De titel hierboven is wat eigenaardig voor een blog over gezondheid, vind je niet? Het is de meest beroemde formule uit de relativiteitstheorie van Albert Einstein, waarin hij stelt dat energie (E) en massa of materie (m) wezenlijk hetzelfde zijn. Energie kan zich materialiseren tot massa en massa kan uiteengerafeld worden tot energie. Het meest bekende voorbeeld daarvan is hoe kernenergie opgewekt wordt door het splitsen van atomen.
Anderen gingen verder op deze theorie en noemden dat energie en materie tegelijk aanwezig zijn. Nu eens zie je het ene en dan weer het andere, afhankelijk van hoe je kijkt. Dit zijn heel ingewikkelde theorieën, allemaal, en daar gaan we niet verder op door. Voor mij ligt immers het belang hiervan enkel en alleen op het vlak van onze gezondheid. En ja, daar wil ik wat dieper op doorgaan.
Voedsel wordt energie
Het meest voor de hand liggende voorbeeld van de uitwisseling tussen materie en energie, als het gaat om onze gezondheid, vinden we als we kijken naar wat er met ons voedsel gebeurt. Als wij eten, dan maakt onze spijsvertering het voedsel zo klein mogelijk, maar het voedsel blijft wel nog steeds materie. De omzetting van materie tot energie gebeurt in onze cellen, meer bepaald in de mitochondriën, oftewel de energiecentrales in onze cellen. Als ons voedsel van goede kwaliteit is én als onze mitochondriën gezond zijn, dan hebben wij volop energie. Die energie gebruiken wij om ons lichaam op te bouwen, om warmte te genereren, om opruimacties in gang te zetten én om al die dingen te doen die we graag willen doen.
Voedsel wordt dus energie. Dat is zo met ons letterlijke voedsel, maar ook met zoveel dingen meer die ons op de een of andere manier voeden: zuurstof, zonlicht, de natuur om je heen, warme relaties, een activiteit waar je energie uit haalt, … Wil je gezond blijven, dan is het kwestie van op zoek te gaan naar al die dingen die je energie geven. Want je energieniveau bepaalt ook je gezondheidsniveau.
Ziek zijn is een tekort aan energie
En dus, inderdaad, als je energieniveau bepalend is voor je gezondheidsniveau, dan mag je ook concluderen dat ziekte een tekort aan energie is. Al naar gelang het soort energie dat het lichaam tekort heeft, vertoont dat lichaam bepaalde symptomen. Vanuit een vervolgopleiding binnen de natuurlijke gezondheidszorg waar ik me nu in verdiep, wordt mij steeds duidelijker dat de geneeskunde van de toekomst een energetische geneeskunde zal zijn.
Ik mocht het zelf al meerdere keren in de praktijk zien gebeuren, hoe een energetische remedie het zelfgenezend vermogen van een zieke mens aan het werk zet en hoe daar dan hernieuwde gezondheid uit voortvloeit. En het mooie is dat dat het lichaam zelf kiest waar het eerst heling brengt. Misschien nam je iets om van een chronische sinusitis af te geraken, maar merk je dat je lichaam eerst aan de slag gaat met veel dieper liggende klachten. Je merkt dat oude klachten even opnieuw de kop opsteken, om daarna voorgoed te verdwijnen. Of je voelt hoe je ’s morgens energieker wakker wordt dan vroeger het geval was. En na verloop van tijd, als je energie zoveel beter is geworden, raakt ook die chronische sinusitis genezen.
Dat is de kracht van je eigen zelfgenezend vermogen. Help je wezen met de juiste energie, en je wordt dag na dag een beetje meer gezond. Je geest wordt vrij om volop creatief te zijn, voor je eigen ontwikkeling én tot opbouw van een wereld waar het goed is om te leven, voor iedere mens, voor iedere dier, voor ieder stukje natuur.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
In mijn praktijk krijg ik enerzijds mensen over de vloer die overtuigd zijn dat ze hun gezondheid flink vooruit helpen met wat ik voor ze doe. Het zijn zij die op regelmatige basis langskomen voor een massage of een voetreflex. Het zijn zij die, als het hun op emotioneel vlak wat minder gaat, vragen naar Bachbloesems. Het zijn zij die bereid zijn om hun voedingspatroon aan te passen om zo diabetes en de daaruit voortvloeiende klachten te vermijden.
Ik krijg ook mensen over de vloer die wat meer sceptisch staan. Vaak klinkt dan in een eerste consult iets van aarzeling of iets van ongeloof: ‘Anderen zeggen wel dat wat jij doet werkt, maar ik geloof dat nog niet.’ En vaak zijn het ook die mensen die, als je hun iets aanraadt, zeggen dat hun dokter zegt dat het niet bewezen is dat wat jij aanraadt ook werkt.
Tools van een gezondheidsbegeleider
Een gezondheidsbegeleider is geen arts. Een arts mag een diagnose stellen en medicijnen voorschrijven. Een gezondheidsbegeleider mag dat niet. Als je het werkterrein van beide uit elkaar zou moeten halen, dan zou het als volgt klinken: Een arts geneest zieke mensen, een gezondheidsbegeleider bevordert de gezondheid van mensen. Het werkterrein van de arts is ziekte, het werkterrein van de gezondheidsbegeleider is gezondheid.
Een arts werkt met reguliere diagnostiek, medische beeldvorming, bloedanalyses, operaties, radiotherapie, medicijnen. Een gezondheidsbegeleider werkt met voeding, voedingssupplementen, kruiden, Bachbloesems, relaxatietechnieken, voetreflexologie, massage, gesprek. Als je beide vergelijkt, dan zie je zo dat wat arts doet, een veel schadelijkere invloed op het lichaam kan hebben dan wat een gezondheidsbegeleider doet. Medicijnen zijn uit zichzelf toxisch, het is vergif dat gebruikt wordt om ziekte te verslaan. Radiotherapie maakt niet alleen zieke cellen kapot, maar ook gezonde. Het is dan ook terecht dat hier heel grondig onderzoek gevoerd moet worden om te bepalen of die werkwijzen een voldoende positief verschil maken, met andere woorden: geneest een medicijn eerder dan dat het verder ziek maakt?
Dat alles wil natuurlijk niet zeggen dat de zachtere methoden die een gezondheidsbegeleider hanteert, gewoon zomaar kunnen en mogen gebruikt worden. Ook daar is kennis van zaken nodig, laat dat duidelijk zijn. En die kennis is er ook, en wordt ook verworven door allerlei onderzoek. Dat onderzoek hoeft echter niet altijd de standaard te halen die voor medicijnen en andere medische handelingen wel nodig is.
Het gebeurt wel eens dat een cliënt bij een arts te rade gaat over iets wat een gezondheidsbegeleider heeft aangeraden: aanpassing van de voeding, een voedingssupplement, een massage, … en dan van die arts te horen krijgt dat het niet bewezen is dat zoiets werkt. Wat een arts bedoelt, is dat er geen ‘dubbelblind gerandomiseerd placebo gecontroleerd onderzoek’ is gebeurd. Dit is immers de standaard die nodig is voor medicijnen. Het betekent:
Dubbelblind: noch de arts, noch de patiënt weten of het medicijn werd toegediend, dan wel een placebo.
Gerandomiseerd: een experiment waarbij de proefpersonen willekeurig over twee of meer groepen worden verdeeld om de variabelen tussen mensen evenredig te verdelen. Zo mogen vb. niet alle oudere personen in de ene groep zitten en alle jongere in de andere.
Placebo gecontroleerd: een van de groepen krijgt een placebo, een behandeling die er net dezelfde uitziet, maar geen werking heeft. Dat kan gaan om eenzelfde pilletje – een klein rood pilletje, bijvoorbeeld – waarvan een deel het echte medicijn bevatten en een deel gewoon uit een vulstof bestaat. Dat kan ook gaan om een operatieve ingreep, waarbij bij een deel van de mensen de ingreep helemaal gebeurt en bij een ander deel alleen een snede gemaakt wordt, die dan weer gehecht wordt. Voor de rest is die behandeling helemaal gelijk: dezelfde preoperatieve behandeling, dezelfde verdoving, dezelfde duur van de behandeling, dezelfde postoperatieve behandeling.
Dat onderzoek gebeurt dan eerst op dieren, daarna op een kleine groep mensen, daarna op een grote groep mensen. Dit alles moet vooraleer een medicijn of een behandeling goedgekeurd wordt om het regulier te gebruiken bij welbepaalde ziektes of mankementen. Je begrijpt dat dit soort onderzoek een dure en tijdrovende zaak is.
Werkt het niet, omdat het niet bewezen is?
En nee,
Het is niet op deze manier bewezen dat bepaalde voeding gezonder voor je is dan andere.
Het is niet op deze manier bewezen dat matige beweging je lichaam soepeler houdt en dus gezond voor je is.
Het is niet op deze manier bewezen dat biologische bessen, bepaalde soorten paddenstoelen, gefermenteerde knoflook, … je lichaam gezond houden en minder kans geven om bepaalde klachten te ontwikkelen.
Het is niet op deze manier bewezen dat dieptemassage heel wat pijnklachten kan verhelpen.
Het is niet op deze manier bewezen dat relaxatietechnieken je beter doen slapen.
Veel van wat gezondheidsbegeleiders doen, is niet op deze manier bewezen. Dat kan ook niet, want dubbelblind gerandomiseerd placebo gecontroleerd onderzoek kost massaal veel tijd en geld. Die tijd en dat geld kunnen de bio-landbouw, de fabrikant van voedingssupplementen, de practitioner in een complementaire praktijk (of de beroepsverenigingen van deze mensen) niet investeren. Big Pharma kan dat wel, want het leidt tot het kunnen nemen van patenten op geneesmiddelen, en dat zorgt er dan weer voor dat de kosten voor dit soort onderzoek teruggewonnen kunnen worden. Geen enkele framboos, geen enkele shiitake-paddenstoel, geen enkele massage of voetreflex kan zoveel opbrengen dat het onderzoek ervan betaald kan worden.
Er is dus nood aan een ander soort ‘onderzoek’, nl. dat de ervaring van mensen die met dit soort zaken geholpen zijn, mee mag tellen. In onze hoogtechnologische maatschappij is dat soort onderzoek absoluut mogelijk, en het gebeurt ook. Alleen hecht men er niet dezelfde waarde aan. Nochtans is het dat wat ik hoop voor onze maatschappij: dat de ervaring van mensen mee mag tellen in onze gezondheidszorg. Het is wenselijk, omdat heel wat zware medische behandelingen vermeden kunnen worden als er meer en eerst wordt ingezet op leefstijl. Het is noodzakelijk, omdat onze huidige ziektezorg over niet al te lange tijd onbetaalbaar zal blijken. Willen we als maatschappij de gezondheid van mensen hoog in het vaandel blijven dragen, dan is een ommekeer onvermijdelijk, en dan moeten we accepteren dat wat velen als positief ervaren, ook positief is.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
De mens is wezenlijk één. Toegegeven, we kunnen de mens onderverdelen in domeinen en in stelsels, maar wezenlijk zijn we één. En als één deel van de mens ziek is, dan is de hele mens ziek. Toch kunnen we gradaties van ziekte – en dus ook van gezondheid – onderkennen. Een mens bestaat uit een fysiek, een emotioneel, een mentaal en een spiritueel aspect.
Fysiek: alles wat het lichaam aangaat, van irritatie van de huid over maag- of longproblemen tot een hartinfarct of een herseninfarct.
Emotioneel: alles wat de gevoelens aangaat, van vreugde, blijheid en een gevoel van gelukkig zijn over onverschilligheid tot diep verdriet, woede of agressie.
Mentaal: alles wat het denken aangaat, van helder denken en oplossingen kunnen bedenken over een mistig brein tot dementie.
Spiritueel: alles wat zingeving aangaat, van ‘er te mogen zijn’ en onvoorwaardelijke liefde over een zoektocht naar de zin van het leven tot levensmoeheid en het niet meer zien zitten en zelfmoordgedachten.
Wie spiritueel ziek is, is het diepste ziek. Daarop volgt mentaal ziek zijn en vervolgens emotioneel ziek zijn. Wie alleen maar ziek is op het fysieke niveau, is het gezondst. En ook binnen dat fysieke niveau is er een gradatie. Het moge duidelijk zijn dat een ontsteking van de hersenen of het hart veel gevaarlijker zijn dan een ontsteking van de longen of de maag. En dat is dan weer een stuk gevaarlijker dan alleen maar een ontsteking van de huid.
Als we het hier hebben over huidklachten, dan hebben we het dus over de minst erge manier van ziek zijn. Toegegeven, een kwaal op huidniveau kan behoorlijk vervelend zijn, maar we gaan er doorgaans niet aan dood. Pas als een huidklacht kanker is geworden – en dat is de verst gevorderde manier van ziek zijn – of als de hele huid zodanig is aangetast dat ze haar functie niet meer kan vervullen, is een huidziekte ook dodelijk. En dat maakt dat we bij een huidziekte alle tijd en alle kansen hebben om die op een natuurlijke manier te helen.
Want ook dit moet je weten: als je een huidklacht onderdrukt, word je dieper ziek. Een huidklacht met cortisone behandelen, zal de huidklacht (tijdelijk) doen verdwijnen, maar op termijn ontstaan daardoor ademhalingsklachten. En als je dan die astma met cortisone behandelt, kan ook die weer verdwijnen, maar dan ontstaan wellicht spierklachten en tenslotte hartproblemen en tenslotte de dood. Huidklachten kun je dus het beste op een natuurlijke manier behandelen. Dat behoedt je voor dieper ziek worden.
Behandeling van buitenaf
Wil je de huid van buitenaf verzorgen, gebruik dan natuurlijke producten. Vermijd gewone geparfumeerde zepen, kies voor een zeep met een neutrale pH-waarde. Gebruik geen gewone make-up, maar alternatieve cosmetica op waterbasis. Gebruik geen synthetische smeersels die de poriën verstoppen, maar gebruik natuurlijke producten.
Hazelnootolie: bevordert de elasticiteit, te gebruiken bij couperose, spataders, aambeien
Zonnebloempitolie: stimuleert de aanmaak van collageen
Macadamia-olie: gaat huidveroudering tegen
Muskaatroosolie: cel regenererend, vertraagt carcinogene celgroei in de huid
Bernagie-olie: regelt de vochtbalans in de huid, verjongend
Is de huid geschonden, dan kun je goudsbloemzalf gebruiken.
Calendula officinalis of tuingoudsbloem werkt ontsmettend, ontsteking-werend en wond-helend. Calendulazalf kan ingezet worden bij schaafwonden, snijwonden en slecht genezende, etterende wonden. Ze is een zegen bij gevoelige en geïrriteerde huid, bij ruwe en schrale huid, bij kloven.
Ook gel uit het binnenste van de aloe vera is een belangrijke middel in de huidverzorging.
Aloe vera is een eerste hulp-middel bij droge, schrale en schilferende huid. Ze kan ingezet worden bij brandwonden (eerste en tweede graad) en bij wonden door stralingstherapie. Ze gaat vroegtijdige veroudering van de huid en rimpelvorming tegen.
Behandeling van binnenin
Bij spontane ontsteking van de huid – denk aan acné, zweren, eczeem – is het aangewezen om de huid niet alleen van buitenaf te behandelen. Als de huid irritatie vertoont, ligt de oorzaak daarvan immers vaak in het milieu binnenin het lichaam. De huid staat, via transpiratie en talgvorming, mee in voor het dagelijks ontgiften van het lichaam. Als het lichaam te veel toxische stoffen via de huid probeert te verwijderen, kan de huid daar last van krijgen. Willen we dus een zuivere huid, dan werken we best ook aan een gezonde voeding met weinig toxische belasting.
Eet voldoende verse groenten, liefst van biologische kwaliteit.
Eet vers fruit
Eet volle granen: zilvervliesrijst, quinoa.
Eet zure melkproducten: yoghurt, kefir, kwark.
Drink voldoende water.
Vermijd voedsel waar je allergisch of intolerant voor bent.
Als we daarnaast ook af en toe inzetten op het detoxen van ons lichaam, krijgen huidklachten minder kansen.
Energetische behandeling
Soms blijven huidklachten bestaan, ondanks de beste natuurlijke verzorging zoals hierboven beschreven. De kans is dan groot dat je batterij, je energiepeil wat is gezakt. Je zelfgenezend vermogen kan op dit moment niet de nodige energie opbrengen om de huidklachten de baas te kunnen. Hier kan homeopathie wellicht hulp bieden. Een homeopaat zoekt een passend middel bij het geheel van de klachten die jij vertoont. Hij zoekt naar alles wat ‘strange’ (vreemd), ‘rare’ (zeldzaam) en ‘peculiar’ (bijzonder) is. Op basis daarvan kiest hij een homeopathisch middel dat jou net die kleine prikkel geeft, waarop je lichaam reageert met een genezende reactie. Je krijgt als het ware dat ene duwtje in de rug, waardoor je energiepeil weer opgekrikt wordt. Niet het homeopathisch middel, maar jouw eigen zelfgenezend vermogen zorgt dan voor de rest.
Heb je huidklachten en zoek je hiervoor verlichting, dan kun je bij mij of bij één van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders terecht.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Gezondheidsbegeleiders werken doorgaans holistisch. Dat wil zeggen dat ze de mens als een geheel zien. Als één deeltje van de mens ziek is, dan is die hele mens ziek. En pas als alle deeltjes van de mens gezond zijn, is de hele mens gezond. Als je mij niet zomaar helemaal gelooft, ga dan bij jezelf maar eens na wat er gebeurt als één tand pijn doen. Of nog, hoe jij je voelt als met de kleine teen van je linkervoet tegen een deur stoot. Die pijn kan zo overweldigend zijn dat niets anders nog tot je doordringt. De mens is één, elk deeltje van die ene mens hangt aan het andere vast. En dus, ja, je kunt hoofdpijn krijgen als je maag niet in orde is. Je kunt je helemaal ellendig voelen als je een verkoudheid hebt. En als ergens je spieren te gespannen staan, dan krijg je pijn op andere plekken in je lichaam.
Als gezondheidsbegeleider kijk ik dus op een holistische manier naar jou. En toch kies ik er het komende jaar af en toe voor om de spotlights te richten op één enkel deeltje. Dan vertel ik je over de betekenis van dat deel van je lichaam, zowel fysiek als van uit een eerder psychologische hoek. Ik vertel je ook over mogelijke klachten en hoe die zich verhouden tot het geheel. En in deze reeks mag de huid de spits afbijten.
Je huid, de grens tussen binnen en buiten
De huid is het grootste orgaan van de mens. Zijn hele buitenkant is ermee bekleed. De huid van een volwassen mens is zo’n 2m² groot en weegt tot wel 20 kg. Ze bestaat uit drie lagen: de opperhuid, de lederhuid en het onderhuidse bindweefsel. Samen vormen deze drie lagen de scheidingslijn tussen binnen en buiten. Wat binnen moet blijven, blijft binnen. Wat buiten moet blijven, blijft buiten. Stel je jezelf maar eens voor zonder huid. Dan sijpelde je bloed via kleine haarvaatjes langzaam de ruimte rondom in en dan kwam allerlei vuil zonder enige tegenstand gewoon je lichaam binnen.
Toch is de huid niet hermetisch afgesloten. Ze bevat poriën, zweetklieren en talgklieren. Ze maakt deel uit van een schitterend reguleringssysteem. De huid regelt mee onze warmtehuishouding. Hebben we het te warm, dan gaan we zweten. Hebben we het te koud, dan gaan we rillen. De huid is ook een belangrijk uitscheidingsorgaan. Afvalstoffen wordt uitgescheiden in stoelgang en in urine, maar ook door vele kleine zweetkliertjes en talgkliertjes in de huid. Het is daarom ook levensbedreigend als een groot deel van de huid geschonden is. Dan verliest de huid haar vermogen om in deze systemen mee te werken.
Symboliek van de huid
Je zou aan de huid kunnen denken als aan een muur rondom een middeleeuwse stad. Het is een grens met daar wat toegangspoorten in. Als de muur rondom de stad niet onderhouden wordt, komt de stad in gevaar. Als de poorten zomaar open blijven staan en ieder vrijelijk binnen mag, riskeer je overbevolking, relletjes, vervuiling, epidemieën, enz. Als de poorten hermetisch gesloten worden, riskeer je een tekort aan water, voedsel, brandhout, grondstoffen voor de ambachtslieden, enz. De stad kan alleen bloeien als muren en poorten doen wat ze moeten doen.
Zo is het ook met de huid. Als alles zomaar binnen mag, gaat het fout. Als niets nog binnen mag, gaat het evengoed fout. Maar er is meer. De huid toont aan de buitenkant als het binnenin niet helemaal klopt. Als er zich te veel toxische stoffen in het lichaam opstapelen, zal de huid dat tonen. Je krijgt dan acne, zweren, huiduitslag, eczeem. Als de persoonlijke ruimte niet gerespecteerd wordt, kan zich dat tonen in overgevoeligheid of in ongevoeligheid van de huid. Als je continu dingen doet die niet bij je passen of die je stress geven, dan heeft dat een weerslag op je huid. Je kunt er bleek van worden, of juist gaan blozen of er rooie vlekken van krijgen. Kortom als het tussen binnen in jezelf en de buitenwereld niet goed zit, dan zal zich dat weerspiegelen in je huid.
De huid in drievoud
Ooit vertelde een wijze vrouw me dat die scheidingslijn tussen binnen en buiten er eentje in drievoud is. Je heb je letterlijke huid, je hebt je kledij en je hebt je huis. Samen vormen ze een stukje persoonlijke ruimte, samen tonen ze aan de buitenkant iets van jouw binnenkant.
Je huid
Dat is de meest nabije grens tussen binnen en buiten. Via die buitenkant toon jij jezelf aan de wereld rondom. Mensen zien het als je wat bleekjes ziet of als je bloost. Met je mimiek en met je lichaamstaal toon je nog veel duidelijker hoe het met je gaat. Wil je zorg dragen voor jezelf, draag dan zeker ook zorg voor je huid. Het is je visitekaartje naar de buitenwereld toe. Over hoe je voor je huid het beste zorg kunt dragen, vertel ik je een volgende keer. Nog even geduld, dus …
Je kledij
Je kledij vormt een tweede grens tussen binnen en buiten. Want nee, niet iedereen mag bij je binnen tot op huidniveau. Met je kledij kies je hoe jij je toont aan anderen. Je kunt iets dragen dat voelt als jij, maar je kunt ook kiezen voor een verkleedpartij. Je kunt je meer of minder bloot geven, en dat zowel letterlijk als figuurlijk. Niet iedereen hoeft immers altijd direct te weten hoe jij je voelt.
Je huis
Je huis vormt een derde grens tussen binnen en buiten. In normale omstandigheden is je voordeur gewoon dicht. Mensen moeten aanbellen als ze bij je binnen willen. Jij bepaalt wie welkom is en wie niet. Het is je goed recht om je grenzen te bewaken en je binnenwereld te vrijwaren van al te opdringerige pottenkijkers.
En zo ontstaat er een natuurlijke afstand tussen jezelf en de mensen, dieren, dingen. Er zijn er die je liever helemaal niet binnenlaat. Er zijn er die wel eens bij je op bezoek mogen komen – en nee, niet iedereen geraakt tot in je keuken of je slaapkamer. Er zijn er die tot op knuffelafstand mogen komen en er zijn er die je mogen raken tot op je huid. Jij bepaalt op elk moment wie tot waar mag komen. Dat is je goed recht, en het bepaalt mee je gezondheid. Wil je dus gezond zijn en gezond blijven, draag dan zorg voor die grens in drievoud, die grens tussen binnen en buiten.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Heb jij dat ook, dat gevoel dat je zoveel moet doen? Thuis klinkt het als: Ik moet nog boodschappen doen. Ik moet poetsen. Ik moet dringend wat tuinwerk doen. Ik moet de vuilnisbak nog buiten zetten. Ik moet eten klaarmaken. Ik moet de afwas doen. Ik moet opruimen. Ik moet wat papierwerk in orde brengen. Ik moet opstaan en ik moet slapen gaan en ik moet alles daar tussenin. Op het werk gaat het al niet veel beter. Daar moet ik ervoor zorgen dat ik alles doe wat tot mijn takenpakket behoort. En ik weet niet hoe dat er bij jou aan toegaat, maar bij mij zijn de dagen behoorlijk gevuld. Soms weet ik niet wat ik eerst moet doen.
En dan kan het gevoel ontstaan dat het leven alleen nog bestaat uit dingen die moeten. En het lijkt alsof al die ‘moetens’ je energievat leeg zuigen. Als je tegen de dag aankijkt vanuit alles waar jij van overtuigd bent dat moet, dat is het alsof je tegen een berg aankijkt. Het lijkt een haast ondoenbare hindernis op je levensweg, niet in het minst als je nu al ziet dat ook de volgende dag én de daaropvolgende én de daaropvolgende … uit vele van die ‘moetens’ zal bestaan.
Mij helpt het dan om structuur aan te brengen. Ik maak lijstjes met alles wat ik op een dag meen te moeten doen. Op die lijstjes schrijf ik ook wat ik graag zou willen doen en waar ik graag voldoende tijd voor overhoud. Ken je dat verhaal van de vele steenbrokken die je in een vat moet krijgen. Als je zomaar alles dooreen in dat vat wil scheppen, dan blijkt het vat te klein. De kunst bestaat erin eerst de grootste brokken in het vat te leggen. Daarna vul je aan met de iets kleinere brokken, die vallen als vanzelf tussen die grote brokken in. Vervolgens ga je verder met de echt kleine brokken en tot slot giet je ook het gruis in de ton. Op die manier blijkt alle steenafval een plekje te vinden. Als ik dus in mijn dag eerst de grote en belangrijke taken – vaak die dingen die ik graag wil doen – een plekje geef en daarna de iets minder grote en tot slot alle gaatjes opvul met de kleine dingen, dan blijkt er voldoende tijd en energie om meer te doen dan ik dacht te kunnen doen.
Ja, soms laat ik die kleine dingen net even wat langer wachten dan ‘men’ denkt dat het moet. Om je één voorbeeld te geven: ik doe niet na elke maaltijd de afwas. Sterker nog, ik doe niet elke dag de afwas. Vaak doe ik de afwas tijdens het wachten in een kookproces. Als alles op het vuur staat, heb ik vaak iets van tijd over. In mijn huishouden is dat de tijd voor die kleine dingen. En ja, dan doe ik wel eens een ‘halve afwas’. Wat weg is, is weg, en de rest kan wachten tot een volgende keer. Je raadt het al: bij mij moet het huis er niet piekfijn bij liggen. En dat is alvast één ‘moeten’ minder.
Er moet zoveel minder dan ik dacht
Veel van de dingen waarvan we denken dat we ze moeten doen, zijn ons opgedrongen door wat anderen als ‘normaal’ beschouwen. We leerden het op die manier in ons gezin van herkomst. Familie, vrienden of collega’s vinden dat het zo hoort. De maatschappij legt ons een aantal van die ‘moetens’ op. Vanuit de reclame wordt ons een onrealistisch ideaalbeeld opgedrongen. En op die manier vult ons leven zich met dingen die onze energie wegvreten.
Eigenlijk zouden we ons bij alles wat we doen de vraag kunnen stellen of we dat wel willen doen. Ik herinner me een verhaal van Marshall Rosenberg – dat is de man van de verbindende communicatie – over een vrouw die het vreselijk vond dat ze elke dag voor haar gezin moest koken. Daar lag voor haar zo’n druk op, dat er meermaals ruzie in het gezin uit ontstond. In een meeting met Marshall Rosenberg begreep die vrouw ineens dat ze zo’n hekel had aan koken, dat het haar hele leven vergalde. Zij werd er verbitterd van en daardoor zocht ze ruzie om de kleinste dingen. Die dag nam de vrouw een besluit: ik zal niet meer koken. Dat vertelde ze aan haar huisgenoten van zodra ze thuis kwam. Een maand of zo later kwam één van zonen van die vrouw naar een meeting met Marshall Rosenberg. Hij vertelde vanuit zijn perspectief: Goddank, ons moeder kookt niet meer. De maaltijden zijn nu veel lekkerder en bovendien is er veel minder spanning en ruzie in huis.
Dat is wat wij ook kunnen doen: stilstaan bij alles waarvan we denken dat het moet. En dan oordelen: is dit iets wat ik wil doen of is dit is waarvan beslis om het niet meer te doen. In het eerste geval verandert je kijk erop. ‘Ik wil dit doen’ voelt heel anders aan dan ‘ik moet dit doen’. Van iets wat je opgedrongen wordt, evolueert het naar iets waar je uit jezelf voor kiest. Omdat het belangrijk is, voor jou – voor je gezin – voor de mensen je toevertrouwd. In het tweede geval zoek je naar betere oplossingen, naar een manier van doen die beter bij jou past. Je kiest er dan voor om het oordeel van wat hoort van je af te zetten, ten voordele van je eigen welbevinden.
Er is zoiets als een ‘heilig moeten’
En dan is er iets wat ik een ‘heilig moeten’ noem. Er zijn van die dingen waarvan jij van binnenuit voelt: ik kan niet anders. Vaak gaat dat over iets waarvan je ziet dat jij daarmee de wereld een beetje beter kunt maken. Je oefent er een positieve invloed mee uit in jouw wereld, maar ook in de wereld van anderen.
Ikzelf, bijvoorbeeld, kan niet anders dan jullie dit schrijven. Het verlangen om iets te doen met natuurlijke gezondheidszorg borrelde bij mij op in de geschiedenislessen van het eerste jaar van het secundair onderwijs. We leerden er over de kruidenvrouw, die met natuurlijke middeltjes de dorpsgenoten hielp als ze ziek werden. Ja, het was die vrouw die ook wel eens als heks op de brandstapel kwam. Maar ze deed wat ze moest doen, ze kon niet anders, het lag als een levensdoel in haar ingebakken. Ze kon de mensen niet zien lijden, ze had er een talent voor, ze had ook vaak van haar moeder geleerd hoe het moest. En dus ‘moest’ ze helpen, ook als ze daarmee haar eigen leven in gevaar bracht. Sinds mijn dertiende ‘weet’ ik dat ik dit ‘moet’ doen.
Een ‘heilig moeten’ ontstaat uit jouw wezen, uit wie jij ten diepste bent. Het ontstaat uit een zielsverlangen om iets in de wereld te zetten. Voor de één is dat een gezin te stichten en het allerbeste te doen voor de eigen kinderen. Voor een ander is het de keuze voor een bepaald beroep om, vaak vanuit een talent, juist op dat vlak een verschil te maken. Voor elk van ons is het een verlangen om iets te betekenen voor een ander. En ja, daaruit vloeit veel voort dat ‘moet’. Als ik mensen wil bereiken met mijn ideeën, dan ‘moet’ ik schrijven. Maar weet je, ook dat doe ik toevallig heel erg graag. Als ik er de nodige tijd voor vrijmaak, dan kost het mij verder weinig moeite. Ik ben ook altijd blij als ik iets heb geschreven. En als ik herlees wat ik heb geschreven, dan denk ik wel eens dat niet ik, maar iets goddelijks in mij heeft geschreven. Je voelt het al: dit ‘moeten’ is van een heel andere aard dan het vele ‘moeten’ uit het eerste deel van deze blog.
Dit is dus wat ik je toewens: dat je in het vele ‘moeten’ jouw eigen weg mag vinden in wat je wel en wat je niet meer wil doen. Maak je geest vrij van wat je denkt te moeten doen en bedenk eigen oplossingen om je leven op een vrijere manier vorm te geven. En ontdek vervolgens dat ‘heilige moeten’ binnen in jezelf. Zoek manieren om daarmee aan de slag te gaan, en je zult voelen hoe het leven meer betekenis krijgt. En ja, dat laatste wens ik jou én allen in je omgeving toe. Want mensen zullen het voelen, als jij die weg op gaat …
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Vorige keer noemde ik een aantal bronnen van vitaliteit: zon, frisse lucht, levend voedsel, afval afvoeren. Als alles goed gaat, ontstaat daaruit alle energie die nodig is om een zinvol leven te kunnen leiden. Blijkbaar is dat niet altijd zo, want heel wat mensen gaan vermoeid of depressief door het leven. Ze vinden als het ware niet de nodige energie om voluit te kunnen leven. De oorzaak daarvan is tweeërlei: er komt te weinig energie binnen én er vloeit te gemakkelijk energie weg. Met andere woorden, de balans is zoek. Vandaag kijken we van wat meer nabij naar die balans.
Voedsel en energie
Energie ontstaat, via een complex proces, uit onze voeding. We eten en dat voedsel komt in maag en darmen terecht. In de hele weg van mond tot kont gebeurt er van alles met dat voedsel: het wordt fijngemalen, er worden verterende zuren op losgelaten, er komen enzymen aan te pas, er zijn darmbacteriën die hun werk doen, en dat alles maakt dat het voedsel tot op de molecule afgebroken wordt. Dat is nodig, want alleen die kleine moleculen kunnen door de darmwand heen in het bloed gebracht worden. Voedselbrokken die te groot blijven, worden onverteerd terug uitgescheiden. Willen we dus energie halen uit ons voedsel, dan moeten we ons spijsverteringsstelsel hierbij ondersteunen. Dit kan vooral door in alle rust te eten en door goed te kauwen. Alleen op die manier kan het eerste proces, het verteren van voedsel, optimaal verlopen.
Vervolgens komt dat verteerde voedsel doorheen de darmwand in onze bloedstroom terecht. Bloed dat voedsel vanuit de darm transporteert, gaat eerst naar de lever voor verwerking. De lever zuivert wat aangevoerd wordt en laat het voedsel al een eerste bewerking ondergaan, zodat het bruikbaar wordt in ons lichaam. Vervolgens wordt het nodige opnieuw aan het bloed afgegeven en getransporteerd naar de cellen. Daar gebeurt iets wat ‘stofwisseling’ genoemd wordt. De mitochondriën in de cellen zetten bepaalde stoffen – denk aan glucose (suiker) en vetten – om in energie. Die energie wordt dan gebruikt om alle processen in het lichaam op gang te houden. Wat over is, hebben wij ter beschikking om te leven.
Een paar doordenkertjes hierover:
Als we eten in situaties van onrust, dan werkt ons spijsverteringsstelsel niet goed. Denk daarbij aan: eten tijdens het werk of tijdens het auto rijden – eten terwijl je TV kijkt – een snelle hap tussendoor, terwijl je rond blijft lopen – emo-eten – … Dit betekent dat je misschien wel voldoende eet, maar onvoldoende verteert. Er komt te weinig je lichaam binnen, en je lichaam kan dus niet voldoende energie maken uit wat het van je kreeg.
Als ons voedsel te veel toxische stoffen bevat, moet onze lever overuren maken om het aangevoerde bloed te zuiveren. Aangezien de lever maar één taak tegelijk kan doen, worden er onvoldoende stoffen naar de cellen doorgestuurd om tot energie verwerkt te worden. Oplossing hier is het eten van zo natuurlijk mogelijk voedsel.
Voor de verbranding in onze cellen is zuurstof nodig. Tenminste, de verbranding met zuurstof geeft het meeste rendement. Fermentatie van glucose kan ook, maar dat geeft een veel geringer rendement en er ontstaat verzuring door. Daar krijg je het gevoel van zoals bij een te felle sportprestatie. De pijnlijke en stramme spieren die je daarna voelt, zijn het gevolg van melkzuur in de spieren door zuurstofgebrek tijdens de productie van energie. Zorg dus zeker ook voor voldoende zuurstof, zodat je energie in optimale omstandigheden aangemaakt kan worden.
Als we voortdurend ’te zwaar’ eten – te vet, te zoet, te veel – dan vraagt onze spijsvertering meer energie. De balans tussen de energie die ontstaat uit voedsel en de energie die nodig is om voedsel te verteren raakt dan verstoord. Als dat zo is, dan krijg je last van een postprandiale dip, een gevoel van vermoeidheid korte tijd na het eten. Je krijgt een middagdipje of je valt in slaap bij de TV na het avondeten.
Zoals je ziet, kun je zelf heel wat doen om optimaal energie uit je voedsel te halen.
Relaties en energie
We weten het allemaal: sommige contacten met mensen geven energie, anderen vreten energie. Nu kun je natuurlijk niet alle ongewenste contacten verbreken. En toch, er is meer mogelijk dan je denkt. Een aantal contacten – die waarvan je voelt dat ze jou nergens toe dienen en alleen energie vreten – die verbreek je best wel. Denk aan die zogenaamde vriend of vriendin die jou altijd weet te vinden als hij of zij iets nodig heeft, maar die nooit tijd heeft als jij eens iemand nodig hebt. Zo iemand is geen vriend of vriendin, het is een parasiet.
En dan zijn er die contacten die (te) veel van je vragen, maar die je niet zomaar kunt verbreken: mensen op het werk, mensen in de familie. Maak daar voor jezelf dan afspraken rond:
Ik ga correct met die collega om, maar ik stel mijn grenzen. Ik zeg niet op elke vraag ‘ja’. Als mij iets gevraagd wordt, dan geef ik aan er eens over te willen nadenken. Ik geef mijn antwoord pas nadat ik bij mezelf ben nagegaan of ik dat wel wil.
Bij ‘verplicht’ familiebezoek – dat wil zeggen, het bezoek aan familieleden waarmee je het contact niet wil of kan verbreken – bepaal jij zelf hoe ver je daarin wil gaan. Je kunt het beste voor jezelf daar vooraf een en ander rond vastleggen. Jij kiest hoe vaak je op bezoek gaat bij zo’n ’toxisch’ familielid en ook hoe lang dat bezoek mag duren. Het is makkelijker bij een eisende oma langs te gaan als jij van te voren bepaalt dat je maar één keer in te week zult langsgaan en dat je dan telkens één uur zult blijven. De afbakening maakt het contact leefbaar.
De contacten met mensen die je energie geven, die kun je het beste ten volle valideren. Maak er tijd voor, geniet er ten volle van, investeer erin. Je weet immers dat die investering zal opbrengen. Je levensvreugde, je levenskracht, je levensenergie krijgt er een boost van. Jij kunt er na zo’n contact weer even tegen.
Bezigheden en energie
We kennen het allemaal: er zijn van die activiteiten waarbij je tijd en ruimte vergeet als je ermee bezig bent. Het is alsof de tijd vliegt. En ze lijken je helemaal geen energie te kosten, integendeel, ze geven je een pint vers bloed. Dat zijn die bezigheden die helemaal passen bij wie jij bent. Ze zijn je als het ware op het lijf geschreven. Je wordt er enthousiast van. Daarnaast zijn er ook activiteiten waar je al van te voren tegenop ziet. Je stelt ze uit, als je ze dan aanpakt, word je er zo moe van.
Er zijn natuurlijk wel dingen die ‘moeten’, maar ik denk dat veel van de dingen waarvan we denken dat ze ‘moeten’, misschien toch niet zo dwingend zijn. Moet ons huis er altijd zo piekfijn bij liggen? Moet er eerst gepoetst worden, vooraleer we aan iets plezierigs mogen beginnen? Of mogen we ook eerst iets doen wat we graag doen? Moeten we ons schuldig voelen als we een boek lezen, een wandeling maken, ons met onze hobby bezighouden?
Een belangrijk aspect van onze bezigheden is onze job. Ik denk dat het heel belangrijk is, dat je job bij je past. Als je alleen gaat werken omwille van de centen, maar je moet daarbij voortdurend dingen doen die je niet graag doet, dan hou je dat niet vol. Het financiële aspect van een job is belangrijk, maar onvoldoende als het alleen dat is wat je van een job krijgt. Er moet ook altijd iets zijn waar jij voldoening uit haalt. Er moet een zekere gedrevenheid zijn, iets wat jouw leven een meerwaarde geeft, iets waar je fier op kunt zijn en waar je werkvreugde uit haalt. Dan pas geeft je werk je energie, dan pas loont je werk op een dieper niveau.
Zorgen en energie
Ik denk dat ik mag beweren dat zorgen de grootste energievreters zijn. Van financiële zorgen, bijvoorbeeld, kun je letterlijk ziek worden. De zorgen om een partner of een kind, kunnen jouw energie op de duur helemaal onderuit halen. En ook je gezondheid kan een bron van zorgen zijn. Veel andere zorgen, zijn vaak onnodig. We maken ons zorgen omdat de dingen niet lopen zoals wij dat willen. Misschien moeten we leren accepteren dat het leven het anders met ons voorheeft. In plaats van ons zorgen te maken, kunnen we beter leren zien hoe het anders kan.
Als het gaat om die fundamentele dingen als een basisinkomen, de partner en de kinderen, de eigen gezondheid, blijven de zorgen wellicht bestaan. Toch is het goed ook dan te leren vertrouwen – op een God, op de Levenskracht in onszelf, op een Universeel weten dat groter is dan wij kunnen zien – dat de dingen ten beste gebeuren. Waar vertrouwen de plaats mag innemen van zorgen, daar ontstaat zicht op nieuw Léven. Dat is wat je bijvoorbeeld wel eens hoort van mensen die een zware ziekte hebben doorgemaakt. Ze noemen dat ze die ziekte nodig hebben gehad. Ze hebben er immers ontdekt wat werkelijk van belang is, en van daaruit hebben ze andere keuzes gemaakt voor hun toekomst. Besef hierin vooral dit: zorgen vreten energie, vertrouwen geeft energie.
Te weinig energie
Op vandaag hebben wel meer mensen te weinig energie. Denk maar aan mensen met burn-out, depressie, chronisch vermoeidheidssyndroom. Een gezondheidsbegeleider kan met je meekijken naar energievreters en energiegevers in je leven. Een gezondheidsbegeleider kan je helpen in het doorgronden van wat voor jou nodig is om voller te kunnen léven. Zelf zie je dat immers vaak niet zomaar, je zit er te veel met je neus bovenop. Een ander laten meekijken, zou wel eens het verschil kunnen maken. Weet dus, dat je het niet alleen hoeft te doen.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Vorige keer had ik het over vitaliteit, levenskracht, energie. Vandaag wil ik daarop voortborduren. Waar halen wij, mensen, die vitaliteit vandaan? Wat moeten we doen of laten om die levenskracht in ons te voeden? Wat geeft energie, wat rooft energie? Als we op die vragen een antwoord hebben, kunnen we bewuster kiezen voor wat we wel en wat we niet toelaten in ons leven. We kunnen dan de balans laten doorslaan in de richting van ‘leven honderduit’.
De zon
Het allereerste wat nodig is om energie te winnen, dat is de zon. De zon geeft licht en warmte, en beide zijn nodig. Kijk maar naar de planten. In de koude wintermaanden trekken planten zich terug. Het groen lijkt van de aarde te verdwijnen. Van zodra de zon meer warmte geeft, barst al dat verborgen groen weer uit. Bomen botten weer, planten gaan groeien en bloeien, de aarde komt tot leven. Ook de mens leeft op als de zon schijnt en warmte geeft.
En niet alleen de zonnewarmte is van belang, ook zonlicht wakkert onze levenskracht aan. Velen voelen dat in deze donker wordende dagen aan zichzelf. Dat het langer donker blijft en vroeger donker wordt, brengt een zekere vorm van depressiviteit met zich mee. Mensen voelen het aan hun humeur, velen hebben het moeilijk als de dagen donkerder worden.
Dat tekort aan zonlicht en zonnewarmte leidt tot winterblues en op langere termijn tot voorjaarsmoeheid. Daarom, als het ook maar even kan, maak elke dag op het middaguur een kleine. Zorg dat je de zon hebt gezien, en van haar warmte en licht hebt genoten. Het beste wat je in de winter en het vroege voorjaar kan doen om je levenskracht een boost te geven is immers … naar buiten gaan, de zon tegemoet.
Frisse lucht
Als je naar buiten gaat, heb je niet alleen de zon, met haar licht en warmte, maar ook de frisse lucht. Adem een paar keer goed in en en uit, en je voelt je herleven. Je krijgt zuurstof, en die is nodig om, via een verbrandingsproces in je mitochondriën – dat zijn de energiecentrales in je cellen – energie op te wekken. Zonder zuurstof geen verbranding en zonder verbranding geen energie. Zo simpel is het.
Maar frisse lucht brengt je meer dan alleen zuurstof. De wind in je haren verwaait ook storende gedachten. Je krijgt een frisse kop, en dus ook een nieuwe kijk op de dingen. Je laat los wat niet helpend is, er komt ruimte vrij voor nieuwe ideeën. Mijn tip voor meer van dat soort frisheid? Trek er eens op uit als het flink waait. Ga het gevecht aan met de wind die je tegenhoudt of juist vooruit stuwt. Wedden dat je tintelend van energie weer naar binnen komt?
Levend voedsel
Energie ontstaat uit een verbrandingsproces, noemden we net. Zuurstof is daar een deel van, maar ook brandstof, en die brandstof halen we uit ons voedsel. Nu is de kwaliteit van die brandstof natuurlijk afhankelijk van de kwaliteit van ons voedsel. Bij een goede verbranding, blijft weinig restafval over. Bij een minder goede verbranding, stapelt afval zich in ons lichaam op. Die afvalslakken, zoals ze ook genoemd worden, maken dat we ons minder fit gaan voelen of dat onze gewrichten en spieren stijver worden. Er vormen zich kristallen die pijn veroorzaken.
Voedsel zorgt ook voor de nodige bouwstoffen voor ons lichaam. Kwaliteitsvol voedsel bouwt ons op, kwaliteitsarm voedsel maakt dat we stilaan aftakelen. Daarom hou ik een pleidooi voor natuurlijk voedsel, het liefst zo vers mogelijk. Vers voedsel bevat vitale bouwstoffen, voedsel dat in een fabriek is verwerkt tot kant-en-klare maaltijden is dood. Het kan onze levenskracht niet langer voeden.
Afval afvoeren
We mogen alles in huis hebben om energie te produceren, als we niet ook heel regelmatig afval afvoeren, kunnen we ons niet energiek voelen. In een mensenlichaam gebeurt die grote schoonmaak vooral ’s nachts. Terwijl we slapen doet ons lichaam alle nodige herstel- en opruimwerken. En als alles goed zit, is tegen de morgen alle afval dat de vorige dag werd opgestapeld klaar om uitgescheiden te worden. Als het goed zit, ruikt je slaapkamer ’s morgens niet zo fris, is je ochtendurine donkerder en maak je net voor of net na het ontbijt stoelgang.
Als het niet zo goed zit, dan blijft er afval achter. Dat kan als je te veel toxische stoffen binnenkrijgt, die allemaal door de lever verwerkt moeten worden. Dat kan ook als je uitscheidingsorganen niet zo goed meer werken. Afval dat achterblijft zet zich vast in gewrichten, in spieren, in vetcellen. Is dat laatste het geval, dan kan een gezondheidsbegeleider je op weg helpen om ook dat overtollige afval kwijt te raken.
Resultaat: energie!
Inderdaad, als alles goed zit – zon, zuurstof, voedsel en het afvoeren van afval – dan zou jij elke morgen voldoende energie moeten hebben om de dag zinvol door te kunnen brengen. Vitaliteit voel je als je met die energie doet wat bij jou past. Gebruik jij je energie te veel voor dingen die moeten, voor dingen waar jij een hekel aan hebt, dan stroomt je energie niet. Ze lekt geleidelijk aan weg. Gebruik jij je energie daarentegen voor dingen waar je enthousiast van wordt, dan vermeerdert die energie zich. Je raakt niet leeg en uitgeput. En juist daarom is de manier waarop jij leeft van uiterst groot belang. En daarover schrijf ik volgende keer meer.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Om tot rust te komen trek ik graag de natuur in. Die natuur – bos en bomen, een grasborder langs een jaagpad, de duinen en het strand en de zee – maken dat ik los kan laten wat ik aan ballast meedraag. Ik kom weer tot mezelf, ik voel mezelf weer leven, mijn batterij vult zich met nieuwe energie. De natuur brengt mij niet alleen die o zo nodige herbronning, ze inspireert mij ook. In de natuur zie ik ‘vitaliteit’ aan het werk. Als je naar de foto hierboven kijkt, dan zie je leven: mos en zwammen. Als je dieper kijkt, zie je ook dood, want mos en zwammen groeien hier op dood hout, hout dat composteert tot voedsel voor het mos en voor de paddenstoelen. Ooit zullen ook het mos en de paddenstoelen het leven laten en humus worden voor misschien wel een nieuwe boom. Leven en dood, onlosmakelijk met elkaar verbonden, tot een eeuwige cyclus van vitaliteit.
Vandaag wil ik het hebben over die vitaliteit, levenskracht, energie. Deze drie woorden spreken van een kwaliteit van leven, van een leven honderduit. Wie met de juiste ogen kijkt, ziet het in de natuur telkens opnieuw gebeuren. Je mag een stukje aarde omspitten en helemaal van groen ontdoen. Als die aarde gezond is, dan zal ze alles in het werk stellen om nieuw groen te laten ontkiemen. En dat groen zal er alles aan doen om er vitaal uit te zien: fris, uitbundig, toewerkend naar bloei en zaadvorming. Wat heeft dat groen daarvoor nodig? Zon en water, in de juiste hoeveelheden. Te veel zon en de plant verbrandt, te weinig zon en ze kan niet groeien. Te veel water en de plant gaan rotten, te weinig water en ze verdort.
Zo is het ook met ons, mensen, en met onze gezondheid. We hebben voedsel en voedingsstoffen nodig in de juiste hoeveelheden. Je kunt dat letterlijk nemen, maar ook figuurlijk. Voedsel is ook: rust en ontspanning, een zinvolle dagtaak, beweging, contact met mensen, met dieren, met de natuur, … Vitaliteit ontstaat uit al deze voedingselementen in de juiste mate. Teveel maakt dat je overkop gaat, te weinig zorgt voor verveling, depressie, bore-out.
Als je vitaliteit vermindert of verloren gaat, kan een gezondheidsbegeleider je weer op het juiste pad helpen. Luisterend naar je verhaal probeert een gezondheidsbegeleider op het spoor te komen van de oorzaak van die verminderde vitaliteit. Als je die oorzaak ontdekt en daar iets aan gaat doen, dan volgt nieuwe energie, nieuwe levenskracht, nieuwe vitaliteit als vanzelf. Een goede gezondheidsbegeleider gaat niet, zoals in klassieke geneeskunde zo vaak gebeurt, de symptomen van je klacht aanpakken, maar de oorzaak die daaronder zit. Ik geef een voorbeeld: iemand met hartklachten zal bij een arts medicijnen krijgen om de klachten te onderdrukken. Een gezondheidsbegeleider zal op zoek gaan naar de oorzaak van die klachten. Ligt de oorzaak van de klachten eerder bij een te gejaagd en te stressvol leven? Of ligt die oorzaak eerder bij een leven met te veel eten en te weinig beweging? In het eerste geval zal een gezondheidsbegeleider werken op ontspanning, in het tweede geval eerder op aanpassing van het voedingspatroon en stimuleren tot meer beweging. Eén klacht, twee verschillende oorzaken en dus ook twee verschillende manieren van aanpakken … die allebei wel meer vitaliteit tot gevolg zullen hebben.
Als je kijkt naar de tools die een gezondheidsbegeleider daartoe gebruikt, dan zijn er tools die meer materieel werken en tools die meer energetisch werken. Bij de meer materiële tools behoren voeding, voedingssupplementen, kruiden, dieptemassage. Bij de meer energetische tools horen homeopathie, Bachbloesems, voetreflexologie, relaxatiebegeleiding, gespreksbegeleiding. Al meer dan eens mocht ik in de praktijk zien dat mensen – met de juiste tools op de juiste plaats – aan levenskracht winnen. Ze vinden nieuwe energie, nieuwe vitaliteit. Ze gaan weer stralen, vinden Léven voor zichzelf en iets daarvan vloeit over naar de wereld rondom. Dat is hoe vitaliteit eeuwig kan zijn, ook als iemand zwakker wordt en zelfs als iemand sterft. Iets van die mens blijft, omwille van dat wat hij betekend heeft.
Als ik dus met mensen aan hun gezondheid werk, dan is mijn droom niet alleen dat ze zonder klachten zouden zijn. Nee, ik hoop voor ze dat ze die vitaliteit vinden die nodig is om te Léven, tot over de grenzen van de dood heen.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Eindelijk wordt het weer wat beter. De dagen zijn al goed gelengd, we zien de zon weer vaker en de temperaturen worden stilaan aangenaam. En dan zie je het gebeuren: wandelaars en fietsers duiken overal op, liefhebbers gaan weer aan de slag in de tuin, mensen trekken massaal naar buiten, de natuur in.
En dan ga ik aan het mijmeren rondom die vraag: wat is dat toch, dat ons naar buiten trekt?
Wellicht zijn we, na die lange winter, het binnen zitten beu. We voelen ons wat stram en stijf, we hunkeren naar beweging. Ons lichaam heeft in die winterse tijd van lekker lui lang binnen zitten wat extra afval opgestapeld. Onze spieren zijn verzadigd van ‘slakken’ en dat voelen we. Willen we die ‘slakken’ die zich ook vertalen in voorjaarsmoeheid kwijt, dan is het heilzaam om naar buiten te trekken. Die eerste wandeling, dat eerste ritje op de fiets pompt wat extra bloed de spieren in. Dat bloed brengt zuurstof binnen en neemt afval mee naar buiten. Zo heelt ons lichaam zichzelf en voelen wij ons weer een heel pak fitter.
Misschien lonken ook dat frisse groen, die tere bloesems aan heel wat bomen en struiken. De natuur herleeft, en wij doen mee. Het is alsof de jeugdigheid van de natuur ook in ons de jeugd weer wakker roept. Wist je dat alleen al het zien van een brokje natuur ons in een reset-modus brengt? Men heeft daar onderzoek naar gedaan en men kwam tot de conclusie dat het alleen nog maar kijken naar een natuurbeeld het stressniveau naar beneden kan halen. Ik hoef je vast niet te vertellen dat het verblijven in de natuur vele malen sterker werkt dan het kijken naar een foto.
Wandelaars komen, meer nog dan fietsers, terecht in een tempo op mensenmaat. Het is het ’tempo van te voet’. Zo zijn wij geschapen, en dat langzame tempo is dan ook het meest heilzaam voor ons. Wij leven vaak zo vlug, dat ons brein het niet meer snappen kan. We rijden van hot naar her, we zappen en we scrollen dat het geen naam heeft en onze dagen zitten vol met het ene flitsende ding na het andere. Dat maakt dat ons basis-stressniveau vele malen hoger ligt dan bij onze voorouders van nog maar zo’n honderd jaar geleden. Wij moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan, dag in en dag uit, en dat maakt ons kwetsbaar. Op tijd en stond stilvallen tot bewegen op mensenmaat heelt ons van die ratrace.
Wie aan het tuineren slaat, komt rechtstreeks in contact met moeder aarde. Zij is het uit wie wij voortkomen en naar wie wij terugkeren. Zij is het die ons voedt en kleedt en grond onder de voeten geeft. Dat alles mag je vrij letterlijk nemen. Het meest voedende en het minst belastende is dat wat rechtstreeks uit de natuur komt. Voedsel dat een fabriek is gepasseerd, maakt dat wij chronische welvaartsziekten oplopen. Lucht die door uitlaatgassen vervuild is, maakt ons kwetsbaar. Water dat bezoedeld is met chemische stoffen, verhoogt de toxische lading in ons lichaam. Als moeder aarde een vuilnisbelt geworden is, hebben wij geen plek meer om te leven. We doen er dus goed aan om zorg te dragen voor de aarde, het water, de lucht, de bomen en de planten. Als zij gedijen, doen wij dat ook. Wij zijn een deel van moeder aarde, en als wij dus de natuur in trekken, dan keren we terug naar de bron van alle leven, ook dat van ons.
En ja, dat alles voel ik ook aan mezelf. Het is tijd om weer naar buiten toe te gaan. Bloggen is een winterse activiteit. Dit wordt dus mijn laatste blog voor dit seizoen. In het najaar mag je mij weer verwachten, heel wat ‘natuurlijke’ ervaring rijker. Ik wens alvast ook jou een zalige zomertijd toe. Misschien ontmoeten we elkaar wel eens, ergens in een brokje natuur. En is dat niet het geval, dan hoop ik dat we elkaar weer vinden in een wat nieuwe schrijfsels na het zomerseizoen.
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.
Pijn is een alarmbel, een signaal dat aangeeft dat iets in jouw lichaam niet werkt zoals het hoort. Er is een defect, er is gevaar. Pijn geeft aan dat jij dringend iets moet doen om dat mankement te verhelpen. Doe je dat niet, dan zullen er brokken vallen. Pijn is zoiets als een lampje dat gaat branden op het dashboard van je auto.
Pijn is dus geen ziekte. Pijn is geen ziekte die beter je met pilletje zo vlug mogelijk verhelpt. Het allereerste wat je zou moeten doen als je pijn hebt, is proberen te achterhalen waar die pijn vandaan komt. Pijn komt immers nooit zomaar, er is altijd een oorzaak van de pijn. En alleen als we die oorzaak aanpakken, kunnen we de pijn definitief verhelpen. Dat je lichaam je pijn bezorgt, zou jou dus eigenlijk dankbaar moeten stemmen. Je weet nu tenminste dat er je iets mankeert, en dus kun je er iets aan doen.
Let wel, je hoort me niet zeggen dat je dan maar pijn moet lijden. Wat je me wel hoort zeggen, is dat je bij pijn altijd eerst ook wat verder zou moeten kijken. Je moet ontdekken waar dat brandende lampje voor staat. En je moet daar iets aan doen. Als de pijn in de tussentijd te hevig is, mag je best een pijnstiller nemen. Dat is geen probleem, als je maar ook de oorzaak van de pijn aanpakt.
Soorten pijn
Pijn door een ziek orgaan
Soms geeft je lichaam je pijn omdat een orgaan niet naar behoren werkt. Denk maar aan de hevige pijn van een nierkoliek, aan de krampende pijn als je hart onvoldoende zuurstof krijgt, aan de pijn van een maagzweer. Je begrijpt dat in al deze gevallen een pijnstiller niet zal doen wat het zou moeten doen, namelijk dat zieke lichaamsdeel weer genezen. Hier moet je herstel brengen aan de zieke nier, het zieke hart, de zieke maag. Dat doe je in eerste instantie door acuut in te grijpen, misschien door een niersteen te laten verbrijzelen of door de kransslagaders rondom je hart weer open te laten maken zodat het bloed weer stromen kan of door medicatie te nemen om die maagzweer te verhelpen. En dat geeft vanzelf verlichting van pijn op korte termijn.
Wil je definitief pijnvrij blijven, dan zal er wellicht ook blijvend aandacht gegeven moet worden aan ‘gezonder leven’. Misschien moet je dan je dieet aanpassen. En wellicht moet je ook werk maken van minder stress in je leven. Als je werk maakt van voldoende beweging, gezonde voeding, voldoende rust en ontspanning, deugddoende contacten met anderen en aandacht voor wat jou echt gelukkige maakt, dan ben je goed op weg naar echte genezing.
Pijn door toxische stoffen in je lichaam
Door onze Westerse manier van leven hebben we nogal wat toxische stoffen in ons lichaam. We eten ze op (cf. pesticiden, kleur- en smaakstoffen, medicijnen), we ademen ze in (luchtvervuiling, gebruik van chemische poetsmiddelen), we smeren ze op de huid (cosmetica, haarverven) … en we produceren ze zelf. Ja, inderdaad, in ons lichaam gebeuren heel wat chemische processen die ook afvalstoffen geven, waarvan sommige behoorlijk giftig zijn. Je merkt dat het best als je wat last hebt met de spijsvertering. Dan blijven er te veel toxische stoffen te lang in maag en darmen, waardoor ze makkelijker opgenomen worden in het bloed. Op die manier geven spijsverteringsklachten soms hoofdpijn.
Al die gifstoffen moeten door onze lever en onze nieren verwerkt en uitgescheiden worden. Dat gebeurt voortdurend, maar wel met verhoogde kracht tijdens de nacht. Daarom ook ruikt de slaapkamer ’s morgens niet zo fris, is de ochtendurine donkerder, maken veel mensen elke morgen stoelgang. Dat zijn immers allemaal resultaten van een goed werkende afvalverwerking in ons lichaam.
Als er meer toxische stoffen in het lichaam aanwezig zijn dan er tijdens een etmaal uitgescheiden kunnen worden, dan stapelen die toxische stoffen zich ergens in ons lichaam op. Het meest veilig kan dat in onze vetcellen. We worden dan wel dikker, maar we gaan er niet van dood. Bij veel mensen wordt een teveel toxische stoffen ook opgeslagen in spieren en gewrichten. Dat geeft klachten van stramheid, pijn bij beweging, een verkrampt gevoel.
De oplossing ligt hier dus enerzijds in het verminderen van de hoeveelheid toxische stoffen die we binnenhalen. Dat door vb. biologisch te gaan eten, door natuurlijke poetsproducten of cosmetica te gaan gebruiken, door algemeen te werken aan gezondheid zodat je minder medicijnen nodig hebt. Anderzijds kunnen we ook ons lichaam helpen om de aanwezige toxische stoffen makkelijker te elimineren. Het eten van voldoende groenten is daar heel belangrijk voor. De lever heeft namelijk heel wat stofjes nodig bij het ontgiftingsproces, en die halen we vooral uit groenten. Ook een goede nachtrust is van essentieel belang, dat begrijp je wel. En dieptemassage maakt vastzittende toxische stoffen weer los en geeft ze af aan het bloed, waardoor die toxische stoffen de lever en de nieren weer passeren om te worden uitgescheiden.
Pijn door spanning
Veel pijnklachten ontstaan door spanning. Als de spieren in je lichaam te strak gespannen staan, geven ze druk op de pezen en de gewrichten waarmee ze in contact staan. Lang aanhoudende druk op die gewrichten zorgt ervoor dat er slijtage komt. In de rug ontstaat op die manier een hernia, waarbij zenuwen gekneld raken. In heupen, knieën en enkels, in schouders, ellebogen en polsen komt sleet op het kraakbeen, en dat veroorzaakt pijn. Uit ervaring met dieptemassage weet ik dat veel van die pijnklachten verdwijnen als de spieren rondom weer losgemaakt worden.
Ook hoofdpijn kan ontstaan door spanning. De spanning vanuit de rug, de nek en schouders trekt dan naar boven toe, naar het hoofd. Het is dan alsof je hoofd helemaal verkrampt zit. Het losmaken van de spieren in rug, nek en schouders kan bij hoofdpijn een wereld van verschil maken.
Pijn door spanning kan dus weggewerkt worden. Twee dingen kunnen daarbij schitterend helpen: voldoende beweging – zonder daarbij te overdrijven, want dan bouw je nieuwe spanning op – en op tijd en stond een goeie dieptemassage.
Zenuwpijnen
Niets zo pijnlijk als zenuwpijnen. Denk maar aan tandpijn of voortdurende hoofdpijn of rugpijn door een hernia. Kloppende, borende, schietende, zeurende, ondraaglijke pijn. Ook hier moeten we op zoek naar de oorzaak van de pijn.
Tandpijn is pijn door een ziek orgaan. Die tand moet hersteld of eruit, eerder zal de pijn niet overgaan. Bij hoofdpijn gaat het vaak om een teveel aan toxische stoffen in het bloed. Het lichaam helpen bij het uitscheiden van die stoffen kan wonderen doen. Een hernia ontstaat door te veel spanning op de spieren rondom. Die spieren moeten dus losgemaakt worden, alleen dan kan een hernia pijnloos worden en misschien zelfs zichzelf herstellen. Het gaat er bij zenuwpijn dus altijd om te zoeken naar waarom die zenuw pijn geeft. Pak de oorzaak aan en de pijn verdwijnt vanzelf.
Over de gevaren van pijnstillers
Pijnstillers worden zonder voorschrift verkocht. Ieder mag ze naar believen gebruiken. Ze lijken onschadelijke wondermiddelen. Niets is echter minder waar.
Door het gebruik van pijnstillers zonder naar de oorzaak van de pijn op zoek te gaan, geneest er niets in het lichaam. De eigenlijke klacht blijft bestaan. En omdat je de pijn niet meer voelt, belast je de zieke plek in je lichaam misschien wel nog meer. Je brengt meer schade toe.
Pijnstillers zijn, net als andere medicatie, chemische stoffen die je lever zwaar belasten. Op de spoeddienst van ziekenhuizen krijgt men meer en meer mensen binnen met zware leverklachten door normaal gebruik van pijnstillers. Van zo’n spoedarts hoorde ik, dat dit meestal fataal is. Op het moment dat mensen daarvoor het ziekenhuis binnenkomen, is er niets meer aan te doen. Leverfalen door pijnstillers leidt onherroepelijk tot de dood.
Daarom dus de oproep: Heb je ergens pijn, zoek dan naar de oorzaak van die pijn en doe daar iets aan!
Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.