Iemand prikt bloed om de bloedsuiker te meten.

Keer Diabetes2 Om

Keer Diabetes2 Om, zoals ik het in de titel van deze blog geschreven heb, is een Nederlands programma van Voeding Leeft. Ik volg al een tijdje de berichten die zij wekelijks online brengen, en ik moet zeggen, ik ben fan van hun programma. Jammer genoeg kunnen wij, Vlamingen, nog niet aan het programma ‘Keer Diabetes2 Om’ of aan de andere programma’s van ‘Voeding Leeft’ deelnemen. Er zijn onderhandelingen gaande met diverse partijen in Vlaanderen om het programma ook voor ons beschikbaar te stellen, maar zover is het nog niet.

Ondertussen wil ik jullie alvast warm maken voor de grote pijlers waaruit dit programma bestaat. Zoals ik het zie, is het een programma dat niet alleen diabetes type 2 kan omkeren, maar – veel ruimer dan dat – ook een manier van leven die heel veel andere chronische gezondheidsklachten op afstand kan houden. In mijn schrijven van vandaag, licht ik de vier pijlers van het programma toe. Ik vertel je hoe ze op je gezondheid inwerken en hoe ze hun effect hebben op het omkeren van diabetes én van obesitas én van hart- en vaatziekten én van … (Vul zelf maar in, zowat elke chronische klacht zal beter worden, als je met dit programma aan de slag gaat).

De vier pijlers zijn:

  • Een gezond voedingspatroon
  • Regelmatig bewegen
  • Zorgen voor echte ontspanning
  • Voldoende slaap

Een gezond voedingspatroon

Als we aan diabetes denken, in de volksmond ‘suikerziekte’ genoemd, dan is de allereerste aanbeveling natuurlijk om je voeding aan te passen. Spontaan denken we aan ‘geen suiker meer eten’. En ja, daar komt het voor een groot stuk wel op neer, maar ‘geen suiker meer eten’ is toch wat complexer dan het lijkt. Er is natuurlijk suiker als in ‘snoepgoed’ en ’taart’ en ‘dessert’, maar er is ook suiker als in ‘brood’ en ‘pasta’ en ‘koolhydraatrijke voeding’ én er is suiker als in ’toegevoegde suikers’ in zowat alle kant-en-klare voeding.

In een eerdere blog – GEZONDHEID-WIJZER bij diabetes type 2 – schreef ik hier al uitgebreid over. Om het kort nog even samen te vatten:

  • Vermijd zichtbare suikers in je voeding.
  • Eet koolhydraat-arme maaltijden.
  • Maak je voedsel zelf klaar.
  • Kies voor natuurlijke producten.

Als je je abonneert op de nieuwsbrief van ‘Keer Diabetes2 Om’ krijg je regelmatig tips én makkelijk klaar te maken en gezonde recepten. Ik kan het je alleen maar aanraden.

Regelmatig bewegen

’t Was te voorspellen, natuurlijk, dat ook beweging in het programma terug te vinden zou zijn. ’t Is de logica zelve, zou je kunnen zeggen. Door gezond te eten kunnen we ervoor zorgen dat er minder suikers binnenkomen (en vooral, dat er minder suikerpieken ontstaan). Door te bewegen verbruiken we energie, en die energie komt in de eerste plaats door het verbranden van suikers in de energiecentrales in onze cellen, de mitochondriën.

Maar er is meer aan de hand. Als wij regelmatig bewegen, breken we vetten af en bouwen we spieren op. Op de weegschaal zullen we in het begin geen verandering zien, want spierweefsel weegt meer dan vetweefsel. Toch zullen we het verschil wel merken, want met de afbraak van vetweefsel en de opbouw van spierweefsel krijgen we als vanzelf een mooier figuur. Omdat spierweefsel compacter is, wordt onze omvang kleiner. We zien er slanker uit. Ook onze huid wordt zuiverder, want vetweefsel zorgt voor ontstekingen (acné, bijvoorbeeld), en spierweefsel doet dat niet. En last but not least, spierweefsel gebruikt ook als het in rust is meer energie dan vetweefsel. Als we regelmatig bewegen, zullen we zelfs in onze slaap meer energie en dus meer suikers verbruiken dan als we dat niet doen. Ik veronderstel dat dit alles voldoende reden is om op te staan uit die luie zetel en dan toch maar in beweging te komen.

Alleen, dat laatste blijkt niet altijd het geval. Vaak hebben we een extra zetje nodig om het toch maar te doen. Daarom een paar tips die het je makkelijker kunnen maken:

  • Voeg kleine beweegmomentjes toe:
    • Doe je bureauwerk, sta dan regelmatig even recht.
    • Kijk je TV, leg de zapper dan bij de TV in plaats van naast je op de bank. Het verplicht je om recht te staan als je van zender wil veranderen.
    • Parkeer je auto net een beetje verder weg van waar je moet zijn, zodat je telkens een stukje te voet moet doen.
    • Ben je aan het opruimen, breng de dingen dan direct naar de plek waar ze thuishoren. Vaak moet je daar een paar stappen meer voor zetten, vb. wat vaker naar boven toe. Opgeruimd staat netjes, en het geeft je ook ‘bewegingswinst’.
  • Maak er een gewoonte van. Plan dagelijks een kort bewegingsmoment in je agenda in, en hou je daar ook aan. Eens iets een gewoonte is, lukt het je veel makkelijker om het vol te houden.
  • Kies vanzelfsprekend een vorm van beweging die jij graag doet. Voor mij is dat wandelen, voor een ander kan het fietsen zijn of zwemmen of fitness. Wat je graag doet, blijf je wellicht makkelijker doen.
  • Spreek af met iemand om samen te bewegen. Als jij dan eens geen zin heb, doe het wellicht toch om die ander niet teleur te stellen.

Zorgen voor echte ontspanning

Minder voorspelbaar is ‘ontspanning’ in het rijtje van manieren om diabetes op afstand te houden. De verklaring hiervoor moeten we zoeken in ons stressmechanisme. Als je weet wat stress met je doet, dan begrijp je hoe onze vormen van chronische stress diabetes kunnen veroorzaken. Daarom dus eerst wat over stress …

Dat wij stress kunnen krijgen, heeft ons van uitsterven behoed. Zonder de mogelijkheid om stress te ervaren, was de mensheid al in oeroude tijden van het toneel verdwenen. Stress is in wezen een levensreddend mechanisme. Telkens we in een gevaarlijke situatie terechtkomen – denk maar aan die wilde dieren in de oertijd – maakt een stressreactie ons in staat om te vechten of te vluchten. Eén van de dingen die daarbij in ons lichaam gebeurt, is dat cortisol ervoor zorgt dat er meer suiker in het bloed terecht komt, zodat er energie beschikbaar komt om in actie te komen. Alleen, dat mechanisme komt nog steeds in actie, ook als wij werkdruk ervaren of in de file staan of als de kinderen vervelend doen. Veel van de stress die we op die manier ervaren, leidt niet tot extra beweging. De vrijgekomen suiker blijft verhoogd in ons bloed aanwezig … en de weg naar diabetes ligt open.

In het kopje boven deze paragraaf spreek ik van ‘echte’ ontspanning. Vaak noemen wij TV kijken of computerspelletjes spelen of smartphonegebruik ontspanning. Voor ons brein is het dat echter niet. Ons brein kan geen onderscheid maken tussen de spanning in een film, de negatieve berichtgeving in het nieuws, de drang om een computerspelletje te winnen, de vele informatie die we digitaal tot ons nemen enerzijds en echt gevaar anderzijds. Wat wij ontspanning noemen, ervaart ons lichaam vaak als extra stress. Echte ontspanning verkrijgen uit heel andere zaken:

  • Een boek lezen, een puzzel maken, … want dat brengt ons in een trager tempo. Ontspanning volgt vanzelf.
  • Huishoudelijk werk, tuinieren, … want bij dit soort klussen kan ons brein de indrukken van de voorbije dag verwerken.
  • Opgaan in een hobby, want daarbij leven we helemaal in het nu. We maken ons geen zorgen over wat was of over wat zou kunnen komen.
  • Dagdromen, mediteren, yoga of andere technieken om dichter bij onze kern te komen. Juist daar leren we zien wat echt belangrijk voor ons is en waar we ons gewoon minder druk over hoeven te maken.
  • Fysieke ontspanning, door beweging of door massage, want lichaam en geest staan wel degelijk met elkaar in verbinding.

Voldoende slaap

Misschien kijk je ook naar deze pijler met iets van verwondering. Wat heeft slaap in godsnaam met je bloedsuikerspiegel van doen? Toch is het niet zo vreemd. In de slaap vinden immers alle herstelprocessen in je lichaam plaats. Dat gaat over fysieke herstelprocessen, maar ook over emotionele en mentale herstelprocessen. Het is al langer geweten dat je in je dromen onverwerkte indrukken van de dag een plaatsje weet te geven. Bij een tekort aan slaap blijft als het ware je stressmodus gewoon aan, en dat heeft, zoals we hierboven aangaven, een negatieve invloed op je bloedsuikerspiegel.

Voldoende slaap, dat begint al met goed kunnen inslapen. Oude wijsheden geven aan dat de uren voor twaalf uur dubbel tellen. Het is inderdaad goed om de dag de dag te laten zijn, en de nacht de nacht. In vroegere tijden was het daglicht daar de indicator voor. Als het te donker werd om nog veel te kunnen doen, ging je gewoon slapen. Dat betekent ook dat we in de winter meer sliepen dan in de zomer. Hoe meer wij ons inpassen in dat natuurlijke dag- en nachtritme, hoe gezonder dat voor ons is.

Vervolgens is het doorslapen aan de orde. Mensen met slaapapneu worden vele keren wakker, vaak zonder dat ze het zelf beseffen. En wie overdag te druk bezig blijft en geen tijd inbouwt om tot rust te komen, wordt vaak na de eerste slaap wakker met een kop vol gedachten die niet stil te krijgen zijn. Ook daar gaat gezondheid verloren. Mensen die op deze manier slaapgebrek leiden, krijgen er makkelijk hardnekkige kilo’s bij en ook diabetes ligt op de loer.

Er valt dus heel wat gezondheidswinst te halen door in te zetten op voldoende slaap. Dat kan:

  • Door op tijd te gaan slapen.
  • Door een avondritueel in te bouwen, waarbij schermpjes uit gaan en het licht gedimd wordt, zodat je melatonine – dat is het slaaphormoon – gaat aanmaken.
  • Door niet te laat op de avond nog te eten. Een volle maag houdt je immers wakker, en de suikers die uit die late maaltijd nog vrijkomen, geven je nieuwe energie. Spreekt vanzelf dat je dan niet kunt slapen.
  • Door in te zetten op wat echt ontspant, want opgebouwde spanning maakt je te vroeg alweer wakker.

Een leefstijlprogramma

Keer Diabetes2 Om is een leefstijlprogramma, het behoort tot de leefstijlgeneeskunde. Ik geloof er alvast in dat er toekomst zit in die leefstijlgeneeskunde. Het vraagt van ons dat we bereid zijn om onze leefstijl aan te passen om onze gezondheid te behouden en zelfs om verloren gegane gezondheid opnieuw te verwerven. Als het gaat om de vele chronische ziektes van onze tijd, lijkt leefstijlgeneeskunde mij de enige weg. Laten we dus hopen dat programma’s als Keer Diabetes2 Om binnenkort ook in Vlaanderen mogelijk zullen zijn. Tot het zover is – en ook daarna nog, wellicht – kun je bij ons, gezondheidsbegeleiders terecht. Wij zijn immers geschoold in het versterken van je gezondheid op al deze manieren.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Happy New Year 2022, in kerstversiering

Ik wens je … een nieuw jaar!

Jawel, ook ik wens je van harte … een nieuw jaar! Hoe dat jaar worden zal, dat heb ik alleen voor mezelf een beetje in de hand, en misschien ook een heel klein beetje voor de mensen, de natuur, de dingen rondom mij. Hoe jouw jaar worden zal, dat hangt af van wat jou toevalt én van wat jij vervolgens doet met wat jou toevalt. Nee, je hebt niet alles in de hand. Je mag dromen wat je wil, je zult het hoe dan ook moeten doen met wat op jouw weg verschijnt. En toch, jawel, jij maakt wel degelijk het verschil, in hoe je reageert op wat je te beurt valt. Als ik jou dus een nieuw jaar toewens, dan wens ik je vooral een nieuwe kijk op de dingen toe!

’t Is maar hoe je ’t beziet

Geloof het of niet, maar in wezen zijn alle dingen neutraal. Ze zijn zoals ze zijn, ze hebben niet de bedoeling ons gelukkig of ongelukkig te maken. Alleen de manier waarop wij naar de dingen kijken, maakt ze ‘goed’ of ‘slecht’. Een voorbeeldje? Ik heb zin om te gaan wandelen. In de morgen is het weer schitterend, maar kort na de middag, als ik wil vertrekken, komen regenwolken opzetten. Nu kan ik twee dingen doen:

  • Ik kan thuis blijven en zitten kniezen. Stomme regen, nu kan ik niet uit wandelen gaan. Had ik maar deze morgen moeten vertrekken, dan was ik al thuis geweest toen de regen begon. Stomme ik, kan ik nu nooit eens het mooie moment grijpen als het er is. En nu zit ik hier, thuis, mijn dag weeral naar de knoppen. Stomme dag!
  • Ik kan een regenjas aantrekken en een paraplu nemen en toch naar buiten trekken. Ik hoor de regen tikken op mijn paraplu. Met mijn goeie wandelschoenen stamp ik eens goed in een plas, en ik zie de ‘fun’ daarvan. Ik amuseer me, en een liedje komt bij me op: ‘I’m singing in the rain!’

Zelfde situatie, twee verschillende manieren van reageren, met elk een totaal verschillende uitkomst. De situatie op zich is neutraal, positief of negatief hangt alleen maar af van hoe je ’t beziet!

Een nieuw jaar … en dus nieuwe dingen doen!

Wil jij een nieuw jaar, dan moet je nieuwe dingen doen. Of misschien nog beter, dan moet de je dingen net iets anders doen, dan je vorige jaren deed. Was het niet Albert Einstein die zei: ‘Waanzin is steeds dezelfde dingen doen, en dan verschillende uitkomsten verwachten.’

Je kunt echt nieuwe dingen gaan doen:

  • Een nieuwe job aanvatten
  • Een nieuwe hobby uitproberen
  • Erop uittrekken naar een voor jou totaal onbekende plek, en daar op verkenning gaan
  • Een gezondere manier van leven nastreven: eentje met voedend voedsel, voldoende beweging, ontspanning die ontspant én voldoende nachtrust
  • Nieuwe relaties aangaan

‘Nieuwe dingen doen’ maakt absoluut deel uit van dat nieuwe jaar, dat ik je toewens. Dat alleen is echter niet voldoende, want vaak nemen we ons oude zelf zozeer mee, dat nieuwe dingen de kans niet krijgen om de dingen nieuw te maken. Wat we bovenal nodig hebben, is een nieuwe kijk op de dingen.

Een nieuw jaar … en dus een nieuwe kijk op de dingen!

Nee, je kunt niet alles in je leven veranderen, en dan hopen dat alles nieuw wordt. Zo gaat dat in een mensenleven niet. Wil jij dat de dingen nieuw worden, dan is het vooral nodig dat jijzelf een beetje nieuw wordt. Je bent wie je bent, dat weet ik wel, en toch … als jij een nieuwe kijk op de dingen krijgt, dan word je zelf … toch een beetje anders. Je wordt opener, wellicht, en minder geneigd om ‘anders’ automatisch ook ‘slechter’ te vinden. Probeer het maar eens:

  • Begin de dag met een glimlach naar jezelf. Kijk in de spiegel en denk ‘goed’ en ‘mooi’ en ‘waardevol’ over jezelf.
  • Als iets moeilijks op je afkomt, haal dan drie keer diep adem, en denk bij jezelf: ‘Fijn, een uitdaging!’
  • Zoek in elke gebeurtenis dat wat jou doet groeien. Iets fijns geeft je vleugels, en daarmee krijgt het meer betekenis. Iets moeilijks daagt je uit en doet je groeien. Iets kwaadaardigs doet je misschien zien wat voor jou werkelijk van belang is. Het toont je waar jij van lééft.
  • Kijk op het eind van de dag even terug en zie wat de dag je heeft gebracht aan waardevolle dingen. Kijk naar wat mooi was én naar wat lastig was met ogen vol wijsheid. Zie hoe alles jou weer een stapje verder heeft gebracht op je eigen unieke levensweg.

Bij het begin van dit nieuwe jaar wens ik je toe dat je die nieuwe kijk op de dingen ontdekken mag en oefenen en integreren in jouw leven. Ik wens je alle rijkdom toe die deze manier van kijken je geven zal. En tot slot wens ik je ook nog toe dat je deze nieuwe manier van kijken ook leert toepassen op de mensen rondom jou.

Een nieuw jaar … en dus ook een nieuwe kijk op mensen!

Veel van wat we ‘goed’ of ‘slecht’ noemen, komt tot ons van de mensen rondom. En die mensen, ze bestaan in vele maten en gewichten: lief, vriendelijk, behulpzaam, rustig, meelevend, steunend, aangenaam, kortom: positief … maar ook agressief, nukkig, boos, tergend, of anders gezegd: negatief. Althans, zo ervaren wij die ander. Want ook hier geldt: positief en negatief bestaan niet, dat is alleen onze kijk op die mensen. In wezen zijn ze allen neutraal. En ook hier geldt: als wij onze kijk op de mensen rondom  kunnen veranderen, dan wordt ons samenleven als vanzelf ook een beetje anders.

Twee belangrijke kijkrichtingen daarbij zijn:

  • Als iemand mij aanvalt – mij tergt, vervelend tegen mij doet, mij van iets beschuldigt, … -, dan zegt die in wezen niks over mij en alles over zichzelf. Die ander valt mij aan als een vorm van zelfverdediging. Iets voelt voor die ander bedreigend aan, en hij schuift het mij in de schoenen. Mijn andere kijk begint op het moment dat ik dat doorheb. Die ander valt niet mij aan, maar een situatie in zijn eigen leven. En dus hoef ik mezelf niet te gaan verdedigen, daar komt alleen meer onvrede uit voort. Op het moment dat ik ‘het spel’ niet meespeel, stopt als het ware dat spel: er ontstaat geen woordenwisseling, geen ruzie. Als ik mezelf sterk genoeg voel, kan ik de ander zelfs uitnodigen te vertellen waarom hij zo reageert.
  • Als ik me aan iemand erger – iemand doet iets fout, in mijn ogen, of zijn karakter ligt me niet -, dan is het tijd om bij mezelf te gaan kijken. Wat triggert die ander in mij? Waarom haper ik aan zijn gedrag of aan zijn karakter? In mijn ergernis zit vooral een uitnodiging om een brokje van mezelf te gaan ontdekken. De ander is als het ware een spiegel voor iets in mij dat uitgenodigd wordt tot groeien. Als ik dat zie en laat gebeuren, dan kan ik die ander zelfs dankbaar zijn.

Wedden dat ikzelf én die ander én ja, de hele wereld rondom ons nieuw wordt, als ik op zo’n manier in het leven kan staan? Lieve lezer, bij het begin van dit nieuwe jaar wens ik jou van harte … zo’n gloednieuw jaar!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

 

 

 

 

Twee vrouwen nemen elkaar vast bij de handen.

Over wat fysiek contact met je doet

In mijn blog ‘Geef je gezondheid een zetje!‘ vertelde ik je vorige keer al dat ik momenteel stage loop als onderdeel van mijn opleiding tot gezondheidsbegeleider. Ik volgde vier jaar lang op donderdag les aan De Levensschool, en nu voltooi ik die opleiding met een paar stages en straks ook nog door het schrijven van een eindwerk. Die beruchte laatste loodjes, weet je wel … Maar goed, ook die horen erbij.

Eind november en begin december liep ik, samen met een paar medestudenten, stage bij mensen met een beperking. En op dit moment doe ik mijn laatste stage-uurtjes in een woonzorgcentrum, waar ik werk met mensen met dementie. In beide stages gebruikte ik aanraking, fysiek contact. Tijdens de opleiding kregen wij vorming in voetreflexologie en dieptemassage, en die kennis zette ik in praktijk tijdens deze stages. Onze mensen met beperkingen gaven ons de volgende feedback: ‘Zalig!’ en ‘Van mij mag je dit elke week wel doen!’ en ‘Hé (zucht), ik voel me wel 20 kg lichter!’ Na afloop van de stage klonk een unaniem: ‘Dit is voor herhaling vatbaar!’

Mensen met dementie geven je natuurlijk niet dat soort feedback. Daar gaat het om veel subtielere signalen: een glimlach als je iemand over de rug wrijft, een stevige handdruk als je een hand vastneemt voor een lichte massage, een vrouw die de rug recht zodat je nog maar eens over haar hele rug zou kunnen wrijven. En dan toch ook weer woorden: ‘Mijn handen en mijn voeten zullen blij zijn, ze hebben anders altijd zoveel pijn.’

Fysiek contact heelt

Wij, mensen, zijn fysieke wezen. Zonder ons fysieke lichaam kunnen wij in deze wereld niet leven. Ons lichaam, met zijn mogelijkheden en met zijn beperkingen, maakt deel uit van wie wij zijn. We zijn fysieke wezens … en daarom is fysiek contact belangrijk voor ons welzijn, voor onze gezondheid, voor onze groei en onze ontwikkeling.

Bij fysiek contact komt oxytocine vrij, een stofje uit de hersenen dat ook wel eens het ‘knuffelhormoon’ genoemd wordt. Het zorgt voor een gelukzalig gevoel, voor verbinding, voor sociale cohesie en altruïsme. Het zorgt ook voor vermindering van pijnklachten, voor reductie van stress, voor terugdringen van angst. Ontneem mensen kans tot fysiek contact en ze sterven een langzame dood: door eenzaamheid, door depressie, door stress, door fysieke pijn, door ‘geen zin meer om te leven’.

In onze huidige maatschappij van ‘anderhalve meter afstand’ en van ‘een elleboogje’ in plaats van een handdruk komt onze huidhonger steeds scherper naar boven. Mensen hunkeren naar fysiek contact met elkaar, maar omwille van de angst om ziekte over te dragen, durven ze elkaar niet meer aanraken. Daarom worden vandaag meer mensen psychisch ziek, daarom voelen meer mensen zich niet goed in hun vel, daarom zie je meer agressie en geweld en zelfdoding.

Gun jezelf weer fysiek contact

Als ik je – in deze tijd van het jaar – één ding toewensen mag, dan is het wel dit: ‘Gun jezelf weer fysiek contact!’ Het is goed voor zoveel dingen:

  • Je wordt er gelukkiger van, echt waar. Daar zorgt oxytocine wel voor!
  • Fysiek contact vermindert pijn, alleen al door de aanraking. Denk maar aan het kusje op de zere knie van een kind dat gevallen is. Bij (diepte)massage gaat dat proces nog een beetje verder. Niet alleen de huid wordt beroerd, ook de spieren worden in dat proces meegenomen. De ontspanning die daaruit ontstaat, maakt dat de pijn voor langere tijd verdwijnt.
  • Je wisselt bacteriën en virussen en god-weet-wat-nog-allemaal met elkaar uit, … en dat is goed. Om je immuunsysteem alert te houden, is het van belang dat je telkens weer met al die dingen in contact komt. Op die manier krijgt je immuunsysteem een levenslange training, en het is zoals met zovele dingen: Wat je traint, blijft sterk. Wat je niet meer traint, verzwakt langzaamaan, tot het helemaal niet meer werkzaam is.
  • Je maakt verbinding die je op geen enkele andere manier kunt maken. Een huid-op-huid-contact creëert herinneringen die je nooit vergeet. De warmte van huid op huid, die je als baby hebt ervaren, spreekt nog als je diep-dementerend niemand nog herkent. Wat je brein vergeten is, herinnert je huid zich nog: het contact met de ander is belangrijk.
  • Je wordt een ge-heel-de mens. Je wordt weer heel, als je dat fysieke lichaam van jou geeft wat het nodig heeft: gezonde voeding, de nodige beweging … én het fysieke contact met anderen. Zonder dat contact ben je maar half … en dus ook altijd een beetje ziek!

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Foto's over gezondheid: gezonde voeding, een kind dat mediteert, een kopje kruidenthee, halters en een loopschoen.

Geef je gezondheid een zetje!

Gezondheidsdagen voor mensen met een beperking

Zoals je misschien al wist – of nog niet, dat maakt helemaal niet uit – werk ik in een voorziening voor mensen met visuele en andere beperkingen. Tijdens mijn opleiding al merkte ik hoe nieuwsgierig onze mensen waren naar de opleiding tot gezondheidsbegeleider die ik volgde. Op donderdag had ik les … en op vrijdag moest ik vertellen, week na week. En nu leidt dit alles tot een stageproject onder de titel ‘Geef je gezondheid een zetje!’

Samen met een paar medestudenten dompelen we onze cliënten de komende twee weken onder in de leefwereld van de natuurlijke gezondheidszorg. We hebben het over ons ‘lijf’ als bron van vreugde én als bron van pijn en ongemakken. We wagen ons aan een bewegingssessie, aan ademhalingsoefeningen. We hebben het over stress en over de vermindering daarvan, door bijvoorbeeld relaxatieoefeningen. We gaan op zoek naar lekkere, maar gezonde hapjes, helemaal oké, ook voor diabetici. We bieden ze ook een voetreflex en een massage aan, en als het weer het toelaat, gaan we ook voor een stiltewandeling.

Kortom, er is naar ieders goesting wel iets. En ondertussen brengen we gezondheid ter sprake op een heel eenvoudige manier. We doen het op een actieve manier, en hopen zo dat er toch één en ander zal blijven hangen. Want gezondheid, dat komt niet in een keer, maar in vele kleine beetjes …

Kleine dingen maken het verschil

Nee, als het over gezondheid gaat, dan hebben we het niet over een radicale keuze. We hebben het niet over een eenmalig ‘ja’ of een eenmalig ‘nee’, maar over telkens opnieuw een beetje meer richting gezondheid evolueren. Het zijn de vele kleine stapjes in de goede richting, die een verschil kunnen maken. En, goed nieuws, het begint voor ieder van ons op de plek waar we nu staan.

  • Heb je pijnklachten, denk dan aan bewegingsoefeningen of ontspanningsoefeningen. Overweeg een dieptemassage om verkrampte spieren los te laten maken.
  • Neig je naar overgewicht, obesitas of diabetes, denk dan eerst en vooral aan natuurlijke voeding. Vermijd fabrieksvoedsel met allerlei additieven. Eet wat minder en vooral ook wat minder vaak. Ook beweging en een goede nachtrust kunnen je helpen.
  • Heb je last van angst, van depressiviteit, van onbehagen? Voel dan eerst en vooral wat er te voelen valt, en accepteer dat. Maak regelmatig tijd om bij jezelf te verwijlen, om dieper te leren zien wat er hapert. En als het duidelijk wordt, gun dan jezelf wat nodig is om het tij te keren.
  • En dan is er stress, dé draak van onze dagen. Bij stress helpt in de eerste plaats beweging: ga stevig stappen of joggen, of sla je stress eruit tegen een boksbal. Denk pas in tweede instantie aan elementen van ontspanning: een warme douche, een rustmoment met wat zachte muziek, mindfulness of yoga. Stress bereidt ons immers voor om te vechten of te vluchten, en zolang die energie in ons lijf aanwezig blijft, lukt ontspannen niet.

En zo kan ik nog wel een tijdje verder gaan. Eigenlijk is het zo dat er voor ieder van ons een weg naar meer gezondheid bestaat. Als ik daarover nadenk, dan zie ik voor me een doos vol bolletjes wol. Er is nogal wat gerommeld in die doos, en de draadjes van die vele bolletjes wol zijn één nestel geworden. Verloren gezondheid herwinnen lijkt een beetje op het weer uit elkaar halen van die nestel met die vele draadjes wol. Trek je aan het ene draadje, dan bewegen de andere draadjes mee. Gaandeweg wordt duidelijker welke aspecten in jouw geval allemaal meespelen. Je begint te werken aan gezondheid op één vlak, en na verloop van tijd merk je dat er ook werk aan de winkel is op andere vlakken. Stapje voor stapje – of draadje voor draadje – werk je toe naar een betere gezondheid.

Eén ding nog wil ik je vertellen. Wacht met het genieten van je verworven gezondheid niet tot helemaal op het eind. Geniet van elke stap die je zet, van elk aspect van je wezen dat om aandacht vraagt. Het genieten van de reis zorgt ervoor dat je blijft gaan, want gezondheid is nooit af, de reis is nooit helemaal voorbij.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

 

Een kleine jongen verschuilt zich in de zetel, tussen de kussens.

Niet corona, maar angst verhindert ons te léven!

Hopla, daar gaan we weer … want ja, de coronacijfers, ook die stijgen weer! (Dat was te verwachten, het najaar en de winter zijn immers traditioneel het seizoen waarin klachten aan de luchtwegen, zoals verkoudheden en griep … en dus ook corona, sterker op de voorgrond treden.) En dus worden nieuwe coronamaatregelen aangekondigd, de coronapas, deze keer. De druk op niet-gevaccineerde medeburgers wordt nog maar eens opgevoerd, en dat ondanks het feit dat er geen vaccinatieplicht is voor dit experimentele medicijn. Alsof die paar procenten niet-gevaccineerde mensen schuldig zijn aan die stijgende cijfers …

De cijfers?!? Ach, ze bedragen niet eens een kwart van de cijfers van exact een jaar geleden, en toch blijven wij bang: bang voor besmetting, bang om ziek te worden, bang om te sterven … Ja, daar wringt voor mij het schoentje: we zijn en we blijven bang! En het is die angst – en niet corona! – die ons verhindert om te leven. Wat wij nu nodig hebben, is niet de schijnveiligheid van een ‘corona-safe-ticket’ en een ‘coronapas’. Wie immers gevaccineerd is, kan wel nog besmet raken en zelfs – zo blijkt – ook nog ziek worden, en dus als vanzelf ook anderen besmetten en ziek maken. Wie gevaccineerd is, beschermt wel zichzelf tegen al te ernstig ziek worden. Je loopt als het ware minder kans om in het ziekenhuis te belanden, en dat zou voldoende moeten zijn.

Al sinds het begin van deze pandemie zie ik het echter gebeuren hoe de angst mensen in zijn greep houdt. De voortdurend herhaalde cijfers, het beeld van mensen met mondmaskers, overal waarschuwingsborden om toch maar afstand te houden en je handen te ontsmetten, al die dingen voegen telkens een nieuwe portie angst toe aan onze toch al overvolle bordjes. Elkaar een hand geven, durven we niet meer, laat staan een knuffel of een zoen. Nog steeds leeft bij velen het idee dat we onze mensen in instellingen het beste beschermen door ze zo goed als mogelijk van de buitenwereld af te sluiten, alsof ‘niet ziek worden’ zoveel beter is dan die gedwongen eenzaamheid.

Ikzelf zou een andere koers willen varen …

Ik zou willen dat we met z’n allen weer leerden dat oud worden en ziek zijn en sterven bij het leven horen. Willen we voluit léven, dan moeten we risico’s durven lopen. In de bijbel staat het zo geschreven:

Wie van jullie kan met al zijn zorgen één el toevoegen aan zijn leven? (Mt. 6,27)

Als onze tijd gekomen is om dit leven te verlaten, dan zal dat gebeuren, of wij dat nu willen of niet. Het enige wat wij kunnen doen, is ervoor zorgen dat ons leven voor die tijd de moeite waard is geweest. En dus, ja, ik kies ervoor om me te engageren voor mijn medemens, ook al moet ik hem daarvoor nabij komen. Ja, ik kies ervoor om het risico te lopen ziek te worden, als het tegendeel mij zou belemmeren in mijn enthousiasme. En ja, ik vertrouw erop dat het Léven zelf mij de juiste weg wijst, van mijn geboorte af – door deze moeilijke tijden heen – tot ik uiteindelijk sterven moet. Ik besef dat, als ik wil léven, ik de dood in de ogen moet durven zien. Ik ben klein, ik ben zwak, ik ben eindig … en toch maak ik met mijn leven – als ik het aandurf, tenminste – een verschil. Als ik het aandurf, dan is het zoals Bram Vermeulen het zingt:

Ik heb een steen verlegd in een rivier op aarde.
Het water gaat er anders dan voorheen

omdat door het verleggen van die ene steen
de stroom nooit meer dezelfde weg kan gaan.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Iemand met een dikke buik meet de buikomtrek.

Vet vermijden?!? Suiker is de echte dikmaker!

Ik wil vermageren, en dus …

Het hele verhaal dat ik je vandaag wil vertellen, begint in de jaren ’50 van de vorige eeuw. De tweede wereldoorlog, die een echte hongeroorlog was, was voorbij. Je zag de eerste tekenen van de groeiende welvaart, … en tegelijk ook het begin van een obesitasepidemie en een stijging van het aantal hart- en vaatziekten. Ancel Keys, voedings- en gezondheidswetenschapper, deed onderzoek naar de correlatie tussen voeding enerzijds en het voorkomen van hart- en vaatziekten anderzijds. In 1958 publiceerde hij zijn ‘Zeven Landen Studie’, waarin hij concludeerde dat verzadigd vet de grote boosdoener was.

En dus, sinds die tijd wordt in de hele gezondheidszorg en dieetleer verzadigd vet in het verdomhoekje gezet. Oliën met onverzadigde vetten deden hun intrede, boter werd vervangen door margarine. (Wist je dat er in die begintijd meer mensen stierven door het eten van die margarine dan door het eten van boter? Die eerste margarines bestonden uit geharde onverzadigde oliën, en de onverzadigde vetzuren hadden zich tijdens het hardingsproces omgevormd tot transvetzuren. Welnu, als er één soort vet echt schadelijk is voor ons, dan zijn het wel die transvetten!)

Door de jaren heen zijn wij nog vele stappen verder gegaan. Vetten – ja zelfs onverzadigde vetten – werden hoe langer, hoe meer geweerd. Vette voedingsmiddelen werden verketterd. Light dressings en light mayo’s bevatten nu voor een deel ‘gemodificeerd zetmeel’ in plaats van vet. Vervolgens werd in heel veel producten waarin het vetgehalte verminderd was, suiker toegevoegd. Vet is immers een smaakmaker. Waar je vet weghaalt, heb je een nieuwe smaakmaker nodig, en meeste gevallen werd dat suiker.

Wat zien we gebeuren? Het aantal hart- en vaatziekten is niet verminderd, eerder in tegendeel. Zwaarlijvigheid en obesitas werden veeleer de norm dan de uitzondering. Hoeveel vet we ook weghalen uit de voeding, het helpt allemaal niks. En tegelijk zien we dat diabetes type 2, ook ouderdomsdiabetes genoemd, op steeds jongere leeftijd voorkomt. Gaat er dan geen belletje rinkelen?

Inderdaad, Ancel Keys maakte een verkeerde conclusie. Want jawel, na de tweede wereldoorlog steeg de consumptie van verzadigd vet, … maar de consumptie van suiker steeg minstens even vlug. Vet was nooit het echte probleem, het was altijd al suiker. Willen we dus met z’n allen gezonder en magerder worden, dan moet niet de vetconsumptie verminderen, maar het overvloedige gebruik van suiker.

Gezonde vetten zijn broodnodig!

Misschien geloof je me niet, en toch is het waar: Om gezond te kunnen functioneren, hebben we gezonde vetten nodig!

Zijn er dan gezonde en ongezonde vetten? Jawel, en het is belangrijk dit een beetje te snappen om gezonde gerechten op tafel te kunnen zetten:

  • Verzadigd vet is vet dat bij kamertemperatuur hard is. We hebben het over het vetrandje van vlees, maar ook bijvoorbeeld over boter of kokosolie. Hoe harder het vet bij kamertemperatuur, hoe meer verzadigd. Het voordeel van verzadigd vet, is dat het een stabiel vet is. Bij bewerking, bijvoorbeeld bij verhitten, ondergaat het niet zo gauw verandering. Alleen als je het vet verbrandt (en het dus gaat roken!) wordt verzadigd vet toxisch en dus kankerverwekkend. Wil je dus bakken en braden en zelfs frituren, dan is verzadigd vet een heel goede optie!
  • Onverzadigd vet is bij kamertemperatuur vloeibaar. Alle oliën bevatten dus onverzadigde vetzuren. Als je de moleculaire structuur van deze vetten gaat bekijken, dan zie je dat er een ‘zwakke’ plek in zit. Die ‘knik’ in het vetzuur heeft gezondheidsvoordelen, maar het is ook de plek waar het vet kan omslaan van gezond in superongezond. Als zo’n knik – bij verhitten of bij harden – omslaat, dan ontstaat een transvetzuur. En transvetten zijn de meest ongezonde vetten die je maar kunt eten. Frituren in olie is dus geen goed idee, echt niet! Er zijn soorten onverzadigde vetzuren:
    • omega 9-vetzuren: Olijfolie is hier de meest gekende. Olijfolie bestaat uit enkelvoudig onverzadigd vetzuur, en dat betekent dat er maar één knik in z’n structuur zit. Dat maakt olijfolie meer stabiel dan alle andere oliën. Vandaar dus ook dat je olijfolie wel nog mag gebruiken om groenten aan te stoven of om een stuk vlees of vis te bakken. Daar wordt deze olie niet toxisch van. Frituren zou ik er niet mee doen, dan wordt het vet te warm en dus wel weer toxisch.
    • omega 6-vetzuren: De meeste andere oliën bevatten vooral omega 6-vetzuren, en dat zijn meervoudig onverzadigde vetzuren. Ze zijn dus meer onstabiel dan olijfolie en niet meer geschikt om te verwarmen. Gebruik deze oliën dus enkel koud, als dressing bij groenten, bijvoorbeeld. Bijzonder aan omega 6-vetzuren is dat ze ontsteking bevorderen. Nu lijkt dat negatief, maar dat is niet helemaal waar. Als we ‘ziekmakers’ binnenkrijgen, dan is het van belang dat het ontstekingsmechanisme in gang gezet wordt. Er moet alleen evenwicht zijn met de omega 3 vetzuren, die dat ontstekingsmechanisme weer af kunnen zetten.
    • omega 3-vetzuren: Ook deze vetzuren zijn meervoudig onverzadigde vetzuren, en dus niet geschikt om te verwarmen. Hier kijken we naar lijnzaadolie, walnootolie en vooral vette vis. Van die omega 3-vetzuren hebben we er door de band tekort. Ideaal is een verhouding van 1:1 tot 1:5 tussen omega 3 en omega 6. In onze voeding ligt de verhouding ongeveer 1:20 en meer. Vandaar dus ook de vele ontstekingsziekten die we vandaag kennen.

Ongezonde vetten zijn dus

  • transvetten, veel gevaarlijker dan verzadigd vet
  • verbrande vetten, want die zijn kankerverwekkend
  • meervoudig onverzadigde vetzuren die verwarmd werden, want in dat proces ontstonden transvetten
  • een teveel aan omega 6-vetzuren en een tekort aan omega 3-vetzuren, want dat zorgt voor blijvende ontsteking

En hebben we ‘gezonde vet’ dan echt nodig? Absoluut, zeker weten!

Ik hoef je alleen maar op een paar dingen te wijzen:

  • Elke cel in ons lichaam heeft een membraam, een celwand, en die bestaat uit vet. Zonder gezonde vetten gaan onze celwanden kapot, en op termijn dus ook onze cellen. Ze functioneren minder goed, wij verouderen in een evenredig tempo. Klachten waar we niet meer van af komen, duiken op.
  • De basisbouwstof voor onze hersenen en onze zenuwen is vet. Zonder de nodige gezonde vetten om opbouw- en herstelprocessen uit te voeren, gaat het met ons zenuwstelsel bergafwaarts. Gevolgen zijn enerzijds hersen- en zenuwziektes als dementie, Alzheimer, Parkinson, Multiple Sclerose en anderzijds gemoedsstoornissen als depressie, stress, zenuwachtigheid.
  • Ons hormoonstelsel draait op steroïden, waarvan cholesterol er eentje van is. Zonder de nodige gezonde vetten kan dus ook ons hormoonstelsel verstoringen vertonen. De algemeen verminderde fertiliteit is daar een duidelijk voorbeeld van.

Suiker is de echte boosdoener

Niet vet, dus, maar suiker is de boosdoener, en dat heeft alles te maken met het hormoon insuline, dat onze bloedsuikerspiegel moet regelen. Insuline is een adipogeen hormoon, en dat betekent dat insuline vet aanmaakt uit suiker. Dat gaat zo:

  • Als je eet, komt er na de spijsvertering suiker of glucose in je bloed. Die glucose komt uit suiker in al zijn varianten, maar ook uit brood, pasta, aardappelen, groenten en fruit. Als die suikers goed verpakt zitten, in de vele vezels in groenten en fruit bijvoorbeeld, dan komt de glucose maar langzaam in het bloed terecht. Op dat moment is er geen probleem. Wij hebben immers suiker nodig, het is rechtstreeks toegankelijke energie.
  • Komt er, na het eten van een suikerrijke snack of na het drinken van frisdrank bijvoorbeeld, te veel suiker ineens in het bloed, dan komt insuline daarop af. Suiker kan immers je bloedvaten en je organen aanvallen en kapot maken. Daarom heeft ons lichaam een fantastisch regelsysteem waar insuline een rol in speelt. Insuline klikt zich aan de overtollige suiker vast en klopt bij een vetcel aan om die suiker daar af te leveren.
  • In de vetcel wordt de overtollige suiker omgezet in vet. Dat vet kan enkel dienen als reserve-energie. Het is niet van dezelfde waarde als vet in onze voeding, die ook als bouwstof gebruikt kan worden. Door het hormoon glucagon, tegenhanger van insuline, kan het vet in onze vetcellen weer omgezet worden in suiker, en dus in energie in tijden van nood. Alleen, … die tijden van nood breken op onze dagen nooit meer aan. Wij hebben voedsel in overvloed, de hele dag door.

Over suiker en zijn kwalijke werking in ons lichaam schreef ik eerder al: Suiker, de zoete boosdoener (deel 1) en Suiker de zoete boosdoener (deel 2).

… en dus anders gaan eten …

Wil je dus vermageren, dan zit er niks anders op dan blijvend anders te gaan eten. Je kunt volgende raadgevingen alvast in acht nemen:

  • Eet zoveel mogelijk onbewerkt voedsel. Bereid je voedsel zelf, ook vb. je vinaigrettes, dan gebruik je sowieso minder suiker.
  • Vermijd zoveel mogelijk suikerrijke dranken en fruitsappen. Ze hebben geen vertering nodig, ze bevatten suikers die zo je bloedbaan in komen.
  • Eet slechts drie keer per dag. Onthoud je van voortdurende tussendoortjes.
  • Beperk de hoeveelheid koolhydraten in je voeding. Kies eerder voor ‘Low Carb’ dan voor Low Fat’.

Blijvend van je overgewicht afraken is belangrijk voor je gezondheid. Tegelijk is het ook geen makkelijke klus. Wil je graag ondersteuning bij dit proces, dan kun je terecht bij mij of bij een van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in. 

Een mistig landschap in het najaar

Het ‘vitamine D-seizoen’ komt eraan!

Vitamine D, een zonnevitamine

De meeste vitamines krijgen wij via onze voeding binnen. Met vitamine D ligt dat een beetje anders. Je kunt veel vette vis eten, zoals zalm en sardines en makreel en haring, en dat helpt al een beetje. Vitamine D zit in de vetten van deze vissen. Denk maar aan die vieze levertraan van vroeger. Je kunt ook grijpen naar eieren, boter, melk en kaas, want ook daar zit een klein beetje vitamine D in. En toch kan dat alles niet tippen aan de hoeveelheid vitamine D die we onder invloed van direct zonlicht aanmaken in onze huid. Willen we voldoende vitamine D aanmaken om gezond te blijven, dan moeten we met z’n allen aan de evenaar gaan wonen. In de zomer hebben we misschien net voldoende vitamine D ter beschikking, op voorwaarde dat we op het middaguur minstens een half uur in de zon komen met nogal wat ontblote huid en zonder zonnebrandcrème. Een andere optie is het om – misschien wel het hele jaar door, maar zeker tijdens de wintermaanden – een goed vitamine D3 supplement te nemen.

Vitamine D3 en sterke botten

Vitamine D3 speelt een heel belangrijke rol in de calciumopname, en is dus van levensbelang voor sterke botten, sterke tanden en goed werkende spieren. Voor goede botten en tanden en voor goed functionerende spieren zijn in gelijke mate voldoende calcium en voldoende magnesium nodig. Om de calcium uit onze voeding op de juiste plaatsen te krijgen, hebben we twee vitamines nodig. Vitamine D3 haalt calcium uit de voeding en brengt die in het bloed, en dat is alvast het halve werk.

Maar misschien hoorde je al van mensen die tegelijk osteoporose of botontkalking hebben én atherosclerose of aderverkalking (in wezen gaat het om slagaderverkalking). Dat zijn de mensen die wellicht wel vitamine D3 nemen, maar niet die andere o zo belangrijke vitamine. Wat deze mensen nodig hebben, bovenop vitamine D3, dat is vitamine K2. Deze laatste doet het vervolgtransport: ze haalt de calcium uit het bloed en brengt die naar de botten, de tanden, de spieren en overal waar calcium nog nodig mocht zijn. Vitamine K2 wordt enerzijds aangemaakt in onze darmen door goede darmbacteriën en anderzijds vinden we ze vooral in gefermenteerde voedingsmiddelen, zoals zuurkool of yoghurt en kwark. Bij neiging tot atherosclerose is wellicht ook een supplement nodig.

Vitamine D3 als regulator

Vitamine D3 reguleert in ons lichaam heel wat processen. Deze vitamine heeft invloed op het hartritme, de bloeddruk, de bloedviscositeit (ofte het al dan niet stroperig worden van ons bloed), de bloedsuikerspiegel, het zenuwstelsel en zelfs de celgroei. Dat betekent dat vitamine D3 een rol speelt in het vermijden van hart- en vaatziekten, diabetes, ziekten van de hersenen en de zenuwen – van zenuwachtigheid, prikkelbaarheid en depressiviteit tot dementie, multiple sclerose en de ziekte van Parkinson – en zelfs kanker. Tel daarbij nog de rol van vitamine D3 in het vermijden van osteoporose, cariës en tanduitval én spierzwakte en je begrijpt hoe belangrijk een goede Vitamine D status in je lichaam is.

Vitamine D3 en het immuunsysteem

De vitamine die we vandaag onder de loep nemen is ook nog eens van onmisbaar belang voor een goed werkend immuunsysteem en wel op twee fronten tegelijk:

  • Vitamine D3 hebben we absoluut nodig in de preventie en de aanpak van winterse infecties, zoals verkoudheid en griep, maar ook COVID in al zijn varianten. Indien nodig stimuleert vitamine D3 ons immuunsysteem, zodat het vreemde indringers te lijf kan gaan. Bij voldoende voorraad gaat dat vaak zelfs zonder dat wij symptomen vertonen bij een eventuele besmetting. En worden we toch ziek, dan ondersteunt vitamine D3 ons immuunsysteem om de ziekmaker efficiënt te bestrijden.
  • Maar vitamine D3 doet meer. Ze is immers ook op dit front een regulator. We zagen het bij COVID en we zien ook bij het ontstaan van allergieën en auto-immuunziektes: ons immuunsysteem kan ook te alert zijn en blijven doorgaan met aanvallen, ook waar dat niet langer nodig is. Bij COVID kregen we de cytokinestorm, en mensen stierven aan een overactiviteit van het immuunsysteem. Hetzelfde gebeurt eigenlijk bij allergie en auto-immuunziektes: ons immuunsysteem ziet overal vijanden, ook waar die er eigenlijk niet zijn. En het valt maar aan, zonder ophouden. Gevolg: we hebben voortdurend last van steeds zwaardere symptomen en we worden ziek door uitputting (want ons immuunsysteem is een duur systeem, het vraag heel veel energie). Vitamine D3 is bij wijze van spreken niet alleen de ‘aan’-knop van ons immuunsysteem, maar ook de ‘off’-knop, en die is minstens even belangrijk.

… en dus, een supplement!

Een goed vitamine D3 supplement kun je veilig het hele jaar door nemen in een hoeveelheid van 2000 IU (International Units, of in het Nederlands: Internationale Eenheden en dus IE) per dag. Dat is een goede basismaatregel en kan zonder medisch toezicht genomen worden.

Heb je echter klachten zoals hierboven beschreven, vraag dan misschien eens aan je huisarts om de vitamine D-status van je bloed na te gaan. Orthomoleculair wordt aangenomen dat je minimaal 75 nmol vitamine D per liter bloed zou moeten hebben om gezond te kunnen functioneren. Optimaal is een bloedspiegel tussen 75 nmol/L en 150 nmol/L. Je huisarts zal wellicht al tevreden zijn vanaf 30 nmol/L, en misschien heb jij nog minder dan dat. Met zo’n lage bloedspiegel van vitamine D kun je echter onmogelijk optimaal functioneren. Vraag dan aan je huisarts beslist naar extra vitamine D3, of laat je bijstaan door iemand die orthomoleculair geschoold is. Je kunt er veel leed mee voorkomen.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Een wolf in actie

Een babbel over stress …

Stress, ooit een levensreddend mechanisme …

Ik doe een straffe uitspraak: ‘Zonder stress zou de mensheid al lang geleden uitgestorven zijn!’ Misschien geloof je me niet, als ik zeg dat een gezonde dosis stress van levensbelang is. Zonder dat aangeboren stressmechanisme in ons, zouden wij onvoldoende alert reageren bij gevaar, en dat zou ons al gauw het leven kosten. Denk maar aan die oermens, die oog in oog kwam te staan met een gevaarlijk dier. Drie mogelijke reacties had die mens: Fight, flight or freeze! – Vecht, vlucht, of sta stokstijf stil!

Op dat eigenste moment komt een cascade aan stressreacties in het lichaam tot stand. Alles wat nodig is om uit de benarde situatie weg te komen, krijgt een boost. Al wat niet nodig is, wordt op een laag pitje gezet. Je hart gaat sneller slaan, je ademt vlugger, want er moet extra zuurstof naar je spieren toe. Je gaat meer gefocust kijken, je hoort scherper, je ruikt meer, … Je bent helemaal in het hier en nu aanwezig. Je hersenen geven een signaal aan je bijnieren, en adrenaline en cortisol worden vrijgemaakt. Je bloedsuikerspiegel stijgt, zo heb je energie voorhanden om te vechten of te vluchten. Je spijsvertering en je drang tot voortplanten komen op een laag pitje te staan. Het bloed trekt weg uit je huid, waardoor je ongevoeliger wordt voor pijn en je bij een kleine kwetsuur minder gaat bloeden. Je immuunsysteem krijgt minder energie, je moet nu eerst overleven, en dat vraagt alles wat je lichaam geven kan.

Immers, in dat ene moment komt het erop aan dat ik vol energie ben om te vechten of om hard weg te lopen. Stress geeft me net dat beetje extra waardoor ik mezelf overstijg. Op die manier maak ik het meeste kans om te overleven in moeilijke omstandigheden.

… en nu een ziekmaker van jewelste!

Als wij nu het woord ‘stress’ in de mond nemen, dan denken wij echter veeleer aan iets wat ons ziek maakt. En op vandaag is dat wellicht ook zo. Dat komt omdat het stressmechanisme ook in gang schiet als dat strikt gezien niet zou hoeven. Vroeger waren dit de stressoren:

  • gevaar, bijvoorbeeld als je oog in oog stond met een roofdier, of bij brand of overstroming of een aardbeving
  • honger en dorst
  • een te koude of te warme omgeving

Nu zijn de stressoren van een heel andere aard:

  • een deadline die je moet halen, vaak keer op keer
  • de dagelijkse files, met bijbehorende verkeersagressie
  • zoveel negatieve nieuwsberichten die uur na uur op ons afkomen
  • de baas of de collega’s die op je systeem werken
  • spanningen thuis, die er het afgelopen anderhalve jaar beslist niet beter op geworden zijn

Die continue stroom van stress maakt ons ziek, en wel om twee redenen. Een eerste reden is dat de stress op onze dagen maar blijft duren. Voor velen is de dag een aaneenschakeling van stressfactoren: Haastig opstaan en ontbijten, want je moet op tijd vertrekken, wil je op tijd op het werk arriveren. En hopelijk duurt die file vandaag niet al te lang of heeft de trein niet al te veel vertraging. Want op het werk moeten deadlines gehaald worden. En zo gaat het maar door, de hele dag lang, en dat week in week uit, jaar in jaar uit.

Een tweede reden waardoor wij ziek worden door stress, is dat onze reactie op stressors geen ontlading biedt. Eigenlijk hoort als antwoord op een stressvolle situatie altijd een moment van beweging. Vechten of vluchten zijn daar schitterende voorbeelden van. Maar zeg nu zelf, je kunt toch niet op je leidinggevende gaan slaan omdat hij jou een deadline geeft. En het is niet echt een oplossing om uit de file weg te komen door dan maar zelf te gaan lopen. In elke stresssituatie wordt energie in ons opgebouwd, die wij niet kwijt raken. Gevolgen zijn: hart- en vaatziekten, een te hoge bloedsuikerspiegel en dus diabetes, slapeloze nachten omdat we niet meer tot rust komen en vervolgens ook klachten van depressieve aard, spijsverteringsproblemen, een verminderde vruchtbaarheid, …

Wat dan te doen?!?

Ook hier kunnen we op twee fronten werken:

  • stress vermijden waar mogelijk:
    • als de week al stressvol is, vrijwaar dan het weekend minstens een beetje
    • geef minder aandacht aan negatieve berichtgeving, kijk of luister wat minder naar het nieuws, bijvoorbeeld
    • moet je thuiswerken, wees dan eerlijk met jezelf, durf een eind te maken aan je dagtaak
    • wees niet voortdurend bereikbaar, durf die GSM al eens achter te laten
  • opgebouwde spanning bewust leren loslaten:
    • bouw regelmatige beweging in je dag in, in het klein (je even uitrekken aan de computer, naar het toilet, iets te drinken gaan halen, …) en in het groot (een dagelijkse wandeling, joggen, dansen, zwemmen, tuinieren, …)
    • leer een relaxatietechniek en gebruik die regelmatig: yoga, mindfulness, bodyscan, bewust ademhalen, relaxatieoefeningen
    • zoek een vertrouwenspersoon, met wie je kunt praten over wat jou stress geeft, iemand die over je schouder meekijkt en jou aanwijst wat je zou kunnen doen om de stress in je leven beter te kunnen hanteren
    • kies voor massage om opgebouwde spanning weg te werken, of laat je lichaam weer in balans brengen met voetreflexologie
    • en dan zijn er natuurlijk ook nog Bachbloesems, voedingssupplementen en kruidenpreparaten die verlichting kunnen brengen

Heb je last van stressklachten, weet dan dat je bij mij of bij één van mijn collega’s gezondheidsbegeleiders terecht kunt voor dit soort ondersteuning.

 

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Wachten op meer versoepelingen? Of beter op naar een mindshift?!?

Hét woord van de dag? Versoepelingen …

Want ja, de terrassen mogen weer open … tot tien uur ’s avonds én maximum met vier aan een tafeltje en met anderhalve meter tussen de verschillende groepen. En ja, ook de nachtwinkels mogen weer volop alcohol verkopen. En zelfs jongeren van de middelbare school mogen weer voltijds les volgen … als hun school dat toestaat, tenminste.

Want zolang niet iedereen is gevaccineerd …

En zelfs als iedereen zal zijn gevaccineerd, dan nog zal niet zomaar alles weer kunnen. We gaan niet terug naar wat wij allen aanvoelen als ‘normaal’. Want er dreigen nieuwe varianten, telkens en telkens weer. Zo klinkt het op vandaag, als je onze virologen mag geloven.

Vaccinatie toch niet zomaar de oplossing?!?

Van in het begin van de coronacrisis heeft men ons ‘vaccinatie’ als dé oplossing voorgespiegeld. Stilaan echter wordt duidelijk dat de crisis met deze ene mega-vaccinatieronde niet over zal zijn. Het coronavirus muteert vlugger dan vaccinologen kunnen volgen. Een doembeeld duikt op van het telkens opnieuw moeten vaccineren van de hele wereldbevolking, om het half jaar of zelfs om de drie à vier maanden. En dan te zien hoeveel moeite het al kost om iedereen een eerste keer te laten vaccineren.

Dat doet vragen rijzen. Is zo’n algemene vaccinatie, ook van mensen die amper kans lopen om ernstig ziek te worden, dan wel de oplossing? En wat als zelfs met zo’n kort op de bal spelende cyclus van vaccinaties het coronavirus ons toch telkens weer te vlug af is? Zijn we dan gedoemd om voor de rest van onze dagen afstand te blijven bewaren? Behoren mondkapjes van nu af tot onze standaard uitrusting? Mogen knuffels dan nooit meer tussen grootouders en kleinkinderen? En een goeie bekende een hand of een zoen geven, zal ook dat definitief uit onze gewoontes verdwijnen?

Weet je, in zo’n kille en afstandelijke wereld wil ik eigenlijk niet leven. Ook ik, alleenstaande, heb menselijke warmte nodig om gezond te blijven. Ik wil het gezicht van mensen kunnen zien, en ik wil dat zij ook de glimlach op mijn gezicht kunnen zien. Ik wil een hand en een knuffel en een zoen kunnen geven. Ik wil van dichtbij kunnen praten met mensen, zonder bang te moeten zijn dat ik ze ziek zou kunnen maken.

Gek, hé, dat ik nu zo denk. Anderhalf jaar geleden zou je maar wat raar hebben opgekeken als ik je dit had geschreven. Vandaag lijkt het alsof die eens zo vanzelfsprekende gewoontes definitief uit onze omgangsvormen geschrapt moeten worden. Wat overblijft is een kille, donkere manier van samenleven.

Op naar een mindshift, een andere manier van denken …

Mij lijkt er maar één oplossing, maar die vraagt een mindshift. We zullen onze hele manier van denken rondom dat coronavirus moeten ombuigen. Sterker nog, we zullen onze hele manier van denken rondom elke bacterie en elk virus moeten ombuigen. Doen we dat niet, dan zal het hele scenario van de huidige pandemie zich herhalen, telkens en telkens weer.

Een mindshift dus …

Als we nu eens niet meer probeerden om ons van buitenaf af te schermen van alles wat ons zou kunnen belagen. Laat ze maar komen, die bacteriën en die virussen en al die anderen ‘beestjes’ ergens daar buiten. Geen afstand meer, geen mondkapjes en geen voortdurende ontsmetting van de handen. Als ik dat zo zeg, dan lijkt dat ongelooflijk gevaarlijk. Dat kunnen we dus niet zomaar doen. Eerst moeten we …

Ja, wat?!?

Wat zouden we kunnen doen om dit mogelijk te maken? Wel, juist daar zit die andere manier van denken. Als we nu eens alles deden wat we konden om onszelf weerbaarder te maken: gezonde voeding met vele vitamines en mineralen, het eten ook van planten en kruiden met hun vele fytonutriënten, een gezonde dosis zon omwille van de vitamine D (die – zo hebben andere wetenschappers dan virologen ontdekt – de meesten van ons uit het ziekenhuis kan houden), voldoende ontspanning en slaap, reduceren van stress want stress ondermijnt ons immuunsysteem. Dat alles draagt ertoe bij dat we bij besmetting niet of nauwelijks ziek worden.

En het allerbelangrijkste is nog dat we de angst om ziek te worden laten vallen. We moeten weer leren vertrouwen op ons zelfgenezend vermogen. De angst, die nu in onze maatschappij hoogtij viert, haalt onze weerbaarheid onderuit. Ikzelf vertrouw erop dat mijn lichaam wijs genoeg is om mij te geven wat ik nodig heb: pijn als ik te ver gegaan ben, vermoeidheid als slaap mij zou kunnen helen, ziekte als ik weer even op mezelf terug moet plooien. Ik vertrouw er ook op dat mijn lichaam mij weer gezond zal maken als ik luister naar de signalen … én gehoorzaam!


Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

Een ‘scharniervakantie’…

Vakantie als een scharnier tussen winter en lente

In mijn vorige blog schreef ik al dat ik een weekje verlof zou nemen. Is dus gebeurd … en het werd echt een ‘scharniervakantie’. Die ene week was een scharnier tussen winter en lente. Net voor ik op vakantie vertrok, kregen we een paar echt zonnige dagen. En dan zie je zo de natuur openbloeien: bloesems aan de bomen, voorjaarsbloeiers in de tuin, fris en pril groen dat uitloopt. En dan denk je: ‘Oef, eindelijk … lente!’

En toen deed het kwik een heuse terugval. In die eerste week van de paasvakantie kregen we in de Ardennen overdag temperaturen tussen 8° en 11°. ’s Nachts daalde het kwik tot onder het vriespunt. Een gure wind deed alles nog kouder aanvoelen. En twee keer werden we ’s ochtends wakker met sneeuw. Vreemd was het contrast tussen die bloeiende bomen en dat frisse groen enerzijds en dat sneeuwtapijt anderzijds.

Vakantie als een scharnier in mijn eigen leven

Deze vakantie was voor mij ook een scharnier in mijn leven. Vóór deze vakantie werkte ik als opvoedster binnen Blindenzorg Licht en Liefde. Na deze vakantie ga ik in Blindenzorg Licht en Liefde op een andere manier aan het werk. Ik mag er meewerken aan de creatie van een zorgassistentiewijk, een wijk dus waar allerlei mensen zullen wonen die op de een of andere manier extra zorg nodig hebben: blinden en slechtzienden, mensen met een mentale handicap, senioren, allochtonen, mensen die het financieel wat moeilijker hebben, …

Samen met een collega mag ik deze wijk, deze buurt uitbouwen volgens de principes van de Blue Zones. En die Blue Zones, dat zijn vijf gebieden in de wereld waar mensen uitzonderlijk lang, uitzonderlijk gezond en uitzonderlijk gelukkig leven. Dan Buettner, onderzoeker van National Geographic, bracht de principes in kaart die een rol spelen in het lange, gezonde en gelukkige leven van deze mensen.

Negen principes zijn blijkbaar van tel als je lang en gezond en gelukkig wil leven:

  1. Zorg ervoor dag je regelmatig beweegt. En dat doe je het best door beweging onvermijdelijk te maken. Zorg ervoor dat je af en toe je zetel uit moet, dat het haalbaar en aangenaam is bijvoorbeeld om te voet naar de bakker of naar de kapper te gaan.
  2. Maak dat je een doel hebt in het leven, iets waar jij enthousiast van wordt, en ga daar dan ook voor.
  3. Zorg ook voor ‘ontstressen’: werk wat minder, doe het wat trager allemaal, neem op tijd en stond vakantie, doe aan meditatie of mindfulness.
  4. Eet niet tot je helemaal verzadigd bent. Hou liever op als je maar voor 80% voldaan bent. Dat is gezonder voor je, en het maakt dat je langer leeft. Wij mensen zijn eerder gemaakt voor ’tekort’ dan voor ’teveel’ als het op eten aankomt.
  5. Groenten, groenten, groenten, … en ook wat fruit, natuurlijk. Verder ook noten en peulvruchten. Doe het met wat minder vlees, en zeker met minder kant-en-klare voeding.
  6. Eén glas rode wijn per dag brengt gezondheid met zich mee. Rode wijn bevat heel wat antioxidanten, en die zijn goed voor de gezondheid. Meer dan één glas belast van dan weer de lever te veel, want die moet alle alcohol afbreken.
  7. Zorg voor een netwerk van mensen die ook voor een gezonde levensstijl gaan. Samen sta je sterker, en dat laat zich voelen: in levensduur, in gezondheid én in gelukkig zijn.
  8. Blijkt ook dat ‘je bekennen tot een religie’ en ook regelmatig deelnemen aan de samenkomsten met je geloofsgenoten mee zorgt voor een langer, gezonder en gelukkiger leven. Wellicht heeft dat te maken met de verbinding, niet alleen met mensen maar ook met ‘God’. Er ontstaat zoiets als ‘vertrouwen’ in het leven, en dat geeft grond onder de voeten.
  9. Ook familie blijkt belangrijk, als het gaat om je gezondheid. In de vijf Blue Zones is het evident dat families samen leven. Ouderen blijven wonen in de kring van de familie, en vaak nemen zij mee de zorg voor de kleinsten op zich. Zij delen ervaring en wijsheid met jongere generaties, en juist dat maakt mee de zin uit van hun leven. Zij leven langer omdat het leven nog waarde voor ze heeft.

Een hele boterham, is het niet?!? En daar mag ik aan meewerken, aan het creëren van een plek waar mensen op deze manier met elkaar samenleven. Ik popel om aan de slag te gaan!

Vakantie gewoon als vakantie, met zijn eigen bijzonderheden

Vakantie is natuurlijk nooit alleen maar een scharnier, een overgang tussen dit en dat. Alleen, soms zie je dat niet omdat je alleen maar bezig bent met het verleden en met de toekomst. Om te zien wat deze vakantie, dit moment, … in zich draagt, moet je ‘nu’ aanwezig zijn.

En ja, ook dat aspect was er in deze vakantie. Samen met mijn medevakantiegangers gingen we bevers spotten. Eerst zagen we heel wat sporen van de aanwezigheid van die bevers. Bevers leven in het water en daar maken ze dammen. Bevers hebben het immers nodig een hol te maken in de berm van de oevers van een waterloop. De ingang van hun hol ligt het liefst onder water, en die dammen zorgen er dan voor dat het water op de plek van hun woonst niet te laag komt te staan. Bevers knagen hele bomen om. Spectaculair om zien is dat! Ze eten de schors van die bomen en de takken gebruiken ze om hun dammen mee te bouwen.

Bevers spotten, dat moet je doen in schemertijd. Wij vonden een plekje, en we stonden anderhalf uur te kijken. We zagen bevers zwemmen onder water, we zagen ze zwemmen boven water en we zagen ze zelfs klimmen uit het water om zich te voeden met wat groen.

Nieuwsgierig geworden?!? Kijk dan maar even mee …

Dit artikel maakt deel uit van GEZONDHEID-WIJZER door Hilde Ryckewaert, Consulent Natuurlijke Gezondheidszorg. Wil jij ook tweewekelijks de GEZONDHEID-WIJZER in je mailbox krijgen, vul dan onderstaand formulier in.

 

%d bloggers liken dit: