een stap verder, want in klassieke geneeskunde wordt nog altijd vooral het lichaam benaderd als ‘ziek en moet weer gezond worden’. Dat er ook een psyche bestaat, ja, dat hebben we al door … maar daarvoor moet je wel bij een heel bijzonder soort dokter langs: de psychiater! Dat lichaam en geest één zijn, dat heeft onze huidige klassieke medische wereld nog niet door.

Dat die ‘tekorten’ of ‘tevelen’ ook kunnen zorgen voor depressie en angststoornissen, voor ADHD of autisme, voor diep ongelukkig zijn en zelfs voor zelfmoordneigingen, … dat is nog geen gemeengoed.

Daarom moeten we ons bij de ‘nieuwe kijk op gezondheid’ niet alleen op het lichaam focussen, maar ook op de emoties, de gedachten en zelfs op het meest wezenlijke, nl. de zin van het leven.

Meer over deze vorming

Wil jij meer weten over deze vorming? Klik dan op deze link, en je komt op de juiste pagina op mijn website terecht. Daar lees je meer én je vindt er ook de praktische informatie om deze vorming voor jouw groep aan te vragen.

Ben jij een individu en je wilt er graag meer over weten, stuur dan een mailtje naar hilde@gezondheid-wijzer.com. Ik hou je op de hoogte van de data waarop ik zelf deze vorming aanbied.

Zingen helpt écht tegen stress!

Diep van binnen wist ik het al. Eigenlijk had ik het al zovele keren zelf ervaren en het ook bij anderen zien gebeuren. En nu las ik het laatst in een artikel: ‘Zingen helpt écht tegen stress!’

Het begint al met je hartslag en met je ademhaling. Je ademhaling wordt bij het zingen dieper en meer gecontroleerd, en ook je hartslag past zich aan. Er komt een zekere rust over je, en die is voelbaar tot in je meest vitale functies. Als je zingt, lijken je ademhaling en je hartslag op die van iemand die aan yoga doet.

Maar er is meer. Terwijl je zingt, vallen je gedachten stil. Meer dan eens mocht ik dat horen van de mensen die bij mij komen zingen. ‘Hé, wat ontspannend,’ zeiden ze dan, ‘ik heb weer een heel uur lang aan niets anders gedacht!’ Dit ‘focussen op één ding tegelijk’ jaagt stress gewoon de deur uit. Als we dat konden bij alles wat we deden, dan bestond stress gewoon niet meer.

En het gaat nog verder. Zingen beïnvloedt onze immuniteit. Ons zelfgenezend vermogen krijgt een boost. Zingen maakt je dus niet alleen weerbaarder tegen stress, maar tegen ziekte in het algemeen. We maken meer hormonen aan die ons beschermen tegen stress, ons verdedigingssysteem tegen ziektekiemen staat sterker en het zingen zelf ontspant ons, waardoor alles ook nog eens beter werkt. Winst op alle vlakken, dus …

Alleen … veel mensen durven niet zo goed zingen. Ooit, wellicht, hebben ze gehoord dat ze beter hun mond zouden houden, want …

En dan klinkt het alsof zingen alleen mag en kan door hoog getalenteerden, zij die in TV-programma’s als The Voice hoge toppen scoren. Wel, niets is minder waar. Zingen onder de douche mag. Meezingen met de radio mag ook, zelfs als jouw stem iets minder zuiver klinkt dat die van je grote voorbeeld. Zingen in je eentje, zingen in een band of in een koor, zingen voor jezelf, zingen voor publiek, … het mag allemaal!

En weet je, met zingen neem je ruimte in. Je laat jezelf zien, je laat jezelf horen. Je gaat als vanzelf meer in je eigen kracht staan, je gaat steviger in het leven staan. Als je samen met anderen zingt, ontstaat samenhorigheid. Je staat niet langer alleen, je hoort erbij. En ook dit alles gaat stress tegen en bevordert je gezondheid.

Begrijp je nu waarom ik als Consulent Natuurlijke Gezondheid vasthoud aan het wekelijkse zanguurtje op maandagavond? Wil je daar meer over lezen, klik dan op deze link. Je verneemt er meer over hoe ‘Zing je vrij! – Zingen tegen stress’ in z’n werk gaat. En voor wie graag even wil proberen: op de eerste maandag van oktober gaan we weer van start, en jij bent dan van harte welkom voor een gratis try-out.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Je body heeft altijd het beste met je voor!

Straffe uitspraak, is het niet?!?
Je body heeft altijd het beste met je voor, … ook als je verkouden bent of griep hebt. En ook als je van de pijn haast niet meer bewegen kunt. En zelfs als je diabetes hebt of kanker of hartproblemen of …

En toch is het waar. Op elk moment in je leven maakt je lichaam er in de gegeven omstandigheden het beste van. Maar om je dat te laten snappen, moet ik eerst even wat omwegen met je maken.

Wat een symptoom je vertellen wil

Wij zien een symptoom bijna als vanzelf als een lastig kwaad waar we het liefst zo vlug mogelijk van af willen. Hebben we pijn, dan nemen we een pijnstiller. Hebben we koorts, dan slikken we een koortswerend middel. Hebben we last van een ontsteking hier of daar, dan grijpen we al vlug naar een ontstekingsremmer. En ga zo maar door, elk medicijn probeert een klacht zo vlug mogelijk weg te werken, zodat wij verder kunnen …

… zodat wij verder kunnen op dezelfde manier als we altijd al deden. En juist daar zit het wellicht fout. Een paar kleine voorbeelden:

  • Ik krijg hoofdpijn. In plaats van een pijnstiller te slikken, vraag ik me eerst even af waar die hoofdpijn vandaan kwam. Stootte ik mijn hoofd en geeft dat nu pijn? Heb ik te veel stress, en dus last van spanningshoofdpijn? At ik iets wat niet goed verteerde, en geeft die maaglast nu ook nog hoofdpijn? Of ben ik gewoon moe, en moet ik eigenlijk gaan slapen? In het slechtste geval is er echt iets mis met mijn hoofd en consulteer ik beter zo vlug mogelijk een arts.
  • Ik heb de laatste tijd toch zoveel last om in beweging te komen. Ik voel me stram en stijf en ik heb vaak pijn in mijn gewrichten. In plaats van ineens ontstekingsremmers te nemen, doe ik eenzelfde zoektocht. Eet ik voldoende gezond? Krijg ik voldoende rust? Heeft de stramheid te maken met een gebrek aan lichaamsbeweging? Of beweeg ik juist heel vaak te veel en is er sprake van overbelasting? Ik ga nog een stapje verder in mijn bedenkingen: Loop ik me niet te pletter om onrealistische dromen na te jagen? Of ben ik eerder te vaak en te veel in de weer om het anderen naar hun zin te maken?
  • Een laatste voorbeeld: ik kwam laatst van de dokter en kreeg het verdict ‘ouderdomsdiabetes’. En ook hier wil ik graag wat dieper kijken en snappen wat er aan de hand is. At ik de laatste tijd minder gezond, meer suiker en meer koolhydraten? Had ik teveel stress, waardoor mijn lichaam te vaak en te veel in een staat van paraatheid verkeert en dus ‘suiker’ in het bloed houdt zodat ik kan vechten of vluchten, mocht dat nodig zijn? Of was ik misschien niet lief genoeg, niet zoet genoeg voor mezelf, en laat mijn lichaam mij dit op deze manier zien?

Op die manier kun je je bij elk symptoom gaan afvragen waar het vandaan komt en wat voor jou de betekenis is van die klacht. Immers, wat er ook met je gebeurt, alles heeft jou iets te vertellen. Het is je zelfgenezend vermogen dat van zich laat horen. Omwille van je gezondheid op langere termijn zou ik je willen uitnodigen om aan dat zelfgenezend vermogen ‘gehoorzaam’ te worden. Let wel, hiermee bedoel ik niet de ‘platte gehoorzaamheid’ van ‘jij doet wat ik zeg omdat ik het zeg’. Nee, ik zou je willen uitnodigen tot echte gehoorzaamheid: horen naar wat je lichaam jou wil vertellen en daar dan ook naar handelen.

Over symptomen onderdrukken

En nu een tweede omweg: Laten we het even hebben over wat er gebeurt als je een symptoom gaat onderdrukken. Eerst geef ik je een paar simpele voorbeelden die wat duidelijk kunnen maken.

  • Ik heb diarree, en niet zo’n klein beetje. Nee, op deze manier kan ik niet uit werken gaan … en dus neem ik een middeltje tegen de diarree. Wat ik echter niet besef, is dat mijn darmen geprikkeld werden door een bacterie of een giftige stof die mijn lichaam het liefste zo vlug mogelijk kwijt wilde raken. Vandaar ook die diarree: floep, eruit, weg ermee! Met mijn stopmiddel zeg ik aan mijn lichaam: nee, nee, niet weg ermee, blijf jij maar lekker zitten!!! En mijn lichaam, die het beste met mij voorhad, krijgt het harder te verduren. De bacterie of de gifstof moet met nu grover geschut te lijf gegaan worden.
  • Ik heb koorts, zou terug het bed in moeten, maar ik wil niet. Ik wil toch nog van alles doen. En ik neem een koortswerend middel. En dus stop ik de natuurlijke reactie van mijn lichaam om ziektekiemen te lijf te gaan. Want ziektekiemen kunnen geen warmte verdragen en gaan al kapot bij een ‘lichte’ koorts, zo tussen de 38° en 39,5°. Als ik de koorts had laten doen, dan was ik eventjes ‘ziek’ geweest, maar voelde ik me daarna weer kiplekker. Nu blijft dat landerige gevoel maar hangen. Ik geraak er precies niet meer helemaal bovenop.

Dat zijn de simpele voorbeelden. En zo zou ik er nog wel een paar kunnen toelichten: verkoudheid, een zweer of een plaatselijke ontsteking, alle kinderziektes, …

Hetzelfde geldt echter ook bij zwaardere ziektes, of bij ziektes die zo lang blijven aanslepen dat je ze chronisch kunt noemen. Vaak zijn zij het gevolg van het altijd maar onderdrukken van die ‘kleinere symptomen’. Als ik in het kleine niet leer te gehoorzamen aan wat mijn lichaam van mij vraagt, gaat het van kwaad naar erger, … tot mijn lichaam niet anders meer kan dan mij chronische vermoeidheid of een hart- en vaatziekte of een hersen- en zenuwziekte of een kanker als symptoom te geven. En ja, ook dan is dat het allerbeste wat mijn lichaam nog voor mij kan doen. En nog steeds hoopt mijn lichaam dan dat ik ga luisteren naar wat het mij te vertellen heeft, nog steeds hoopt mijn lichaam dat ik ‘gehoorzaam’ word.

Als ik echter alle symptomen, alle klachten die mijn lichaam geeft alleen maar blijf onderdrukken – en het maakt geen verschil of dat gebeurt met medicijnen of met natuurlijke middelen – dan kan mijn lichaam niet anders dan alleen maar zieker worden … tot uiteindelijk de dood daarop volgt.

Leer je lichaam te ondersteunen

Hoe je dan beter met ‘ziek zijn’ omgaat, ontdek je vanzelf als je gaat luisteren naar wat je lichaam je te vertellen heeft. Ga ervan uit dat elk symptoom een signaal is van je zelfgenezend vermogen. Met elke klacht wil je lichaam je op het spoor brengen van wat werkelijk goed voor je is. Soms is dat wat meer rust, soms ook wat meer beweging, en dan liefst in gezonde buitenlucht. Soms is dat wat minder eten, soms wat meer, en vaak wellicht ‘anders leren eten’. En soms vraagt je lichaam van jou dat je anders in het leven gaat staan: loslaten van dingen die te veel spanning geven, een job of een relatie laten vallen omdat ze je ziek maken, een manier van omgaan met jezelf of met anderen veranderen, zodat de energie weer kan gaan stromen.

In wezen is het makkelijk. Ik zei het al: leer luisteren naar wat je lichaam je te vertellen heeft, en wees dan gehoorzaam. Echter, in kleine en vaak acute ziektes is dat behoorlijk eenvoudig. In chronische, gecompliceerde ziektes is het vaak moeilijker te achterhalen wat je lichaam je nu weer wil vertellen. Je moet dan als het ware verschillende laagjes afpellen en stapje voor stapje in de goede richting proberen te evolueren. En daarbij kan het nodig zijn iemand met je mee te laten kijken. Een Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg, bijvoorbeeld …


Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Bio, natuurlijk, … dat is logisch!

Vandaag wil ik je een en ander vertellen de biologisch keuken. Want, jawel, ikzelf probeer zoveel als mogelijk te koken met biologisch gekweekt voedsel. Dat vind ik belangrijk, zowel omwille van de gezondheid als omwille van de smaak.

Maar misschien eerst nog even dit: de naam ‘biologisch’ is helemaal nog niet zo oud, eigenlijk ontstond ze pas na de tweede wereldoorlog. Voor die tijd was alle voedsel gewoon biologisch. Van pesticiden en kunstmest en groeihormonen was voor die tijd in de landbouw gewoon geen sprake. De term ‘biologisch’ is pas ontstaan toen de reguliere landbouw zijn natuurlijke karakter begon te verliezen. ’t Is een beetje gek, vind ik, dat iets wat altijd al als ‘natuurlijk’ werd gezien, ineens de uitzondering werd, maar zo is het in onze geïndustrialiseerde wereld nu eenmaal gegaan.

Ik echter kies voor de natuur, en dus voor zo natuurlijk mogelijk gekweekt en bereid voedsel. Vandaar mijn pleidooi voor biologisch voedsel, voor mij is dat zo logisch als wat!

Nee, dank je, geen gifstoffen op mijn bord …

Het minste wat je van biologisch voedsel kunt zeggen, is dat je veel minder gifstoffen binnenkrijgt. In de biologische landbouw worden immers geen herbiciden (tegen onkruid), fungiciden (tegen schimmels), insecticiden (tegen insecten), acariciden (tegen teken en mijten), slakken dodende middelen, rodenticiden (tegen kleine dieren als muizen, ratten en mollen), kiemdodende stoffen, groeiregelaars en rijpingsvertragers of – versnellers gebruikt. Wat je aan dergelijke stoffen niet binnenkrijgt, moet je lichaam ook niet afbreken en verwijderen. Het kan je niet ziek maken.

Ik moet toegeven, onze biologische producten zijn niet helemaal vrij van deze schadelijke stoffen. Wat immers op een naburig landbouwbedrijf gebruikt wordt, komt via vervuild grondwater of regenwater en via verstuiving en dus door de wind voor een deeltje toch op biologische gewassen terecht. Maar de concentratie van deze stoffen is vele malen minder en dus minder toxisch voor ons lichaam.

En dan is er het verhaal van de medicijnen in de dierlijke landbouw

Regulier gekweekt vee krijgt groeihormonen toegediend. We willen immers mals vlees op ons bord, en dat is dé manier om dat bij de dieren te bekomen. Verder leven vaak te veel dieren op te weinig oppervlakte, waardoor de kans op het uitbreken van ziektes vele malen groter wordt. Daarom wordt preventief antibiotica toegediend.

Aangezien het standaard toedienen van antibiotica en hormonen in de biologische veeteelt verboden is, krijgen wij deze stoffen dus ook niet zomaar binnen. De antibiotica in ons vlees kunnen mee voor een gezondheidsramp zorgen, want meer en meer bacteriën worden resistent tegen de al te vaak toegediende antibiotica. Dit geldt ook voor de antibiotica die we via ons vlees binnenkrijgen. Het is niet ondenkbaar dat we ondertussen gewoon resistente bacteriën eten. Hormonen zijn dan weer gevaarlijk voor ons omdat ze mee oorzaak zijn van de explosie aan kankers in onze tijden.

Biologisch bevat meer fytonutriënten … die de gezondheid bevorderen

Er is niet alleen wat we aan toxische stoffen niet binnenkrijgen, er is ook wat we aan gezondheid bevorderende stoffen wel binnenkrijgen. Biologische gewassen bevatten, door de tragere groei– en rijpingstijd vaak iets meer vitamines en mineralen dan de regulier gekweekte gewassen. En dat is alvast mooi meegenomen.

Het grote verschil ligt echter op het vlak van de fytonutriënten, de kruidige en vaak geneeskrachtige stoffen in planten. Die ontwikkelen biologische planten om zichzelf te beschermen tegen insecten, schimmels, bacteriën en virussen. En het is juist deze immuniteit van de plant die ook ons beschermt tegen ziektes, ja, zelfs tegen kanker. Biologisch vlees bevat dan weer veel meer ontstekingsremmende omega 3 vetzuren. Runderen halen deze omega 3 uit het gras dat ze eten. Dieren die met maïs en soja gevoederd worden, bieden dus ook op dat vlak verarmd vlees.

Als dit alles de keuze voor biologische voedsel niet rechtvaardigt, ja, dan weet ik het ook niet meer. ‘Stem met je centen, kies voor bio!’, zou ik je alvast durven aanraden. Zelf doe ik het ook!

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Ziek, zieker, ziekst!

Ik stel je een vraag: ‘Wie is het meest ziek? Hij of zij die aan diabetes lijdt en trouw zijn medicijnen neemt, of veeleer hij of zij die ziek als een hond met de griep in bed ligt? Of nog, iemand die depressief is of iemand die aan astma lijdt? Of als je moest kiezen tussen hij of zij die aan een hartkwaal lijdt en hij of zij die opgesloten zit in het verdriet om het verlies van een kind?’

Misschien denk jij nu wel: ‘Wat een knettergekke vragen! Je kunt de ene ziekte toch niet zomaar tegen de andere afwegen. Trouwens, is dat niet eerder subjectief. Je bent zo ziek als jij je voelt!’

Wel, nee, dat is niet helemaal waar. De ene ziekte weegt wel degelijk zwaarder dan de andere. En het is niet altijd de ziekte die het meest ziek aanvoelt, die ook de ergste is. En juist daar wil ik met deze blog een beetje meer klaarheid in brengen.

Gezond is de mens die …

Ooit al eens bij die vraag stilgestaan?
Wie is gezond?
Of beter nog: Wat is het doel van gezondheid?

Je zou kunnen zeggen: ‘Gezond is de mens die vrij van pijn en zonder klachten is.’

Je zou echter nog een hele stap verder kunnen gaan, en zeggen: ‘Gezond is de mens die zonder pijn en zonder klachten is, en daarvoor geen medicijnen hoeft te nemen.’ Of nog: ‘Gezond is de mens die zijn dromen waar kan maken, en dat zonder daar belemmeringen door eigen beperkingen bij te ondervinden.’ Of weer een beetje anders: ‘Gezond is de mens die met al zijn capaciteiten kan bijdragen tot het geluk van zichzelf, van de mensen rondom en van de hele wereld.’

Dat laatste klinkt toch wel een beetje anders dan alleen maar vrij zijn van pijn en ongemakken, is het niet?

Acuut versus chronisch

Een acute ziekte kan je vellen, onverwacht en totaal. Denk maar aan een griep die op je valt en je à la minute het bed doet houden. Koorts en rillingen, zo slap als een vod, geen honger en geen zin om ook maar iets te doen.

Als iets ziek aanvoelt, dan is dát het wel. En toch is je lichaam op dat moment maar één stap verwijderd van gezondheid. Een acute ziekte is immers een ‘opruimactie’ van je lichaam. Misschien ging je een beetje te ver door en maakte vermoeidheid dat je minder weerbaar was tegen de ziekte. Misschien at je wat minder gezond, waardoor je lichaam een beetje te veel vervuild raakte. Of misschien was je gewoon eventjes iets minder vitaal, waardoor de ziekte je in zijn greep kon krijgen.

Het gevolg is dan een acute ziekte. Dan kan griep zijn, maar ook een verkoudheid, eventjes een felle diarree, al dan niet gepaard met misselijkheid en braken, of een eenmalige ontsteking van een gewricht die pijn geeft en je belemmert in je bewegingen.

Het beste wat je met zo’n ziekte kan doen is: rusten, vasten, je lichaam de tijd en de ruimte geven de ziekte zelf te bekampen. Laat je dat gebeuren, dan voel je je achteraf beter dan voordien: fitter, energieker, bevrijd van iets wat niet goed voelde.

Bij kinderen zie je dat het meest duidelijk: na elke kinderziekte – en wat is zo’n kinderziekte anders dan een acute ‘opruimactie’ – maken ze een groeispurt door. Plots kunnen ze iets wat ze voordien nog niet konden. Er is na de kinderziekte immers energie op overschot, energie die gebruikt kan worden om een verdere ontwikkeling aan te gaan.

Een chronische ziekte is heel anders van aard. Denk maar aan diabetes of aan een te hoge bloeddruk, al dan niet gepaard gaand met het dichtslibben van je slagaders, aan hoofdpijn die heel regelmatig terugkeert of aan een chronische ontsteking van één of meerdere gewrichten.

Een chronische ziekte is een ziekte die lang blijft duren of zelfs niet meer overgaat. Vaak krijg je dan voor de rest van je leven medicijnen te slikken, waardoor het wel weer lijkt te lukken. Je lijkt minder ziek dan bij een acute ziekte, maar in wezen ben je zwaarder ziek. De ziekte tekent immers je hele verdere leven.

Een rangorde vertelt je over de ernst van je ziekte

Jij bestaat uit één geheel, maar dat éne geheel kan wel in verschillende lagen opgesplitst worden. Jij bestaat voor een deel uit je fysieke lichaam, maar ook uit je emoties en je gedachten. En door dat alles heen spreekt wie jij in wezen bent.

Je zou jezelf dus kunnen opdelen in fysieke, emotionele, mentale en spirituele aspecten van jezelf. En in al die aspecten kun je gezond zijn of in mindere of meerdere mate ziek.

Wie spiritueel ziek is – geen zin meer in het leven ziet, geen liefde meer kan geven, noch ontvangen, niet meer gelooft in zijn waarde als mens – is het meest fundamenteel ziek. Wie alleen fysiek ziek is, heeft dan misschien wel last van zijn ziekte, maar kan nog zoveel betekenen, voor zichzelf, voor anderen en voor de wereld. Denk maar aan Beethoven die, doof geworden, nog zijn mooiste symfonieën schreef. Of aan Stephen Hawking die, gekluisterd aan zijn rolstoel en met behulp van spraaktechnologie, studenten rondom zich verzamelde en hen de wonderen van de kosmos openbaarde.

Je zou dus kunnen zeggen: Wie alleen fysiek ziek is, is het minste ziek. Wie emotioneel ziek is – van ontevredenheid over angst en verdriet naar depressie, al dan niet met zelfmoordneigingen – is meer ziek. Wie mentaal ziek is – van vergeetachtigheid over waanvoorstellingen en achtervolgingswaan tot volledige mentale verwarring (vb. dementie) -, gaat nog een stapje verder. En wie spiritueel ziek is, is het meeste ziek.

Binnen elk van die aspecten kunnen we weer een rangorde opstellen. Nemen we het fysieke aspect, dan is het duidelijk dat een ziekte aan de hersenen of het hart veel ernstiger is dan een ziekte aan een van beide longen of aan een van beide nieren. En dat is op zijn beurt weer ernstiger dan een kwaal aan één bot of één spier. Het minst ziek ben je als alleen je huid last heeft.

Ja, dat kan allemaal wel, maar wat is nu het nut van dit inzicht?

Dat is inderdaad de volgende en meest belangrijke vraag!
En om op die vraag een antwoord te geven, geef ik je een paar tips:

  • Ben je acuut ziek, prijs je dan gelukkig. Je bent op een haar na gezond! Het beste wat je nu kunt doen, is gewoon uitzieken. Wedden dat je je achteraf beter voelt dan voordien?
  • Word je chronisch ziek, ga dan niet zomaar akkoord met medicijnen die je voor de rest van je leven moet slikken. Ga na of een veranderingen van levensstijl – anders eten, meer ontspannen, meer bewegen, voldoende nachtrust, … – een verschil kunnen maken.
  • Moet je toch aan de medicijnen, ga dan na of je geen ‘ergere’ klachten ontwikkelt, vb. door de nevenwerkingen van bepaalde medicijnen. Is dat wel het geval, dan is het beste advies dat ik je kan geven: Ga op zoek naar een andere manier om met je klachten om te gaan. Want doe je dat niet, dan evolueert het vast van kwaad naar erger.

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Geniet van de zon!

Daar is de lente, daar is de zon … bijna, maar ik denk dat ze weldra zal komen, zingt Jan De Wilde in zijn liedje. En inderdaad, als de eerste lentezon zich op het eind van de winter al vertoont, dan begint het bij mij te kriebelen. Dan zou ik zelf ook wel willen zingen … of in de tuin gaan werken … of een lange wandeling maken in de vrije natuur …

Want de zon geeft léven, de zon geeft nieuwe energie!

Het zonnevitamientje

Als wij in de zon komen met ontblote huid – en dan liefst niet preventief ingesmeerd met zonnebrandcrème – wordt in onze huid onder invloed van de zon vitamine D aangemaakt.

Vitamine D zorgt er niet alleen voor dat we ons beter gaan voelen en dat de winterblues plaats maakt voor lentekriebels, ze zorgt ook voor een goede werking van ons immuunsysteem, zodat we minder vlug ziek worden. Ze helpt de calciumspiegel in ons lichaam op peil te houden, zodat we sterke botten en sterke tanden behouden. Vitamine D draagt zorg voor een gezond hart, gezonde bloedvaten, gezonde hersenen en zenuwen, en helpt zelfs om een normale bloedsuikerspiegel en een normaal gewicht te behouden.

Als een beetje zonlicht op onze huid dat allemaal voor ons kan doen, dan zouden we ons naar buiten moeten haasten van zodra de zon ook maar een beetje om het hoekje komt piepen. Helaas, wij zitten te vaak en te veel binnen, en dat bevordert onze gezondheid niet.

Zonnebrand

Is de zon dan niet ook gevaarlijk voor ons? Moeten we ons niet dik, dik, dik insmeren tegen zonnebrand?

Wel, ja en nee … De zon kan gevaarlijk zijn, maar alleen als wij ‘onverstandig’ gaan zonnen. Veel meer dan gevaarlijk is de zon gezond voor ons. Zonder zonlicht kunnen wij niet leven. Maar daarover verder meer, eerst iets over ‘gezond zonnen’.

De zon is gevaarlijk … als wij onvoorbereid ineens in felle zon uren gaan liggen bakken. Je begrijpt dat jezelf laten verbranden geen goed idee kan zijn. Maar jezelf beschermen – of tenminste, denken dat je beschermd bent – met een zonnebrandcrème factor ik-weet-niet-hoeveel is ook niet gezond. De crème voorkomt dat je huid het te warm krijgt en verbrandt, maar de meest schadelijk stralen van de zon worden er niet door tegengehouden.

Beter is het de huid geleidelijk aan te laten wennen aan de zon. Dan krijg je beetje bij beetje een bruin kleurtje, en juist dat bruine kleurtje is je eigen natuurlijke bescherming tegen de zon. Stel je huid iedere keer het mooi weer is een beetje meer aan de zon bloot, en je lichaam zorgt zelf voor de beste bescherming die je kunt krijgen. Als je in de lente begint met regelmatig een uurtje ‘zonnen met blote armen en benen’, dan mag je in de zomer best wat langer in de zon.

De zon en het dag-en-nacht-ritme

Eén van de dingen die de zon – en het zonlicht, het daglicht – ook met je doet, is je ’s morgens wakker maken. Wie op een natuurlijke manier wakker wordt, gewekt door het licht, zal vanzelf makkelijker de dag beginnen. Evenzo zouden we vanzelf moe moeten worden als het daglicht vermindert. En daar gaat het in onze moderne tijden fout. Lang nadat de zon is ondergegaan, blijven wij wakker en alert … door het gebruikt van kunstlicht en blauw licht uit TV, computer, tablet, smartphone, …

Wie last heeft van vermoeidheid overdag zou het eens moeten proberen: laat je ’s morgens wekken door het daglicht en zorg ervoor dat ’s avonds het licht minder fel wordt. Vermijd vooral blauw licht, vanaf zo’n tweetal uur voor je gaat slapen. Laat geel licht – kaarslicht of gedempt licht – je helpen om de overgang van activiteit naar slaap te maken.

En er is meer: zonlicht moet je eten …

Dr. Henk Fransen, een Nederlandse arts die zwaar zieke mensen helpt gezonder te worden, beschrijft het als volgt: elke cel van ons lichaam heeft zonlicht nodig om zijn functies te kunnen uitvoeren. Een gezonde cel is een cel vol licht, een donkere cel is een zieke cel. Wil je gezond worden, voed dan je lichaamscellen met licht!

Klinkt gek, is het niet ?!?

Maar als je de man verder beluistert, dan besef je dat het in wezen heel eenvoudig is. Via de huid en ook via de ogen kunnen we het zonlicht rechtstreeks absorberen, dat is waar. Maar dat is onvoldoende om al onze cellen vol licht te krijgen. Om dat te laten gebeuren, moeten we zonlicht eten.

Jawel, zonlicht eten …

… en dat kan heel makkelijk, want planten zetten zonlicht om in voedsel dat wij kunnen eten. Denk maar aan de fotosynthese, waardoor groene bladgroenten ontstaan. Verse groeten en vers fruit bevatten ‘eetbaar zonlicht’ in alle kleuren van de regenboog. Zieke mensen hebben dus – naast de zon op hun huid – een overdosis aan verse groenten en fruit nodig, minstens een deel daarvan in de vorm van rauwkost.

En gezonde mensen … blijven gezond als ook zij hun cellen voeden met vers, door de natuur geproduceerd zonlicht!

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

%d bloggers liken dit: