Bloedvaten zijn als rivieren die het land van water voorzien

Je bloedvaten, een stelsel van buizen

Vorige keer vertelde ik je over je bloed, die bron van leven die door je lijf stroomt. Dat bloed moet letterlijk overal in je lichaam passeren. Wat geen bloed krijgt, gaat dood. Om dat mogelijk te maken heeft ons lichaam een ingenieus buizensysteem met daaraan gekoppeld een motor. Over de motor hebben we het volgende keer. Vandaag bekijken we het buizensysteem.

Je kunt dat buizensysteem een beetje vergelijken met om het even welk ander ‘watersysteem’. Denk vb. aan de waterlopen die het land vochtig houden of misschien nog meer aan het buizensysteem van de vloerverwarming. Het beeld van de waterlopen geeft ons een idee van grote rivieren, over steeds kleinere waterlopen, tot de beekjes rondom iedere wei of akker. Er is aanvoer en afvoer van vocht. Het beeld van de vloerverwarming toont ons een gesloten buizenparkoers, waar het water doorheen stroomt omdat er een motor is die het voortdurend in beweging houdt. Zo komt de warmte overal. De combinatie van beide geeft ons een goed idee van het buizenstelsel in ons lichaam.

Het buizenstelsel van onze bloedsomloop bestaat uit een kleine bloedsomloop en een grote bloedsomloop. De kleine bloedsomloop brengt zuurstofarm bloed van het hart naar de longen en weer terug. In de longen wordt het bloed verzadigd met zuurstof. De grote bloedsomloop brengt het van zuurstof verzadigde bloed naar elke plek in je lichaam. Elke cel krijgt van het bloed de nodige zuurstof om voedsel tot energie te kunnen verbranden.

En dan is er een tweede belangrijke functie van die bloedsomloop. Rondom onze darmen zitten heel veel kleine bloedvaatjes. In die bloedvaten wordt het verteerde voedsel opgevangen en via een grotere ader, de poortader, naar de lever getransporteerd. In de lever worden al die voedingsstoffen gezuiverd, opgeslagen en weer vrijgemaakt al naar gelang de noden. Ook dat gezuiverde voedsel gaat uiteindelijk via het bloed mee naar elke plek in je lichaam. Naast zuurstof krijgt elke cel ook de nodige bouwstoffen en voedingsstoffen. Zo houdt je lichaam zichzelf in stand.

Ik hoef je dus niet te vertellen dat het buizensysteem van slagaders, haarvaatjes en aders van groot belang is. We moeten er dus zeker zorg voor dragen.

Kwalen van de bloedvaten

In wezen zijn er twee grote categorieën van kwalen:

  • De bloedvaten gaan stuk. Ze scheuren en het bloed vloeit weg.
  • De bloedvaten vernauwen, waardoor het bloed niet meer stromen kan.

In beide gevallen krijgen delen van je lichaam onvoldoende bloed toegevoerd, en dat heeft kwalijke gevolgen.

De bloedvaten gaan stuk

… en dat kan in het mini of in het maxi. In het eerste geval heb je je misschien ergens gestoten, en kneusden daardoor een paar haarvaatjes. Wellicht kreeg jij op die plek een bloeduitstorting, een blauwe plek. Of je sneed jezelf met een mes in de vingertoppen. Het bloedt even, maar bloed raakt ook makkelijk weer gestelpt. Eigenlijk is er dan niet zoveel gevaar. Je lichaam is beslist capabel om dit soort kleine verwondingen uit zichzelf te helen.

Ernstiger is het natuurlijk als de kwetsuur groter is en het bloed zomaar blijft wegstromen. Denk vb. aan een ongeluk met zware fysieke letsels. Het bloedverlies bij zo’n accident kan dodelijk zijn. Of denk aan een harde stomp in de buik, waarbij je ingewanden gekwetst werden. Het bloed stroomt dan niet letterlijk naar buiten, maar het stroomt wel uit de gekwetste ingewanden je buikholte in. Ook dat is, als er niet tijdelijk gepaste hulp wordt ingeroepen, dodelijk.

En dan is er ook nog de kwestie van de staat waarin je bloedvaten zich bevinden. Zoals overal in het lichaam kennen ook de bloedvaten slijtage. Als er te veel druk op de buizen wordt uitgeoefend, worden ze kwetsbaar voor kleine scheurtjes. Ook een teveel aan suiker in het bloed, maakt dat de vaatwanden aangetast worden. En dan hebben we ook nog allerlei toxische stoffen die we met ons voedsel mee naar binnen krijgen, die een nefaste invloed op onze bloedvaten uitoefenen. Naarmate we ouder worden, is er dus meer herstelwerk nodig.

De bloedvaten vernauwen

Een eerste manier waarop de bloedvaten vernauwen is net door het herstelwerk dat nodig is als onze bloedvaten stuk gaan. Kleine scheurtjes worden quasi continu hersteld. Dat gebeurt door cholesterol. En nu hoor ik je natuurlijk denken: ‘Cholesterol? Die grote boosdoener als het gaat om hart en bloedvaten?’ Wel, cholesterol is helemaal niet die grote boosdoener die men ervan gemaakt heeft. Cholesterol is van levensbelang, en dat niet alleen bij het dichtmaken van al die kleine scheurtjes in onze bloedvaten ontstaan. Daar schreef ik eerder al over in de blog ‘De cholesterolmythe’.

Bloedvaten vernauwen ook als ze verkrampen, en dat gebeurt bij stress. Wie voortdurend in stress leeft, krijgt makkelijk een hoge bloeddruk, net omdat de bloedvaten vernauwen.

Adviezen om de bloedvaten gezond te houden

Aanpassen van je levensstijl

  • Ga meer bewegen. Beweging helpt het bloed in je lijf mee in beweging houden. Je hart pompt immers het bloed naar de verste uiteinden, maar beweging zorgt ervoor – door het gebruiken van je spieren als pomp – om het bloed terug naar het hart te krijgen.
  • Kies voor gezonde voeding, recht uit de natuur. Vermijd voeding die ontsteking bevordert – suiker in al z’n vormen, witmeelproducten, omega 6 vetzuren in de meeste oliën en in margarine, transvetzuren, toxische stoffen.
  • Heb je overgewicht, probeer dan af te vallen. Vooral buikvet is enorm schadelijk, het scheidt uit zichzelf al ontsteking bevorderende stoffen uit.
  • Verminder de stress in je leven. Zoek naar dingen die jou echt ontspanning geven.
  • Stop met roken.

Aanpassen van je voeding

Af te raden

  • Transvetzuren, te veel aan omega 6 vetzuren.
  • Geraffineerde suiker, witmeelproducten.
  • Overvoeding. Stop met eten als je voor 80% vol bent.
  • Te veel alcohol.
  • Te veel koffie.
  • Te veel frisdranken, te veel vruchtensappen.
  • Te veel natuurlijke, ongeraffineerde suikers. Wees dus ook matig met honing, ahornsiroop, ongeraffineerde ruwe rietsuiker, agavesiroop, …

Aan te raden

  • Vetten: Boter, kokosolie, ongeraffineerde oliën van eerste, koude persing (extra vierge), met olijfolie als betere keuze, vette vis met z’n omega 3.
  • Volop verse groenten en fruit, omwille van de beschermende antioxidanten.
  • Noten en zaden.
  • Volle granen.

Nuttige voedingssupplementen

  • Gefermenteerde knoflook heeft een goede invloed op hart en bloedvaten. Verse knoflook helpt ook, maar kan niet in zo’n hoeveelheid ingenomen worden als nodig, zonder ook schade te veroorzaken. Gefermenteerde knoflook werkt bloed verdunnend, verlaagt mild de cholesterol, zorgt ervoor dat de bloedvaten soepel blijven, gaat atherosclerose tegen. Kortom, gefermenteerde knoflook werkt op zowat alle aspecten die het onze bloedvaten moeilijk maken.
  • OPC’s uit de schors van de zeeden werkt vooral in op de kleine bloedvaatjes. Het is ook meer aan te raden voor vrouwen, vb. bij spataders.
  • Stikstofmonoxide, vb. uit rode bietensap, want dat ontspant de wand van de bloedvaten, waardoor ook de bloeddruk vermindert.
  • Kurkuma, omdat die de ontstekingen in je lichaam remt. Kies wel voor een goed preparaat, want kurkuma wordt uit zichzelf moeilijk in het lichaam opgenomen.
  • De omega 3 vetzuren EPA en DHA.

Symbolische betekenis van de bloedvaten

Staat het bloed voor leven, vitaliteit, energie, dan zijn de bloedvaten de verkeerswegen van de levenskracht. Het zijn energiewegen, ze zorgen voor transport van vitaliteit en energie. Het zijn ook communicatiewegen. Ze zorgen voor de aan- en afvoer van wat nodig is.

In je bloedvaten is altijd een zekere druk aanwezig, de bloeddruk. Bij een te hoge bloeddruk moet het hart te hard werken en kunnen de bloedvaten scheuren. Bij een lage bloeddruk ga jij je flauw en duizelig voelen. Als in je bloed jouw levensopdracht vervat zit, dan staat een hoge bloeddruk voor het harder vragen aan jou dat je toch met je levensopdracht zou bezig zijn. Je ziel wil dat jij met enthousiasme bezig bent met dat wat bij jou past. Doe je dat niet, dan ontstaat er stress, want je ziel wil dat jij wordt wie je in wezen bent. Doe je dat, dan ervaar je een wegvallen van heel wat stress, en dan kan het enthousiasme weer stromen.

Een te lage bloeddruk, met de daarbij gepaard gaande duizeligheid, zegt ons hetzelfde, maar op een iets andere manier. Het is alsof je ziel tegen je zegt: ‘Als jij dan toch niet bezig bent met je levensopdracht, dan trek ik de stekker er even uit. Ik zorg ervoor dat jij niet verder kunt op dat verkeerde pad.’ Je wordt als het ware gedwongen om even stil te staan bij waar je (niet) mee bezig bent.

Acute en chronische problemen

Het moge duidelijk zijn dat bij acute problemen met je bloedvaten het absoluut het allerbeste is je te laten helpen door onze Westerse klassieke geneeswijzen. Daar kunnen medische beeldvorming, operaties, medicijnen je het leven redden. Aarzel dus bij acute problemen niet over wat je hoort te doen.

Maar als je na zo’n acuut probleem gewoon verder doet zoals je bezig was, dan loopt het binnen de kortste keren weer fout. Vaak ligt bij een acuut probleem een chronisch probleem aan de basis. En juist daar is het wijs om op een complementaire manier aan de slag te gaan. Verminder stress, ga meer bewegen, ga gezonder eten, … en laat je daarbij misschien helpen door iemand die niet focust op ziekte, maar juist op gezondheid. En dat is nu net wat wij, gezondheidsbegeleiders, voor je doen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Bloed dat door een ader stroomt

Leven dat door je lijf stroomt

Kedoem! Kedoem! Kedoem!
Woesssssh! Woesssssh! Woesssssh!

Het hart klopt.
Het bloed stroomt door je lijf.
Leven bereikt elk orgaan, elke spier, elk stukje van jou.

Het cardiovasculair stelsel

Ik beloofde je dit jaar af en toe iets meer te vertellen over één of ander aspect van ons lichaam. Daarom begin vandaag een ‘minireeks’ over het stelsel van hart en bloedvaten. En ja, je leest het al: ik noem hart en bloedvaten. Wat ik niet noem is misschien wel het allerbelangrijkste, nl. het bloed, en daar heeft niemand het ooit over. Ik doe wat eigenwijs en ik begin mijn verhaal bij dat bloed. Het bloed noem ik ‘leven dat door je lijf stroomt’. Stel dat het hele cardiovasculair stelsel – dat is het stelsel van hart en bloedvaten – in perfecte staat was, maar dat er water door je lijf stroomde in plaats van bloed, het zou niet lang duren of je leven hield op te bestaan.

Het cardiovasculair stelsel is dus eigenlijk alleen maar de machine – de motor en het buizenstelsel – die dient om het bloed overal in het lichaam te krijgen. En ja, we moeten ervoor zorgen, voor dat cardiovasculair stelsel, want zonder de machine stroomt het leven niet meer, en stilstand betekent dood. Daar schrijf ik dus zeker volgende keren over. Vandaag nog niet, vandaag schrijf over ‘bloed’, omdat het bloed de levenskracht symboliseert, de stroom van leven doorheen ons hele lijf.

Bloed

Bloed is een heel bijzonder sap. Het is de stoffelijke drager van het leven. Bloed voorziet elke cel in ons lichaam van voedingsstoffen enerzijds en van zuurstof anderzijds. Met die twee kunnen onze cellen alle energie produceren die wij nodig hebben om ons lichaam gezond te houden én om alles te doen wat wij willen doen. Als dat systeem mankeert, dan valt plots alle energie weg. Denk maar aan bloedarmoede, wat betekent dat het bloed te weinig rode bloedcellen bevat. Die rode bloedcellen staan in voor het transport van zuurstof. Bij een gebrek aan zuurstof kunnen de cellen geen energie produceren, want zuurstof is nodig om voedingsstoffen te verbranden en zo energie te doen ontstaan. Wie ooit al bloedarmoede heeft gehad, die weet het wel. Je hebt dan nergens energie voor. Je voelt je zo slap als vod.

Bloed doet ook het omgekeerde. Het vervoert de afvalstoffen naar de longen, de nieren en de lever. Daar worden die afvalstoffen uit het bloed gezuiverd en naar buiten toe gestuurd. We ademen koolzuurgas uit, we plassen in water oplosbare afvalstoffen uit en via de stoelgang worden de vaste en de in vet oplosbare afvalstoffen uitgescheiden. Het bloed doet dus zijn uiterste best om ons innerlijk milieu schoon te houden. Als de balans echter doorslaat en er zich te veel afvalstoffen in ons lichaam bevinden, dan lukt dat niet helemaal. Dan krijgen we last van moeheid en lusteloosheid, van stramme spieren en pijnlijke gewrichten, van chronische ziekten van diverse aard. Als je dat soort dingen voelt, dan is het wellicht tijd voor een grote schoonmaak. Dan zorg je ervoor dat je lichaam minder blootgesteld wordt aan alles wat toxisch is – je gaat minder en schoner eten, vb. – zodat je bloed zich kan concentreren op het elimineren van alles wat niet in je lichaam thuishoort.

Bloed zorgt ook voor een stabiel innerlijk milieu. Het reguleert de warmtehuishouding, de hormonale huishouding, de zuurtegraad in je lichaam. Het bloed detecteert het minste onevenwicht, signaleert dat aan de nodige systemen of organen en zorgt er op die manier voor dat je lichaam zo goed mogelijk blijft functioneren. Hier is je eigen zelfgenezend vermogen optimaal aan het werk.

Daarnaast bevat je bloed ook diverse soorten soorten witte bloedcellen. Die maken samen je immuunsysteem uit, je afweersysteem tegen ziektekiemen. En tenslotte bevat je bloed ook bloedplaatjes, die ervoor zorgen dat kwetsuren worden hersteld en dat bij een wonde bloedverlies tot een minimum wordt beperkt.

Het moge duidelijk zijn: zonder bloed kan geen enkel systeem in ons lichaam functioneren. Bloed is letterlijk van levensbelang.

Symboliek van bloed

Juist omwille van het grote belang van bloed in ons lichaam, krijgt dat bloed de symboliek van ‘leven’. Dat zie je bijvoorbeeld in oude culturen, waar in een religieus ritueel een mens of een dier geslacht wordt en waarvan het bloed over mensen en akkers wordt geplengd. Men geloofde dat een bloedig offer in het prille voorjaar voor voorspoedig leven zou zorgen in het hele komende jaar. Vrouwen zouden vruchtbaar blijken, akkers zouden veelvoudig vruchten voortbrengen, de mensengemeenschap zou een voorspoedig jaar gegund worden.

Diezelfde symboliek vind je terug in het aangaan van een bloedbroederschap. Twee krijgers vermengden, via een snee in beider hand, hun bloed met dat van de ander. Hiermee gaven ze aan elkaar de eed: ik sta met mijn leven in voor dat van jou, en jij doet hetzelfde voor mij. We zijn niet langer twee, we zijn één in hart en ziel.

Als we die symboliek doortrekken, dan kunnen we zeggen dat iedere druppel bloed een blauwdruk van jouw hele leven bevat. Je bloed staat voor jou, voor je leven, voor wie jij ten diepste bent. Er is een spreuk, die zegt: ‘Het bloed kruipt waar het niet gaan kan.’ Die spreuk betekent zoveel als: Je ware aard kun je niet verbergen. Je passie zal aan de oppervlakte komen, en je zult er iets mee moeten doen. Bloed staat dus niet alleen voor ‘leven’, maar ook voor ‘levensopdracht’. Zo uniek als jouw bloed is, zo uniek is ook je levensopdracht. Ga je onzorgvuldig om met je levensopdracht, dan doe je dat in feite ook met je bloed. Immers, je bloed informeert op elk moment elke cel in je lichaam waar jij toe geroepen wordt. Je hele lichaam wil met die levensopdracht aan de slag. Doe jij daar niets mee, dan ga jij je steeds minder goed voelen en uiteindelijk word je ziek. Ziekte is in die zin altijd een beetje een wake-up-call. Ziekte zegt: ‘Hé, word wakker, jij, en doe nu eindelijk eens wat je zou moeten doen. Ga aan de slag met die passie die leeft in jou.’

Hou je bloed gezond

Je bloed gezond houden, dat doe je dus tweeërlei:

  • Je zorgt voor een balans tussen aanvoer van leven brengende stoffen en afvoer van afvalstoffen. Je gunt je lichaam voldoende kansen om afval op een efficiënte manier af te voeren.
  • Je gaat aan de slag met je levensopdracht. Je valt regelmatig even stil om te voelen, te ontdekken waar het in jouw leven om draait, en daar ga je dan mee aan de slag. Je zult zien dat het je voldoening geeft en vreugde en diep geluk, als je dat doet.

Heb je hulp nodig bij het één of het ander, dan kun je bij mij of bij één van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders terecht. Wij helpen je graag vooruit, zowel op dat fysieke als op dat spirituele vlak.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

 

Foto van een vermoeide vrouw met allemaal krabbels en pijlen rond haar hoofd.

Zoveel langdurig zieken …

Er zijn zoveel langdurig zieken …
Dat hoor je de laatste tijd wel vaker. Als gezondheidsbegeleider is dat natuurlijk iets wat mij wel raakt. En dan vraag ik me af hoe we daar terecht gekomen zijn en wat kunnen doen om het weer beter te maken. Vandaag mijmer ik daar wat over. En nee, ik zeg het je al bij voorbaat, een quick fix voor dit probleem heb ik niet. Wellicht gaat het erom dat onze hele maatschappij vraagt om een ommekeer …

Twee soorten langdurig zieken

Jawel, als ik de gezondheid van mensen vandaag bekijk, dan zie ik twee soorten langdurig zieken.

  • Je hebt die mensen die vanaf een bepaalde leeftijd medicijnen moeten slikken, en daar voor de rest van hun leven niet meer van af geraken. Het begint met een medicijn tegen een te hoge bloedsuiker of een te hoge bloeddruk of een te hoog cholesterol of nog wel wat anders. En inderdaad, het begint met dat ene medicijn, … dat nooit meer weggaat. Integendeel, op dat ene medicijn volgen andere, tot een mens op een bepaald moment een batterij aan medicijnen moet slikken, vaak om de nevenwerkingen van eerder voorgeschreven medicijnen onderdrukken. Deze mensen lijken wel gezond, maar ze zijn het niet. Ze zijn chronisch ziek, en zolang dat nog gaat, wordt de ziekte onderdrukt. De medicijnen mogen niet gestopt worden, want dan duiken al die onderdrukte symptomen weer op. Vroeg of laat komt er een moment dat de ziektesymptomen zich niet meer laten onderdrukken, en dan gaat het grondig mis. Dan krijg zo iemand een hart- of een herseninfarct of kanker. Of dan slaat het immuunsysteem tilt en valt het lichaam zichzelf aan.
  • Je hebt ook mensen die crashen. Zij kunnen de ratrace van onze maatschappij niet aan. Ze proberen te voldoen aan alles waar anderen aan lijken te voldoen, maar gaan daaraan kapot. Ik zie het gebeuren in mijn dichte omgeving, dat mensen overkop gaan. Wat onze dolgedraaide maatschappij van ze vraagt, kunnen zij niet aan. Deze mensen zijn indicatoren voor wat fout loopt in onze maatschappij. Die eerste soort langdurig zieken blijven nog rechtop, zij het met chemische hulpmiddelen. Bij deze tweede soort langdurig zieken helpen dat soort maatregelen niet. Zij zijn kwetsbaarder op emotioneel en mentaal niveau. Ze krijgen klappen op psychisch vlak en kunnen daardoor niet langer mee in wat wij ‘normaal’ vinden.

Te veel op ons bordje

We leven te vlug, te intens, te actief. We hebben een job die veel van ons vraagt. We hebben schulden die we afbetaald moeten krijgen, en dus moeten partners liefst allebei fulltime uit werken gaan. Het gezin vraagt veel, want ook onze kinderen hebben een vol bordje: school, muziekschool, sportclub, jeugdbeweging, … Het is vaak een hele puzzel om elk gezinslid op het juiste moment op de juiste plaats te krijgen. En wij, we lopen ons te pletter om al die ballen hoog in de lucht te houden. We houden dat een tijdje vol, vanuit het idee wellicht dat het zo hoort. Anderen doen het immers ook, dan moeten wij dat toch ook wel kunnen.

Maar niet ieder heeft eenzelfde hoeveelheid weerbaarheid meegekregen. Vroeg of laat krijgt die weerbaarheid een knauw, en dan crash je. Al naar gelang waar je zwakste plek zich bevindt, zul je daar fysieke, emotionele, mentale of spirituele klachten van krijgen.

  • Lichamelijk:
    • Een zwakke rug die je belet om over je grenzen te gaan.
    • Hartklachten, waardoor je het rustiger aan moet gaan doen.
    • Kanker, die je verplicht om al die drukke bezigheden stop te zetten.
  • Emotioneel:
    • Je krijgt angstaanvallen die je beletten om nog het onbekende tegemoet te gaan.
    • Je wordt zo gemakkelijk kwaad, je hebt geen zin meer om dingen te doen die je niet wil doen.
    • Je komt terecht in een spiraal van moedeloosheid, melancholie, depressiviteit.
  • Mentaal:
    • Je wordt hard naar anderen toe, meedogenloos, je gaat over lijken.
    • Je wordt onverschillig, niets kan je nog raken.
    • Je geest laat het afweten, je vergeet de wereld rondom, je dementeert.
  • Spiritueel:
    • Je hebt geen zin meer in het leven, alles lijkt je zo leeg.
    • Je ervaart geen liefde, je voelt je zo intens alleen op de wereld.
    • Je denk aan zelfdoding, en misschien zet je ook die laatste stap nog.

Een zieke maatschappij

Dit alles vertelt mij van een zieke maatschappij. We hebben een economie die alleen denkt aan groei, aan steeds meer winst maken. We hebben een voedingsindustrie die niet de gezondheid van mensen op het oog heeft. We hebben een farmaceutische industrie die niks van voeding afweet en die met chemische middelen mensen in deze tredmolen houdt. We hebben een recreatieve industrie die grenzen opzoekt en weer nieuwe prikkels geeft. We leven in een maatschappij van nog, nog, nog, nog, nog, … We maken onszelf én onze aarde kapot.

En dan komt maar één woord in mij op: STOP!!!

Hoe een uitweg te vinden?

Zoals ik al schreef: ook ik heb geen pasklaar antwoord op deze vraag. Ik heb alleen het begin van een manier van denken. En die gaat als volgt:

  • Gezondheid vinden we maar als we weer gaan luisteren naar wat leeft in ons binnenste. Ieder van ons heeft unieke talenten, unieke mogelijkheden en dus ook een uniek levenspad. Alleen als we ons op ons eigen levenspad begeven, zullen we voldoening, vervulling en dus ook gezondheid vinden.
  • Dat vraagt dat we weer tijd maken om bij onszelf te verblijven, om te voelen en te ervaren wat ons boeit, wat ons aantrekt. Aan die tijd ontbreekt het ons heel vaak. Willen we die tijd vinden, dan moeten we andere dingen uit ons leven bannen. Misschien moeten we minder tijd doorbrengen met onze smartphone of computer, misschien moeten we minder uithuizig gaan leven, misschien moeten we een aantal van die dingen die we van onszelf moeten op een lager pitje zetten. Als daar maar tijd uit vrijkomt, die we besteden aan onszelf, aan onze binnenkant.
  • We moeten weer leren onderscheiden. In het naar binnen keren, ontdekken we wellicht wat vreugde geeft en wat niet, wat bij ons past en wat niet, waar we zin in vinden en waarin niet. We moeten weer horen naar de eigen stem in ons binnenste. En dan komt het moeilijkste …
  • Het leven vraagt van ons dat we gehoorzaam worden aan die innerlijke stem. Let wel, het gaat hier niet om oppervlakkige gehoorzaamheid, vb. aan een ander die zegt wat we moeten doen of aan de wetten van de maatschappij. Het gaat om horen naar ons eigen wezen en dan doen wat die innerlijke stem van ons vraagt. En dat kan wel eens radicaal ingaan tegen wat ‘normaal’ is, tegen wat ‘men’ van ons verwacht.

Met dit schrijven hoop ik bij jou een vuurtje te hebben aangewakkerd om mee die innerlijke weg te gaan. Wijzelf én onze maatschappij hebben nood aan deze ommekeer, die er op maatschappelijk vlak echter maar kan komen als meer en meer individuen deze weg gaan.

En waaraan weet je of je goed zit: als jouw leven je meer en meer echte vreugde geeft en diep geluk. Je zult het misschien niet gemakkelijk hebben, je zult mensen om je heen verliezen, je zult het financieel wat minder hebben, … maar je zult ervaren dat je leven je voldoening geeft. En dat Léven, dat wens ik jou en mezelf en allen in onze maatschappij van harte toe.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Het gezicht van een meisje, vol acné

GEZONDHEID-WIJZER bij huidklachten

De minst erge manier van ziek zijn

De mens is wezenlijk één. Toegegeven, we kunnen de mens onderverdelen in domeinen en in stelsels, maar wezenlijk zijn we één. En als één deel van de mens ziek is, dan is de hele mens ziek. Toch kunnen we gradaties van ziekte – en dus ook van gezondheid – onderkennen. Een mens bestaat uit een fysiek, een emotioneel, een mentaal en een spiritueel aspect.

  • Fysiek: alles wat het lichaam aangaat, van irritatie van de huid over maag- of longproblemen tot een hartinfarct of een herseninfarct.
  • Emotioneel: alles wat de gevoelens aangaat, van vreugde, blijheid en een gevoel van gelukkig zijn over onverschilligheid tot diep verdriet, woede of agressie.
  • Mentaal: alles wat het denken aangaat, van helder denken en oplossingen kunnen bedenken over een mistig brein tot dementie.
  • Spiritueel: alles wat zingeving aangaat, van ‘er te mogen zijn’ en onvoorwaardelijke liefde over een zoektocht naar de zin van het leven tot levensmoeheid en het niet meer zien zitten en zelfmoordgedachten.

Wie spiritueel ziek is, is het diepste ziek. Daarop volgt mentaal ziek zijn en vervolgens emotioneel ziek zijn. Wie alleen maar ziek is op het fysieke niveau, is het gezondst. En ook binnen dat fysieke niveau is er een gradatie. Het moge duidelijk zijn dat een ontsteking van de hersenen of het hart veel gevaarlijker zijn dan een ontsteking van de longen of de maag. En dat is dan weer een stuk gevaarlijker dan alleen maar een ontsteking van de huid.

Als we het hier hebben over huidklachten, dan hebben we het dus over de minst erge manier van ziek zijn. Toegegeven, een kwaal op huidniveau kan behoorlijk vervelend zijn, maar we gaan er doorgaans niet aan dood. Pas als een huidklacht kanker is geworden – en dat is de verst gevorderde manier van ziek zijn – of als de hele huid zodanig is aangetast dat ze haar functie niet meer kan vervullen, is een huidziekte ook dodelijk. En dat maakt dat we bij een huidziekte alle tijd en alle kansen hebben om die op een natuurlijke manier te helen.

Want ook dit moet je weten: als je een huidklacht onderdrukt, word je dieper ziek. Een huidklacht met cortisone behandelen, zal de huidklacht (tijdelijk) doen verdwijnen, maar op termijn ontstaan daardoor ademhalingsklachten. En als je dan die astma met cortisone behandelt, kan ook die weer verdwijnen, maar dan ontstaan wellicht spierklachten en tenslotte hartproblemen en tenslotte de dood. Huidklachten kun je dus het beste op een natuurlijke manier behandelen. Dat behoedt je voor dieper ziek worden.

Behandeling van buitenaf

Wil je de huid van buitenaf verzorgen, gebruik dan natuurlijke producten. Vermijd gewone geparfumeerde zepen, kies voor een zeep met een neutrale pH-waarde. Gebruik geen gewone make-up, maar alternatieve cosmetica op waterbasis. Gebruik geen synthetische smeersels die de poriën verstoppen, maar gebruik natuurlijke producten.

Om je huid te verzorgen, kun je olie gebruiken:

  • Zoete amandelolie: voedend, verzachtend, verzorgend
  • Jojoba-olie: ontsteking remmend, verstevigt de huid, hydraterend, regelt de talgproductie
  • Avocado-olie: een zeer vette olie die snel intrekt, sterk verzorgend
  • Arganolie: tonicum voor de huid, bijzonder geschikt bij brandwonden, littekens, striae, cellulitis
  • Kokosolie: bruinend, verkoelend na de zon, antibacterieel
  • Abrikozenpitolie: verstevigend, samentrekkend, UV-beschermend
  • Hazelnootolie: bevordert de elasticiteit, te gebruiken bij couperose, spataders, aambeien
  • Zonnebloempitolie: stimuleert de aanmaak van collageen
  • Macadamia-olie: gaat huidveroudering tegen
  • Muskaatroosolie: cel regenererend, vertraagt carcinogene celgroei in de huid
  • Bernagie-olie: regelt de vochtbalans in de huid, verjongend

Is de huid geschonden, dan kun je goudsbloemzalf gebruiken.

Calendula officinalis of goudsbloem

Calendula officinalis of tuingoudsbloem werkt ontsmettend, ontsteking-werend en wond-helend. Calendulazalf kan ingezet worden bij schaafwonden, snijwonden en slecht genezende, etterende wonden. Ze is een zegen bij gevoelige en geïrriteerde huid, bij ruwe en schrale huid, bij kloven.

Ook gel uit het binnenste van de aloe vera is een belangrijke middel in de huidverzorging.

Aloe vera

Aloe vera is een eerste hulp-middel bij droge, schrale en schilferende huid. Ze kan ingezet worden bij brandwonden (eerste en tweede graad) en bij wonden door stralingstherapie. Ze gaat vroegtijdige veroudering van de huid en rimpelvorming tegen.

Behandeling van binnenin

Bij spontane ontsteking van de huid – denk aan acné, zweren, eczeem – is het aangewezen om de huid niet alleen van buitenaf te behandelen. Als de huid irritatie vertoont, ligt de oorzaak daarvan immers vaak in het milieu binnenin het lichaam. De huid staat, via transpiratie en talgvorming, mee in voor het dagelijks ontgiften van het lichaam. Als het lichaam te veel toxische stoffen via de huid probeert te verwijderen, kan de huid daar last van krijgen. Willen we dus een zuivere huid, dan werken we best ook aan een gezonde voeding met weinig toxische belasting.

  • Eet voldoende verse groenten, liefst van biologische kwaliteit.
  • Eet vers fruit
  • Eet volle granen: zilvervliesrijst, quinoa.
  • Eet zure melkproducten: yoghurt, kefir, kwark.
  • Drink voldoende water.
  • Vermijd voedsel waar je allergisch of intolerant voor bent.
  • Vermijd suiker en zoetstoffen.
  • Vermijd alle slechte vetten: geraffineerde oliën, geharde vetten (margarine, mayonaise, sausen).
  • Vermijd een overmaat aan omega-6 vetzuren: maisolie, sojaolie, zonnebloemolie.
  • Vermijd een overmaat aan dierlijke eiwitten: varkensvlees, vaste kazen, koemelk.
  • Vermijd alcohol, koffie, echte thee, chocolade, cola.

Als we daarnaast ook af en toe inzetten op het detoxen van ons lichaam, krijgen huidklachten minder kansen.

Energetische behandeling

Soms blijven huidklachten bestaan, ondanks de beste natuurlijke verzorging zoals hierboven beschreven. De kans is dan groot dat je batterij, je energiepeil wat is gezakt. Je zelfgenezend vermogen kan op dit moment niet de nodige energie opbrengen om de huidklachten de baas te kunnen. Hier kan homeopathie wellicht hulp bieden. Een homeopaat zoekt een passend middel bij het geheel van de klachten die jij vertoont. Hij zoekt naar alles wat ‘strange’ (vreemd), ‘rare’ (zeldzaam)  en ‘peculiar’ (bijzonder) is. Op basis daarvan kiest hij een homeopathisch middel dat jou net die kleine prikkel geeft, waarop je lichaam reageert met een genezende reactie. Je krijgt als het ware dat ene duwtje in de rug, waardoor je energiepeil weer opgekrikt wordt. Niet het homeopathisch middel, maar jouw eigen zelfgenezend vermogen zorgt dan voor de rest.

Heb je huidklachten en zoek je hiervoor verlichting, dan kun je bij mij of bij één van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders terecht.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Mijn wens voor 2025 met daarop de tekst: In het putje van de winter vieren we Léven. Onooglijk klein is het, verborgen in doodgewone dingen. Zie je het niet?

Een kwart eeuw jong

Nee, ik heb het niet over mezelf. Ik ben al lang over de helft, moet je weten. Met de titel hierboven wil ik je aandacht vestigen op het millennium waarin we leven. Precies 25 jaar geleden leek het alsof de wereld zou vergaan. Vol spanning zaten we te wachten of niet alle computers zouden crashen, weet je nog wel. En dat zou desastreuze gevolgen hebben, want niets zou nog werken zoals het hoorde. Toen we de overgang maakten van oud naar nieuw bleek dat er niks aan de hand was. Het cijfer 1999 werd 2000 en alles ging gewoon door.

Alles ging gewoon door

Nu, 25 jaar later, kijk ik achterom. De overgang van 1999 naar 2000 leek een scharnier in de tijd. Ook 21 december 2012 zou zo’n scharnier worden. En ook daar zijn we al met evenzovele jaren overheen. Is er iets veranderd sindsdien? Zien we een keerpunt in de geschiedenis? In de gedachten van mensen? In het omgaan met elkaar en met moeder aarde?

Een eerste gedachte daarbij is dat alles sindsdien gewoon doorging. Er zijn nog steeds conflictgebieden op aarde. Er is nog steeds geweld onder mensen. Er is nog steeds de klimaatcrisis. Er zijn nog steeds mensen die honger lijden. Er zijn nog steeds mensen die sterven aan onze welvaartsziekten. Er lijkt niets veranderd, alles gaat gewoon door.

Vervolgens komt de gedachte bij me op dat de controle van de overheid op gewone mensen sterker is geworden. Overal langs onze wegen popten camera’s uit de grond. Snelheids- en andere camera’s moeten onze wegen veiliger maken, maar ondertussen weet ‘men’ waar je bent. Digitaal betalen wordt meer en meer gepromoot ten koste van cash, en zo weet ‘men’ waar wij ons geld aan uitgeven. En ondertussen hadden we de coronacrisis met alle controlesystemen van dien. ‘Men’ weet of jij gevaccineerd bent, en dus veilig om ergens binnen te mogen. Vanuit deze scenario’s leven doembeelden: Vadertje Staat – wie dat ook moge zijn – zal in de toekomst nog veel meer bepalen wat we wel of niet mogen doen.

Maar er klinkt ook een tegenstem. Er zijn mensen – en het worden er elke dag een beetje meer – die anders willen, die anders handelen. Het zijn die mensen die zich naar de natuur toekeren. Het zijn die mensen die zich van veel hebbedingen ontdoen en kleiner gaan wonen. Het zijn die mensen die voor hun gezondheid alternatieve wegen gaan. Het zijn die mensen die medemensen aan de rand van de maatschappij in hun midden opnemen. Het zijn die mensen die hun kinderen anders opvoeden, met meer aandacht voor hoe ieder zich voelt.

Ja, het eerste kwart van het derde millennium lijkt, als je achterom kijkt, een verlenging van die scharnier in de tijd. Twee stromingen zijn tegelijk aanwezig: verharding / meer controle / materialisme viert hoogtij – tegenover – zachtheid / meer aandacht voor wat belangrijk is / minder hebben, meer zijn. Je ziet, de vraag blijft hangen: Welke richting gaat het uit? Ik hoop dat meer en meer mensen zullen kiezen voor het tweede. Het eerste lijkt mij sowieso onhoudbaar op iets langere termijn.

Mijn wens voor 2025 en verder

Ik wens ons allen toe dat de wereld, de maatschappij mag evolueren in de richting van de zachte krachten. Ik zie uit naar meer menselijkheid, naar echte zorg voor moeder aarde en voor elkaar, naar minder uitbuiting van zwakkeren, naar vrede, naar gezondheid op een dieper niveau, naar echte vrijheid met de daarbij horende verantwoordelijkheid, naar liefde, naar ontplooiingskansen voor elke mens, naar gewoon er te mogen zijn.

Of ik zelf over nog eens 25 jaar de balans zal kunnen opmaken, weet ik niet. Eén dagje met een keer, weet je wel. Maar ik hoop wel onderweg al tekenen te kunnen zien van de ommekeer waar ik naar verlang. Eén ding weet ik zeker: ik zal zelf mijn eigen kleine stapjes zetten richting Léven. Doe je mee?

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Allerlei kopjes, net afgewassen. Ze moeten nog afgedroogd en weggeborgen worden.

Ik moet nog dit, ik moet nog dat!

Ik moet zoveel

Heb jij dat ook, dat gevoel dat je zoveel moet doen? Thuis klinkt het als: Ik moet nog boodschappen doen. Ik moet poetsen. Ik moet dringend wat tuinwerk doen. Ik moet de vuilnisbak nog buiten zetten. Ik moet eten klaarmaken. Ik moet de afwas doen. Ik moet opruimen. Ik moet wat papierwerk in orde brengen. Ik moet opstaan en ik moet slapen gaan en ik moet alles daar tussenin. Op het werk gaat het al niet veel beter. Daar moet ik ervoor zorgen dat ik alles doe wat tot mijn takenpakket behoort. En ik weet niet hoe dat er bij jou aan toegaat, maar bij mij zijn de dagen behoorlijk gevuld. Soms weet ik niet wat ik eerst moet doen.

En dan kan het gevoel ontstaan dat het leven alleen nog bestaat uit dingen die moeten. En het lijkt alsof al die ‘moetens’ je energievat leeg zuigen. Als je tegen de dag aankijkt vanuit alles waar jij van overtuigd bent dat moet, dat is het alsof je tegen een berg aankijkt. Het lijkt een haast ondoenbare hindernis op je levensweg, niet in het minst als je nu al ziet dat ook de volgende dag én de daaropvolgende én de daaropvolgende … uit vele van die ‘moetens’ zal bestaan.

Mij helpt het dan om structuur aan te brengen. Ik maak lijstjes met alles wat ik op een dag meen te moeten doen. Op die lijstjes schrijf ik ook wat ik graag zou willen doen en waar ik graag voldoende tijd voor overhoud. Ken je dat verhaal van de vele steenbrokken die je in een vat moet krijgen. Als je zomaar alles dooreen in dat vat wil scheppen, dan blijkt het vat te klein. De kunst bestaat erin eerst de grootste brokken in het vat te leggen. Daarna vul je aan met de iets kleinere brokken, die vallen als vanzelf tussen die grote brokken in. Vervolgens ga je verder met de echt kleine brokken en tot slot giet je ook het gruis in de ton. Op die manier blijkt alle steenafval een plekje te vinden. Als ik dus in mijn dag eerst de grote en belangrijke taken – vaak die dingen die ik graag wil doen – een plekje geef en daarna de iets minder grote en tot slot alle gaatjes opvul met de kleine dingen, dan blijkt er voldoende tijd en energie om meer te doen dan ik dacht te kunnen doen.

Ja, soms laat ik die kleine dingen net even wat langer wachten dan ‘men’ denkt dat het moet. Om je één voorbeeld te geven: ik doe niet na elke maaltijd de afwas. Sterker nog, ik doe niet elke dag de afwas. Vaak doe ik de afwas tijdens het wachten in een kookproces. Als alles op het vuur staat, heb ik vaak iets van tijd over. In mijn huishouden is dat de tijd voor die kleine dingen. En ja, dan doe ik wel eens een ‘halve afwas’. Wat weg is, is weg, en de rest kan wachten tot een volgende keer. Je raadt het al: bij mij moet het huis er niet piekfijn bij liggen. En dat is alvast één ‘moeten’ minder.

Er moet zoveel minder dan ik dacht

Veel van de dingen waarvan we denken dat we ze moeten doen, zijn ons opgedrongen door wat anderen als ‘normaal’ beschouwen. We leerden het op die manier in ons gezin van herkomst. Familie, vrienden of collega’s vinden dat het zo hoort. De maatschappij legt ons een aantal van die ‘moetens’ op. Vanuit de reclame wordt ons een onrealistisch ideaalbeeld opgedrongen. En op die manier vult ons leven zich met dingen die onze energie wegvreten.

Eigenlijk zouden we ons bij alles wat we doen de vraag kunnen stellen of we dat wel willen doen. Ik herinner me een verhaal van Marshall Rosenberg – dat is de man van de verbindende communicatie – over een vrouw die het vreselijk vond dat ze elke dag voor haar gezin moest koken. Daar lag voor haar zo’n druk op, dat er meermaals ruzie in het gezin uit ontstond. In een meeting met Marshall Rosenberg begreep die vrouw ineens dat ze zo’n hekel had aan koken, dat het haar hele leven vergalde. Zij werd er verbitterd van en daardoor zocht ze ruzie om de kleinste dingen. Die dag nam de vrouw een besluit: ik zal niet meer koken. Dat vertelde ze aan haar huisgenoten van zodra ze thuis kwam. Een maand of zo later kwam één van zonen van die vrouw naar een meeting met Marshall Rosenberg. Hij vertelde vanuit zijn perspectief: Goddank, ons moeder kookt niet meer. De maaltijden zijn nu veel lekkerder en bovendien is er veel minder spanning en ruzie in huis.

Dat is wat wij ook kunnen doen: stilstaan bij alles waarvan we denken dat het moet. En dan oordelen: is dit iets wat ik wil doen of is dit is waarvan beslis om het niet meer te doen. In het eerste geval verandert je kijk erop. ‘Ik wil dit doen’ voelt heel anders aan dan ‘ik moet dit doen’. Van iets wat je opgedrongen wordt, evolueert het naar iets waar je uit jezelf voor kiest. Omdat het belangrijk is, voor jou – voor je gezin – voor de mensen je toevertrouwd. In het tweede geval zoek je naar betere oplossingen, naar een manier van doen die beter bij jou past. Je kiest er dan voor om het oordeel van wat hoort van je af te zetten, ten voordele van je eigen welbevinden.

Er is zoiets als een ‘heilig moeten’

En dan is er iets wat ik een ‘heilig moeten’ noem. Er zijn van die dingen waarvan jij van binnenuit voelt: ik kan niet anders. Vaak gaat dat over iets waarvan je ziet dat jij daarmee de wereld een beetje beter kunt maken. Je oefent er een positieve invloed mee uit in jouw wereld, maar ook in de wereld van anderen.

Ikzelf, bijvoorbeeld, kan niet anders dan jullie dit schrijven. Het verlangen om iets te doen met natuurlijke gezondheidszorg borrelde bij mij op in de geschiedenislessen van het eerste jaar van het secundair onderwijs. We leerden er over de kruidenvrouw, die met natuurlijke middeltjes de dorpsgenoten hielp als ze ziek werden. Ja, het was die vrouw die ook wel eens als heks op de brandstapel kwam. Maar ze deed wat ze moest doen, ze kon niet anders, het lag als een levensdoel in haar ingebakken. Ze kon de mensen niet zien lijden, ze had er een talent voor, ze had ook vaak van haar moeder geleerd hoe het moest. En dus ‘moest’ ze helpen, ook als ze daarmee haar eigen leven in gevaar bracht. Sinds mijn dertiende ‘weet’ ik dat ik dit ‘moet’ doen.

Een ‘heilig moeten’ ontstaat uit jouw wezen, uit wie jij ten diepste bent. Het ontstaat uit een zielsverlangen om iets in de wereld te zetten. Voor de één is dat een gezin te stichten en het allerbeste te doen voor de eigen kinderen. Voor een ander is het de keuze voor een bepaald beroep om, vaak vanuit een talent, juist op dat vlak een verschil te maken. Voor elk van ons is het een verlangen om iets te betekenen voor een ander. En ja, daaruit vloeit veel voort dat ‘moet’. Als ik mensen wil bereiken met mijn ideeën, dan ‘moet’ ik schrijven. Maar weet je, ook dat doe ik toevallig heel erg graag. Als ik er de nodige tijd voor vrijmaak, dan kost het mij verder weinig moeite. Ik ben ook altijd blij als ik iets heb geschreven. En als ik herlees wat ik heb geschreven, dan denk ik wel eens dat niet ik, maar iets goddelijks in mij heeft geschreven. Je voelt het al: dit ‘moeten’ is van een heel andere aard dan het vele ‘moeten’ uit het eerste deel van deze blog.

Dit is dus wat ik je toewens: dat je in het vele ‘moeten’ jouw eigen weg mag vinden in wat je wel en wat je niet meer wil doen. Maak je geest vrij van wat je denkt te moeten doen en bedenk eigen oplossingen om je leven op een vrijere manier vorm te geven. En ontdek vervolgens dat ‘heilige moeten’ binnen in jezelf. Zoek manieren om daarmee aan de slag te gaan, en je zult voelen hoe het leven meer betekenis krijgt. En ja, dat laatste wens ik jou én allen in je omgeving toe. Want mensen zullen het voelen, als jij die weg op gaat …

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Twee volwassenen op een schommel, aan het strand.

Energiegevers en energievreters

Energie

Vorige keer noemde ik een aantal bronnen van vitaliteit: zon, frisse lucht, levend voedsel, afval afvoeren. Als alles goed gaat, ontstaat daaruit alle energie die nodig is om een zinvol leven te kunnen leiden. Blijkbaar is dat niet altijd zo, want heel wat mensen gaan vermoeid of depressief door het leven. Ze vinden als het ware niet de nodige energie om voluit te kunnen leven. De oorzaak daarvan is tweeërlei: er komt te weinig energie binnen én er vloeit te gemakkelijk energie weg. Met andere woorden, de balans is zoek. Vandaag kijken we van wat meer nabij naar die balans.

Voedsel en energie

Energie ontstaat, via een complex proces, uit onze voeding. We eten en dat voedsel komt in maag en darmen terecht. In de hele weg van mond tot kont gebeurt er van alles met dat voedsel: het wordt fijngemalen, er worden verterende zuren op losgelaten, er komen enzymen aan te pas, er zijn darmbacteriën die hun werk doen, en dat alles maakt dat het voedsel tot op de molecule afgebroken wordt. Dat is nodig, want alleen die kleine moleculen kunnen door de darmwand heen in het bloed gebracht worden. Voedselbrokken die te groot blijven, worden onverteerd terug uitgescheiden. Willen we dus energie halen uit ons voedsel, dan moeten we ons spijsverteringsstelsel hierbij ondersteunen. Dit kan vooral door in alle rust te eten en door goed te kauwen. Alleen op die manier kan het eerste proces, het verteren van voedsel, optimaal verlopen.

Vervolgens komt dat verteerde voedsel doorheen de darmwand in onze bloedstroom terecht. Bloed dat voedsel vanuit de darm transporteert, gaat eerst naar de lever voor verwerking. De lever zuivert wat aangevoerd wordt en laat het voedsel al een eerste bewerking ondergaan, zodat het bruikbaar wordt in ons lichaam. Vervolgens wordt het nodige opnieuw aan het bloed afgegeven en getransporteerd naar de cellen. Daar gebeurt iets wat ‘stofwisseling’ genoemd wordt. De mitochondriën in de cellen zetten bepaalde stoffen – denk aan glucose (suiker) en vetten – om in energie. Die energie wordt dan gebruikt om alle processen in het lichaam op gang te houden. Wat over is, hebben wij ter beschikking om te leven.

Een paar doordenkertjes hierover:

  • Als we eten in situaties van onrust, dan werkt ons spijsverteringsstelsel niet goed. Denk daarbij aan: eten tijdens het werk of tijdens het auto rijden – eten terwijl je TV kijkt – een snelle hap tussendoor, terwijl je rond blijft lopen – emo-eten – … Dit betekent dat je misschien wel voldoende eet, maar onvoldoende verteert. Er komt te weinig je lichaam binnen, en je lichaam kan dus niet voldoende energie maken uit wat het van je kreeg.
  • Als ons voedsel te veel toxische stoffen bevat, moet onze lever overuren maken om het aangevoerde bloed te zuiveren. Aangezien de lever maar één taak tegelijk kan doen, worden er onvoldoende stoffen naar de cellen doorgestuurd om tot energie verwerkt te worden. Oplossing hier is het eten van zo natuurlijk mogelijk voedsel.
  • Voor de verbranding in onze cellen is zuurstof nodig. Tenminste, de verbranding met zuurstof geeft het meeste rendement. Fermentatie van glucose kan ook, maar dat geeft een veel geringer rendement en er ontstaat verzuring door. Daar krijg je het gevoel van zoals bij een te felle sportprestatie. De pijnlijke en stramme spieren die je daarna voelt, zijn het gevolg van melkzuur in de spieren door zuurstofgebrek tijdens de productie van energie. Zorg dus zeker ook voor voldoende zuurstof, zodat je energie in optimale omstandigheden aangemaakt kan worden.
  • Als we voortdurend ’te zwaar’ eten – te vet, te zoet, te veel – dan vraagt onze spijsvertering meer energie. De balans tussen de energie die ontstaat uit voedsel en de energie die nodig is om voedsel te verteren raakt dan verstoord. Als dat zo is, dan krijg je last van een postprandiale dip, een gevoel van vermoeidheid korte tijd na het eten. Je krijgt een middagdipje of je valt in slaap bij de TV na het avondeten.

Zoals je ziet, kun je zelf  heel wat doen om optimaal energie uit je voedsel te halen.

Relaties en energie

We weten het allemaal: sommige contacten met mensen geven energie, anderen vreten energie. Nu kun je natuurlijk niet alle ongewenste contacten verbreken. En toch, er is meer mogelijk dan je denkt. Een aantal contacten – die waarvan je voelt dat ze jou nergens toe dienen en alleen energie vreten – die verbreek je best wel. Denk aan die zogenaamde vriend of vriendin die jou altijd weet te vinden als hij of zij iets nodig heeft, maar die nooit tijd heeft als jij eens iemand nodig hebt. Zo iemand is geen vriend of vriendin, het is een parasiet.

En dan zijn er die contacten die (te) veel van je vragen, maar die je niet zomaar kunt verbreken: mensen op het werk, mensen in de familie. Maak daar voor jezelf dan afspraken rond:

  • Ik ga correct met die collega om, maar ik stel mijn grenzen. Ik zeg niet op elke vraag ‘ja’. Als mij iets gevraagd wordt, dan geef ik aan er eens over te willen nadenken. Ik geef mijn antwoord pas nadat ik bij mezelf ben nagegaan of ik dat wel wil.
  • Bij ‘verplicht’ familiebezoek – dat wil zeggen, het bezoek aan familieleden waarmee je het contact niet wil of kan verbreken – bepaal jij zelf hoe ver je daarin wil gaan. Je kunt het beste voor jezelf daar vooraf een en ander rond vastleggen. Jij kiest hoe vaak je op bezoek gaat bij zo’n ’toxisch’ familielid en ook hoe lang dat bezoek mag duren. Het is makkelijker bij een eisende oma langs te gaan als jij van te voren bepaalt dat je maar één keer in te week zult langsgaan en dat je dan telkens één uur zult blijven. De afbakening maakt het contact leefbaar.

De contacten met mensen die je energie geven, die kun je het beste ten volle valideren. Maak er tijd voor, geniet er ten volle van, investeer erin. Je weet immers dat die investering zal opbrengen. Je levensvreugde, je levenskracht, je levensenergie krijgt er een boost van. Jij kunt er na zo’n contact weer even tegen.

Bezigheden en energie

We kennen het allemaal: er zijn van die activiteiten waarbij je tijd en ruimte vergeet als je ermee bezig bent. Het is alsof de tijd vliegt. En ze lijken je helemaal geen energie te kosten, integendeel, ze geven je een pint vers bloed. Dat zijn die bezigheden die helemaal passen bij wie jij bent. Ze zijn je als het ware op het lijf geschreven. Je wordt er enthousiast van. Daarnaast zijn er ook activiteiten waar je al van te voren tegenop ziet. Je stelt ze uit, als je ze dan aanpakt, word je er zo moe van.

Er zijn natuurlijk wel dingen die ‘moeten’, maar ik denk dat veel van de dingen waarvan we denken dat ze ‘moeten’, misschien toch niet zo dwingend zijn. Moet ons huis er altijd zo piekfijn bij liggen? Moet er eerst gepoetst worden, vooraleer we aan iets plezierigs mogen beginnen? Of mogen we ook eerst iets doen wat we graag doen? Moeten we ons schuldig voelen als we een boek lezen, een wandeling maken, ons met onze hobby bezighouden?

Een belangrijk aspect van onze bezigheden is onze job. Ik denk dat het heel belangrijk is, dat je job bij je past. Als je alleen gaat werken omwille van de centen, maar je moet daarbij voortdurend dingen doen die je niet graag doet, dan hou je dat niet vol. Het financiële aspect van een job is belangrijk, maar onvoldoende als het alleen dat is wat je van een job krijgt. Er moet ook altijd iets zijn waar jij voldoening uit haalt. Er moet een zekere gedrevenheid zijn, iets wat jouw leven een meerwaarde geeft, iets waar je fier op kunt zijn en waar je werkvreugde uit haalt. Dan pas geeft je werk je energie, dan pas loont je werk op een dieper niveau.

Zorgen en energie

Ik denk dat ik mag beweren dat zorgen de grootste energievreters zijn. Van financiële zorgen, bijvoorbeeld, kun je letterlijk ziek worden. De zorgen om een partner of een kind, kunnen jouw energie op de duur helemaal onderuit halen. En ook je gezondheid kan een bron van zorgen zijn. Veel andere zorgen, zijn vaak onnodig. We maken ons zorgen omdat de dingen niet lopen zoals wij dat willen. Misschien moeten we leren accepteren dat het leven het anders met ons voorheeft. In plaats van ons zorgen te maken, kunnen we beter leren zien hoe het anders kan.

Als het gaat om die fundamentele dingen als een basisinkomen, de partner en de kinderen, de eigen gezondheid, blijven de zorgen wellicht bestaan. Toch is het goed ook dan te leren vertrouwen – op een God, op de Levenskracht in onszelf, op een Universeel weten dat groter is dan wij kunnen zien – dat de dingen ten beste gebeuren. Waar vertrouwen de plaats mag innemen van zorgen, daar ontstaat zicht op nieuw Léven. Dat is wat je bijvoorbeeld wel eens hoort van mensen die een zware ziekte hebben doorgemaakt. Ze noemen dat ze die ziekte nodig hebben gehad. Ze hebben er immers ontdekt wat werkelijk van belang is, en van daaruit hebben ze andere keuzes gemaakt voor hun toekomst. Besef hierin vooral dit: zorgen vreten energie, vertrouwen geeft energie.

Te weinig energie

Op vandaag hebben wel meer mensen te weinig energie. Denk maar aan mensen met burn-out, depressie, chronisch vermoeidheidssyndroom. Een gezondheidsbegeleider kan met je meekijken naar energievreters en energiegevers in je leven. Een gezondheidsbegeleider kan je helpen in het doorgronden van wat voor jou nodig is om voller te kunnen léven. Zelf zie je dat immers vaak niet zomaar, je zit er te veel met je neus bovenop. Een ander laten meekijken, zou wel eens het verschil kunnen maken. Weet dus, dat je het niet alleen hoeft te doen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

 

Oude boom waarvan je zowel de takken als de wortels ziet.

Bronnen van vitaliteit

Vorige keer had ik het over vitaliteit, levenskracht, energie. Vandaag wil ik daarop voortborduren. Waar halen wij, mensen, die vitaliteit vandaan? Wat moeten we doen of laten om die levenskracht in ons te voeden? Wat geeft energie, wat rooft energie? Als we op die vragen een antwoord hebben, kunnen we bewuster kiezen voor wat we wel en wat we niet toelaten in ons leven. We kunnen dan de balans laten doorslaan in de richting van ‘leven honderduit’.

De zon

Het allereerste wat nodig is om energie te winnen, dat is de zon. De zon geeft licht en warmte, en beide zijn nodig. Kijk maar naar de planten. In de koude wintermaanden trekken planten zich terug. Het groen lijkt van de aarde te verdwijnen. Van zodra de zon meer warmte geeft, barst al dat verborgen groen weer uit. Bomen botten weer, planten gaan groeien en bloeien, de aarde komt tot leven. Ook de mens leeft op als de zon schijnt en warmte geeft.

En niet alleen de zonnewarmte is van belang, ook zonlicht wakkert onze levenskracht aan. Velen voelen dat in deze donker wordende dagen aan zichzelf. Dat het langer donker blijft en vroeger donker wordt, brengt een zekere vorm van depressiviteit met zich mee. Mensen voelen het aan hun humeur, velen hebben het moeilijk als de dagen donkerder worden.

Dat tekort aan zonlicht en zonnewarmte leidt tot winterblues en op langere termijn tot voorjaarsmoeheid. Daarom, als het ook maar even kan, maak elke dag op het middaguur een kleine. Zorg dat je de zon hebt gezien, en van haar warmte en licht hebt genoten. Het beste wat je in de winter en het vroege voorjaar kan doen om je levenskracht een boost te geven is immers … naar buiten gaan, de zon tegemoet.

Frisse lucht

Als je naar buiten gaat, heb je niet alleen de zon, met haar licht en warmte, maar ook de frisse lucht. Adem een paar keer goed in en en uit, en je voelt je herleven. Je krijgt zuurstof, en die is nodig om, via een verbrandingsproces in je mitochondriën – dat zijn de energiecentrales in je cellen – energie op te wekken. Zonder zuurstof geen verbranding en zonder verbranding geen energie. Zo simpel is het.

Maar frisse lucht brengt je meer dan alleen zuurstof. De wind in je haren verwaait ook storende gedachten. Je krijgt een frisse kop, en dus ook een nieuwe kijk op de dingen. Je laat los wat niet helpend is, er komt ruimte vrij voor nieuwe ideeën. Mijn tip voor meer van dat soort frisheid? Trek er eens op uit als het flink waait. Ga het gevecht aan met de wind die je tegenhoudt of juist vooruit stuwt. Wedden dat je tintelend van energie weer naar binnen komt?

Levend voedsel

Energie ontstaat uit een verbrandingsproces, noemden we net. Zuurstof is daar een deel van, maar ook brandstof, en die brandstof halen we uit ons voedsel. Nu is de kwaliteit van die brandstof natuurlijk afhankelijk van de kwaliteit van ons voedsel. Bij een goede verbranding, blijft weinig restafval over. Bij een minder goede verbranding, stapelt afval zich in ons lichaam op. Die afvalslakken, zoals ze ook genoemd worden, maken dat we ons minder fit gaan voelen of dat onze gewrichten en spieren stijver worden. Er vormen zich kristallen die pijn veroorzaken.

Voedsel zorgt ook voor de nodige bouwstoffen voor ons lichaam. Kwaliteitsvol voedsel bouwt ons op, kwaliteitsarm voedsel maakt dat we stilaan aftakelen. Daarom hou ik een pleidooi voor natuurlijk voedsel, het liefst zo vers mogelijk. Vers voedsel bevat vitale bouwstoffen, voedsel dat in een fabriek is verwerkt tot kant-en-klare maaltijden is dood. Het kan onze levenskracht niet langer voeden.

Afval afvoeren

We mogen alles in huis hebben om energie te produceren, als we niet ook heel regelmatig afval afvoeren, kunnen we ons niet energiek voelen. In een mensenlichaam gebeurt die grote schoonmaak vooral ’s nachts. Terwijl we slapen doet ons lichaam alle nodige herstel- en opruimwerken. En als alles goed zit, is tegen de morgen alle afval dat de vorige dag werd opgestapeld klaar om uitgescheiden te worden. Als het goed zit, ruikt je slaapkamer ’s morgens niet zo fris, is je ochtendurine donkerder en maak je net voor of net na het ontbijt stoelgang.

Als het niet zo goed zit, dan blijft er afval achter. Dat kan als je te veel toxische stoffen binnenkrijgt, die allemaal door de lever verwerkt moeten worden. Dat kan ook als je uitscheidingsorganen niet zo goed meer werken. Afval dat achterblijft zet zich vast in gewrichten, in spieren, in vetcellen. Is dat laatste het geval, dan kan een gezondheidsbegeleider je op weg helpen om ook dat overtollige afval kwijt te raken.

Resultaat: energie!

Inderdaad, als alles goed zit – zon, zuurstof, voedsel en het afvoeren van afval – dan zou jij elke morgen voldoende energie moeten hebben om de dag zinvol door te kunnen brengen. Vitaliteit voel je als je met die energie doet wat bij jou past. Gebruik jij je energie te veel voor dingen die moeten, voor dingen waar jij een hekel aan hebt, dan stroomt je energie niet. Ze lekt geleidelijk aan weg. Gebruik jij je energie daarentegen voor dingen waar je enthousiast van wordt, dan vermeerdert die energie zich. Je raakt niet leeg en uitgeput. En juist daarom is de manier waarop jij leeft van uiterst groot belang. En daarover schrijf ik volgende keer meer.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Een rottende stronk bedekt met mos en paddenstoelen.

Vitaliteit

Om tot rust te komen trek ik graag de natuur in. Die natuur – bos en bomen, een grasborder langs een jaagpad, de duinen en het strand en de zee – maken dat ik los kan laten wat ik aan ballast meedraag. Ik kom weer tot mezelf, ik voel mezelf weer leven, mijn batterij vult zich met nieuwe energie. De natuur brengt mij niet alleen die o zo nodige herbronning, ze inspireert mij ook. In de natuur zie ik ‘vitaliteit’ aan het werk. Als je naar de foto hierboven kijkt, dan zie je leven: mos en zwammen. Als je dieper kijkt, zie je ook dood, want mos en zwammen groeien hier op dood hout, hout dat composteert tot voedsel voor het mos en voor de paddenstoelen. Ooit zullen ook het mos en de paddenstoelen het leven laten en humus worden voor misschien wel een nieuwe boom. Leven en dood, onlosmakelijk met elkaar verbonden, tot een eeuwige cyclus van vitaliteit.

Vandaag wil ik het hebben over die vitaliteit, levenskracht, energie. Deze drie woorden spreken van een kwaliteit van leven, van een leven honderduit. Wie met de juiste ogen kijkt, ziet het in de natuur telkens opnieuw gebeuren. Je mag een stukje aarde omspitten en helemaal van groen ontdoen. Als die aarde gezond is, dan zal ze alles in het werk stellen om nieuw groen te laten ontkiemen. En dat groen zal er alles aan doen om er vitaal uit te zien: fris, uitbundig, toewerkend naar bloei en zaadvorming. Wat heeft dat groen daarvoor nodig? Zon en water, in de juiste hoeveelheden. Te veel zon en de plant verbrandt, te weinig zon en ze kan niet groeien. Te veel water en de plant gaan rotten, te weinig water en ze verdort.

Zo is het ook met ons, mensen, en met onze gezondheid. We hebben voedsel en voedingsstoffen nodig in de juiste hoeveelheden. Je kunt dat letterlijk nemen, maar ook figuurlijk. Voedsel is ook: rust en ontspanning, een zinvolle dagtaak, beweging, contact met mensen, met dieren, met de natuur, … Vitaliteit ontstaat uit al deze voedingselementen in de juiste mate. Teveel maakt dat je overkop gaat, te weinig zorgt voor verveling, depressie, bore-out.

Als je vitaliteit vermindert of verloren gaat, kan een gezondheidsbegeleider je weer op het juiste pad helpen. Luisterend naar je verhaal probeert een gezondheidsbegeleider op het spoor te komen van de oorzaak van die verminderde vitaliteit. Als je die oorzaak ontdekt en daar iets aan gaat doen, dan volgt nieuwe energie, nieuwe levenskracht, nieuwe vitaliteit als vanzelf. Een goede gezondheidsbegeleider gaat niet, zoals in klassieke geneeskunde zo vaak gebeurt, de symptomen van je klacht aanpakken, maar de oorzaak die daaronder zit. Ik geef een voorbeeld: iemand met hartklachten zal bij een arts medicijnen krijgen om de klachten te onderdrukken. Een gezondheidsbegeleider zal op zoek gaan naar de oorzaak van die klachten. Ligt de oorzaak van de klachten eerder bij een te gejaagd en te stressvol leven? Of ligt die oorzaak eerder bij een leven met te veel eten en te weinig beweging? In het eerste geval zal een gezondheidsbegeleider werken op ontspanning, in het tweede geval eerder op aanpassing van het voedingspatroon en stimuleren tot meer beweging. Eén klacht, twee verschillende oorzaken en dus ook twee verschillende manieren van aanpakken … die allebei wel meer vitaliteit tot gevolg zullen hebben.

Als je kijkt naar de tools die een gezondheidsbegeleider daartoe gebruikt, dan zijn er tools die meer materieel werken en tools die meer energetisch werken. Bij de meer materiële tools behoren voeding, voedingssupplementen, kruiden, dieptemassage. Bij de meer energetische tools horen homeopathie, Bachbloesems, voetreflexologie, relaxatiebegeleiding, gespreksbegeleiding. Al meer dan eens mocht ik in de praktijk zien dat mensen – met de juiste tools op de juiste plaats – aan levenskracht winnen. Ze vinden nieuwe energie, nieuwe vitaliteit. Ze gaan weer stralen, vinden Léven voor zichzelf en iets daarvan vloeit over naar de wereld rondom. Dat is hoe vitaliteit eeuwig kan zijn, ook als iemand zwakker wordt en zelfs als iemand sterft. Iets van die mens blijft, omwille van dat wat hij betekend heeft.

Als ik dus met mensen aan hun gezondheid werk, dan is mijn droom niet alleen dat ze zonder klachten zouden zijn. Nee, ik hoop voor ze dat ze die vitaliteit vinden die nodig is om te Léven, tot over de grenzen van de dood heen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Weiland met boom in de ochtendnevel

De natuur in …

Eindelijk!

Eindelijk wordt het weer wat beter. De dagen zijn al goed gelengd, we zien de zon weer vaker en de temperaturen worden stilaan aangenaam. En dan zie je het gebeuren: wandelaars en fietsers duiken overal op, liefhebbers gaan weer aan de slag in de tuin, mensen trekken massaal naar buiten, de natuur in.

En dan ga ik aan het mijmeren rondom die vraag: wat is dat toch, dat ons naar buiten trekt?

Wellicht zijn we, na die lange winter, het binnen zitten beu. We voelen ons wat stram en stijf, we hunkeren naar beweging. Ons lichaam heeft in die winterse tijd van lekker lui lang binnen zitten wat extra afval opgestapeld. Onze spieren zijn verzadigd van ‘slakken’ en dat voelen we. Willen we die ‘slakken’ die zich ook vertalen in voorjaarsmoeheid kwijt, dan is het heilzaam om naar buiten te trekken. Die eerste wandeling, dat eerste ritje op de fiets pompt wat extra bloed de spieren in. Dat bloed brengt zuurstof binnen en neemt afval mee naar buiten. Zo heelt ons lichaam zichzelf en voelen wij ons weer een heel pak fitter.

Misschien lonken ook dat frisse groen, die tere bloesems aan heel wat bomen en struiken. De natuur herleeft, en wij doen mee. Het is alsof de jeugdigheid van de natuur ook in ons de jeugd weer wakker roept. Wist je dat alleen al het zien van een brokje natuur ons in een reset-modus brengt? Men heeft daar onderzoek naar gedaan en men kwam tot de conclusie dat het alleen nog maar kijken naar een natuurbeeld het stressniveau naar beneden kan halen. Ik hoef je vast niet te vertellen dat het verblijven in de natuur vele malen sterker werkt dan het kijken naar een foto.

Wandelaars komen, meer nog dan fietsers, terecht in een tempo op mensenmaat. Het is het ’tempo van te voet’. Zo zijn wij geschapen, en dat langzame tempo is dan ook het meest heilzaam voor ons. Wij leven vaak zo vlug, dat ons brein het niet meer snappen kan. We rijden van hot naar her, we zappen en we scrollen dat het geen naam heeft en onze dagen zitten vol met het ene flitsende ding na het andere. Dat maakt dat ons basis-stressniveau vele malen hoger ligt dan bij onze voorouders van nog maar zo’n honderd jaar geleden. Wij moeten rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan, dag in en dag uit, en dat maakt ons kwetsbaar. Op tijd en stond stilvallen tot bewegen op mensenmaat heelt ons van die ratrace.

Wie aan het tuineren slaat, komt rechtstreeks in contact met moeder aarde. Zij is het uit wie wij voortkomen en naar wie wij terugkeren. Zij is het die ons voedt en kleedt en grond onder de voeten geeft. Dat alles mag je vrij letterlijk nemen. Het meest voedende en het minst belastende is dat wat rechtstreeks uit de natuur komt. Voedsel dat een fabriek is gepasseerd, maakt dat wij chronische welvaartsziekten oplopen. Lucht die door uitlaatgassen vervuild is, maakt ons kwetsbaar. Water dat bezoedeld is met chemische stoffen, verhoogt de toxische lading in ons lichaam. Als moeder aarde een vuilnisbelt geworden is, hebben wij geen plek meer om te leven. We doen er dus goed aan om zorg te dragen voor de aarde, het water, de lucht, de bomen en de planten. Als zij gedijen, doen wij dat ook. Wij zijn een deel van moeder aarde, en als wij dus de natuur in trekken, dan keren we terug naar de bron van alle leven, ook dat van ons.

En ja, dat alles voel ik ook aan mezelf. Het is tijd om weer naar buiten toe te gaan. Bloggen is een winterse activiteit. Dit wordt dus mijn laatste blog voor dit seizoen. In het najaar mag je mij weer verwachten, heel wat ‘natuurlijke’ ervaring rijker. Ik wens alvast ook jou een zalige zomertijd toe. Misschien ontmoeten we elkaar wel eens, ergens in een brokje natuur. En is dat niet het geval, dan hoop ik dat we elkaar weer vinden in een wat nieuwe schrijfsels na het zomerseizoen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨